Een vreugdevolle dag in Brazilië
ZATERDAG 21 maart 1981 was een vreugdevolle dag voor Jehovah’s Getuigen in Brazilië. Op die dag werd het ruime nieuwe bijkantoorcomplex in Cesario Lange, 140 kilometer van São Paulo vandaan, ingewijd. Het was ook voor de rest van Brazilië een opmerkelijke dag. Waarom? Omdat de meeste Brazilianen vroeg of laat in hun leven de uitwerking zullen ondervinden van de activiteiten van de vrijwillige werkers in deze nieuwe gebouwen.
Jehovah’s Getuigen hebben in Brazilië een snelle groei meegemaakt. In de jaren twintig gingen acht zeelieden die in New York bijbelse lectuur hadden gekocht, terug naar Brazilië en deelden hun pasgeleerde kennis met anderen. Van dat kleine begin is hun aantal tot meer dan 117.000 uitgegroeid.
Als christenen zijn Jehovah’s Getuigen er altijd druk mee bezig met hun medemensen over de bijbel te praten, en zij maken hierbij veelvuldig gebruik van bijbelverklarende lectuur. Dit verklaart de noodzaak van een centraal bureau van waaruit hun werk kan worden georganiseerd en waar hun lectuur gedrukt kan worden. Zij noemen hun centrale bureau in elk land „Bethel”.
Ten gevolge van het toenemende aantal Getuigen in Brazilië was het voormalige Bethelhuis met drukkerij in São Paulo te klein geworden, uitgebouwd en opnieuw te klein geworden. Daarom werd besloten een spiksplinternieuw gebouwencomplex op te trekken. In 1977 werd in Cesario Lange grond gekocht.
Het nieuwe terrein, dat 115 hectare groot is, was onontgonnen. Daarom trokken vrijwilligers het gebied in, waarbij zij slangen en pijnlijke bijesteken trotseerden, om het land te ontginnen. Zij maakten een terrein vrij dat voor de bouwwerkzaamheden noodzakelijk zou zijn en ontgonnen een gedeelte dat als landbouw- en weidegrond gebruikt zou worden. Zij probeerden echter zoveel mogelijk bomen te sparen en slaagden erin twintig hectare maagdelijk bos onaangeroerd te laten. De Bethelfamilie deelt het terrein nu derhalve met armadillen, stekelvarkens, herten, ocelotten, stinkdieren, eekhoorns en veel kleurrijke en ongewone vogels.
DE BOUW
Het nieuwe Bethelhuis ziet er werkelijk schitterend uit in deze landelijke omgeving. Het is ook groot. Aangezien het bijna zesmaal zo groot is als het voorgaande Bethelhuis, zal het veel toekomstige expansie kunnen opvangen. De acht gebouwen (met inbegrip van een drukkerij) hebben een vloeroppervlak van 46.000 vierkante meter. Het gebouw rust op een groot aantal in de grond geheide palen die een totale lengte van 15.000 meter hebben — bijna tweemaal de hoogte van de Mount Everest!
Wie hebben aan de bouw gewerkt? Welnu, zodra het land gekocht was, boden veel getuigen van Jehovah uit alle delen van het land hun vaardigheid en bekwaamheid vrijwillig aan. Bovendien werkten ook werkkrachten die in dienst stonden van een particuliere aannemer en die geen getuigen waren, op het terrein. Op een bepaald tijdstip waren er wel achthonderd werkers aan de gang.
Dat zijn heel wat mensen. Werkten zij ongeorganiseerd? Neen. Het project werd zo goed geleid, dat een plaatselijke krant berichtte: „Er heerst geen wanorde, zoals gewoon is onder degenen die aan een groot project werken; alcoholische dranken zijn op het bouwterrein niet of vrijwel niet te vinden. Overal heerst rust. Al het voedsel wordt plaatselijk bereid. Er is werkelijk een miniatuurstad verrezen die zelf in alle behoeften kan voorzien.”
Bij grote bouwprojecten doen zich ook vaak ernstige ongelukken voor. Maar bij deze bouw hebben een goede organisatie en getrouwe naleving van veiligheidsvoorschriften goede resultaten afgeworpen. Gedurende de gehele bouwperiode heeft er zich geen ernstig ongeluk voorgedaan. De Getuigen zijn Jehovah hier dankbaar voor.
Hoe werd het project gefinancierd? Voornamelijk door de vrijwillige bijdragen van Jehovah’s Getuigen in Brazilië en andere landen. Eén jonge Getuige zond een spaarvarken met het volgende briefje: „Elk jaar spaar ik geld in een spaarvarken om een stuk speelgoed voor mijzelf te kopen. Mijn vader moedigde mij ertoe aan mijn spaarvarken naar het [Wachttoren-]Genootschap te sturen. Ik weet dat Jehovah mij ervoor zal zegenen.”
INWIJDING
Uiteindelijk brak de dag aan waarop het nieuwe bijkantoor ingewijd zou worden, namelijk 21 maart 1981. Er waren 3607 Getuigen uit alle delen van het land aanwezig. Sommigen hadden 4000 kilometer gereisd om de inwijding te kunnen bijwonen. Anderen, die niet aanwezig konden zijn, zonden schriftelijke groeten, met inbegrip van een boodschap in braille.
Er bevonden zich onder de aanwezigen heel wat mensen met een jarenlange ervaring. Charles D. Leathco, een afgestudeerde van de allereerste klas van de zendelingenschool Gilead, vertelde de bijeengekomen menigte hoe het in 1945 was om de verschillende gemeenten te bezoeken. Er waren destijds slechts dertig gemeenten in het gehele land, vergeleken bij 2100 in deze tijd. Agenor da Paixão herinnerde zich de tijd toen hij in 1949 op Bethel begon te werken. Er waren toen slechts twintig vrijwillige werkers op het Braziliaanse bijkantoor. Nu werken er 280 vrijwilligers.
Maud Yuille’s herinneringen gingen zelfs nog verder terug. Zij en haar man kwamen in 1936 in Brazilië aan, toen er slechts zestig getuigen van Jehovah in het land waren. Nu zijn er meer dan 117.000 Getuigen. De 92-jarige Maud Yuille werkt nog steeds trouw op Bethel.
Uiteindelijk sprak Lloyd Barry, een lid van het Besturende Lichaam van Jehovah’s Getuigen, de inwijdingslezing uit, gebaseerd op 1 Kronieken 29:9-13. Hij gebruikte ook de schitterende woorden die koning Salomo bij de inwijding van de tempel in Jeruzalem uitsprak en schonk Jehovah God alle eer voor de prachtige nieuwe gebouwen die nu waren klaargekomen om in Zijn dienst gebruikt te worden.
Aan het einde van het programma was iedereen blij over hetgeen er die dag allemaal was gebeurd. En ongetwijfeld waren de woorden van Karl Rietz, die het programma had geopend, nog steeds in hun gedachten: „Stenen kunnen niet prediken. Zonder de predikers van het ’goede nieuws’ zouden deze gebouwen dan ook nooit zijn opgetrokken.” Hoe waar! De ijver van Jehovah’s Getuigen in Brazilië en de zegen van Jehovah op hun harde werk hebben het gehele bouwproject noodzakelijk gemaakt.
Nu de bouw achter de rug is, zullen Jehovah’s Getuigen hard blijven werken om het „goede nieuws” tot de verste uiteinden van dit grote land bekend te maken. Deze inwijdingsdag bleek daarom niet alleen voor Jehovah’s Getuigen maar voor alle rechtgeaarde mensen in Brazilië een gelukkige gebeurtenis te zijn.