Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w80 1/10 blz. 20-23
  • „Verheuging in de oogsttijd” op de Filippijnen

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • „Verheuging in de oogsttijd” op de Filippijnen
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1980
  • Onderkopjes
  • HET PLANTEN VAN DE WAARHEID
  • STAMLEDEN AANVAARDEN DE WAARHEID
  • ONDER DE OPSTANDELINGEN
  • UIT DE BAN DER DEMONEN BEVRIJD
  • DE OOGST DUURT NOG STEEDS VOORT
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1980
w80 1/10 blz. 20-23

„Verheuging in de oogsttijd” op de Filippijnen

ZONOVERGOTEN stranden, warme tropische zeeën, met oerwoud bedekte bergen, vruchtbare vlakten — ja, dit alles treffen wij op de Filippijnen aan! Hier is een land dat uit duizenden adembenemend mooie eilanden bestaat, die midden in de onmetelijke zee ten oosten van Zuidoost-Azië liggen. Maar de Filippijnen bestaan niet uitsluitend uit een prachtig landschap; ze bestaan ook uit mensen — 47.000.000 in getal.

De levensstijl van deze mensen is zeer verschillend — van de primitieve maar tevreden Tasaday-stam in de zuidelijke regenwouden tot de moderne geldmagnaten in de wereldstad Manila. Voor het merendeel zijn de Filippino’s echter een agrarisch volk. Velen wonen in karakteristieke huizen op palen en verlaten zich voor hun levensonderhoud op de opbrengst van het land. Voor die mensen is de oogsttijd een drukke, gelukkige tijd. Verheugd halen zij van hun velden de vruchten van hun harde werk binnen. En een vruchtbaar land als dit geeft met een juiste irrigatie wel drie vreugdevolle oogsttijden per jaar. — Jes. 9:3.

De laatste vijftig jaar wordt er echter op de Filippijnen nog een andere soort oogst binnengehaald. Het is een overvloedige oogst of inzameling van mensen die hebben gekozen voor het beoefenen van de ware aanbidding van Jehovah God en die hun vertrouwen in zijn koninkrijk hebben gesteld.

HET PLANTEN VAN DE WAARHEID

De eerste waarheidszaadjes die tot deze oogst hebben geleid, kwamen op de Filippijnen aanwaaien als zaadjes die door de wind worden meegevoerd. Charles Taze Russell, de eerste president van het Wachttorengenootschap, begon hier met de prediking van de ware religie toen hij in 1912 de hoofdstad Manila bezocht. In het begin van de jaren twintig heeft een zekere H. Tinney uit Canada hier een jaar lang als zendeling gewerkt. Hij liet een ijverige bijbelstudieklas achter. Via Amerikaanse soldaten of hun vrouwen werden in de jaren daarop nog meer waarheidszaadjes verspreid, en een Amerikaan van Portugese afkomst, Joseph Dos Santos, kwam tijdens een wereldreis naar Manila om te prediken.

Als gevolg van deze verschillende „uitspruitsels” werd in 1934 in Manila een bijkantoor van het Wachttorengenootschap gevestigd. De Tweede Wereldoorlog bracht een ernstige ontwrichting van het land teweeg, maar het geestelijke oogstwerk werd niet vertraagd. Ondanks vervolging door zowel de Japanse indringers als de plaatselijke Filippijnse verzetsstrijders groeide het aantal verkondigers van het „goede nieuws” van 373 in 1941 tot meer dan 2000 in 1945. Thans zijn er meer dan 60.000 Koninkrijksverkondigers die het „goede nieuws” onder de Filippino’s verbreiden.

STAMLEDEN AANVAARDEN DE WAARHEID

Dit werk heeft thans de verste uithoeken van de eilanden bereikt. Om de meer afgelegen gemeenschappen in deze gebieden te bereiken, moeten Jehovah’s Getuigen dikwijls dagenlang lopen, terwijl hun tocht aan één stuk door bergop-bergaf gaat. Maar hun krachtsinspanningen hebben vruchten voortgebracht, want onder de aanbidders van Jehovah worden nu zelfs leden van de primitievere stammen aangetroffen. In het noorden van Luzon is het bij bepaalde stammen de gewoonte een jonge vrouw te tatoeëren wanneer zij de huwbare leeftijd bereikt. In dat gebied is het dan ook niet ongewoon vrouwen tegen te komen die thans getuigen van Jehovah zijn, maar wier getatoeëerde armen nog te kennen geven dat zij volgens andere zienswijzen zijn grootgebracht.

Een jong lid van de Subanon-stam, uit de vruchtbare streken in het zuiden van de Filippijnen, overwon een zeer grote hinderpaal toen hij het ware christendom aanvaardde. Op de prille leeftijd van negen jaar kreeg hij de trieste ervaring te verwerken dat zijn beide zusters voor zijn ogen door opstandelingen werden ontvoerd en naar de bergen werden meegenomen. Hij zwoer wraak en zodra hij oud genoeg was nam hij dienst in het leger. Zijn ouders die in die tijd met Jehovah’s Getuigen de bijbel bestudeerden, probeerden hem ervan af te brengen door hem voor te houden dat alleen Gods koninkrijk het onrecht in de wereld zou herstellen. Maar zijn dorst naar wraak was te groot en hij wilde zijn voornemen niet opgeven. Weldra raakte hij in een gevecht betrokken, en stond hij tegenover precies zo’n bende opstandelingen als die zijn zusters jaren geleden had ontvoerd. Eindelijk dan een kans op wraak! Maar tot zijn verbazing was hij niet in staat op de opstandelingen te schieten. De dingen die zijn ouders hem over het zuivere christendom hadden verteld, waren te diep in zijn hart gedrongen, en met opzet schoot hij zijn geweer in de lucht af. Zodra hij kon, nam hij ontslag uit het leger om een van de werkers te worden die ’vrede verkondigen’ aan hun naasten. — Jes. 52:7.

Ook een andere jonge man, de zoon van een datu of stamhoofd, werd een Getuige. Op negenjarige leeftijd was hij weggelopen bij een wrede stiefvader (die tien vrouwen had) en werd hij uiteindelijk opgenomen door een hoge functionaris van het Filippijnse politiekorps. Tijdens zijn schooljaren kreeg deze jongen de kans om magie te studeren bij iemand die deze kunst in India had geleerd. Hij werd zeer bekwaam in het beoefenen van de magische kunsten. Later nam hij dienst in het leger, terwijl zijn faam als magiër voortdurend toenam. Na de Tweede Wereldoorlog trouwde hij met een katholiek meisje en liet hij zich met die religie in, terwijl hij zijn magische praktijken bleef beoefenen. Ten slotte begon hij met Jehovah’s Getuigen te studeren. Nadat hij had gelezen dat God alle mysterieuze praktijken veroordeelt, gaf hij zijn magische praktijken op om de reine en onbesmette aanbidding van Jehovah te gaan beoefenen. — Deut. 18:10-12.

ONDER DE OPSTANDELINGEN

Zoals zo veel landen heden ten dage hebben ook de Filippijnen hun opstandige activisten. Ook maken in afgelegen gebieden rovers de mensen het leven moeilijk. De regering heeft deze activiteiten voor het grootste deel wel in bedwang. Toch is het in oerwoudgebieden en verafgelegen streken waar volop schuilplaatsen zijn, moeilijk ze geheel uit te bannen.

Sommige religies hebben zich een slechte naam verworven door de opstandige bewegingen in naam van „sociale gerechtigheid” actief te steunen. Jehovah’s Getuigen hebben echter een neutraal standpunt bewaard, waardoor er een schitterend getuigenis is gegeven (Joh. 15:19). Sommige opstandelingen hebben de strijd zelfs gestaakt en hebben hun vertrouwen gesteld in Jehovah’s koninkrijk, de enige oplossing voor de moeilijke maatschappelijke problemen van de mensheid.

Een jonge vrouw van Mindanao, het op één na grootste eiland van de Filippijnse archipel, had een katholieke opvoeding genoten. Zij ging op een seminarie als „aspirante”, maar raakte weldra ontgoocheld en werd lerares. Ten slotte vertrok zij naar Manila om aan de universiteit verder te studeren. Nadat zij een jezuïetenkapelaan ten onrechte had horen vertellen dat de apostelen en vroege christenen de eersten waren geweest die er een communistische levenswijze op na hielden, raakte zij zeer actief betrokken in communistische organisaties en nam zij deel aan studentendemonstraties, waarbij zij dikwijls schouder aan schouder met nonnen en priesters marcheerde.

Toen zij weer thuis was, begon zij haar nieuwe ideeën aan haar leerlingen te onderwijzen. Dit leidde tot een conflict met haar meerderen en een korte gevangenisstraf. Toen zij uit de gevangenis werd vrijgelaten, dwong men haar ontslag te nemen als lerares. Dientengevolge trok zij de heuvels in, waar zij zeven maanden lang met een groep opstandelingen leefde. Zij werd verraden en gevangengenomen, waarna zij tien maanden werd vastgehouden, hetgeen haar de gelegenheid bood de Rooms-Katholieke Kerk aan een nauwkeuriger onderzoek te onderwerpen. Haar conclusie: dit is een afvallige religie.

Ten slotte kwam deze jonge vrouw in het bezit van het traktaat Heeft de religie God en de mens verraden?, uitgegeven door Jehovah’s Getuigen. Die boodschap bezat de klank der waarheid, vooral in het licht van al haar ervaringen. Dus nam zij contact op met de Getuigen, stelde vele vragen en kreeg bevredigende antwoorden. Ten slotte liet zij in 1974 haar communistische opvattingen varen en werd als een getuige van Jehovah gedoopt. Later was zij in de gelegenheid tot enkelen van haar vroegere „kameraden” te prediken — tot hun onuitsprekelijke verbazing.

In een ander geval werd een jonge man op Mindanao in een protestants gezin opgevoed. Teleurgesteld in religie sloot hij zich aan bij een groep guerrilla’s die beweerden dat zij kogelvrij waren wanneer zij bepaalde Latijnse gebeden opzeiden. Na verloop van tijd onderhandelde de regering met hun leider en werden zij in de strijd tegen bepaalde opstandelingen ingezet. Daarom maakte de jonge man zich van hen los en voegde zich bij een groep „echte” rovers. Zij hielden er geen politieke overtuiging op na, maar leefden van het plunderen van onschuldige mensen. Hun specialiteit was het in hinderlaag lokken en beroven van busreizigers.

Op een dag ging deze jonge man met een groot geldbedrag naar zijn vader. Maar zijn vader weigerde het geld en begon tot hem te prediken. Ja, de vader was nu een van Jehovah’s Getuigen. Hij gaf zijn zoon het boek De waarheid die tot eeuwig leven leidt en de jonge man nam het mee naar de schuilplaats van de bende. Hoewel de leider veel belangstelling toonde, kon hij het niet opbrengen zijn met roven zo gemakkelijk te verdienen geld op te geven. Maar de jonge man besefte dat dit eindelijk de waarheid was. Hij hield zich niet langer verborgen, kreeg amnestie van de regering en werd in 1973 gedoopt. Kort daarop werd hij een volle-tijdprediker of „pionier”.

UIT DE BAN DER DEMONEN BEVRIJD

De Filippijnen staan bekend om de zogenaamde gebedsgenezers die er wonen. Deze mensen beweren dat zij chirurgische ingrepen kunnen verrichten zonder verdoving of instrumenten. De patiënt voelt geen pijn als de „genezer” met zijn blote handen zogenaamd zijn lichaam binnendringt (zonder insnijdingen in de huid te maken) en operaties aan inwendige organen verricht. Er komen mensen uit Europa en Amerika om zich op deze manier te laten „opereren”.

Een jonge vrouw uit het noorden van Luzon had een tante die beweerde over dergelijke krachten te beschikken en die zich in staat achtte injecties toe te dienen uitsluitend door haar vingers te gebruiken. De jonge vrouw was onder de indruk en verlangde er hevig naar dezelfde krachten te bezitten, in de mening dat zij dan net als de vroege apostelen zou zijn. Zij bad vurig, maar zij ontving geen krachten.

In de veronderstelling dat het haar misschien aan geloof ontbrak, riep zij de hulp in van een van Jehovah’s Getuigen. De Getuige gaf haar het boek De waarheid die tot eeuwig leven leidt. Omdat zij het niet begreep, nam zij contact op met andere Getuigen, die de bijbel met haar begonnen te bestuderen. Zij bemerkte dat haar bijbelkennis toenam. Maar toch verlangde zij zo intens naar de gave van genezing, dat zij met haar tante bleef omgaan. Ook vroeg zij Jehovah in gebed haar die gave te schenken.

Op een avond werd de hele zaak haar duidelijk. Terwijl haar tante een genezingsseance hield, ging de jonge vrouw naar buiten om tot Jehovah te bidden. Toen kwam er uit het huis een stem die zei dat er buiten een sterke kracht aanwezig was die hun genezing verhinderde. De jonge vrouw besefte dat haar tante niets anders deed dan de hulp van geesten inroepen en dat Jehovah veel sterker was dan deze geesten. Daarom brak zij volledig met de „gebedsgenezers” en begon zij Jehovah te dienen, niet met de gave van genezing, maar door kennis te verbreiden omtrent de veel waardevollere geestelijke geneeskracht van Gods Woord. — Spr. 4:20-22.

Een andere vrouw op Mindanao bevond zich zeer vast in de greep van de demonen. Zij dacht dat zij ’s nachts, terwijl zij sliep, het vermogen had om haar lichaam te verlaten en als heks door de lucht te vliegen. Tijdens deze „reizen” meende zij dat zij omgang had met andere heksen en zelfs mensenvlees at.

Deze dromen vervulden haar met afgrijzen, maar zij kon niets doen om ze te verhinderen. Zij overwoog zelfs om zelfmoord te plegen. Op een dag raadde een adventist haar aan de bijbel te lezen. Maar aangezien zij niet begreep wat zij las, hielp zelfs dat haar niet. Ten slotte sprak zij met een van Jehovah’s Getuigen. De Getuige legde uit dat Jehovah sterker is dan welke demon maar ook. Er werd een gratis huisbijbelstudie begonnen en zij leerde dat zij zich in gebed tot Jehovah om hulp moest wenden. Wat een heerlijke opluchting was dat! De demonenaanvallen hielden op.

Op een dag kwam deze vrouw op de gedachte Jehovah op de proef te stellen. Die avond sloeg zij haar gebruikelijke bijbelstudie over en bad zij niet voordat zij ging slapen. En waarachtig — daar kwamen de levendige, weerzinwekkende dromen weer terug. Zij bad Jehovah om vergiffenis omdat zij hem op de verkeerde manier op de proef had gesteld. Sedertdien twijfelt zij niet meer aan de macht van Jehovah God om haar te bevrijden van de kwellingen van demonen.

DE OOGST DUURT NOG STEEDS VOORT

Ja, met Jehovah’s rijke zegen is er de afgelopen halve eeuw een groot geestelijk oogstwerk verricht in deze tropische republiek. In sommige plaatsen behoort een groot deel van de bevolking thans tot Jehovah’s Getuigen.

Jehovah’s volk hier is vastbesloten alle tijd die God nog zal toestaan tot de „grote verdrukking” aanbreekt, te benutten om anderen te helpen het schitterende voorrecht te genieten hun Schepper te mogen dienen. Ja waarlijk, Gods dienstknechten op de Filippijnen blijven zich ’in de oogsttijd verheugen’. — Jes. 9:3; Matth. 24:21.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen