Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w95 15/6 blz. 24-27
  • Een berg beklimmen die hoger is dan de Himalaja

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een berg beklimmen die hoger is dan de Himalaja
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1995
  • Onderkopjes
  • Nepal — het bergkoninkrijk
  • Een klein begin
  • Expansie ondanks moeilijkheden
  • Het Nepal van nu
  • Klim hoger dan de Himalaja
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1995
w95 15/6 blz. 24-27

Een berg beklimmen die hoger is dan de Himalaja

DE HIMALAJA! Wat komt u voor de geest bij deze woorden? Ontzagwekkende, besneeuwde bergtoppen en stormachtige winden? Het opwindende, zegevierende gevoel om boven op de hoogste berg op aarde te staan? Voor de meesten van ons zou het onmogelijk zijn de Mount Everest in het Himalajagebergte in Nepal te beklimmen. Toch bestijgen in deze tijd veel mensen in Nepal een berg die hoger is dan de Himalaja! Laten wij, voordat wij deze tocht naar de verheven berg nader gaan onderzoeken, eens een kijkje nemen in het kleine maar schitterende koninkrijk Nepal.

Nepal — het bergkoninkrijk

Het opmerkelijke van het koninkrijk Nepal is dat het een van de weinige overgebleven monarchieën in de wereld is en ook dat het niet een wereldlijk maar een religieus koninkrijk is. Nepal is het enige hindoekoninkrijk in de wereld. Het merendeel van de twintig miljoen inwoners is hindoe. Er bestaat echter een grote verscheidenheid in de etnische oorsprong van de bevolking. Degenen die in het noordelijke bergachtige gebied wonen, zijn voornamelijk van Tibetaans-Birmese afkomst, terwijl de mensen op de zuidelijke vlakten voornamelijk een Indo-Arische achtergrond hebben. Het Nepali is de officiële taal van het land en de moedertaal van ongeveer zestig procent van de bevolking. De overige etnische groepen spreken meer dan achttien talen.

Nepal heeft een enigszins rechthoekige vorm, 880 kilometer van oost naar west en 200 kilometer van noord naar zuid. Tot het ontzag inboezemende Himalajagebergte, dat de noordelijke grens vormt, behoren de Mount Everest, de hoogste top ter wereld met zijn 8848 meter, en acht andere pieken die boven de 8000 meter komen. In Midden-Nepal bevinden zich de lagere bergen en de meren en valleien. Verder naar het zuiden, grenzend aan India, ligt de vruchtbare Terai, het belangrijkste landbouwgebied.

Kathmandu, de hoofdstad, die in het centrum van het land ligt, is echt een paradijs voor toeristen. De stad biedt rondvluchten boven de majestueuze bergen, tochten naar wildreservaten en volop plaatselijke bezienswaardigheden. Nepal wordt soms de vallei der goden genoemd omdat religie een grote rol speelt in het leven van de bevolking. Religie is ook de reden waarom miljoenen over de hele wereld naar de „berg” trekken die hoger is dan de Himalaja.

Ongeveer 2700 jaar geleden werd de Hebreeuwse profeet Jesaja ertoe geïnspireerd te voorzeggen dat „in het laatst der dagen . . . de berg van het huis van Jehovah stevig bevestigd zal worden boven de top der bergen . . . Vele volken zullen stellig heengaan en zeggen: ’Komt, en laten wij opgaan naar de berg van Jehovah . . . Hij zal ons onderrichten omtrent zijn wegen, en wij willen zijn paden bewandelen’” (Jesaja 2:2, 3). Hier wordt de verheven zuivere aanbidding van Jehovah, de Schepper en Soevereine Heerser van het universum, vergeleken met een berg die hoog boven alle andere met bergen te vergelijken vormen van aanbidding verheven is. Ze vormt het onderwerp van een wereldomvattend onderwijzingswerk waardoor naar waarheid hongerende mensen worden geholpen over Jehovah’s wegen te vernemen. Hoe is dit werk in Nepal begonnen?

Een klein begin

Een soldaat in het Britse leger in de Tweede Wereldoorlog was op zoek naar de ware religie. Zijn Nepalese hindoe-ouders hadden zich tot het katholicisme bekeerd. Toen hij ouder werd, zag hij de dwaasheid van afgoderij in, verwierp leerstellingen zoals die van het hellevuur en begon de geloofsovertuigingen van de protestantse kerken te onderzoeken. Maar hij was niet tevreden.

Gevangengenomen door de Japanners in het toenmalige Rangoon (Birma) bad deze soldaat of hij de barre omstandigheden van het werkkamp mocht overleven om zijn speurtocht naar de ware aanbidding voort te zetten. Later slaagde hij erin aan zijn bewakers te ontsnappen en werd hij geholpen door een schoolonderwijzer in wiens huis hij de brochure Waar zijn de Dooden? vond, geschreven door J. F. Rutherford. Hij herkende de klank der waarheid en stemde gretig toe in een studie toen hij in 1947 in Rangoon werd bezocht door Jehovah’s Getuigen. Binnen een paar maanden werd hij gedoopt, kort daarop gevolgd door zijn jonge vrouw. Zij besloten naar India terug te gaan en zich in hun geboorteplaats Kalimpong, in de noordoostelijk gelegen bergen, te vestigen. Hier werden hun twee kinderen geboren en grootgebracht. In maart 1970 verhuisden zij naar Kathmandu.

In de grondwet van Nepal was proselitisme verboden. Iedereen die erop betrapt werd dat hij een zogenoemde buitenlandse religie propageerde, kon zeven jaar gevangenisstraf krijgen en iemand die zich bij zo’n religie aansloot, drie jaar en een zware boete. Men moest dus omzichtig te werk gaan bij het getuigenisgeven. De van-huis-tot-huisbediening hield in dat men bij een huis aanklopte, vervolgens naar een ander gebied ging en daar een huis bezocht. Het is begrijpelijk dat informeel getuigenis een grote rol speelde in het verbreiden van het goede nieuws.

Er werden niet snel resultaten geboekt. Met een bevolking van ongeveer tien miljoen leek het veld ontmoedigend. Er werden waarheidszaadjes gezaaid terwijl dit ene gezin tot vrienden, kennissen, werkgevers en collega’s predikte. Zij hielden geregeld vergaderingen in hun huis en nodigden geïnteresseerden uit om zich bij hen te voegen. Uiteindelijk, in maart 1974, na vier jaar aanhoudend planten en begieten, kwam de eersteling van de oogst in Nepal — en die kwam uit een onverwachte hoek!

De verkondiger sprak aan een deur met een welvarende man die secretaris was van een lid van de koninklijke familie. „U moet eens met mijn zoon praten”, zei de man. De zoon stemde in met een bijbelstudie. Na verloop van tijd veranderde hij van baan omdat hij in een casino werkte. Zijn vader, een vrome hindoe, bood hem tegenstand. Toch nam deze jonge man zijn standpunt voor Jehovah in. Het resultaat? Zijn vader bood hem later geen tegenstand meer, en een aantal naaste familieleden aanvaardde de bijbelse waarheid. Hij dient nu als ouderling in de christelijke gemeente.

Om geestelijk sterk te blijven en gehoor te geven aan het schriftuurlijke gebod om het onderling vergaderen niet na te laten, hield de kleine groep in Kathmandu geregeld vergaderingen in een particuliere woning. Maar over het algemeen misten de broeders en zusters de grote vergaderingen. Degenen die het zich konden veroorloven, reisden naar India voor de grote vergaderingen — een lange en dure reis over de bergketens.

Wat was het een vreugdevolle gelegenheid toen in het huis waar zij de vergaderingen hielden, het hele programma van het districtscongres werd gepresenteerd! Stelt u zich eens voor: vier broeders, onder wie een lid van het Indiase bijkantoor, behandelden het hele programma! Zelfs het bijbelse drama werd opgevoerd. Hoe? Er waren op de generale repetitie in India dia’s gemaakt. In Nepal werden deze dia’s op een scherm geprojecteerd en begeleid door een op de band opgenomen dialoog. De toehoorders vonden het prachtig. Hoeveel waren er aanwezig? Achttien personen!

Hulp vanuit het buitenland bij het predikingswerk was beperkt. Zendingswerk was uitgesloten, en het was voor buitenlanders niet gemakkelijk om werelds werk te vinden. Twee Indiase Getuigen vonden echter op verschillende tijden wel een baan in Nepal en brachten verscheidene jaren in Kathmandu door om de pas opgerichte gemeente te helpen versterken. Tegen 1976 waren er in Kathmandu zeventien Koninkrijksverkondigers. In 1985 bouwden de broeders en zusters hun eigen Koninkrijkszaal. Toen de zaal klaar was, werd er een begin mee gemaakt om daar geregeld de jaarlijkse districtscongressen, alsook andere grote vergaderingen te houden. De zaal was werkelijk het centrum van zuivere aanbidding in dat afgelegen, bergachtige gebied.

Expansie ondanks moeilijkheden

In die vroege jaren had het predikingswerk, dat met grote omzichtigheid werd verricht, nog niet veel aandacht van de autoriteiten getrokken. Tegen eind 1984 ging men echter beperkingen opleggen. Een broeder en drie zusters werden gearresteerd en vier dagen gevangen gehouden voordat zij werden vrijgelaten, met de waarschuwing dat zij hun activiteiten niet mochten voortzetten. In één dorp werden negen personen gearresteerd terwijl zij thuis bijbelstudie kregen. Zes werden er 43 dagen gevangen gehouden. Er vonden verscheidene andere arrestaties plaats, maar er werden geen juridische stappen ondernomen.

Zelfs in 1989 nog werden alle broeders en zusters op een gemeenteboekstudie gearresteerd, drie dagen vastgehouden en vrijgelaten. Soms werd hun gevraagd een verklaring te ondertekenen waarin stond dat zij niet zouden prediken. Dat weigerden zij. Sommigen werden pas vrijgelaten nadat zij een verklaring hadden ondertekend dat zij bereid zouden zijn de gevolgen te aanvaarden wanneer zij er weer op betrapt werden te prediken.

Ondanks deze moeilijkheden bleven de broeders en zusters het goede nieuws van het Koninkrijk ijverig prediken. In 1985 bijvoorbeeld, het jaar nadat de bemoeienis van de regering was begonnen, was er een toename van 21 procent in het aantal predikers. De 35 verkondigers besteedden gemiddeld 20 uur per maand aan het spreken tot anderen over de zuivere aanbidding.

Naarmate de tijd verstreek begonnen in Nepal de winden van politieke verandering te waaien. Regeringsfunctionarissen gingen beseffen dat Jehovah’s Getuigen geen bedreiging vormden. Hun bijbelse onderwijzingswerk had zelfs een voortreffelijke, opbouwende uitwerking op de mensen en maakte hen tot betere burgers. Gezagdragers zagen dat er nadruk werd gelegd op eerlijkheid, hard werken en rechtschapen moreel gedrag als basisvereisten voor aanbidders van Jehovah.

Er werd een voortreffelijk getuigenis gegeven toen een vrouw die vroeger een vrome hindoe was, een Getuige werd en bloedtransfusie weigerde. De artsen stonden versteld van haar resolute, goed gefundeerde standpunt. Deze vrouw was door middel van de brochure Geniet voor eeuwig van het leven op aarde! geholpen de waarheid te leren kennen. Ondanks tegenstand en spot van de zijde van haar familie werd zij in 1990 gedoopt, toen zij tegen de zeventig liep. Later brak zij haar been en moest zij, omdat er complicaties bij kwamen, een zware operatie ondergaan. Twee weken lang bood zij weerstand aan de druk van artsen en familieleden om bloed te nemen. Uiteindelijk opereerde het chirurgisch team met succes zonder bloed. Hoewel zij nu beperkt is in haar bewegingsvrijheid, zit deze getrouwe zuster elke ochtend voor haar deur en nodigt voorbijgangers uit bij haar te komen zitten om schitterend goed nieuws te horen.

Het Nepal van nu

Hoe is de situatie nu in Nepal? Jehovah’s Getuigen genieten een behoorlijke mate van vrijheid om Jehovah, net als hun broeders en zusters wereldwijd, te aanbidden. Vanaf de tijd dat een of twee figuurlijke bergbeklimmers zich begonnen aan te sluiten bij degenen die de berg van ware aanbidding bestijgen, heeft een toenemend aantal mensen gezegd: ’Komt, laten wij opgaan naar de berg van Jehovah.’ In 1989 namen elke maand gemiddeld 43 personen deel aan het predikingswerk, en 204 personen woonden dat jaar de Gedachtenisviering van Christus’ dood bij.

Toen begon Jehovah, zoals hij had beloofd, de bijeenvergadering van waarheidszoekers die naar zijn huis opgaan, te bespoedigen (Jesaja 60:22). Nog niet zo lang geleden werd in Kathmandu een tweede gemeente opgericht, en er zijn nu twee geïsoleerde groepen buiten de hoofdstad. In april 1994 waren er 153 christenen die predikingsactiviteit rapporteerden — een toename van 350 procent in minder dan vijf jaar! Zij leidden 386 huisbijbelstudies met geïnteresseerden. Op de Gedachtenisviering in 1994 was er een indrukwekkend aantal aanwezigen van 580. Voor een speciale dagvergadering kwamen er 635 personen in de zaal bijeen, en 20 boden zich voor de doop aan. De grote toename waarin Jehovah’s Getuigen zich wereldwijd verheugen, vindt nu dus ook in het kleine Nepal plaats.

In de afgelopen jaren is de hoeveelheid lectuur die in het Nepali wordt vervaardigd, enorm toegenomen en daardoor zijn nederige mensen geholpen de waarheid stevig vast te grijpen. Vertalers die op het Indiase bijkantoor zijn opgeleid in vertaaltechnieken en in het gebruik van computers, dienen nu op volle-tijdbasis in Kathmandu. Toegerust voor expansie zijn de theocratische bergbeklimmers van Nepal in opmars!

Klim hoger dan de Himalaja

Ook u kunt u verheugen in het beklimmen van de berg die hoger is dan de Himalaja. Als u dat doet, zult u niet alleen in gezelschap zijn van mensen uit Nepal maar van miljoenen „uit alle natiën en stammen en volken en talen” (Openbaring 7:9). Samen met hen zult u de vreugde ervaren door de Schepper van majestueuze bergen zoals die in Nepal te worden onderricht. U zult er getuige van zijn hoe de Schepper ’de zaken rechtzet’ en u zult ernaar kunnen uitzien voor eeuwig op een gereinigde en verfraaide aarde te leven. — Jesaja 2:4.

[Kaart op blz. 24]

(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)

Kathmandu

Mount Everest

[Illustratie op blz. 25]

Buiten de Koninkrijkszaal in Kathmandu

[Illustratie op blz. 26]

Veel Nepalezen trekken profijt van bijbelstudie

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen