Plichten of genoegens — Wat laat u voorgaan?
DE SCHEPPER, Jehovah God, heeft ons een vrije wil geschonken. Dat wil zeggen dat hij ons het vermogen en de vrijheid heeft gegeven om te kiezen wat wij zullen doen. Soms betekent dit dat wij een keus moeten maken tussen plichten en genoegens.
In Engelstalige landen bestaat een populair rijmpje dat ongeveer hierop neerkomt: „Waar plicht en pret niet samengaan, moet men de pretjes laten staan.” Hoewel plicht en genoegens dikwijls botsen, hoeft dat niet altijd het geval te zijn. Maar als het wel zo is, wat laten wij dan voorgaan? Plicht wordt wel gedefinieerd als ’iets wat iemand op morele gronden gehouden is te doen of te laten’. Genoegen is de ’toestand van bevrediging; blijdschap; plezier’, zich vergenoegd voelen.
Onze plichten
Zoals Jezus Christus heeft aangetoond, zijn de belangrijkste plichten en verplichtingen die welke wij jegens onze Maker, Jehovah God, hebben (Markus 12:29, 30). Gods voornaamste bedoeling voor zijn dienstknechten in deze tijd is dat zij van zijn naam en Koninkrijk getuigen en discipelen maken (Jesaja 43:10-12; Matthéüs 10:7; 24:14; 28:19, 20). Om deze plichten naar behoren te kunnen vervullen, moeten christenen voortdurend bijbelkennis in zich opnemen, regelmatig omgaan met medeaanbidders en volharden in gebed. Zo zijn deze andere plichten dus verweven met de primaire plichten van een christen. — 1 Timótheüs 4:16; Hebreeën 10:23-25; Romeinen 12:12; Prediker 12:13.
Ook hebben wij verplichtingen jegens onze medemens. Voor een belangrijk deel zijn deze van wereldse aard. Wij ’moeten werken als wij willen eten’, want wij mogen niet verwachten op andermans kosten te kunnen leven. Het is passend dat wij voorzien in de noodzakelijke dingen voor ons gezin. Wij moeten de wetten van het land, zoals de verkeersregels, gehoorzamen en wij moeten onze belastingen betalen. — Romeinen 12:17; 13:1-7; 2 Thessalonicenzen 3:10; 1 Timótheüs 5:8.
Wij hebben plichten jegens God, plichten jegens ons gezin, plichten jegens onze buren en ja, zelfs plichten jegens onszelf. Plichten, plichten en nog eens plichten! Betekent dit dat er geen tijd of gelegenheid overblijft voor persoonlijke genoegens? Nee, het betekent alleen maar dat wij de genoegens op hun juiste plaats moeten houden. Wij moeten niet zoals velen in deze „laatste dagen” personen zijn die „meer liefde voor genoegens dan liefde voor God” hebben. — 2 Timótheüs 3:1, 4.
Verboden „genoegens”
Bij het op de juiste plaats houden van onze genoegens moeten wij beseffen dat er bepaalde soorten van genoegens zijn die onverenigbaar zijn met onze plichten, omdat er in ons christelijk leven geen plaats voor is. Er zijn thans mensen die de verkeersregels aan hun laars lappen, winkeldiefstallen plegen of zich bezighouden met andere vormen van wetsovertreding, en dat alles gewoon „voor de pret”, voor de „kick”, zoals zij het uitdrukken. Het spreekt vanzelf dat al dergelijke handelingen verboden „genoegens” zijn.
Anderen jagen genoegens na door middel van drugs en worden slaven van verdovende middelen. Weer anderen putten genoegen uit het gebruik van tabak in een of andere vorm. Ook zulke gewoonten zijn in strijd met onze plichten jegens God en onze naaste. Christenen dienen een vrij volk te zijn, dienen liefde voor hun naaste te hebben en krijgen de raad zich te ’reinigen van elke verontreiniging van vlees en geest’. — 2 Korinthiërs 7:1; Matthéüs 22:39; Romeinen 6:6, 16; 13:10.
Zonder enige twijfel is de meest algemene vorm van verboden genoegens waaraan men zich tegenwoordig bezondigt, die van ongeoorloofde seks. Al die „begeerten naar zingenot” zijn strijdig met onze plichten jegens God en de naaste (Jakobus 4:3; Spreuken 6:20-35). Niet alleen moeten wij vermijden seksuele immoraliteit te bedrijven, wij moeten er ook niet mee flirten. Juist het feit dat die immorele genoegens verboden zijn, schijnt ze begeerlijker en aangenamer te maken, net zoals de prostituée ons wenkt met de woorden: „Gestólen wateren zijn zoet, en heimelijk gegeten brood — aangenaam is het.” — Spreuken 9:17.
