Het gezin — Een noodgeval!
„EN ZIJ leefden nog lang en gelukkig.” Die woorden waarmee sprookjes meestal eindigen, zijn tegenwoordig op steeds minder huwelijken van toepassing. De huwelijksgelofte om elkaar ’in voor- en tegenspoed zolang beiden leven’ lief te hebben, is maar al te vaak louter retorisch. De mogelijkheid een gelukkig gezin te hebben, schijnt een gokspel met weinig kansen te zijn.
Tussen 1960 en 1990 zijn de echtscheidingscijfers in de meeste westerse geïndustrialiseerde landen meer dan verdubbeld. In sommige landen zijn ze verviervoudigd. In Zweden bijvoorbeeld worden elk jaar zo’n 35.000 huwelijken gesloten, en ongeveer de helft daarvan zal stuklopen, wat van invloed zal zijn op meer dan 45.000 kinderen. Paren die ongehuwd samenwonen, gaan nog vaker uit elkaar, en hierbij zijn nog eens tienduizenden kinderen betrokken. Een zelfde trend ontwikkelt zich in landen over de hele wereld, zoals uit het kader op bladzijde 5 blijkt.
Zeker, uiteengevallen gezinnen en stukgelopen huwelijken zijn niet nieuw in de geschiedenis. De Codex Hammurabi uit de achttiende eeuw v.G.T. bevatte wetten die echtscheiding mogelijk maakten in Babylonië. Zelfs de Mozaïsche wet, ingesteld in de zestiende eeuw v.G.T., stond echtscheiding toe in Israël (Deuteronomium 24:1). Nooit zijn de gezinsbanden echter zwakker geweest dan in deze twintigste eeuw. Ruim tien jaar geleden schreef een krantecolumnist: „Over vijftig jaar hebben wij misschien zelfs helemaal geen gezinnen meer in de traditionele betekenis. Misschien zijn ze dan vervangen door verschillende soorten leefgemeenschappen.” En de ontwikkelingen sindsdien schijnen dit idee te bevestigen. Het gezin als instituut is zo snel achteruitgegaan dat de vraag „Zal het blijven bestaan?” steeds relevanter wordt.
Waarom is het voor zo veel paren zo moeilijk bij elkaar te blijven en een verenigd gezin te behouden? Wat is het geheim van degenen die al heel lang bij elkaar zijn en vol vreugde hun zilveren of gouden huwelijksfeest vieren? Tussen twee haakjes, in 1983 werd bericht dat een man en een vrouw in de voormalige sovjetrepubliek Azerbajdzjan hun honderdjarige huwelijksfeest vierden — op de leeftijd van respectievelijk 126 en 116 jaar.
Wat is de bedreiging?
In veel landen zijn enkele gronden voor een wettelijke echtscheiding overspel, geestelijke of lichamelijke wreedheid, verlating, alcoholisme, impotentie, krankzinnigheid, bigamie en drugsverslaving. Een meer algemene oorzaak is echter dat de fundamentele houding tegenover het huwelijk en het traditionele gezinsleven drastisch veranderd is, vooral de afgelopen decennia. Het respect voor een lang als heilig beschouwd instituut is afgenomen. Hebzuchtige producenten van muziek, films, tv-soap-series en populaire lectuur hebben zogenaamde seksuele vrijheid, immoraliteit, losbandig gedrag en een egocentrische leefstijl opgehemeld. Zij hebben een cultuur bevorderd die de geest en het hart van zowel jong als oud heeft bezoedeld.
Uit een in 1996 gehouden enquête bleek dat 22 procent van de Amerikanen zegt dat een buitenechtelijke affaire soms goed kan zijn voor een huwelijk. Een speciale editie van een van Zwedens grootste kranten, Aftonbladet, raadde vrouwen dringend aan te scheiden, want „het kan er alleen maar beter op worden”. Enkele populaire psychologen en antropologen hebben zelfs het idee geopperd dat de mens door evolutie „geprogrammeerd” is om elke paar jaar van partner te wisselen. Met andere woorden, zij suggereren dat buitenechtelijke affaires en echtscheidingen natuurlijk zijn. Sommigen beweren zelfs dat een scheiding van de ouders goed kan zijn voor de kinderen, omdat het hen erop voorbereidt eens tegen hun eigen scheiding opgewassen te zijn!
Veel jongeren wensen geen traditioneel gezinsleven met vader, moeder en kinderen meer te leiden. „Ik kan me niet voorstellen dat ik mijn hele leven met dezelfde partner zal leven”, is een populaire zienswijze. „Het huwelijk is net als Kerstmis, alleen maar een sprookje. Ik geloof er gewoon niet in”, zei een achttienjarige Deense knaap. „De gedachte is: Waarom zou je met [een man] gaan samenleven om zijn sokken te wassen”, verklaarde Noreen Byrne van de Nationale Vrouwenraad in Ierland. „Ga gewoon je gang en amuseer je met hen . . . Veel vrouwen komen tot de beslissing dat zij geen mannen nodig hebben om te overleven.”
Eenoudergezinnen nemen toe
In heel Europa heeft deze houding tot een snelle stijging van het aantal alleenstaande moeders geleid. Sommigen van deze alleenstaande ouders zijn tieners die vinden dat een niet-geplande zwangerschap geen vergissing is. Enkelen zijn vrouwen die hun kind alleen willen opvoeden. De meesten zijn moeders die een tijdlang met de vader samenwonen zonder ook maar plannen te hebben om met hem te trouwen. Het tijdschrift Newsweek wijdde vorig jaar een omslagartikel aan de vraag: „Het einde van het huwelijk?” Het verklaarde dat het percentage buitenechtelijke levendgeborenen in Europa snel toeneemt en dat niemand zich er druk om schijnt te maken. Zweden, waar de helft van alle baby’s buitenechtelijk is, staat misschien wel boven aan de lijst. In Denemarken en Noorwegen is het bijna de helft en in Frankrijk en Engeland ongeveer een derde.
In de Verenigde Staten is het aantal tweeoudergezinnen de afgelopen paar decennia drastisch afgenomen. Een verslag zegt: „In 1960 . . . woonde 9 procent van alle kinderen in een eenoudergezin. In 1990 was dat aantal gestegen tot 25 procent. Nu wordt 27,1 procent van alle Amerikaanse kinderen in een eenoudergezin geboren, en dat aantal stijgt. . . . Sinds 1970 is het aantal eenoudergezinnen meer dan verdubbeld. Het traditionele gezin wordt in deze tijd zo bedreigd dat het misschien wel op het punt staat uit te sterven, zo zeggen sommige onderzoekers.”
In landen waar de Rooms-Katholieke Kerk veel van haar morele gezag verloren heeft, nemen eenoudergezinnen toe. Minder dan de helft van de Italiaanse huishoudens bestaat uit vader, moeder en kinderen, en het traditionele gezin wordt vervangen door kinderloze paren en eenoudergezinnen.
In sommige landen moedigt het stelsel van sociale voorzieningen de mensen in feite aan niet te trouwen. Alleenstaande moeders met een bijstandsuitkering zouden die verliezen wanneer zij zouden trouwen. Alleenstaande moeders in Denemarken krijgen extra kinderbijslag, en in sommige gemeenschappen krijgen minderjarige moeders extra geld en wordt de huur voor hen betaald. Er is dus geld mee gemoeid. Alf B. Svensson zegt dat in Zweden een echtscheiding de belastingbetalers tussen de 250.000 en 375.000 dollar kost aan uitkeringen, huursubsidie en bijstand.
De kerken van de christenheid schijnen weinig of niets te doen om te trachten deze verwoestende tendens onder gezinnen te keren. Veel voorgangers en geestelijken worstelen met hun eigen gezinscrisis en voelen zich dus niet in staat anderen te helpen. Sommigen schijnen zelfs echtscheiding aan te bevelen. In Aftonbladet van 15 april 1996 stond het bericht dat voorganger Steven Allen uit Bradford (Groot-Brittannië) een speciale echtscheidingsceremonie in het leven had geroepen, die volgens hem in alle Britse kerken een officiële dienst zou moeten worden. „Het is een dienst van genezing, om mensen te helpen het gebeurde te verwerken. Het helpt hen te beseffen dat God nog steeds van hen houdt en hen van de pijn bevrijdt.”
Waar koerst het gezin als instituut dus op af? Is er hoop dat het blijft bestaan? Kunnen individuele gezinnen hun eenheid bewaren onder zo’n enorme bedreiging? Lees alstublieft het volgende artikel.
[Tabel/Illustratie op blz. 5]
AANTAL HUWELIJKEN PER JAAR VERGELEKEN MET AANTAL
ECHTSCHEIDINGEN IN ENKELE LANDEN
LAND JAAR HUWELIJKEN SCHEIDINGEN
Australië 1993 113.255 48.324
Canada 1992 164.573 77.031
Cuba 1992 191.837 63.432
Denemarken 1993 31.507 12.991
Duitsland 1993 442.605 156.425
Estland 1993 7.745 5.757
Frankrijk 1991 280.175 108.086
Japan 1993 792.658 188.297
Malediven 1991 4.065 2.659
Noorwegen 1993 19.464 10.943
Porto Rico 1992 34.222 14.227
Russische Federatie 1993 1.106.723 663.282
Tsjechië 1993 66.033 30.227
Verenigde Staten 1993 2.334.000 1.187.000
Verenigd Koninkrijk 1992 356.013 174.717
Zweden 1993 34.005 21.673
(Gebaseerd op 1994 Demographic Yearbook, Verenigde Naties, New York 1996)