Het meeste profijt trekken van het nieuwe boek over Ezechiëls profetie
Vanaf 1 november 1972 zullen wij op de gemeenteboekstudies het boek „De natiën zullen weten dat ik Jehovah ben” — Hoe? gaan gebruiken. Wij zien naar deze studie uit waarin wij ten volle kunnen genieten van Ezechiëls profetieën, die niet alleen over onze tijd handelen maar zelfs tot ver in de nieuwe ordening reiken. Wij geloven echter dat een kort, algeheel overzicht van de hoofdpunten ons allen een goede ondergrond zal geven en de gedetailleerde studie meer nut zal doen afwerpen. Met dit in gedachten wordt er een speciale regeling getroffen voor november en december. In elke gemeente zal het boek in een serie van acht openbare lezingen worden behandeld. Deze regeling zal vooral tot nut zijn van de pas geïnteresseerden, zodat zij de inlichtingen in het boek gemakkelijk zullen kunnen begrijpen. Laten daarom allen in de gemeente hun uiterste best doen om alle geïnteresseerden op alle acht de lezingen aanwezig te doen zijn.
Jouw aandeel aan het programma
In de lezingen zal het boek geleidelijk worden behandeld, twee of drie hoofdstukken per week. (Het precieze schema staat in de hierna volgende instructies voor de sprekers.) Je zult het meeste profijt van de lezingen trekken door de desbetreffende hoofdstukken van tevoren te lezen. Als dit niet altijd mogelijk is, wees dan in ieder geval toch aanwezig. En neem je persoonlijke exemplaar van het boek mee, want dan kun je de spreker wanneer hij de aandacht vestigt op bepaalde plaatjes of kaarten, of zo nu en dan een hele paragraaf laat voorlezen, in je eigen boek volgen. En als je je boek bij je hebt, zal dit je bovendien helpen antwoord te geven als de spreker om vrijwillige commentaren uit de zaal vraagt.
Een schema voor de lezingen opstellen
Het zal het beste zijn om deze speciale openbare lezingen zo spoedig mogelijk, bij voorkeur in november en december, in de gemeente te houden. Behalve dat onze eetlust voor de meer gedetailleerde studie van het boek opgewekt zal worden, zullen wij door deze voorbehandeling van de stof geholpen worden het boek met meer begrip in het veld aan te bieden, en allen die naar de lezingen komen luisteren, zullen er in geestelijk opzicht veel baat bij hebben.
Hoe staat het met de strooibiljetten? Over de regelingen hiervoor hebben wij in vorige uitgaven van de Koninkrijksdienst gesproken en wij denken dat de meeste gemeenten tegen deze tijd hun strooibiljetten besteld zullen hebben.
Als jouw gemeente tijdens die twee maanden een kringvergadering heeft of de kringopziener op bezoek komt, kan de speciale lezing van deze serie die eigenlijk die week gehouden zou worden, naar de volgende week worden verschoven. De voorzitter dient elke week de titel van de lezing voor de volgende week bekend te maken, terwijl hij tevens zal vermelden welke hoofdstukken van het boek behandeld zullen worden en hij de toehoorders eraan zal herinneren hun eigen exemplaar mee te nemen. Hij kan eveneens vermelden dat het boek momenteel op de gemeenteboekstudies wordt bestudeerd en allen ertoe uitnodigen deze studie bij te wonen.
Sprekers
Aangezien de serie in volgorde gehouden zal worden, zal het moeilijk zijn van andere gemeenten sprekers voor een bepaalde lezing te krijgen en zullen gemeenten waarin onvoldoende ouderlingen zijn dienaren in de bediening moeten inschakelen. Vanwege de aard van het materiaal wordt de aanbeveling gedaan dat elke gemeente alleen hun beste openbare sprekers voor deze lezingen gebruikt, ook al betekent dit dat sommige broeders zowel aan het begin van de serie als tegen het eind een lezing zullen houden. Dit zijn geen lezingen voor nieuwe sprekers. Elk van de lezingen kan door slechts één spreker worden gehouden, maar er zou ook een symposium van twee (of, zelden, drie) sprekers gebruikt kunnen worden, die elk een hoofdstuk behandelen.
Als je een van deze lezingen moet houden, streef dan naar eenvoud. Het nieuwe boek staat vol met voortreffelijke details. De broeders en zusters zullen het fijn vinden deze details op de boekstudie te behandelen. Tracht ze niet allemaal in je lezing naar voren te brengen. Denk steeds aan eenvoud en duidelijkheid. Als je uitdrukkingen gebruikt zoals „gezalfde overblijfsel”, „Babylon de Grote”, „grote schare” of andere termen die voor het publiek niet zo gemakkelijk te begrijpen zijn, verduidelijk of omschrijf ze dan zodat allen ze gemakkelijk zullen begrijpen.
Houd de titel of het onderwerp van de lezing in gedachte. Verwijs ernaar terug en beklemtoon dit thema tijdens de gehele lezing. Tracht ook de hedendaagse betekenis van de profetieën en zinnebeeldige gebeurtenissen die besproken worden op de voorgrond te plaatsen. Vestig enthousiast de aandacht op de waarde ervan voor de toehoorders en streef ernaar waardering bij hen op te bouwen en hen tot actie aan te sporen. In je inleiding zul je de toehoorders gewoonlijk, in overeenstemming met de titel of het onderwerp van de lezing, vertellen in welke richting je bespreking zal gaan en hoe belangrijk het materiaal is. Wanneer je over het falen van de christenheid en haar ondergang spreekt, vergeet dan nooit de redenen duidelijk te maken. Beklemtoon de gerechtigheid van Jehovah, zijn barmhartigheid en zijn voorziening voor hen die naar rechtvaardigheid verlangen. Maak de lezing warm en aanmoedigend. Zorg dat de toehoorders weggaan met een optimistische zienswijze en vastbesloten hun leven zo in te richten dat zij God vollediger zullen dienen.
Wij geloven niet dat deze lezingen zich goed lenen voor demonstraties. Landkaarten, illustraties en kaarten in het boek dienen te worden gebruikt. Als je een paragraaf tegenkomt waarvan je meent dat die in zijn geheel voorgelezen moet worden, dan kan dit worden gedaan. Als je dit wenst, kun je de paragraaf door een broeder op het podium of door een bekwame persoon in de zaal laten voorlezen. Bepaalde schriftplaatsen kunnen ook op deze wijze behandeld worden, of de spreker kan ze zelf voorlezen. Je kunt zelf beslissen of je tijdens of tegen het eind van de lezing drie of vier overzichtsvragen aan de zaal wilt stellen.
Wij zijn ervan overtuigd dat de serie lezingen ons allen beter vertrouwd zal doen raken met de profetie van Ezechiël en dat onze waardering voor de voorzieningen die Jehovah zowel nu als in de nabije toekomst voor zijn volk treft, erdoor vergroot zal worden.
1. Waarom is het nodig te weten wie God is?
Hoofdstuk 1: (17 min.) Beklemtoon tijdens de hele lezing dat het een kwestie van leven of dood is te weten te komen wie Jehovah is en wat zijn naam betekent. Punten die met dit thema in gedachte beklemtoond moeten worden, zijn: (1) Waarom men Gods naam dient te kennen. (2) Allen zullen die naam ten slotte moeten erkennen. (3) Geïllustreerd door voorbeeld uit de oudheid. Dit is niet slechts voorbijgegane geschiedenis, want geschilpunten zijn thans hetzelfde als toen. Verklaar om welke kwestie het destijds in Egypte ging (par. 6), hoe en waarom God Mozes verwekte (par. 11, 16, 17). Treed niet in bijzonderheden, maar toon aan wat door eerste drie plagen tot stand werd gebracht. Beklemtoon Gods bescherming en bevrijding van Israëlieten, die hun God kenden, terwijl Egyptische strijdkrachten Jehovah ook leerden kennen, maar dan ten koste van hun leven. — Ex. 14:21-30.
Hoofdstuk 2: (18 min.) Beklemtoon in dit gedeelte dat wij God en zijn voortreffelijke hoedanigheden in ons hart moeten kennen; dan zullen wij hem willen dienen en zullen wij zijn gunst, bescherming en leven ontvangen. (1) Gods bemoeienissen met Israël, zijn „getuigen”, onthullen zijn hoedanigheden van liefde, zorg en bescherming, alsook zijn gerechtigheid. (Lees, verklaar Exodus 6:2, 3; zie par. 1, 4, 7.) (2) Gods openbaring aan Mozes toont aan dat Hij het verdient aanbeden te worden. (Lees Exodus 34:4-7 en verklaar; leg hierbij de nadruk op voortreffelijke eigenschappen die Jehovah van alle zogenaamde goden doen verschillen.) (5) Degenen in onze tijd die beweren Jehovah te aanbidden maar dit niet doen, zullen er op een voor hen niet wenselijke wijze toe gedwongen worden te weten wie hij is. Wij willen God nu leren kennen ten einde deze rampspoed te vermijden (par. 33-35).
Hoofdstuk 3: (20 min.) In dit gedeelte dient beklemtoond te worden hoe belangrijk het is een duidelijk begrip te hebben van Jehovah’s hemelse organisatie en onze verhouding tot die organisatie. Vestig aandacht op plaatje op bladzijde 44. Lees Ezechiël 1:1-10, vervolgens de verzen 15-21, terwijl de spreker na elk gedeelte commentaar geeft. Daarna de verzen 25-28, waarbij de spreker de nadruk legt op heerlijkheid, sereniteit van God, en zijn eigenschappen. Beklemtoon dat wij hem wegens deze hoedanigheden moeten liefhebben, waarderen en dienen. Toon aan in welk opzicht Jehovah zijn hemelse organisatie „berijdt”. Beklemtoon vreedzaamheid, samenwerking van die organisatie, en dat dit wordt weerspiegeld in zijn volk op aarde (par. 31-34). Besluit met allen ertoe aan te moedigen zich met hedendaagse Ezechiël-klasse te verbinden en thans de ware God Jehovah als de enige weg tot bescherming en leven in geluk te leren kennen. Toon waardering voor de voortreffelijke bescherming en hulp van zijn hemelse organisatie (par. 39, 40). Vertel nieuweren onder toehoorders in het kort hoe zij dit kunnen doen door middel van een huisbijbelstudie.
2. Zijn de dagen van de christenheid geteld?
Hoofdstuk 4: (20 min.) Jehovah gaat niet tot handelen over voordat hij ruimschoots heeft gewaarschuwd. Dit wordt geïllustreerd in het geval van het oude Jeruzalem, dat in 647 v.G.T. zijn tijd van het einde inging. Een van de profeten die in die tijd van het einde werd verwekt, was Ezechiël. Toon in dit gedeelte aan dat het bestaan van de hedendaagse Ezechiël bewijst dat de dagen van de christenheid geteld zijn. De bijbelse chronologie geeft te kennen dat de natiën, met inbegrip van die van de christenheid, in 1914 G.T. hun tijd van het einde zijn ingegaan (par. 7). Is er iemand zoals Ezechiël verschenen? Toon aan waarom hedendaagse Ezechiël een samengesteld lichaam moet zijn maar dat het niet de natuurlijke joden als een lichaam zouden kunnen zijn noch de kerken van de christenheid (par. 9-16). Identificeer de hedendaagse Ezechiël als het samengestelde lichaam van gezalfde volgelingen van Jezus, die door Jehovah God gemachtigd zijn om naar de christenheid te gaan (par. 17, 24). (Treed bij het verhalen van de geschiedenis van het overblijfsel niet in bijzonderheden; vermeld hoofdpunten.) (Verwerk punten uit bladzijde 69 en 70 over het feit dat christenheid met weerspannige „natiën” te vergelijken is.) Welke boodschap moest de Ezechiël-klasse, onder hevige oppositie, aan de christenheid brengen?
Hoofdstuk 5: (15 min.) Toon in dit gedeelte aan dat de bittere boodschap van Ezechiël-klasse en het feit dat zij moeten spreken ondanks pogingen hen aan banden te leggen, twee extra bewijzen zijn dat de dagen van de christenheid geteld zijn. Lees Ezechiël 3:1-3, 12-15 en bespreek betekenis van „rol” en uitwerking op Ezechiël-klasse (par. 6, 9, 10, 23, 25, 26). Het leven van de Ezechiël-klasse hangt ervan af of zij zich getrouw van hun opdracht als wachter kwijten (Ezech. 3:16-21), daarom moeten zij spreken ondanks pogingen hen aan banden te leggen (Ezech. 3:24-27). Geef voorbeelden van zulke pogingen.
