Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w87 15/3 blz. 26-29
  • Een blik op de Bahama’s — door de ogen van een reizende opziener

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een blik op de Bahama’s — door de ogen van een reizende opziener
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1987
  • Onderkopjes
  • De eilanden buiten New Providence
  • Hoe ik reis
  • Hoe zijn de mensen?
  • Tarantula’s, muskieten en „gebraden katten”
  • Beloningen van de reizende dienst
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1987
w87 15/3 blz. 26-29

Een blik op de Bahama’s — door de ogen van een reizende opziener

DE BAHAMA’S. Er is een tijd geweest dat die woorden mij deden dromen van schitterende zandstranden waar ik mij onder zacht wuivende kokospalmen zag liggen of in kristalheldere, zeegroene wateren zag zwemmen. Voor de duizenden vakantiegangers die de Bahama’s elke maand bezoeken, worden zulke visioenen inderdaad werkelijkheid. En geen wonder, want het klimaat op deze tropische eilanden is aangenaam, met een gemiddelde temperatuur van 21 graden Celsius in de winter en 29 graden Celsius in de zomer!

Thans betekenen de Bahama’s echter veel meer voor mij dan alleen maar eilanden waar ik mij als vakantieganger in de warmte van de tropische zon koester. Ze zijn nu mijn toewijzing, waar ik als reizend bedienaar van Jehovah’s Getuigen dienst verricht. Kom met mij mee en zie de Bahama’s door mijn ogen.

De eilanden buiten New Providence

Slechts ongeveer twintig van de zevenhonderd eilanden en koraalriffen zijn bewoond, en de meeste Bahamezen wonen in de hoofdstad Nassau, op het eiland New Providence. Nassau staat bekend als een aanloophaven voor zeeschepen waarmee cruises worden gemaakt en heeft een aantal grote hotels voor vakantiegangers. Misschien hebt u wel in een van die hotels gelogeerd. Maar hebt u ook op de andere eilanden rondgereisd?

Een groot aantal Bahamezen woont op de eilanden buiten New Providence. Deze liggen om Nassau heen, en het verste ligt ruim 480 kilometer van Nassau verwijderd. Op enkele van deze eilanden kunt u van dezelfde moderne gemakken genieten als in Nassau, maar op andere ontbreken die gerieven. Op sommige eilanden is bijvoorbeeld geen elektriciteit of stromend water. Op andere kunt u de mensen nog steeds in hun met een rieten dak overdekte keuken op een houtvuur zien koken of koren in een handmolen zien malen.

Hoe ik reis

Alle buiten New Providence gelegen eilanden kunnen van Nassau uit per boot of vliegtuig worden bereikt, maar de afgelegen ligging ervan kan een uitdaging vormen voor mensen met een beroep als dat van mij. Een reizende opziener, of kringopziener, bezoekt gemeenten en groepjes van Jehovah’s Getuigen om hen geestelijk te versterken en aan te moedigen, net zoals dit vroeger gebruikelijk was onder de eerste-eeuwse christenen. — Handelingen 15:36; 16:4, 5.

Ik kan mij herinneren dat ik op een van de afgelegen eilanden een groepje van slechts drie Getuigen zou bezoeken. Dit groepje had al ruim drie jaar lang geen bezoek van een kringopziener gehad. Ik schreef hun vanuit Nassau en lichtte hen in over de datums van mijn bezoek. Maar toen ik met de boot aankwam, stond er op de kade geen enkele Getuige om mij af te halen. Daarom vroeg ik iemand of hij mij kon helpen een van de Getuigen te vinden. Ik werd naar een bepaalde vrouw toegestuurd, en toen ik mij als de kringopziener voorstelde, raakte zij zo opgewonden dat zij wegrende om de andere Getuigen over mijn komst in te lichten. Zij liet mij daar met mijn bagage staan. Die Getuigen hadden mijn brief nooit ontvangen en zij waren blij verrast met mijn bezoek.

De terugreis naar Nassau werd met een kleine vracht- en postboot gemaakt. Als gevolg van een ruwe zee nam de reis meer dan dertig uur in beslag, maar de tijd ging snel voorbij, althans voor mij. Ik benutte de gelegenheid om tot sommige passagiers te prediken. Enige tijd later begon een van de bemanningsleden de bijbel te bestuderen, en nu bezoekt hij de vergaderingen in een van de gemeenten in Nassau.

De eilanden rondom het hoofdeiland kunnen ook per vliegtuig worden bereikt. Maar op de landingsstrook van sommige eilanden kunnen alleen kleine vliegtuigen landen. Deze zijn gewoonlijk behoorlijk veilig, maar soms kan men angstige momenten meemaken. Bij een zekere gelegenheid werd ik erg nerveus toen ik zag dat de cockpit zich met rook vulde op het moment dat het vliegtuig opsteeg. Het vliegtuig keerde snel terug naar de landingsstrook. De oorzaak van de rook? Een muizenest in het verwarmings- en ventilatiekanaal naast de motor!

Hoe zijn de mensen?

Tijdens mijn rondreizen op de eilanden rondom het hoofdeiland heb ik veel mensen aangetroffen die de bijbelse lectuur graag willen hebben. Maar sommigen van hen kunnen zelfs de lage prijs van de lectuur niet betalen. Op een uitzonderlijk warme dag predikten vijf van ons bijvoorbeeld op een afgelegen eiland toen ik een vrouw ontmoette die veel belangstelling toonde voor de publikatie Mijn boek met bijbelverhalen. Zij had werkelijk geen cent om in de kosten bij te dragen, maar wat zij in haar koelkast had, was precies wat wij nodig hadden: vijf blikjes frisdrank. Wij ruilden het boek voor haar frisdranken, en iedereen was gelukkig.

De Bahamezen hebben de bijbel werkelijk lief. Dit maakt het bijzonder vreugdevol hun het „goede nieuws” van Jehovah’s koninkrijk te brengen (Matthéüs 24:14). Wanneer men mensen thuis bezoekt, zijn zij vaak de bijbel aan het lezen. Bij één adres dat ik bezocht, vroeg de moeder trots aan haar driejarig dochtertje de namen van alle 66 bijbelboeken in de juiste volgorde voor mij op te zeggen.

Gedurende de afgelopen paar jaar hebben de bewoners van de eilanden rondom New Providence met veel belangstelling de door het Wachttorengenootschap georganiseerde diapresentaties over bijbelse onderwerpen gezien. Op één eiland was geen zaal beschikbaar, en daarom troffen wij er regelingen voor de dia’s buiten op een zojuist witgeverfde muur naast een kleine levensmiddelenzaak te projecteren. Er kwamen ongeveer zestig mensen bijeen, van wie sommigen stonden en anderen zaten.

Bij een andere gelegenheid kwamen 120 mensen bijeen. Zij hadden zo intens van de diapresentatie genoten dat toen de lampen weer aangingen, niemand wegging. Ik herinnerde mij dat ik nog een diaserie over een ander bijbels onderwerp bij mij had. Dus toen ging het licht weer uit en werd de tweede diaserie vertoond — tot grote vreugde van de aanwezigen.

Soms kunnen er zich plotseling problemen voordoen. Op één eiland was een groep mensen in de plaatselijke school bijeengekomen om ons diaprogramma te zien. Toen ik de projector aanzette, brandde de lamp door. Ik bezat geen extra projectielamp en op het hele eiland was zo’n lamp niet te krijgen. Onnodig te zeggen dat de aanwezigen teleurgesteld waren. Door de projector echter snel uit elkaar te halen en er het een en ander aan te veranderen, kon ik een gewone gloeilamp als een redelijk goede, maar wat zwakkere, vervanging gebruiken. De aanwezigen vonden dit niet erg. Zij genoten toch van het programma.

Tarantula’s, muskieten en „gebraden katten”

Wanneer men de rondom het hoofdeiland gelegen eilanden geregeld bezoekt, vereist dit enkele aanpassingen aan de tropische toestanden. Ik kan mij de keer herinneren dat ik voor het eerst een tarantula zag. De spin kroop over de vloer en leek wel zo groot als mijn hand! Verstijfd van schrik stond ik als aan de grond genageld. Ik ben blij dat de huisbewoner mij te hulp kwam. Met één snelle zwaai van zijn kapmes werd de „vijand” geliquideerd. De huisbewoner was een 82-jarige man. Vroeger had hij de inspanningen van zijn vrouw om Jehovah te dienen, bitter tegengestaan. Maar na verloop van tijd begon hij de vergaderingen in de Koninkrijkszaal bij te wonen en de bijbel met haar te bestuderen.

Vanwege het warme klimaat kunnen muskieten een probleem vormen. Soms zijn er zo veel dat iemand moet uitkijken dat hij tijdens het praten geen muskiet in zijn mond krijgt. Het is natuurlijk aangenaam om veel andere levende schepselen te zien, zoals de prachtige roze flamingo’s, die te midden van hun natuurlijke omgeving van welige tropische planten en vruchtbomen leven.

Wanneer men het plaatselijke voedsel leert kennen, kan dit een hele openbaring zijn. Op één eiland zag ik een boom die er als een sinaasappelboom vol heerlijke vruchten uit zag. Ik vroeg de huisbewoonster of ik een paar sinaasappels mocht plukken. Zij waarschuwde mij. Het was niet de zoete sinaasappelsoort, maar de zure. Maar ik mocht er best een paar plukken, zei ze. Ik ging ervan uit dat ik heus wel wist wat een sinaasappel was. Dus plukte ik een mooie dikke vrucht en nam een hap. Wat een onaangename verrassing! Mijn mond trok samen. De vrucht was zo zuur als een citroen. De vrouw lachte, maar ik leerde dat ook al zag de vrucht van een zure sinaasappelboom er net zo uit als die van een gewone sinaasappelboom, de smaak beslist anders was!

Ik dacht dat ik mij al aardig aan het leven op de eilanden had aangepast totdat ik nog niet zo lang geleden een van de eilanden bezocht. Toen ik op een bepaalde plaats de gemeente bediende, logeerde ik bij een bejaarde weduwnaar. Nadat ik de eerste ochtend was opgestaan, nodigde hij mij uit om samen met hem te ontbijten. Ik watertandde bij voorbaat — totdat hij het menu noemde. „Gebraden katten”! Toen ik de keuken binnenstapte en op het punt stond het aanbod af te slaan, zag ik hem pannekoeken omhooggooien. „Waar zijn de ’gebraden katten’?” vroeg ik. Hij wees naar de pannekoeken. Ik slaakte een diepe zucht van verlichting en wij beiden barstten in lachen uit. Hij dacht dat ik wist dat pannekoeken op dat eiland gebraden katten werden genoemd.

Beloningen van de reizende dienst

Wegens de afgelegen ligging van enkele van de eilanden, bestaat er een grote behoefte aan meer bedienaren die meehelpen het goede nieuws van Gods koninkrijk te verbreiden. Niet alleen de Engelssprekende bevolking van de Bahama’s moet worden bereikt, maar ook de Franssprekende Haïtiaanse immigranten moeten de boodschap horen.

Als reizend bedienaar op de Bahama’s dienst verrichten, is een opwindende uitdaging die enkele aanpassingen aan de levenswijze op de eilanden nodig maakt. Maar er zijn ook grote beloningen. Een ervan is de onschatbare vreugde mensen gunstig op de bijbelse boodschap te zien reageren. Nog een beloning is het schitterende voorrecht de verspreide gemeenten en geïsoleerde groepen geestelijk aan te moedigen.

Wij op de Bahama’s zijn verrukt over de schoonheid van fonkelende roze en witte zandstranden en betoverende koraalriffen waaraan vissen op schitterende wijze extra luister verlenen. Maar wij zijn vooral verrukt over hetgeen thans zowel hier als op de gehele aarde gaande is. Als Jehovah’s Getuigen zien wij Psalm 97:1 in vervulling gaan. Daarin staat: „Jehovah zelf is koning geworden! Laat de aarde blij zijn. Laten de vele eilanden zich verheugen.” — Zoals verteld door Anthony Reed.

[Inzet op blz. 27]

Ik werd erg nerveus toen ik zag dat de cockpit zich met rook vulde op het moment dat het vliegtuig opsteeg

[Inzet op blz. 28]

De Bahamezen hebben de bijbel werkelijk lief. Dit maakt het bijzonder vreugdevol hun het „goede nieuws” van Jehovah’s koninkrijk te brengen

[Inzet op blz. 28]

Ik kan mij de keer herinneren dat ik voor het eerst een tarantula zag. De spin kroop over de vloer en leek wel zo groot als mijn hand!

[Inzet op blz. 29]

Ik vroeg hem: „Waar zijn de ’gebraden katten’?”

[Kaart/Illustratie op blz. 26]

(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)

FLORIDA

BAHAMA’S

ATLANTISCHE OCEAAN

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen