Koninkrijksverkondigers brengen verslag uit
Vervolging heeft averechtse uitwerking
◻ DE „zware vervolging” tegen de vroege christelijke gemeente droeg ertoe bij dat veel discipelen van Christus werden verstrooid (Handelingen 8:1). Deze vervolging had echter een averechtse uitwerking, want zij die werden verstrooid, „gingen het land door en maakten het goede nieuws van het woord bekend” (Handelingen 8:4). Filippus bleef prediken en „de scharen schonken eensgezind aandacht” (Handelingen 8:6). Evenals vervolging in de eerste eeuw een averechtse uitwerking had, was dit het geval in een dorp in het noorden van Thailand.
Een speciale pionier van Jehovah’s Getuigen begon in dit dorp te prediken, maar in het begin wilden de dorpelingen niet luisteren. Toen hij echter de plaatselijke predikant aansprak, kwamen de mensen erbij staan om te luisteren. Sommigen gingen inzien dat de Getuige de bijbel beter kende dan hun predikant, en daarom begonnen zij de bijbel met de pionier te bestuderen, ook al maakten anderen het hun moeilijk. Enkele van hun eenden werden gedood, de pionier werd met de dood bedreigd en het huis van een geïnteresseerde werd platgebrand. De man zei: „Mijn huis kunnen zij platbranden, maar mijn hart kunnen zij niet verbranden.” Degenen die met de Getuige studeerden, legden op de fiets een grote afstand af om de vergaderingen in de Koninkrijkszaal bij te wonen. Vier van hen werden gedoopt en zes anderen gaan nog steeds met hen naar de vergaderingen.
Eerlijkheid beloond
◻ De broeders en zusters in Zambia hebben een goede reputatie opgebouwd wegens hun eerlijkheid, en dit heeft niet alleen voor hen zegeningen afgeworpen, maar heeft ook anderen geholpen de waarheid te identificeren. Een ouderling, die gewone pionier is, maakte een busreis en hoorde hoe een Getuige in de bus met anderen over de opstanding sprak. Een passagier vroeg haar: „Waarom beweren jullie, Getuigen, dat jullie religie de enige ware religie is?” De broeder mengde zich in het gesprek en zei tegen de passagier dat Jehovah zijn Getuigen zal belonen omdat zij de waarheid uit de bijbel onderwijzen.
Op deze lange reis kwam de bus na middernacht bij een wegversperring. Het regende hard. Een soldaat kwam de bus in en vroeg of er ook getuigen van Jehovah in de bus waren. Er waren er drie. Toen zei hij: „Oké, de Getuigen blijven zitten en de overigen gaan met hun bagage naar buiten.” Alle anderen gingen naar buiten in de regen en kwamen na de inspectie drijfnat terug, terwijl ook hun bagage doorweekt was.
Toen zij weer in de bus waren, zei de soldaat: „De reden dat ik de Getuigen in de bus heb gelaten, is dat zij eerlijke mensen zijn. Wij hebben veel ervaring opgedaan en hebben bemerkt dat zij de enigen zijn die eerlijk zijn; wanneer wij vragen wat er in hun tas zit, vertellen zij ons de waarheid.” Toen de bus verder reed, vroeg de broeder: „Wie hebben de ware religie?” Iemand antwoordde: „Degenen die niet kletsnat geregend zijn.”
Ja, eerlijkheid helpt de ware religie te identificeren en is beslist lonend!