Hoofdstuk 6: (20 min.) Toon in dit gedeelte aan dat de toestanden die in de christenheid bestaan, bewijzen dat haar dagen zijn geteld. Jehovah zal religieuze ontrouw niet dulden, zoals blijkt uit het geval van Jeruzalem. Vernietiging kwam als gevolg van religieuze dwaling. (Lees Ezechiël 4:4-8.) Vestig bij het verklaren van de tekst kort de aandacht op de ontrouw van het tien- en twee-stammenkoninkrijk. Beklemtoon vervolgens schuld van christenheid. Haar schuld wegens afgoderij en bloedvergieten maakt het zeker dat haar einde nabij is. Ze zal de verschrikkingen ondergaan die Jeruzalem zijn overkomen, zoals tevoren door Ezechiël te kennen werd gegeven. Geef samenvatting van Ezechiël 4:10-17 en toon vervolgens aan wat er met de christenheid zal gebeuren. Moedig met het oog op het naderbij komende einde van de christenheid aan tot een juiste handelwijze ter ondersteuning van de Ezechiël-klasse en hun werk. Beklemtoon de hoofdpunten in paragraaf 49-51.
3. Waarom komen Jehovah’s getuigen bij u aan de deur?
Hoofdstuk 7: (20 min.) Jehovah’s getuigen brengen een boodschap van waarschuwing en een boodschap van hoop. Werk de volgende punten uit: Jehovah’s getuigen bezoeken de mensen zodat (1) zij te weten komen dat de christenheid schuld treft voor het verontreinigen van Gods schepping de aarde, (2) zij erover worden ingelicht dat Jehovah dit niet zal blijven tolereren en (3) zij wanneer de vernietiging over de christenheid komt, zullen weten dat Jehovah de oordeelsvoltrekker is. Lees Ezechiël 6:1-7 en vestig, na kort de betekenis ervan in Ezechiëls tijd te hebben verklaard, de aandacht op de schuld die de christenheid treft (par. 15). Lees Ezechiël 7:1-4, 9 en toon aan dat Jehovah stellig handelend tegen de christenheid zal optreden. Niemand zal aan de roede ontkomen. (Lees Ezechiël 7:10; verklaar.) Rijkdom zal niet baten; de christenheid zal verlaten worden, haar ’heilige dingen’ zullen niet worden gespaard. (Lees en verklaar Ezechiël 7:19-22.) Halsstarrige, achteloze mensen zullen wanneer de vernietiging komt, weten dat Jehovah de oordeelsvoltrekker is (par. 33). De christenheid, die beweert God te vertegenwoordigen, is hem rekenschap verschuldigd. (Lees en verklaar Ezechiël 7:27; [par. 63, 64]; lees paragraaf 67.) Maken Jehovah’s getuigen echter alleen een boodschap van veroordeling bekend?
Hoofdstuk 8: (15 min.) Nog een reden waarom Jehovah’s getuigen de mensen bezoeken, is het hart van rechtgeaarde personen te bereiken zodat zij op een godvruchtige wijze bedroefd mogen worden over de verfoeilijkheden die in de christenheid worden bedreven. Hoe verfoeilijk sommige van deze dingen wel zijn, kan men zonder de hulp van Gods dienstknechten, die door heilige geest zijn verlicht, niet beseffen. Gebruik Ezechiël 8:7-17 en toon aan hoe de christenheid zich hieraan schuldig maakt. Verklaar symbool van jaloezie, aanbidding van afbeelding van kruipend gedierte en beesten, aanbidding van de zon en het bewenen van Tammuz, vooral zoals dit in de hedendaagse vervulling geschiedt. (Behandel alleen hoofdpunten wanneer je de handelwijze van Jeruzalem en die van de christenheid met elkaar vergelijkt. Vermijd gecompliceerde details.) Beklemtoon dat rechtgeaarde mensen er niet achter zouden komen dat deze dingen vanuit Gods standpunt bezien slecht zijn indien Jehovah’s getuigen hen niet zouden bezoeken.
Hoofdstuk 9: (20 min.) Jehovah’s getuigen bezoeken de mensen om hen te helpen aan de vernietiging te ontkomen. Wees bij het bespreken van Ezechiël hoofdstuk 9 heel kort met het verklaren van de toepassing op het ontrouwe Jeruzalem en besteed meer tijd aan de toepassing in onze tijd. Identificeer de zes mannen met verpletteringswapens (par. 5), de man met de inkthoorn van een secretaris (par. 26), degenen die gekentekend worden (par. 27) en het kenteken (par. 32). Beklemtoon dat het onderwijzingswerk en het maken van discipelen nodig is om het „kenteken” aan te brengen. Toon het succes van het kentekenwerk en de waarde van het kenteken aan. Herhaal waarom Jehovah’s getuigen de mensen bezoeken en moedig allen ertoe aan het kenteken te ontvangen en/of te behouden ten einde gespaard te worden.
4. Het is gevaarlijk zich er niet om te bekommeren
Hoofdstuk 10: (15 min.) Onze tijd wordt gekenmerkt door onverschilligheid, zelfvoldaanheid, een „afwachtende” houding aannemen, zelfs onder religieuze personen. Vestig aandacht op de reden waarom men zich er wel om dient te bekommeren: De christenheid staat beslist vurige vernietiging te wachten omdat ze de handelwijze van het ontrouwe oude Jeruzalem volgt. De christenheid wordt met iets bedreigd wat veel ontzag inboezemender is dan de grootste tentoonspreiding van militaire macht; ze wordt met Gods hemelse wagen geconfronteerd. Verklaar de vurige kolen. Christenen kondigen het oordeel over de christenheid alleen aan; zij hebben geen aandeel aan de werkelijke vernietiging. Lees Ezechiël 10:1, 2, 6, 7 en verklaar de rol die de in het linnen geklede man speelde en de strijdkrachten die God zal gebruiken om de christenheid te vernietigen (par. 4, 14, 18, 19). Sommigen treuren, anderen verheugen zich over de ondergang van de christenheid en het symbolische Babylon (par. 21, 22). Wat wacht degenen die thans met deze waarschuwingsboodschap spotten?
Hoofdstuk 11: (20 min.) Toon aan hoe de leiders en sommige anderen in de christenheid zich voelen en gebruik het beeld uit Ezechiël 11:1-3 (par. 1-3). Zet de redenen voor overmoed van de christenheid uiteen (par. 13-15). Het is verschrikkelijk gevaarlijk thans zelfvoldaan te zijn (par. 16, 17). Maar betekent de vernietiging van de christenheid het einde voor het christendom? (par. 18, 19) Neen (par. 29-32). Maar afzonderlijke personen in de christenheid zullen niet ontkomen indien zij haar niet verlaten, ook al worden zij hiervoor vervolgd. Zij moeten het ’kenteken op het voorhoofd’ ontvangen, waardoor zij zich vereenzelvigen met het ware christendom, dat gespaard zal worden (par. 35-37). Zij moeten ook anderen omtrent Gods barmhartige regeling vertellen. — Ezech. 11:25; par. 44.
Hoofdstuk 12: (20 min.) Er is ook reden waarom personen buiten de christenheid zich erom dienen te bekommeren, want de vernietiging zal zich tot heel Babylon de Grote uitstrekken. Lees Ezechiël 21:3-5, met nadruk op vers 5; verklaar de betekenis van het zwaard en zijn uitwerking (par. 6-12). Vestig de aandacht op onjuiste zienswijze van religieaanhangers te denken dat zij Gods volk zijn en aan dat zwaard zullen ontkomen. Onbezorgd te zijn, betekent rampspoed uit te lokken; het is dwaas te denken dat er geen onheil zal komen (Ezech. 21:10-13; par. 16-21). Verklaar waarom God het koninkrijk Juda omverwierp; toen begon lange periode van heidense overheersing, waarvan natiën denken dat die voor altijd zal voortduren. Maar God het zijn „troon” tot een puinhoop worden totdat „hij komt die het wettelijke recht heeft”. (Ezech. 21:21-23; lees vers 25-27.) Zoals voorzegd, zijn tijden der heidenen geëindigd. Het Koninkrijk is in handen van degene die het wettelijke recht heeft, Jezus Christus, hersteld. Vernietiging van christenheid en Babylon de Grote heel nabij (par. 53, 54). Politieke natiën komen vervolgens aan de beurt (Ezech. 21:28-32; par. 55-57). Beklemtoon de noodzaak voor individuele actie, daar Satans gehele samenstel in een schandelijke nederlaag ten onder zal gaan.
5. Zullen de politieke heersers de religie vernietigen?
Hoofdstuk 13: (20 min.) Communistische blok nu tegen religie, democratische blok ondersteunt religie. Zullen beide blokken tot zelfde gedachte komen ten aanzien van religie? (Je kunt na deze opmerkingen met paragraaf 1-3 vervolgen of met de hoofdgedachte daarvan.) Laat zaal bijbel openslaan bij Ezechiël 23 en geef kort verslag van de twee zusters. Eerst Ohola, vestig aandacht op sleutelteksten (vers 1, 4-6, 9, 10), dan Oholiba (vers 11, 17, 18, 22-24). In de verzen 28-31, 46-49 wordt Jehovah’s voornemen met betrekking tot Oholiba samengevat. Toon voor de toepassing van deze verzen oorsprong aan (par. 6), betekenis van namen en op wie toegepast (par. 8, 9), hoe met Jehovah „gehuwd” (par. 10). Verhaal wat Ohola (noordelijke koninkrijk) en Oholiba (zuidelijke koninkrijk) als „prostituées” deden. Toon aan welk middel God gebruikte om oordeel te voltrekken (par. 27-29). Ga terug naar zelfde hoogtepunten en pas ze op „Babylon de Grote” toe, waarbij je speciaal uitweidt over de christenheid (par. 56-58). Beklemtoon hierbij het gevaar dat iedereen loopt en de verantwoordelijkheid die men draagt indien men het symbolische Babylon blijft aanhangen (par. 39, 42, 49). Politici, militaire strijdkrachten en grote handelsprofiteurs keren zich tegen christenheid (par. 54, 55, 62, 65). Bedoeling die achter haar vernietiging schuilt (par. 66).
Hoofdstuk 14: (15 min.) Uitwerking die aanval op christenheid op religieaanhangers heeft (par. 1, 2). Laat bijbel openslaan bij Ezechiël 24 en bespreek vers 3-5 (par. 8), 6-8 (par. 10), 9-12 (par. 14). Toon toepassing op christenheid aan. Droeve toestand van religieaanhangers moet komen opdat zij weten dat „ik de Soevereine Heer Jehovah ben” (Ezech. 24:18-24; par. 25, 34). Jehovah zal zijn grote, tegenbeeldige geestelijke „tempel” in de hemel, waarin Christus is binnengegaan, echter niet ontwijden of verwoesten, en evenmin zijn tempel van „levende stenen” (merk verschil op tussen deze twee tempels van God). Maar hij zal de namaak-tempelklasse van huichelachtige religieaanhangers vernietigen (par. 26-28). Beklemtoon dat valse religie, niet de religie van de ware God, vernietigd zal worden.
Hoofdstuk 15: (20 min.) Profetie betreffende verwoesting van de christenheid vormt een waarschuwing voor ons. Wij zijn niet te verontschuldigen als wij waarschuwing van „wachter” in de wind slaan. Waarom spreken wij over een „wachter”? Wie is hij? Ezechiël was een wachter voor Jeruzalem. Identificeer hedendaagse „wachter”. Beginselen die erbij betrokken zijn (Ezech. 33:1-6; par. 7). „Wachter” en zij die zich tot ware aanbidding keren, zullen in leven blijven. Haal paragraaf 1, 10 aan of geef hoofdgedachte. Aangezien zwaard van goddelijke terechtstelling boven christenheid hangt, zoals door „wachter”-klasse wordt gewaarschuwd, welke gelegenheid is er dan voor anderen? „Grote schare” volgt juiste handelwijze (par. 12-14, 16, 17). Vernietiging van christenheid verzekerd door Jeruzalems ondergang. „Wachter” zal in leven blijven, gerechtvaardigd (par. 23). Vervolgens zullen vernietigers van Babylon de Grote en andere wereldlijke elementen die ondergang van christenheid overleven, vernietigd worden en moeten weten dat „ik Jehovah ben” (par. 31). Wees niet, zoals zo velen, zelfvoldaan (par. 34). Wacht niet besluiteloos af (par. 36). Kom nu in Gods plaats van gunst, voordat politieke heersers valse religie aanvallen. Neem uw bijbel, laat de „wachter” u inlichten en overleef de ondergang van de valse religie en, daarna, van de wereldlijke elementen.
6. Wat voor leider heeft de mensheid nodig?
Hoofdstuk 16: (25 min.) Mensheid heeft een leider nodig die niet te trots is om een liefdevolle herder te zijn, iemand die oprechte belangstelling voor het welzijn van de mensheid heeft. De mensen hebben lang genoeg onder zelfzuchtige, meedogenloze heersers zoals die uit Ezechiëls tijd geleden (par 1; lees Ezechiël 34:2-6). Vestig bij de toepassing de aandacht op wat de politieke heersers van de christenheid hebben gedaan. Er is een leider nodig die de mensheid van zulke onderdrukkende heersers of herders zal bevrijden (Ezech. 34:7-10). Degene die zo’n herder zal verschaffen, is Jehovah, die liefderijke zorg voor zijn verstrooide „schapen” toont (Ezech. 34:11-14). Bespreek wat God ten behoeve van de gezalfden heeft gedaan en gebruik daarbij Ezechiël 34:15, 16; vestig aandacht op de toestand die onder de herstelde „schapen” heerst (Ezech. 34:17-22; lees par. 23, 26). De ’ene herder’ die door Jehovah als Koning is gekozen, is zijn „knecht David”, Jezus Christus (Ezech. 34:23, 24; maak de identificatie duidelijk; par. 31, 32). Datgene waarin Jezus’ „schapen” zich thans verheugen, bewijst dat hij de leider is die de mensheid nodig heeft. (Lees en verklaar Ezechiël 34:25-28.) Lees paragraaf 40 en besluit met aan te tonen dat deze gelegenheid voor alle rechtgeaarde personen in deze tijd open staat.
