Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w78 15/1 blz. 30-31
  • Inzicht in het nieuws

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Inzicht in het nieuws
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1978
  • Onderkopjes
  • Bloed van een donor een offer?
  • Preken verkopen
  • Terugkeer uit de dood?
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1978
w78 15/1 blz. 30-31

Inzicht in het nieuws

Bloed van een donor een offer?

● De Philippines Daily Express meldde op 11 april 1977: „Boetelingen in Negros Occidental hebben een unieke manier gevonden om absolutie voor hun zonden te verkrijgen. De Diocesane Vastenactiecommissie . . . in de provincie organiseerde een uniek bloeddonorprogramma dat in de plaats kwam van het geselen en het dragen van het kruis.” Er werd bericht dat ongeveer honderd mannen „bij wijze van offer bloed hadden gegeven”.

Sommigen kan het menslievend toeschijnen wanneer personen bloed geven dat gebruikt zal worden voor transfusies. Op zijn minst enkelen schijnen kennelijk te geloven dat er religieuze verdienste in schuilt en dat het geestelijk voordeel oplevert dit te doen. Maar vanuit bijbels standpunt bezien baat een dergelijk „offer” de gever niet en is het in werkelijkheid in strijd met de wet van God.

De wijze koning Salomo in het Israël uit de oudheid erkende terecht in gebed tot God dat „er . . . geen mens [is] die niet zondigt” (1 Kon. 8:46). En geen onvolmaakt en zondig mens kan enig „offer” verschaffen dat hem zou vrijspreken van zijn eigen zonden of dat deze uitwerking op de zonden van anderen zou hebben. Alleen het loskoopoffer van Jezus Christus heeft deze reinigende kracht. De christelijke apostel Johannes stelde het in zijn brief aan medegelovigen als volgt: „Het bloed van Jezus . . . reinigt ons van alle zonde.” — 1 Joh. 1:7; Ps. 49:6-8.

Bovendien bevatte Gods wet aan zijn volk in oude tijden de bepaling dat bloed dat aan een lichaam was onttrokken, nergens voor gebruikt mocht worden, maar dat men zich ervan moest ontdoen (Deut. 12:16). Later werd christenen het duidelijke vereiste opgelegd zich ’te onthouden van bloed’ (Hand. 15:28, 29). ’Het geven van bloed bij wijze van offer’ heeft dus geen zin en wordt ook niet door God goedgekeurd.

Preken verkopen

● Het tijdschrift Parade weet te berichten: „Voor predikanten die ziek zijn, of lui of er geen zin in hebben iedere zondag voor een nieuwe preek te zorgen, bestaat er een ’preek te koop’-dienst die al jaren floreert.” Men kan zich van deze hulp verzekeren door zich op de preken te abonneren bij E. Thomas, predikant van de Anglicaanse St. Mary’s-​kerk in Alverstoke in Engeland. Hij zegt ongeveer 1000 preken te hebben verkocht aan personen van „alle religieuze denominaties over de hele wereld”.

De gedachte om via een abonnement regelmatig gereedgemaakte preken te ontvangen ten einde die op de kansel te kunnen gebruiken, kan sommige geestelijken aantrekkelijk toeschijnen, en ongetwijfeld bespaart het hun tijd en moeite. Maar hoe zouden dergelijke preken een weerspiegeling kunnen vormen van hun kennis van de bijbel of van de gevoelens die in hun eigen hart leven? Het is zeer onwaarschijnlijk dat dit bij dergelijke preken het geval zou kunnen zijn. En ook zou men niet mogen verwachten dat predikanten die ze gebruiken daarmee dezelfde diepe bezorgdheid voor anderen zouden kunnen tonen als de christelijke apostel Paulus aan de dag legde. Hij kon de ouderlingen van de gemeente te Efeze vertellen dat hij tijdens zijn verblijf bij hen „met de grootste ootmoedigheid des geestes de Heer als slaaf [had] gediend, met tranen en beproevingen”, terwijl hij zich „er niet van [had] weerhouden [hen] al de raad Gods te vertellen” (Hand. 20:17-20, 26, 27). Paulus sprak werkelijk vanuit zijn hart op een manier die Jehovah God eer verschafte en anderen hielp.

Terugkeer uit de dood?

● Julian DeVries, medisch redacteur bij The Arizona Republic schreef onlangs over een schijnbare „buitenlichamelijke toestand” die hij had ervaren toen hij in het ziekenhuis lag. Soortgelijke gevallen van anderen aanhalend, zei hij dat allen „net als ik schenen te hebben meegemaakt dat zij vanaf een grote hoogte . . . op hun lichaam neerkeken”. Maar zijn dergelijke personen werkelijk uit een doodstoestand teruggekeerd? „Deze mensen zijn niet gestorven, waarna zij dan slechts door wat een wonder genoemd moet worden, weer tot leven kwamen”, schreef DeVries. „Wetenschappelijk onderzoek van het verschijnsel toont aan dat de zogenaamde dood louter een aanzienlijke vermindering van alle lichaamsfuncties was.”

DeVries schreef dergelijke ervaringen toe aan een bepaalde „elektrochemische werking van de hersenen” die „plaatsvindt wanneer het fysieke activiteitsniveau een heel laag punt bereikt heeft”, zoals wanneer een patiënt onder een zware verdoving is. Onder dergelijke omstandigheden „komen in ongecontroleerde hoeveelheden neurohormonen en catecholaminen van het zenuwstelsel vrij”, verklaarde hij, eraan toevoegend: „Dit resulteert onder andere in de hallucinatie die na terugkeer tot het bewustzijn wordt uitgelegd als was men gestorven en weer tot leven teruggekeerd.”

Ervaringen van deze aard, waarbij mensen zich „buiten hun lichaam” voelden, zijn dus geen bewijs dat een onsterfelijke ziel het lichaam verlaat om na de dood buiten het lichaam het bestaan voort te zetten. De bijbel zegt veeleer: „Er is geen mens die niet zondigt” en „de ziel die zondigt, díe zal sterven” (1 Kon. 8:46; Ezech. 18:4). De enige schriftuurlijke hoop voor terugkeer uit de dood is door middel van de opstanding. — Hand. 24:13.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen