Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w03 15/6 blz. 17-22
  • Zoek naar het goede in alle mensen

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Zoek naar het goede in alle mensen
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2003
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • In de prediking en bij het maken van discipelen
  • In het gezin
  • In de christelijke gemeente
  • Naar het goede zoeken in allen
  • Goedheid: Hoe kun je daarin groeien?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk (studie-uitgave) 2019
  • „Elke soort van goedheid” voortbrengen
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1991
  • De overvloedige goedheid van Jehovah
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1991
  • Blijf goedheid tentoonspreiden
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2002
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2003
w03 15/6 blz. 17-22

Zoek naar het goede in alle mensen

„Gedenk mij toch, o mijn God, ten goede.” — NEHEMIA 13:31.

1. Hoe toont Jehovah goedheid tegenover alle mensen?

NADAT het dagenlang bewolkt en grauw is geweest, brengt zonneschijn een welkome verandering. De mensen komen in een betere stemming en fleuren helemaal op. Zo biedt ook na een lange periode van hitte en droogte een regenbui — zelfs een wolkbreuk — verkwikking en verademing. Onze liefdevolle Schepper, Jehovah, heeft deze wonderbare gave van het weer in de atmosfeer van de aarde ingebouwd. Jezus vestigde de aandacht op Gods edelmoedigheid toen hij leerde: „Blijft uw vijanden liefhebben en blijft bidden voor hen die u vervolgen, opdat gij er blijk van moogt geven zonen te zijn van uw Vader, die in de hemelen is, want hij laat zijn zon opgaan over goddelozen en goeden en laat het regenen over rechtvaardigen en onrechtvaardigen” (Mattheüs 5:43-45). Ja, Jehovah toont goedheid tegenover alle mensen. Zijn dienstknechten dienen ernaar te streven hem na te volgen door naar het goede in anderen te zoeken.

2. (a) Op basis waarvan betoont Jehovah goedheid? (b) Wat merkt Jehovah op met betrekking tot onze reactie op zijn goedheid?

2 Op basis waarvan betoont Jehovah goedheid? Vanaf het moment dat Adam tot zonde verviel, heeft Jehovah naar het goede in mensen gezocht (Psalm 130:3, 4). Het is zijn voornemen de gehoorzame mensheid te herstellen tot werkelijk leven in het Paradijs (Efeziërs 1:9, 10). Zijn onverdiende goedheid heeft ons het vooruitzicht gegeven op bevrijding van zonde en onvolmaaktheid door bemiddeling van het beloofde Zaad (Genesis 3:15; Romeinen 5:12, 15). De aanvaarding van de loskoopregeling maakt het mogelijk uiteindelijk tot volmaaktheid terug te keren. Jehovah slaat nu ieder van ons gade om onder andere te zien hoe we op zijn edelmoedigheid reageren (1 Johannes 3:16). Hij merkt alles op wat we doen om onze waardering voor zijn goedheid te tonen. „God is niet onrechtvaardig, zodat hij uw werk en de liefde die gij voor zijn naam hebt getoond . . . zou vergeten”, schreef de apostel Paulus. — Hebreeën 6:10.

3. Welke vraag verdient onze aandacht?

3 Hoe kunnen we Jehovah dan navolgen door naar het goede in anderen te zoeken? Laten we bij het beantwoorden van deze vraag eens vier terreinen van het leven beschouwen: (1) de bediening, (2) het gezin, (3) de gemeente en (4) onze betrekkingen met anderen.

In de prediking en bij het maken van discipelen

4. Hoe tonen we door onze deelname aan de bediening dat we naar het goede in anderen zoeken?

4 „Het veld is de wereld”, legde Jezus uit in antwoord op vragen van zijn discipelen over de betekenis van de gelijkenis van de tarwe en het onkruid. Als Christus’ hedendaagse discipelen erkennen we deze waarheid wanneer we aan onze bediening deelnemen (Mattheüs 13:36-38; 28:19, 20). Onze velddienst heeft te maken met de openbare bekendmaking van ons geloof. Het feit alleen al dat Jehovah’s Getuigen nu bekendstaan om hun bediening van huis tot huis en op straat, getuigt ervan dat we ijverig zoeken naar allen die de Koninkrijksboodschap waard zijn. Jezus gaf trouwens de opdracht: „Welke stad of welk dorp gij ook binnengaat, onderzoekt wie daarin het waard is.” — Mattheüs 10:11; Handelingen 17:17; 20:20.

5, 6. Waarom blijven we de mensen herhaaldelijk thuis bezoeken?

5 Wanneer we ongevraagd bij de mensen aan de deur komen, merken we hun reactie op onze boodschap. Soms gebeurt het dat één lid van een gezin naar ons wil luisteren terwijl een ander vanuit het huis roept „Geen interesse”, waarna het gesprek wordt beëindigd. Wat vinden we het jammer dat de tegenstand of het gebrek aan belangstelling van de kant van één persoon van invloed is op de reactie van een ander! Wat kunnen we dan doen om naar het goede in alle mensen te blijven zoeken?

6 Wanneer we bij een volgende bewerking van dat gebied weer aan die deur komen, biedt dat wellicht een gelegenheid om rechtstreeks met de persoon te spreken die het eerdere gesprek afbrak. De herinnering aan wat er toen is gebeurd, kan ons helpen ons voor te bereiden. De tegenstander kan uit goede motieven hebben gehandeld, in de volle overtuiging dat hij er goed aan deed de persoon in kwestie niet langer naar de Koninkrijksboodschap te laten luisteren. Misschien was hij verkeerd ingelicht over onze bedoelingen. Maar dat weerhoudt ons er niet van het goede nieuws van het Koninkrijk aan die deur te blijven prediken en tactvol te proberen misverstanden uit de weg te ruimen. We zijn erin geïnteresseerd allen te helpen een nauwkeurige kennis omtrent God te krijgen. Dan zal Jehovah die persoon misschien tot zich trekken. — Johannes 6:44; 1 Timotheüs 2:4.

7. Wat kan ons helpen positief te zijn wanneer we de mensen benaderen?

7 Jezus hield in zijn instructies aan zijn discipelen rekening met tegenstand vanuit het gezin. Zei hij niet: „Ik ben gekomen om verdeeldheid teweeg te brengen tussen een mens en zijn vader, tussen een dochter en haar moeder en tussen een jonge vrouw en haar schoonmoeder”? Jezus voegde eraan toe: „’s Mensen vijanden zullen zijn eigen huisgenoten zijn” (Mattheüs 10:35, 36). Toch kunnen omstandigheden en houdingen veranderen. Een plotselinge ziekte, de dood van een familielid, rampen, emotionele crisissen en talloze andere factoren zijn van invloed op de reactie van mensen op onze prediking. Als we een negatieve kijk hebben — ervan uitgaan dat de mensen tot wie we prediken toch geen belangstelling zullen hebben — zoeken we dan echt naar het goede in hen? Waarom zouden we hen bij een andere gelegenheid niet opnieuw opgewekt bezoeken? Misschien is hun reactie anders. Soms is het niet alleen wát we zeggen, maar ook hóé we het zeggen waardoor we een betere respons krijgen. Vurig tot Jehovah bidden voordat we met de prediking beginnen, zal ons beslist helpen positief te zijn en de Koninkrijksboodschap te brengen op een manier die voor iedereen aantrekkelijk is. — Kolossenzen 4:6; 1 Thessalonicenzen 5:17.

8. Waartoe kan het leiden wanneer christenen naar het goede in hun ongelovige familieleden zoeken?

8 In sommige gemeenten dienen veel leden van dezelfde familie Jehovah. Vaak is de bewondering en het respect van jongeren gewonnen door de volharding van een ouder familielid die vanwege zijn goede band met de familie en in zijn eigen huwelijk de weg heeft gebaand voor een verandering van hart bij de jongeren. Gehoor geven aan de raad van de apostel Petrus heeft menige christelijke vrouw geholpen haar man „zonder woord” te winnen. — 1 Petrus 3:1, 2.

In het gezin

9, 10. Hoe zocht zowel Jakob als Jozef naar het goede in de andere gezinsleden?

9 Gezien de nauwe banden die gezinsleden verenigen, is het gezin nog een terrein waarop we naar het goede in anderen kunnen zoeken. Beschouw eens een les uit de manier waarop Jakob met zijn zonen handelde. In Genesis 37 vers 3 en 4 geeft de bijbel te kennen dat Jakobs speciale liefde uitging naar Jozef. Jozefs broers reageerden jaloers, zo erg zelfs dat ze een plan beraamden om hun broer te doden. Let echter eens op de houding van Jakob en Jozef later in hun leven. Beiden zochten naar het goede in de andere gezinsleden.

10 Toen Jozef als oppervoedselbeheerder in het door hongersnood getroffen Egypte fungeerde, verwelkomde hij zijn broers. Hij maakte niet onmiddellijk bekend wie hij was, maar manoeuvreerde de gebeurtenissen zo dat zij goed werden verzorgd en voedsel mee konden nemen naar hun bejaarde vader. Ja, ook al was Jozef het slachtoffer van hun haat geweest, hij handelde in hun beste belang (Genesis 41:53–42:8; 45:23). Insgelijks sprak Jakob op zijn sterfbed profetische zegeningen over al zijn zonen uit. Hoewel enkele zonen wegens hun verkeerde daden bepaalde voorrechten misliepen, werd niemand ervan buitengesloten een erfdeel in het land te krijgen (Genesis 49:3-28). Wat een schitterende uiting van duurzame liefde toonde Jakob daar!

11, 12. (a) Welk profetisch voorbeeld beklemtoont hoe belangrijk het is om naar het goede in het gezin te zoeken? (b) Welke les leren we uit het voorbeeld van de vader in Jezus’ illustratie van de verloren zoon?

11 Jehovah’s lankmoedigheid in zijn handelwijze met de ontrouwe natie Israël geeft verder inzicht in de manier waarop hij naar het goede in zijn volk zoekt. Aan de hand van de gezinsomstandigheden van de profeet Hosea illustreerde Jehovah zijn duurzame liefde. Gomer, Hosea’s vrouw, pleegde herhaalde malen overspel. Ondanks dat gebood Jehovah Hosea: „Ga nogmaals, bemin een vrouw die door een metgezel wordt bemind en overspel pleegt, zoals in het geval van Jehovah’s liefde voor de zonen van Israël terwijl zij zich tot andere goden wenden en liefhebbers zijn van rozijnenkoeken” (Hosea 3:1). Waarom gaf Jehovah zulke instructies? Omdat hij wist dat afzonderlijke personen in de natie die van zijn wegen was afgedwaald, gunstig op zijn geduld zouden reageren. Hosea verklaarde: „Daarna zullen de zonen van Israël terugkeren en stellig Jehovah, hun God, en David, hun koning, zoeken; en zij zullen stellig sidderend tot Jehovah en tot zijn goedheid komen, in het laatst der dagen” (Hosea 3:5). Dit is beslist een prachtig voorbeeld om over na te denken wanneer we met gezinsproblemen worden geconfronteerd. Naar het goede in andere gezinsleden blijven zoeken, zal op zijn minst een prachtig voorbeeld zijn van geduld.

12 Jezus’ gelijkenis van de verloren zoon biedt nog meer inzicht in de manier waarop we naar het goede kunnen zoeken in verband met ons gezin. De jongste zoon keerde naar huis terug nadat hij zijn verkwistende levenswijze de rug had toegekeerd. De vader behandelde hem barmhartig. Hoe reageerde de vader op klachten van de oudste zoon, die het gezin nog nooit had verlaten? Zich tot zijn oudste zoon richtend, zei de vader: „Kind, gij zijt altijd bij mij geweest, en alles wat van mij is, is van u.” Dit was geen barse afwijzing, maar eenvoudig een bevestiging van de liefde van de vader. „Wij moesten wel vrolijk zijn en ons verheugen,” vervolgde hij, „want deze broer van u was dood en is tot leven gekomen, en hij was verloren en werd gevonden.” Wij kunnen insgelijks naar het goede in anderen zoeken. — Lukas 15:11-32.

In de christelijke gemeente

13, 14. Wat is één manier om binnen de christelijke gemeente de koninklijke wet der liefde te beoefenen?

13 Als christenen streven we ernaar de koninklijke wet der liefde te beoefenen (Jakobus 2:1-9). Nu kan het zijn dat we leden van onze gemeente wier situatie materieel gezien van de onze verschilt, aanvaarden. Maar bestaat er desondanks „klassenonderscheid” op basis van raciale, culturele of zelfs religieuze achtergronden? Indien dit zo is, hoe kunnen we dan Jakobus’ raad ter harte nemen?

14 We geven van onze grootmoedigheid blijk door allen die de christelijke vergaderingen bezoeken, te verwelkomen. Wanneer we het initiatief nemen om met nieuwelingen te spreken die de Koninkrijkszaal bezoeken, zal elke aanvankelijke nervositeit en verlegenheid van hun kant waarschijnlijk verdwijnen. Sommigen die voor het eerst een christelijke vergadering bijwoonden, hebben dan ook opgemerkt: „Iedereen was zo vriendelijk. Het was alsof iedereen me al kende. Ik voelde me thuis.”

15. Hoe kunnen kinderen in de gemeente geholpen worden belangstelling voor de ouderen te tonen?

15 In sommige gemeenten gebeurt het misschien dat enkele jongeren aan het eind van een vergadering binnen of buiten de Koninkrijkszaal een groepje vormen en de omgang met ouderen mijden. Hoe zou er iets positiefs gedaan kunnen worden om deze tendens te doorbreken? Een eerste stap is natuurlijk dat ouders hun kinderen thuis opleiden en voorbereiden op de vergaderingen (Spreuken 22:6). Ze kunnen als taak krijgen de diverse publicaties klaar te leggen zodat iedereen al het nodige bij zich zal hebben. Ouders zijn ook het beste in staat hun kinderen aan te moedigen een praatje te maken met ouderen en gebrekkigen in de Koninkrijkszaal. Iets aardigs tegen zulke personen te zeggen, kan kinderen een gevoel van voldoening geven.

16, 17. Hoe kunnen volwassenen naar het goede zoeken in jongeren in de gemeente?

16 Oudere broeders en zusters dienen belangstelling voor de jongeren in de gemeente te tonen (Filippenzen 2:4). Ze kunnen het initiatief nemen om aanmoedigend met jongeren te spreken. Gewoonlijk worden er tijdens de vergadering enkele bijzondere punten naar voren gebracht. Er kan aan jongeren worden gevraagd of ze de vergadering fijn vonden en of er punten waren die ze speciaal waardeerden en die toegepast zouden kunnen worden. Jongeren zijn een integrerend deel van de gemeente en dienen erkenning te krijgen voor hun aandacht en geprezen te worden voor hun commentaren tijdens de vergadering of voor hun aandeel aan het programma. De manier waarop jongeren met de ouderen in de gemeente omgaan en de manier waarop ze thuis eenvoudige karweitjes verrichten, zal te kennen geven dat ze zich later in hun leven waarschijnlijk goed van grotere verantwoordelijkheden kunnen kwijten. — Lukas 16:10.

17 Door verantwoordelijkheid te aanvaarden, maken sommige jongeren zodanige vorderingen dat hun geestelijke kwaliteiten hen in staat stellen belangrijkere toewijzingen te krijgen. Iets te doen hebben, kan er ook toe bijdragen dwaas gedrag te beteugelen (2 Timotheüs 2:22). Zulke toewijzingen kunnen een hulp zijn om broeders die ernaar streven dienst te doen als dienaar in de bediening, ’op hun geschiktheid te beproeven’ (1 Timotheüs 3:10). Hun bereidwillige deelname aan de vergaderingen en hun ijver in de bediening — alsook hun zorgzame houding tegenover allen in de gemeente — stellen de ouderlingen in staat hun capaciteiten te ontdekken wanneer ze hen voor extra toewijzingen beschouwen.

