Inzicht in het nieuws
Een sleutel tot geluk?
„Twee jaar ontbering, voor eeuwig geluk.” Dit is, volgens de Japanse krant Jomioeri Sjimboen, de kreet die thans onder Chinese studenten in Japan in zwang is. In de verwachting rijk te worden, lenen deze studenten geld om naar Japan te gaan, waar het geld volgens hen aan de bomen groeit. Zij hopen door twee jaar te studeren en daarnaast een deeltijdbaan te hebben, twee miljoen yen (ongeveer ƒ 30.000) te kunnen overhouden, om dan naar huis terug te keren en nog lang en gelukkig te leven.
Zo’n vertrouwen in geld als een sleutel tot geluk is in de hele wereld wijdverbreid. Een recent onderzoek onder jongeren bracht aan het licht dat in 9 van de 11 landen „’geld’ bovenaan de lijst stond” van de zaken waar zij zich druk en bezorgd over maken, aldus de Asahi Evening News.
Zal vertrouwen stellen in rijkdom werkelijk de deur tot geluk ontsluiten? De wijze koning Salomo waarschuwde dat ’iemand die enkel het zilver liefheeft, van zilver niet verzadigd zal worden’ (Prediker 5:10; 7:12). Geld op de eerste plaats stellen, leidt niet tot ware voldoening en ook waarborgt het geen toekomstige zekerheid. De bijbel zegt bijvoorbeeld: „Noch hun zilver, noch hun goud zal hen kunnen bevrijden op de dag van Jehovah’s verbolgenheid” (Zefanja 1:18). In tegenstelling hiermee schreef de psalmist David evenwel: „Gelukkig is de fysiek sterke man die Jehovah tot zijn vertrouwen heeft gesteld.” Vertrouwen stellen in Jehovah, niet in geld, is de sleutel tot eeuwig geluk. — Psalm 40:4; Jesaja 30:18.
Doopdilemma
In de afgelopen tijd zijn er in de Anglicaanse Kerk twee problemen in verband met de kinderdoop gerezen. Het eerste betreft de „ongenuanceerde” doop, die een geestelijke beschreef als een soort „geestelijke inenting”. Het tweede betreft de weigering door een toenemend aantal geestelijken om baby’s te dopen van ouders die de Anglicaanse Kerk niet actief ondersteunen.
Veel geestelijken beseffen dat ouders er vaak geen zin in hebben de kerk te bezoeken en ook niet willen dat hun kinderen dit doen. Waarom dan kleine kinderen dopen? „Zij willen hun baby’s laten dopen”, merkt The Times op, „net zoals zij verjaarscadeautjes willen geven en ontvangen, hun huis met Kerstmis willen versieren . . . Het maakt deel uit van hun cultuur: er hoeft geen reden voor te bestaan.”
Eén geestelijke trad uit omdat hij tot de conclusie was gekomen dat kleine kinderen niet gedoopt dienden te worden. Hij zei: „De enige persoon die zich aldus aan Christus kan geven, is de persoon zelf.” Hij had hieraan kunnen toevoegen dat Jezus Christus 30 jaar was toen hij gedoopt werd en dat het Griekse woord voor doop, ba·ptiʹzo, de betekenis heeft van in- of onderdompelen. Nadat Jezus in de Jordaan gedoopt was, kwam hij ’uit het water omhoog’ (Markus 1:10; Matthéüs 3:13, 16). Nergens spreekt de bijbel over het met water besprenkelen van kleine kinderen. Aangezien de doop symboliseert dat men zich als een volgeling van Christus aan God opdraagt, gaat het niet om een beslissing die een klein kind kan nemen.
Anticonceptiva en de katholieken
De tegenstand van de Katholieke Kerk tegen anticonceptie werd op het Tweede internationale congres inzake moraaltheologie, dat vorig jaar november in Rome werd gehouden, door Johannes Paulus II bevestigd. Volgens de Vaticaanse L’Osservatore Romano zei hij: „Het is geen door mensen uitgedachte leerstelling. Ze is door de scheppende hand van God geschreven in niets minder dan de natuur van de menselijke persoon. De leer in twijfel trekken, komt neer op de weigering God de gehoorzaamheid van ons verstandelijke vermogen te schenken”, en daarom, zo voegt hij eraan toe, „kan ze niet door katholieke theologen in twijfel getrokken worden.”
Maar de encycliek Humanae Vitae, waarnaar paus Johannes Paulus verwees en die ongeveer twintig jaar geleden door Paulus VI werd geschreven, „werd onmiddellijk door een groot aantal theologen in twijfel getrokken” en „door de meeste katholieken” genegeerd, merkte de Italiaanse krant La Stampa op.
Het is duidelijk dat de starheid van de kerk met betrekking tot de kwestie van geboortenregeling theologen heeft verdeeld en oprechte katholieken ernstig in beroering heeft gebracht. De nog altijd bestaande onenigheid over het gebruik van welk anticonceptiemiddel maar ook bracht Johannes Paulus er zelfs toe theologen aan te sporen allen „dezelfde taal” te spreken. In tegenstelling tot de bewering van de paus dat het standpunt van de kerk ten aanzien van contraceptie „door de scheppende hand van God geschreven” was, merkte de Italiaanse krant La Repubblica echter op dat „geen vers van de Evangeliën of het Oude Testament wordt aangehaald om de leerstelling te bekrachtigen”.
Nergens bespreekt de bijbel het gebruik van anticonceptiva of geboortenregeling in het huwelijk, en ook wordt hierin niet gezegd dat christenen verplicht zijn kinderen voort te brengen. Gods Woord laat de kwestie van gezinsplanning aan het geweten van elk christelijk echtpaar over. Door haar beslissing over geboortenregeling aan anderen op te leggen, gaat de Katholieke Kerk „buiten de dingen die geschreven staan”. — 1 Korinthiërs 4:6.