Brief van het bijkantoor
Geliefde Koninkrijksverkondigers,
Het is iets wonderbaarlijks in de tijd te mogen leven waarin Gods voornemen onverbiddelijk naar het hoogtepunt van de rechtvaardiging van Jehovah’s naam voortschrijdt. Geen wonder dan ook dat er over de hele aarde toenemende aantallen zijn die zich in de gelederen scharen van hen die redding aan Jehovah en het Lam toeschrijven (Openb. 7:10). Vandaag is het nog steeds de „dag van redding” (2 Kor. 6:2) en het is Jehovah die een beroep op al zijn dienstknechten doet zich werkelijk te blijven inspannen zijn redding te verkondigen. Luister eens naar een paar van onze broeders en zusters die hebben ondervonden hoe fijn het is meer voor Jehovah te doen.
Een hulppionier schrijft: „Vele jaren lang (namelijk 24 jaar) heb ik een gewone pionier willen zijn, maar ik had er de kracht niet voor. Zelfs vijfenzeventig uur was nog te veel voor mij. Zestig uur is precies wat ik aan kan. Het beste van alles is dat ik dit maand na maand kan doen.”
Een zuster schrijft: „Ofschoon ik mijn schema moest aanpassen, was het werkelijk een vreugde het nieuwe dienstjaar als hulppionier te kunnen beginnen.” En ging dit ten koste van haar gezin? Neen, allen in het gezin verleenden hun medewerking om de zuster te helpen een goed schema te kunnen volgen. De zuster zelf vertelde: „Het hele gezin was erdoor gebaat dat ik pionierde. De maaltijden werden op tijd opgediend, de kinderen werden op tijd naar school gestuurd en zowel onze persoonlijke studiegewoonten als onze gezinsstudies verbeterden. Ik ben Jehovah en zijn organisatie zo dankbaar voor deze wonderbaarlijke nieuwe gelegenheid onze dienst voor Hem uit te breiden.”
Bezie jij dit ook zo? Denk aan de vele personen méér die je als hulppionier met de Koninkrijksboodschap in aanraking kunt brengen en geestelijk kunt helpen, en denk vooral ook aan de vreugde die je Jehovah zult bereiden omdat jij meer tijd aan het zingen van zijn lof besteedt (Spr. 27:11). Is het mogelijk dat meer van ons voordeel trekken van deze lonende dienstgelegenheid en in de vreugde en zegeningen ervan kunnen delen? Waarom zou je er niet met de presiderende opziener over spreken en hem om een aanvraagformulier vragen? Moge Jehovah je rijkelijk zegenen.
Jullie broeders op het
BIJKANTOOR IN AMSTERDAM