Hoofdstuk 17: (15 min.) Na een periode van toename onder de gezalfden is een grote schare mensen tot het besef gekomen dat Jezus Christus een wenselijke leider is en zij hebben zich daarom in toenemende aantallen bij het gezalfde overblijfsel aangesloten. (Verwijs toehoorders naar tabel op blz. 321.) Laat tegenstelling zien tussen de toestand van de christenheid en die van Gods volk om te beklemtonen hoe wenselijk het is Jezus als Leider te hebben (Ezech. 36:6-12). Personen die Jezus als hun Leider willen hebben, moeten tonen dat zij het soort van mensen zijn die Gods goedkeuring genieten. Dit betekent dat zij de juiste houding ten opzichte van Gods naam moeten hebben en de rechtvaardiging daarvan als het belangrijkste moeten beschouwen. Toon met gebruikmaking van Ezechiël 36:23-28 aan wat God ten behoeve van zijn naam heeft gedaan en vestig vooral de aandacht op het schitterende herstel.
Hoofdstuk 18: (15 min.) Er is elke reden om vertrouwen te hebben dat Jehovah’s keuze van Jezus Christus de beste is. Heerschappij door Jezus is niet denkbeeldig; een eens dode natie is reeds tot leven gekomen en onderwerpt zich aan hem als Koning. Deze verbazingwekkende opstanding werd voorzegd. Bespreek Ezechiël 37 en breng het kort in verband met het oude Israël en toon vervolgens de toepassing op het geestelijke Israël. Toon aan dat toestand waarin deze herstelde natie van geestelijke Israëlieten en hun metgezellen zich verheugen, er een bevestiging van vormt dat Jezus’ heerschappij goed is. Beklemtoon de eenheid en vrede onder hen, zoals in paragraaf 29, 30 en 33 staat. Dit houdt de belofte in dat de toekomst, wanneer er geen aardse regeringen meer zullen zijn, nog grootsere dingen te zien zal geven. Zelfs de natiën van tegenwoordig zien in dat de God van Jehovah’s getuigen superieur is. Besluit met allen aan te moedigen meer over Christus’ koninkrijksheerschappij te weten te komen en pas Matthéüs 6:33 toe.
7. De grootste oorlog op aarde en de afloop ervan
Hoofdstuk 19: (25 min.) Parafraseer Ezechiël 38 om een beeld te geven van de oorlog en wie erbij betrokken zijn. Identificeer daarna: (1) Gog (gebruik Ezechiël 38:2, 4 en verklarende punten uit paragraaf 9, 10), (2) Israël als het doelwit van Gogs aanval (toon aan dat het niet het natuurlijke Israël zou kunnen zijn, maar geestelijk Israël moet zijn [Gal. 6:16]), (3) Gogs reden voor aanval (gebruik punten uit paragraaf 20-23), identificeer het middelpunt der aarde (par. 24), (4) de strijdkrachten onder Gog (lees Openbaring 16:14, 16 en verklaar [par. 34-36]). Beschrijf op welke wijze Jehovah Gog de nederlaag zal doen ondergaan (lees en verklaar Ezechiël 38:21, 22; je kunt, indien je dat wenst, tot besluit paragraaf 45 of 46 of beide lezen).
Hoofdstuk 20: (30 min.) Maar bestaat er enige hoop voor de strijdkrachten onder Gog? Zullen zij in de toekomst worden opgewekt? Wat zal er gebeuren met het land Magog, de operatiebasis van waaruit Gog zijn aanval ontketende? Deze vragen worden in Ezechiël 39 beantwoord. Lees en verklaar Ezechiël 39:4, 6 en maak identificatie van land Magog duidelijk (par. 3, 4, 6). Parafraseer Ezechiël 39:8-16 en verklaar betekenis van het begraven van de beenderen en van de stad Hamona (par. 11, 13, 14, 16, 17; lees, indien je dit wenst, gedeelten van deze paragrafen). Parafraseer Ezechiël 39:17-20 en gebruik paragraaf 22 ter verklaring. Vestig er de aandacht op dat de rechtvaardiging van Gods naam de belangrijke kwestie is die bij de nederlaag van Gog betrokken is. Wij dienen het niet luguber te vinden of te denken dat deze vernietiging te erg is (par. 23, 24). Toen het gezalfde overblijfsel van het geestelijke Israël werd bevrijd, ging het om deze zelfde kwestie (lees en verklaar Ezechiël 39:28, 29). Moedig tot besluit allen ertoe aan te zamen met de gezalfden een krachtig standpunt voor Jehovah in te nemen; de nederlaag van Gog en zijn strijdkrachten is een zekerheid, en leven in zekerheid onder de regering van de Messías is nabij.
8. Leven in zekerheid en geluk onder de regering van de Messías
Hoofdstuk 21: (25 min.) Aarde zal niet ontvolkt worden door Gods vernietiging van al zijn aardse vijanden. Zij die onder goddelijke bescherming wonen, zullen zich op aarde bevinden en in volledige vrijheid over de gehele aarde de ware aanbidding beoefenen (par. 1). Tempelvisioen. Wat erdoor wordt afgebeeld (par. 6-8). (Toehoorders zoeken plaatje op blz. 385 op.) Wat door het visioen wordt gewaarborgd (par. 10, 11 [je kunt par. 11 lezen]). Lees Ezechiël 47:1 en verklaar „water” (par. 13, 14). (Je kunt kaart achter in boek van „Heilige bijdrage en de twaalf stammen” gebruiken.) Lees Ezechiël 47:2-5; verklaar toenemende diepte van water (par. 17, 18), water ook voor wie uit de dood worden opgewekt (par. 21-23). Lees vers 6-10; verklaar gezondmaking van water van Dode Zee. (Merk op dat vissers en netten er niet op duiden dat er mensen worden gevangen om discipelen te worden [par. 29, 30].) Wat wordt afgebeeld door zoute water en dat dit zoet wordt (par. 31-35). Lees vers 11; verklaar „moerassige plaatsen” (par. 36). Lees vers 12; verklaar bomen, en vergelijk met beeld uit Openbaring (par. 37-40). Het is de ware aanbidding van Jehovah waardoor deze goede dingen komen. Zulke aanbidders zullen de vervulling van Openbaring 21:3, 4 verwezenlijkt zien.
Hoofdstuk 22: (30 min.) De God die wij aanbidden, is „de gelukkige God” (1 Tim. 1:11). Wat dit voor zijn schepselen betekent. Ezechiël 48 geeft glimp van Gods regeling voor de mensheid in nieuwe ordening. (Toehoorders zoeken achter in boek kaart op van „Heilige Bijdrage”.) Laat kort zien hoe stammen gelegen waren, Levi in bestuursdomein, waarin „heilige bijdrage” gelegen was (par. 2). Priesterlijke deel bevond zich in het midden van „heilige bijdrage”, waar ook het heiligdom stond. (Vestig aandacht op bijkaartje, „Vergroting van de Heilige Bijdrage”.) „Stad” in onderste of zuidelijke deel. Strook aan weerskanten van „stad” in „heilige bijdrage” voor werkers uit alle stammen. Rest van bestuursdomein (keer terug tot grote kaart) voor „overste”. Merk op dat de stad, hoewel die net als het hemelse Nieuwe Jeruzalem twaalf poorten heeft, niet het heiligdom of de tempel is. Ze is afgescheiden van de tempel. In de „stad” waren geen priesters of levieten. De „stad” beeldt de aardse, zichtbare bestuurszetel in de nieuwe ordening af. Wie de „overste” is (par. 12). Lees Psalm 45:16; Jesaja 32:1, 2, 16-18 (aangehaald in boek, blz. 404). Werk dat door middel van „stad” voor de losgekochte mensheid tot stand wordt gebracht (par. 13-15). Voornaamste doel van „stad” is Jehovah’s naam te verheerlijken, zoals blijkt uit naam „Jehovah-sjammah” (par. 16; lees ook Habakuk 2:14 met zaal). Besluit met aansporing Gods Woord te lezen en door bemiddeling van Jezus Christus Gods naam aan te roepen ten einde in leven te blijven en de nieuwe ordening binnen te gaan. Verklaar hoe dit gedaan kan worden.