Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w98 1/3 blz. 4-7
  • Waarom vragen zij om vergeving?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Waarom vragen zij om vergeving?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1998
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Oecumene en morele reputatie
  • Niet iedereen is het ermee eens
  • Goddelijk oordeel
  • De kerken doen belijdenis
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1998
  • Een dilemma voor de Katholieke Kerk
    Ontwaakt! 1991
  • Het kenteken van de geest
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1960
  • Pogingen om tot eenheid te komen
    Ontwaakt! 1991
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1998
w98 1/3 blz. 4-7

Waarom vragen zij om vergeving?

HET denkbeeld dat de kerken berouw moeten hebben van hun fouten en zich moeten hervormen is niet nieuw. Religioni e miti (Religies en mythen), een religieus woordenboek, zegt dat de vermeende onkreukbaarheid van de vroege kerk mensen gedurende de middeleeuwen fascineerde en velen ertoe bracht op hervorming aan te dringen.

In 1523, na Maarten Luthers breuk met Rome, deed paus Adrianus VI een poging de scheuring te herstellen door de Rijksdag van Neurenberg de volgende boodschap te sturen: „Wij zijn ons er goed van bewust dat bij de Heilige Stoel vele jaren afschuwelijke dingen gebeurd zijn . . . Wij zullen er met alle ijver naar streven dat eerst de Romeinse Curie, waarvan misschien al dit kwaad is uitgegaan, hervormd worde.” Door deze bekentenis werd echter niet bewerkstelligd dat het schisma werd hersteld en evenmin werd de corruptie in de pauselijke curie tegengegaan.

Meer recent zijn de kerken bekritiseerd om hun stilzwijgen in verband met de Holocaust. Ze zijn er ook van beschuldigd dat ze hun leden niet hebben ontmoedigd aan oorlogen deel te nemen. In 1941, toen de Tweede Wereldoorlog woedde, vroeg een priester die Primo Mazzolari heette: „Waarom heeft Rome niet krachtig gereageerd op het verval van de katholiciteit zoals ze dat vroeger deed, en nog steeds gewoon is te doen, in het geval van minder gevaarlijke doctrines?” Doctrines die minder gevaarlijk zijn dan wat? De priester had het over het tot oorlog ophitsende nationalisme waardoor de beschaving op dat moment werd verscheurd.

Het is echter een feit dat een schuldbekentenis door religies tot voor kort eerder uitzondering dan regel was. In 1832 zei Gregorius XVI in een reactie op sommigen die de Katholieke Kerk dringend verzochten ’zich te hernieuwen’: „Het [is] volkomen in strijd met het gezond verstand en voor de Kerk hoogst beledigend, haar ’een vernieuwing en een verjonging’ op te dringen, als zou deze noodzakelijk zijn, om haar bestaan en groei in stand te houden, alsof men zou kunnen menen, dat zij aan verval . . . onderhevig is.” Wat valt er te zeggen over tekortkomingen die te flagrant waren om te ontkennen? Er werden verschillende strategieën toegepast om ze weg te redeneren. Sommige theologen hebben bijvoorbeeld beweerd dat de kerk zowel heilig als zondig is. Men zegt dat de kerk zelf als instituut heilig is — door God van dwaling gevrijwaard. Toch zijn de leden ervan zondig. Wanneer er dus in naam van de kerk wreedheden worden begaan, dient niet het instituut zelf verantwoordelijk gesteld te worden, maar de afzonderlijke personen binnen de kerk. Klinkt dat logisch? Niet voor de rooms-katholieke theoloog Hans Küng, die schreef: „[Er] bestaat geen ideale kerk die boven de hoofden van de mensen zweeft.” Hij legde uit: „Een kerk die geen confiteor hoeft te bidden, bestaat niet.”

Oecumene en morele reputatie

U vraagt u misschien af welke ontwikkelingen de kerken ertoe hebben gebracht nu om vergeving te vragen. Eerst gaven protestantse en orthodoxe kerken toe verantwoordelijk te zijn voor „vroegere scheuringen” onder verschillende denominaties. Dit deden zij op de oecumenische conferentie voor Geloof en Kerkorde die in 1927 in Lausanne (Zwitserland) werd gehouden. De Rooms-Katholieke Kerk volgde uiteindelijk hun voorbeeld. Vooral sinds Vaticanum IIa hebben hooggeplaatste prelaten, met inbegrip van pausen, steeds vaker om vergeving gevraagd voor afscheidingen binnen de christenheid. Met welk doel? Blijkbaar willen ze meer eenheid binnen de christenheid. De katholieke historicus Nicolino Sarale verklaarde dat er achter „het project van ’mea culpa’s’ [van Johannes Paulus II] een strategie schuilt, en wel oecumene”.

Er is echter meer dan oecumene bij betrokken. Tegenwoordig is het allesbehalve voorbeeldige verleden van de christenheid wijd en zijd bekend. „De katholiek kan dat verleden niet gewoon van zich afschudden”, zegt de theoloog Hans Urs von Balthasar. „Dezelfde Kerk waartoe hij behoort, heeft dingen gedaan, of toegelaten, die wij tegenwoordig beslist niet kunnen goedkeuren.” Daarom heeft de paus een commissie ingesteld om „licht te werpen op de zwarte bladzijden uit de geschiedenis van de kerk zodat . . . er om vergeving gevraagd kan worden”. Nog een reden voor de bereidheid van de kerk tot zelfkritiek schijnt dus het verlangen te zijn haar morele reputatie te herwinnen.

In dezelfde trant schrijft de historicus Alberto Melloni in een commentaar op de verzoeken van de kerk om vergeving: „Waar men in werkelijkheid soms om vraagt, is een ontheffing van aansprakelijkheid.” Ja, het lijkt erop dat de Katholieke Kerk probeert de last van vroegere zonden van zich af te schudden om haar geloofwaardigheid in de ogen van het publiek te herwinnen. In alle eerlijkheid moet echter worden opgemerkt dat ze zich er meer om lijkt te bekommeren vrede te sluiten met de wereld dan met God.

Dat gedrag doet ons denken aan Saul, de eerste koning van Israël (1 Samuël 15:1-12). Hij beging een ernstige fout, en toen dit aan het licht werd gebracht probeerde hij eerst zich te rechtvaardigen — zijn fout weg te redeneren — tegenover Samuël, een getrouwe profeet van God (1 Samuël 15:13-21). Uiteindelijk moest de koning tegenover Samuël toegeven: „Ik heb gezondigd; want ik heb het bevel van Jehovah en uw woorden overtreden” (1 Samuël 15:24, 25). Ja, hij gaf zijn fout toe. Maar zijn volgende woorden tegen Samuël onthullen wat hem vooral bezighield: „Ik heb gezondigd. Eer mij nu alstublieft in het bijzijn van de oudere mannen van mijn volk en in het bijzijn van Israël” (1 Samuël 15:30). Saul bekommerde zich blijkbaar meer om zijn reputatie in Israël dan om een verzoening met God. Deze houding leidde er niet toe dat Saul vergiffenis van God ontving. Denkt u dat een soortgelijke houding ertoe zal leiden dat God de kerken vergeeft?

Niet iedereen is het ermee eens

Niet iedereen is het ermee eens dat de kerken in het openbaar om vergeving moeten vragen. Een aantal rooms-katholieken bijvoorbeeld krijgt een onbehaaglijk gevoel wanneer hun paus vergeving vraagt voor slavernij, of „ketters” zoals Hus en Calvijn rehabiliteert. Volgens Vaticaanse zegslieden werd het document dat naar de kardinalen werd gestuurd en waarin het voorstel werd gedaan een „gewetensonderzoek” te doen naar de geschiedenis van de afgelopen duizend jaar katholicisme, bekritiseerd door kardinalen die een in juni 1994 gehouden consistorie bijwoonden. Toen de paus de essentie van dat voorstel toch in een encycliek wilde opnemen, deed de Italiaanse kardinaal Giacomo Biffi een pastorale brief uitgaan waarin hij verzekerde: „De Kerk is zonder zonde.” Niettemin erkende hij: „Vergeving vragen voor kerkelijke dwalingen in de afgelopen eeuwen . . . is wellicht een manier om minder onaangenaam over te komen.”

„Het belijden van zonden is een van de meest controversiële onderwerpen binnen de Katholieke Kerk”, zegt commentator Luigi Accattoli. „Als de paus de fouten van de missionarissen erkent, zijn er missionarissen die dat in alle oprechtheid betreuren.” Verder schreef een rooms-katholieke journalist: „Als de paus de geschiedenis van de Kerk werkelijk zo verschrikkelijk vindt, is het moeilijk te begrijpen hoe hij nu deze zelfde kerk kan voorstellen als de voorvechtster van de ’mensenrechten’, de ’moeder en onderwijzeres’ die als enige de mensheid naar een waarlijk stralend derde millennium kan leiden.”

De bijbel waarschuwt voor een uiterlijke schijn van berouw waaraan geen ander motief ten grondslag ligt dan de schaamte betrapt te zijn. Zulk soort berouw leidt er zelden toe dat degene die berouw heeft blijvende veranderingen aanbrengt. (Vergelijk 2 Korinthiërs 7:8-11.) Berouw dat in Gods ogen waarde heeft, gaat vergezeld van ’vruchten die bij berouw passen’ — dat wil zeggen, bewijzen van de oprechtheid van het berouw. — Lukas 3:8.

De bijbel zegt dat iemand die berouw heeft en zijn zonden belijdt, de verkeerde daden moet laten, ermee moet ophouden (Spreuken 28:13). Is dit gebeurd? Wat is er, na al de keren dat de Rooms-Katholieke Kerk en andere kerken hun fouten hebben beleden, in recente burgeroorlogen in Centraal-Afrika en Oost-Europa gebeurd, waarbij grote „christelijke” bevolkingsgroepen betrokken waren? Traden de kerken op als een kracht die vrede bevordert? Spraken al hun leiders zich eensgezind uit tegen de wreedheden die hun leden begingen? Nee. Sommige religieuze bedienaren namen zelfs deel aan de slachtpartijen!

Goddelijk oordeel

Naar aanleiding van de herhaalde ’mea culpa’s’ van de paus vroeg kardinaal Biffi spottend: „Zou het in verband met vroegere zonden niet beter zijn dat wij allen op het universele oordeel wachten?” Welnu, het oordeel van de hele mensheid is ophanden. Jehovah God kent alle zwarte bladzijden in de geschiedenis van religie heel goed. Binnenkort zal hij de schuldigen ter verantwoording roepen (Openbaring 18:4-8). Is het ondertussen mogelijk een vorm van aanbidding te vinden die niet bezoedeld is door de bloedschuld, de moordzuchtige onverdraagzaamheid en de andere misdaden waarvoor de kerken van de christenheid hun verontschuldigingen aanbieden? Ja.

Hoe kunnen wij dat doen? Door de regel toe te passen die Jezus Christus vaststelde: „Aan hun vruchten zult gij hen herkennen.” Het door de geschiedenis onthulde bericht, dat sommige religies graag vergeten zouden zien, helpt ons niet alleen degenen te identificeren die Jezus „valse profeten” noemde maar ook degenen die „voortreffelijke vruchten” hebben voortgebracht (Mattheüs 7:15-20). Wie zijn dat? Wij nodigen u uit daar zelf achter te komen door met Jehovah’s Getuigen de bijbel te onderzoeken. Ontdek wie in deze tijd werkelijk proberen Gods Woord te volgen in plaats van ernaar te streven een invloedrijke positie in de wereld te handhaven. — Handelingen 17:11.

[Voetnoot]

a Het 21ste oecumenische concilie dat van 1962 tot 1965 in Rome in vier zittingsperiodes bijeenkwam.

[Illustratie op blz. 5]

De kerken bieden hun verontschuldigingen aan voor wreedheden als deze

[Verantwoording]

The Complete Encyclopedia of Illustration/J. G. Heck

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen