„Laten we wat meer lezen voordat we spotten”
DAT zei iemand uit Nieuw-Zeeland over De Wachttoren, het tijdschrift dat u leest. Nadat hij een artikel had gelezen over Gods hemelse wagen die in Ezechiël hoofdstuk 1 wordt beschreven, schreef hij:
„Elk van deze vier levende schepselen of cherubs had vier vleugels en vier gezichten. Zij hadden een leeuwegezicht, een symbool van Jehovah’s gerechtigheid; een stieregezicht, Jehovah’s macht voorstellend; een arendsgezicht, dat op Jehovah’s wijsheid duidt; en een mensengezicht, een afbeelding van Jehovah’s liefde.
Nadat ik dit keer op keer gelezen had, kreeg ik een warm gevoel van binnen. Mijn ogen vulden zich met tranen van vreugde. Het eerste wat bij mij opkwam, was: ’Wat moet u schitterend en aangenaam zijn, Jehovah!’ Ik sta behoorlijk verbaasd over mezelf wegens deze nieuwe gevoelens voor deze Jehovah God die ik — werelds als ik ben — vele jaren heb bespot. Ik zeg ’dank je wel’ tegen Jehovah’s Getuigen, en tot de velen die zijn zoals ik, zeg ik: ’Laten we wat meer lezen voordat we spotten.’”