Loochenen zij God uit arrogantie?
● Robert Jastrow, die aan het hoofd staat van het Amerikaanse Instituut voor Ruimte-onderzoek en zichzelf als een agnosticus beschouwt, is tot de conclusie gekomen dat het bestaan van God wetenschappelijk bezien veel geloofwaardiger is geworden dan voorheen. De ontwikkelingen, aldus zijn woorden, duiden erop dat het universum op een specifiek tijdstip is begonnen; het heeft dus „een begin” gehad „in de judees-christelijke betekenis van het woord”. Met het oog hierop vindt Jastrow het hinderlijk dat de meeste geleerden de mogelijkheid dat God het universum heeft geschapen, niet eens in overweging willen nemen. Waarom niet? Vaak, aldus zijn woorden, vanwege arrogantie. „De wetenschap kan de gedachte niet verdragen dat ze een belangrijk natuurverschijnsel nooit zou kunnen verklaren, zelfs niet met onbeperkte tijd en geldmiddelen.” Hij voegde eraan toe dat „onze collega’s” van het ontstaan van het universum „graag iets onbeduidends maken door het de ’Big Bang’ [Grote Knal] te noemen, en er op die manier in vuurwerk-termen over te spreken”.
Gods Woord, de bijbel, toont evenwel aan dat de mens, met de ogen van het verstand, Gods bestaan en onzichtbare hoedanigheden kan onderscheiden door middel van de dingen die Hij gemaakt heeft, en beschrijft degenen die weigeren het bestaan van de Schepper op grond hiervan te erkennen, als „leeghoofdig . . . in hun overleggingen”. — Rom. 1:19-21.