Naar het goede zoeken in allen

18. Welke valkuil dient vermeden te worden bij het rechtspreken, en waarom?

18 „Het betonen van partijdigheid in het gericht is niet goed”, staat in Spreuken 24:23. Hemelse wijsheid gebiedt dat ouderlingen partijdigheid vermijden wanneer ze kwesties in de gemeente beoordelen. Jakobus zei: „De wijsheid van boven is allereerst zuiver, vervolgens vredelievend, redelijk, bereid tot gehoorzamen, vol van barmhartigheid en goede vruchten, geen partijdig onderscheid makend, niet huichelachtig” (Jakobus 3:17). Uiteraard moeten ouderlingen terwijl ze naar het goede in anderen zoeken, ervoor zorgen dat hun oordeel niet vertroebeld wordt door persoonlijke relaties of emoties. „God stelt zich in de vergadering van de Goddelijke”, schreef de psalmist Asaf. „Te midden van de goden [„goddelijken”, vtn., doelend op menselijke rechters] spreekt hij recht: ’Hoe lang zult gij onrechtvaardig blijven rechtspreken en de goddelozen partijdigheid blijven betonen?’” (Psalm 82:1, 2) Bijgevolg vermijden ouderlingen elke neiging tot begunstiging als het om kwesties gaat waarbij een vriend of bloedverwant betrokken is. Op die manier bewaren ze de eenheid van de gemeente en kan Jehovah’s geest ongehinderd toestromen. — 1 Thessalonicenzen 5:23.

19. Op welke manieren kunnen we naar het goede in anderen zoeken?

19 Wanneer we naar het goede zoeken in onze broeders en zusters, weerspiegelen we Paulus’ houding toen hij zich tot de gemeente Thessalonika richtte. Hij zei: „Bovendien hebben wij vertrouwen in de Heer met betrekking tot u, dat gij doet en zult blijven doen wat wij bevelen” (2 Thessalonicenzen 3:4). We zullen meer geneigd zijn de fouten van anderen door de vingers te zien als we naar het goede in hen zoeken. We zullen terreinen proberen te vinden waarop we onze broeders kunnen prijzen en zullen beslist een kritische geest vermijden. Paulus schreef: „Wat . . . van beheerders wordt verwacht is, dat elkeen getrouw wordt bevonden” (1 Korinthiërs 4:2). De getrouwheid niet alleen van degenen aan wie het beheer over de gemeente is toevertrouwd, maar van al onze broeders en zusters maakt hen bemind bij ons. We voelen ons daardoor meer tot hen aangetrokken en de banden van christelijke vriendschap worden versterkt. We krijgen de kijk die Paulus op broeders in zijn tijd had. Ze zijn „medewerkers voor het koninkrijk Gods” en „een versterkende hulp” voor ons (Kolossenzen 4:11). We weerspiegelen aldus Jehovah’s houding.

20. Welke zegeningen zullen degenen ontvangen die naar het goede in alle mensen zoeken?

20 Stellig stemmen we in met Nehemia’s gebed: „Gedenk mij toch, o mijn God, ten goede” (Nehemia 13:31). Wat zijn we blij dat Jehovah naar het goede in mensen zoekt! (1 Koningen 14:13) Mogen we in onze omgang met anderen hetzelfde doen. Dit biedt ons het vooruitzicht op redding en eeuwig leven in de nieuwe wereld die nu zo nabij is. — Psalm 130:3-8.

Wat zouden we antwoorden?

• Op basis waarvan toont Jehovah goedheid tegenover alle mensen?

• Hoe kunnen we naar het goede in anderen zoeken

• in onze bediening?

• in ons gezin?

• in onze gemeente?

• in al onze betrekkingen?

[Illustratie op blz. 18]

Hoewel zijn broeders hem vroeger haatten, zocht Jozef naar het goede in hen

[Illustratie op blz. 19]

Tegenstand weerhoudt ons er niet van te proberen iedereen te helpen

[Illustratie op blz. 20]

Ondanks hun verleden werd geen van Jakobs zonen van zijn zegen buitengesloten

[Illustratie op blz. 21]

Verwelkom allen op christelijke vergaderingen

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen