„Dit huis is van u”
„DIT huis is van u — wij hebben het vergroot.” Hoe passend vertolkten deze woorden de gevoelens van degenen die twee jaar hard hadden gewerkt aan het bijkantoor van het Wachttorengenootschap in Australië! De woorden waren gericht tot Jehovah God, en ze maakten deel uit van een lied dat voor een speciale gelegenheid was gecomponeerd. Welke gelegenheid? De inwijding van de nieuwe uitbreiding van het Bethelhuis en de drukkerij.
Al zo snel uitbreiding?
Het is verrassend dat nog geen zeven jaar voordien een soortgelijke inwijding had plaatsgevonden voor het toen pasgebouwde Bethelcomplex in Ingleburn, in een zuidwestelijke buitenwijk van Sydney. Waarom was er zo snel een verdere uitbreiding noodzakelijk?
Allereerst is het aantal Getuigen in Australië gegroeid van nog geen 32.000 in 1981 tot een hoogtepunt van 51.152 in oktober 1989, hetgeen een toename in het Bethelpersoneel noodzakelijk heeft gemaakt. Bovendien is de hoeveelheid lectuur die Australië naar andere bijkantoren verzendt, opzienbarend toegenomen. Op het ogenblik vervaardigt het bijkantoor in Australië publikaties in 37 verschillende talen om in de behoeften te voorzien van Fiji, Indonesië, Papua New Guinea, Nieuw-Caledonië, Nieuw-Zeeland, de Solomon Islands, Tahiti, Vanuatu, Niue, West-Samoa, Tonga, Tuvalu, Wallis & Futuna, alsook Australië. Daarom is de Bethelfamilie snel uitgegroeid tot 164 leden.
Om deze groeiende familie onder te brengen, werd er begin 1987 een nieuwe, drie verdiepingen hoge uitbreiding van het kantoorgedeelte voltooid, waardoor in zeer noodzakelijke extra kantoorruimte werd voorzien. Vervolgens gaf het Besturende Lichaam toestemming voor de bouw van een drie verdiepingen hoge uitbreiding van de drukkerij en een vijf verdiepingen hoge uitbreiding van het woongedeelte. In januari 1988 begon het werk aan de nieuwe uitbreiding van de drukkerij, waardoor er nog eens 3600 vierkante meter vloeroppervlak bij kwam. Enkele maanden later begon het werk aan de uitbreiding van het woongedeelte, waardoor er 51 slaapkamers bij kwamen.
Offers en edelmoedig geven
Aan alle gemeenten in het land werden uitnodigingen gestuurd waarin om vrijwilligers werd gevraagd die voor maximaal twee jaar deel konden uitmaken van een „bouwfamilie”. De reactie was overweldigend en vrijwilligers met allerlei vakbekwaamheden reageerden spontaan. Er kwamen meer dan 700 aanvraagformulieren binnen, en tijdens de bouwperiode hebben in totaal 270 vrijwilligers gedurende periodes variërend van twee weken tot bijna twee jaar aan het project gewerkt.
Eén Getuige had een grondverzetbedrijf in de noordelijke staat Queensland. Hij verkocht een deel van zijn bedrijf en maakte samen met zijn vrouw van het begin af deel uit van de bouwfamilie. Hij kocht een grote graafmachine met rupsbanden en heeft het grootste deel van het noodzakelijke graafwerk gratis voor het Genootschap verricht. Toen het grondwerk grotendeels was voltooid, verkocht hij de machine en bleef nog om andere bouwwerkzaamheden te verrichten. Dit is slechts één voorbeeld van de geweldige, onzelfzuchtige geest die tijdens het hele project door allen aan de dag werd gelegd.
Getuigen schonken het gebruik van verrijdbare betonpompen om de 3300 kubieke meter beton te storten die nodig was voor de acht vloeren in de twee gebouwen. Anderen schonken het materiaal voor drie mengwatertanks van 22.000 liter ten behoeve van het maken van beton, en Getuigen in de werkplaats van het Genootschap schonken hun arbeid om de tanks te vervaardigen.
Natuurlijk waren niet alle vrijwilligers bekwame vaklieden. In feite hebben veel jonge mannen ter plaatse nieuwe vaardigheden geleerd. Verscheidenen van hen werden volleerde metselaars toen zij meehielpen de half miljoen bakstenen te leggen die voor het project nodig waren. Anderen leerden hoe zij wanden en vloeren moesten betegelen, en een zuster werd in slechts enkele weken heel bekwaam in het behangen.
De inwijdingsdag
De inwijdingsdag, zaterdag 25 november 1989, brak helder en zonnig aan — het was een schitterende, late voorjaarsdag. De tweede verdieping van de nieuwe uitbreiding van de drukkerij was ontruimd om de hoofdzaal voor het inwijdingsprogramma te vormen. Een gesloten televisiecircuit verbond delen van de andere twee drukkerijverdiepingen en de verzendafdeling, alsook de Koninkrijkszaal en de eetzaal van het Bethelhuis met elkaar. Aldus kon er binnenshuis aan meer dan 3000 personen een geriefelijke zitplaats worden geboden.
Omdat de ruimte beperkt was, werden alleen degenen uitgenodigd die zo’n veertig jaar gedoopt waren, te zamen met persoonlijke gasten van de Bethel- en de bouwfamilie. ’s Ochtends waren er verfrissingen verkrijgbaar en ’s middags was er voor een smakelijk lunchpakket gezorgd. Om 9.00 uur v.m. werd de jaarvergadering van het Wachttorengenootschap van Australië gehouden, die door alle 21 leden van de Australische corporatie werd bijgewoond. Nadat de noodzakelijke wettelijke details waren afgehandeld, werden de anderen uitgenodigd de vergadering bij te wonen, en allen waren zeer verheugd naar een lezing door Theodore Jaracz van het Besturende Lichaam te kunnen luisteren.
Om 1.45 uur n.m. werd er, voorafgaand aan het inwijdingsprogramma, vijftien minuten Koninkrijksmuziek gespeeld. De aanwezigen luisterden met genoegen naar de verslagen, interessante anekdotes, ervaringen en opmerkingen door de drie aanwezige leden van het Besturende Lichaam. Voor Carey Barber en Daniel Sydlik was dit hun eerste bezoek aan het land van hun tegenvoeters. Broeder Barber sprak over het onderwerp „De oogst is de voleinding van de eeuw”, terwijl broeder Sydlik het thema behandelde „Gelukkig het volk dat Jehovah tot God heeft”. Broeder Jaracz, die het Australische bijkantoor als zoneopziener bezocht, sprak de inwijdingstoespraak uit.
Een prachtig onderdeel van het programma was het zingen van een uit vier coupletten bestaand lied vlak voor de inwijdingstoespraak. Gebaseerd op Jesaja’s woorden in Jesaja 60:22 was het lied getiteld: „De kleine wordt tot duizend”. In de tekst uitten de vele vrijwillige werkers hun dankbaarheid jegens Jehovah voor het voorrecht ’zijn huis’ in dit deel van het wereldomvattende veld te hebben mogen vergroten.
[Illustraties op blz. 15]
De uitbreiding van de Wachttoren-drukkerij te Ingleburn, NZW, Australië
C. Barber
T. Jaracz
D. Sydlik