Waarom zijn zulke genoegens verleidelijk voor het gevallen vlees? Omdat ’de neiging van ’s mensen hart slecht is van zijn jeugd af’. Een christen moet derhalve ’hard zijn voor zijn lichaam en het leiden als een slaaf’, net zoals de apostel Paulus deed (Genesis 8:21; 1 Korinthiërs 9:27). Indien wij de goddelijke goedkeuring wensen te genieten, zullen wij niet voor deze ongeoorloofde genoegens mogen bezwijken. — 1 Korinthiërs 6:9-11.
De beginselen waardoor onze genietingen geregeerd dienen te worden
Er zijn veel genoegens waarvan christenen kunnen genieten. Maar om genietingen op hun juiste plaats te houden, zullen wij ons moeten laten leiden door beginselen van kwaliteit, kwantiteit, keuze van het tijdstip en kosten. Om een voorbeeld te geven: Het genoegen dat het meest algemeen verbreid is en het veelvuldigst terugkomt, is ongetwijfeld eten. Het was beslist liefderijke goedheid van Gods kant om dat tot een genoegen te maken. Men zou kunnen zeggen dat dit genoegen zijn begrenzing vindt in het beginsel dat ’wij eten om te leven, niet leven om te eten’.
Om te beginnen zullen wij, aangezien beginselen ons eetgedrag dienen te bepalen, voedsel willen kiezen dat niet alleen ons gehemelte streelt, maar tevens goed voor ons is. Ook zullen wij erop willen letten dat wij ons niet volproppen en meer eten dan goed voor ons is. Verder zullen wij onze keuze van het tijdstip in de gaten houden. Het is bekend dat zware maaltijden gewoonlijk een nadelige invloed hebben op de concentratie en op bezigheden die grote bekwaamheid vereisen. Net zoals een beroepszanger geen zwaar maal zou nuttigen vlak voor hij een optreden heeft, dienen wij dat ook niet te doen vlak voor wij een moeilijke toewijzing moeten behartigen of een bijbellezing houden. Een stevige maaltijd zou zelfs kunnen beletten dat wij genieten van de bijbellezing die iemand anders houdt. En uiteraard hebben mensen die last hebben van allergieën of suikerziekte, of die veel te zwaar zijn, des te meer reden om aandacht te schenken aan deze beginselen van kwaliteit, kwantiteit en keuze van het juiste tijdstip, wanneer zij zich hun eten laten smaken. Voorts zullen wij ons ook niet onverschillig betonen ten aanzien van de kosten en buitensporig veel voor dit genoegen betalen.
Een ander genoegen waar velen van genieten, is tv-kijken. Als christenen willen wij ons ervan vergewissen dat de programma’s waar wij naar kijken, zowel aangenaam als heilzaam zijn, en misschien ook nog educatief. Voorts willen wij letten op de kwantiteit en niet te veel uren aan tv-kijken besteden, opdat wij geen slaap te kort gaan komen of onze plichten gaan veronachtzamen. Ook de tijd die wij ervoor kiezen, is belangrijk, want wij zullen nooit willen toelaten dat tv-programma’s ons ervan weerhouden voor onze nodige rust te zorgen of ons belemmeren in christelijke bezigheden zoals het bezoeken van gemeentevergaderingen.
Wat van toepassing is op televisie, is met evenveel kracht van toepassing op bioscoopbezoek of het bijwonen van sportevenementen. Wanneer wij samen met medechristenen naar een bijbellezing behoren te luisteren, is het echt niet gepast om in een stadion naar een voetbalwedstrijd te zitten kijken, of wel? Ook mag onze liefde voor muziek ons er niet toe brengen een soortgelijke fout te maken.
Misschien beleven wij veel genoegen aan het beoefenen van een of andere hobby. Maar ook hier moeten wij zelfbeheersing oefenen en de belangrijkste dingen op de eerste plaats stellen. En als onze hobby ons nu in het slechte gezelschap brengt van mensen die roken en godslasterlijke taal gebruiken? Of als onze hobby nu te kostbaar is, schadelijk is voor onze gezondheid of problemen in ons gezin oplevert? Als dit het geval is, zou het dan niet passend zijn over te stappen op een andere hobby?
Maar zelfs als er geen verwerpelijke kanten zitten aan onze liefhebberij of vrijetijdsbesteding, dan nog moeten wij oppassen dat we ze op de juiste plaats houden. Een getrouwde man gaat misschien graag kegelen. Maar als zijn gezin niet samen met hem van dat kegelen kan genieten, zou het wijs en liefdevol zijn als hij deze activiteit zou beknotten. Ook zal hij niet naar een toernooi gaan als dat zou betekenen dat hij een christelijk congres zou moeten verzuimen. Wat voor kegelen geldt, geldt natuurlijk evenzeer voor andere vrijetijdsbestedingen zoals trektochten maken, zwemmen of roeien.
Vakanties worden beschouwd als een tijd voor genoegens. Maar als christenen zullen wij ook dan niet zorgeloos willen worden in ons gedrag, alleen maar omdat wij ons onder vreemden bevinden of met onze tijd geen raad weten. Ook zullen wij geen bezienswaardigheden willen bezichtigen of vermaakscentra gaan bezoeken ten koste van het bijwonen van congressen van Jehovah’s Getuigen.
Genoegen vinden in het vervullen van plichten
Ja, het vervullen van plichten kan groot genoegen schenken. Hoewel veel mensen denken dat plichten en genoegens elkaars tegengestelde zijn, hoeft dit niet het geval te zijn. In feite kunnen wij veel genoegen putten uit het vervullen van onze plichten — mits wij de juiste instelling bezitten. De eerste mens, Adam, heeft ongetwijfeld veel genoegen beleefd aan de zorg voor zijn tehuis, de prachtige parkachtige tuin in Eden. Ook moet hij er veel genoegen in hebben gevonden alle dieren in die tuin te leren kennen en ze een naam te geven. En toen Jehovah God Adam de vrouw Eva schonk, kenden zijn genoegen en geluk geen grenzen, zoals blijkt uit Genesis 2:15, 18-23.
Een echtgenoot kan genoegen vinden in het doen van nuttig werk, wat het ook is, als hij het erkent als een middel tot een doel — op eerbare wijze zorg dragen voor zichzelf en zijn gezin. Hetzelfde geldt voor een echtgenote die de juiste instelling heeft. Zij kan veel genoegen putten uit het kraakhelder houden van haar huis, het klaarmaken van smakelijke, voedzame maaltijden voor haar gezin, enzovoort.
Een voortreffelijk voorbeeld van genoegen putten uit het vervullen van plichten wordt aangetroffen in het geval van Jehovah’s Getuigen. Zij vinden grote vreugde in het bestuderen van de bijbel en het leren kennen van nieuwe waarheden. Hierin delen zij de gevoelens van de psalmist, die zei: „Ik heb uitbundige vreugde over uw woord, net zoals iemand die veel buit vindt.” — Psalm 119:162.
Ook ontlenen Jehovah’s Getuigen genoegen aan het bijeenkomen voor hun gemeentevergaderingen en regelmatig gehouden congressen. Bovendien ervaren deze christenen de waarheid van Jezus’ woorden: „Het is gelukkiger te geven dan te ontvangen” (Handelingen 20:35). Door van huis tot huis te gaan om het goede nieuws van Gods koninkrijk te prediken, vervullen zij in de eerste plaats een plicht die zij zowel jegens God als jegens mensen hebben. Wanneer zij iemand bereid vinden om te luisteren en met hen over de bijbel te spreken, en vooral wanneer die persoon ’zich van zijn geestelijke nood bewust’ blijkt te zijn, schenkt hun werk hun vreugdevolle bevrediging. — Matthéüs 5:3.
Ons plichtsbesef scherpen
Wat zal ons helpen ons plichtsbesef te scherpen en de genoegens hun juiste plaats toe te kennen? Recht en rede zullen daarbij helpen. Wij moeten ons bijvoorbeeld rechtvaardig betonen om werkelijk edelmoedig te kunnen zijn. Het zou beslist onrechtvaardig zijn anderen zo veel hulp te schenken dat wij ons gezin het noodzakelijke onthouden. En de rede doet ons inzien dat de mate waarin wij onze plichten verzuimen te vervullen, tevens de mate is waarin wij onszelf en anderen onrecht aandoen en schade toebrengen. Aangezien wij niet zouden willen dat anderen ons nadeel berokkenen, dienen wij het te vermijden hun nadeel te berokkenen. — Lukas 6:31.
De liefde in het bijzonder zal ons helpen onze plicht vóór het genoegen te laten gaan. God liefhebben, betekent zijn geboden onderhouden, onze plichten jegens God vervullen (1 Johannes 5:3). Liefde voor onze naaste zal ertoe leiden dat wij ons om zijn welzijn bekommeren en niet uitsluitend met onszelf bezig zijn. — 1 Korinthiërs 10:24.
Er is dus zonder enige twijfel ruimte voor genoegens in ons leven. Wij kunnen veel genoegen putten uit het vervullen van onze plichten. En ook kunnen wij genieten van andere genoegens, mits wij die binnen de perken weten te houden en de genoegens die strijdig zijn met onze plichten, mijden. Laten wij dus letten op de kwaliteit, de kwantiteit en de kosten van onze genoegens, alsmede op de tijd die wij eraan besteden. Uiteraard komt dit erop neer dat plichten boven genoegens gaan.
[Illustratie op blz. 26]
Jehovah’s Getuigen beleven oprecht genoegen aan het vervullen van hun plicht het goede nieuws te prediken