Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • km 9/75 blz. 2-7
  • Aanbevelingen aan het besturende lichaam

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Aanbevelingen aan het besturende lichaam
  • Koninkrijksdienst 1975
  • Vergelijkbare artikelen
  • Aan alle lichamen van ouderlingen
    Koninkrijksdienst 1975
  • Wat dient er gedaan te worden?
    Koninkrijksdienst 1973
  • Aangestelde ouderlingen om de kudde Gods te weiden
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1972
  • Ter attentie van de ouderlingen
    Koninkrijksdienst 1974
Meer weergeven
Koninkrijksdienst 1975
km 9/75 blz. 2-7

Aanbevelingen aan het besturende lichaam

1 De ouderlingenregeling functioneert net als in apostolische dagen voortreffelijk in de gemeenten. Dat Jehovah’s zegen er rijkelijk op rust, blijkt uit de eenheid die er onder de ouderlingen, dienaren in de bediening en verkondigers heerst, en ook uit de aanhoudende toename. Wij verheugen ons werkelijk in onze toegenomen geestelijke voorspoed! Opdat er nog verdere vooruitgang in de regeling gemaakt kan worden, volgen hier enkele suggesties waar de ouderlingen ongetwijfeld profijt van zullen hebben.

2 Wanneer ouderlingen of dienaren in de bediening verhuizen, dient het comité het besturende lichaam hiervan in kennis te stellen zodat de namen uit ons archief van die gemeente geschrapt kunnen worden. Wanneer ontheffingen wegens andere redenen worden aanbevolen, dient het comité, dat uit naam van het lichaam van ouderlingen schrijft, volledige en specifieke redenen voor de aanbeveling te zenden. Een broeder zou bijvoorbeeld om persoonlijke redenen kunnen vragen ontheven te worden. In zo’n geval dienen de ouderlingen de kwestie natuurlijk met de broeder te bespreken. Voldoet hij werkelijk niet aan de schriftuurlijke vereisten? Of zijn de omstandigheden eenvoudig van dien aard dat hij niet zoveel kan doen als hij wel zou willen? Kunnen de ouderlingen in enig opzicht hulp bieden? Indien hij na deze bespreking nog steeds van mening is dat hij ontheven dient te worden, dan dient het besturend lichaam hiervan in kennis te worden gesteld, waarbij voldoende inlichtingen verstrekt zullen worden zodat de redenen duidelijk worden gemaakt.

3 Wanneer er andere ontheffingen worden aanbevolen, dient er specifiek te worden vermeld aan welk schriftuurlijke vereiste de broeder niet voldoet en vervolgens dienen er inlichtingen te worden verstrekt met betrekking tot hetgeen hij gedaan heeft, of verzuimd heeft te doen, om de ontheffing te motiveren (1 Tim. 3:1-13; Tit. 1:5-9). Soms staat in een brief waarin een ontheffing wordt aanbevolen, eenvoudig dat is omdat de broeder nu weinig tijd aan de velddienst besteedt. Deze inlichting is werkelijk niet voldoende. De bijbel vermeldt niet een minimumvereiste en noemt ook geen specifieke tijden of een specifieke manier waarop het goede nieuws verbreid moet worden en waaraan iemand moet voldoen om voor ouderling in aanmerking te komen. Er wordt stellig gehoopt dat alle ouderlingen en dienaren in de bediening al het mogelijke zullen doen om de gemeente te helpen een groot aandeel aan de Koninkrijksbekendmaking te hebben. Maar de individuele omstandigheden variëren en elkeen moet doen wat hij meent, naargelang zijn geloof en liefde ertoe bewegen, te kunnen doen.

4 Wanneer de velddienstactiviteit van een broeder wat achteruit gaat of hij enkele vergaderingen mist, dienen de ouderlingen, in plaats van zijn ontheffing als ouderling of dienaar in de bediening aan te bevelen, zijn omstandigheden te beschouwen. Mogelijk is zijn gezondheid of de gezondheid van een lid van zijn gezin niet goed. Het zou kunnen zijn dat hij in zijn wereldse werk afwisselende diensten heeft of een nieuwe baan heeft. Het zou kunnen zijn dat hij schulden moet aflossen en daarom tijdelijk overwerkt, hoewel hij hierin niet materialistisch is. Of misschien is hij een tijdje ontmoedigd of terneergedrukt en zou hij geholpen zijn met wat aanmoediging. Wanneer hij natuurlijk tegenover anderen de belangrijkheid van het getuigeniswerk of van de vergaderingen zou omlaaghalen of bagatelliseren, zou dit ernstig kunnen zijn. Maar louter het feit dat zijn activiteit niet gelijk is aan die van enkele anderen, zou op zichzelf geen basis voor zijn ontheffing zijn.

5 Soms worden er brieven met een aanbeveling voor ontheffing ontvangen met de vermelding dat het is wegens „onjuist gedrag”. Ook in dit geval zou het goed zijn verdere inlichtingen te verstrekken. Wat heeft hij gedaan? Heeft hij zich werkelijk schuldig gemaakt aan een ernstige overtreding zodat hij een terechtwijzing verdient met een daaraan verbonden beperking van voorrechten? Of misschien heeft hij slechts een fout begaan, doordat hij bij een bepaalde gelegenheid een slecht oordeel heeft gebruikt, terwijl de gemeente nog steeds respect voor hem heeft en vertrouwen in hem stelt als ouderling of dienaar in de bediening. Misschien is de kwestie niet alom bekend geworden, zo ze al bekend is. Als hij beseft dat het niet verstandig was wat hij heeft gedaan, een goede les uit de ervaring heeft geleerd en een goede houding heeft, door de wens te koesteren zich te verbeteren, dan kan hij behouden worden. Deze gedachten zullen het lichaam van ouderlingen helpen een ruime en evenwichtige kijk op de kwestie te hebben en dan zullen zij bij het doen van hun aanbevelingen een volledig rapport in hun brief kunnen geven.

6 Wij allen hebben heel veel waardering voor het uitstekende werk dat door de ouderlingen en dienaren in de bediening als geheel in onze gemeenten wordt gedaan. Door het opvolgen van deze suggesties zal de organisatie nog soepeler functioneren terwijl wij samenwerken in Jehovah’s dienst.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen