Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w76 15/7 blz. 442-443
  • Iedereen neme het water des levens om niet

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Iedereen neme het water des levens om niet
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1976
  • Vergelijkbare artikelen
  • Neemt u deel aan de grote strijd van het geloof?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1971
  • Jaarboek van Jehovah’s getuigen 1976
    Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1976
  • Deel 4 — Getuigen tot de verst verwijderde streek der aarde
    Jehovah’s Getuigen — Verkondigers van Gods koninkrijk
  • Godvruchtige tevredenheid heeft me staande gehouden
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2004
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1976
w76 15/7 blz. 442-443

Iedereen neme het water des levens om niet

„IK BEMERK zeer zeker dat God niet partijdig is, maar in elke natie is de mens die hem vreest en rechtvaardigheid werkt, aanvaardbaar voor hem.” Dit zijn de woorden van de apostel Petrus toen hij zag dat God zijn regeling openbaar maakte om de Romeinse legeroverste Cornelius, te zamen met diens huisgezin, in de christelijke gemeente te aanvaarden (Hand. 10:34, 35). Het is inderdaad Gods wil dat „alle soorten van mensen worden gered en tot een nauwkeurige kennis van de waarheid komen” (1 Tim. 2:4). In deze tijd toont God in een veel uitgestrekter gebied dan in de dagen van de apostel Petrus gunst aan mannen en vrouwen „uit alle natiën en stammen en volken en talen” (Openb. 7:9). Bovendien trekt hij mensen uit alle maatschappelijke standen en met allerlei achtergronden tot zich opdat zij de weg die naar het eeuwige leven leidt, zullen gaan bewandelen. — Joh. 12:32.

Het Afrikaanse land Nigeria verschaft een voortreffelijk voorbeeld van deze bijeenvergadering van alle soorten van mannen en vrouwen die God „met geest en waarheid” willen aanbidden (Joh. 4:24). Gedurende het jaar 1975 werden 16.291 personen gedoopt, en de 112.164 actieve getuigen van Jehovah aldaar werden de op één na grootste groep van deze christelijke mensen binnen de grenzen van welke natie maar ook. Er zijn in Nigeria tientallen stammen en vele taalgroepen — de Hausa, de Joruba en de Ibo, om er slechts enkele te noemen.

Onder deze Nigeriaanse stammen moet iemand die zich naar de christelijke maatstaven wil schikken, talloze hinderpalen overwinnen, zoals polygamie, fetisjisme, occultisme, enzovoort. En evenals in andere landen hebben mensen voordat zij tot een kennis van de bijbelse waarheid komen, zich gewoonlijk ingelaten met praktijken die in strijd zijn met de christelijke beginselen van liefde, vrede en een juiste moraal. Zij moeten veranderingen aanbrengen om God op een aanvaardbare wijze te dienen.

Neem bijvoorbeeld de Nigeriaanse man die hoofd van zijn clan en president van de plaatselijke, op het gewoonterecht stoelende rechtbank was. Hij was een vermogend man en had zes vrouwen en vierendertig kinderen. Zijn autoriteit als hoofd werd nog versterkt doordat hij lid was van een geheime orde en van verscheidene occulte genootschappen, terwijl hij terzelfder tijd was aangesloten bij de Anglicaanse (C.M.S.) Kerk. Toen begon hij met Jehovah’s Getuigen de bijbel te bestuderen. „Ik begon te beseffen”, zo zegt hij, „dat wereldse roem vergankelijk is. Ik legde mijn ambt als hoofd neer en zei mijn lidmaatschap van de occulte genootschappen en van de C.M.S. Kerk op.”

Deze man had er moeite mee zijn huwelijksaangelegenheden in orde te brengen opdat deze in overeenstemming zouden zijn met bijbelse beginselen. Maar hoewel het veel kosten voor hem meebracht, slaagde hij erin zijn levenswijze in harmonie te brengen met de bijbelse raad slechts één vrouw te hebben — zijn oorspronkelijke vrouw, die in de bijbel „de vrouw van uw jeugd” wordt genoemd (Spr. 5:18; Matth. 19:4-9). Hij liet zijn huwelijk met zijn eerste vrouw registreren en zond de andere vijf weg, terwijl hij er regelingen voor trof dat zij en hun kinderen geen gebrek zouden lijden. Aangezien hij nu aan de schriftuurlijke vereisten voldeed, werd hij als een ware volgeling van Jezus Christus gedoopt.

De ervaring van dit stamhoofd komt overeen met die van een ander voormalig hoofd van een clan en president van de clanrechtbank. Tijdens zijn eerste contact met de bijbelse waarheid, in de jaren veertig, had hij het te druk met zijn stamaangelegenheden om er zorgvuldig aandacht aan te schenken, maar deze waarheid liet hem niet los. In 1962 begon hij ernstig over zijn verplichtingen jegens God na te denken. Hij zag in dat hij zijn huwelijksprobleem moest oplossen (hij had elf vrouwen). Er gingen jaren voorbij, en toen, in 1970, las hij een artikel in het tijdschrift Awake! (Ontwaakt!) dat was getiteld: „Mijn leven als een polygamist.” Hij zegt: „Ik zag in dat de verteller vastbesloten en serieus was en dat God hem daarom de kracht schonk zijn problemen te overwinnen. God kon hetzelfde voor mij doen als ik serieus en vastbesloten zou zijn. Ik begon dus mijn extra vrouwen weg te doen en liet mijn huwelijk met mijn eerste vrouw registreren.” Nadat hij vervolgens de andere facetten van zijn leven in harmonie met bijbelse beginselen had gebracht, werd hij gedoopt, en thans is hij een ouderling in de gemeente Umuelemoha.

Tot de Nigerianen die thans als christelijke getuigen van Jehovah dienst verrichten, behoort een magnaat uit de zakenwereld die door politieke manipulaties een grote rijkdom had vergaard. Ook is een voormalige tabaksverkoper, die zich zo had verrijkt dat hij als een „geldmagnaat” bekend kwam te staan, een van hen geworden. Een andere man leerde de waarheid kennen toen hij op de Emugumarkt nederig werk verrichtte door goederen met een kruiwagen te vervoeren. Een jongeman, de lichtweltergewicht bokskampioen van de Oost-Centraalstaat, was zich op de titel van het wereldkampioenschap aan het voorbereiden toen hij de waarheid leerde kennen dat ’een slaaf van de Heer niet behoeft te strijden’ (2 Tim. 2:24). Ondanks tegenstand en beschuldigingen dat hij ’zijn natie verried’, gaf hij zijn veelbelovende bokscarrière op en werd hij als een van Jehovah’s Getuigen gedoopt. Nu is hij vastbesloten om „de voortreffelijke strijd van het geloof” te strijden ten einde het ’werkelijke leven stevig vast te houden’. — 1 Tim. 6:12, 19.

De ervaring van een kapitein van het verslagen Biafraanse leger doet denken aan die van de Romeinse legeroverste Cornelius. Hij nam gedurende de burgeroorlog de eerlijkheid en standvastigheid van Jehovah’s Getuigen waar, van wie velen destijds werden gehaat en mishandeld. De eerste week na de oorlog begon hij hun bijbelstudievergaderingen bij te wonen, en nu is hij een gedoopt lid van de gemeente van Jehovah’s Getuigen in Aba.

Ook was er in het Biafraanse leger een luitenant, een vrome katholiek, die sterk in de oprechtheid van de geestelijken geloofde. ’Maar’, zo zegt hij, ’hun activiteiten gedurende de burgeroorlog schokten mij. Zij kwamen naar het oorlogsfront om onze wapens te zegenen en gebruikten de preekstoelen als rekruteringscentrums voor het leger, maar aan het einde van de oorlog gingen zij overstag, zodat zij nu juist de zaak gingen veroordelen die zij vroeger hadden aangehangen, om maar in de gunst te komen bij de vertegenwoordigers van de overwinnende zijde. Ik kon deze schaamteloze huichelarij niet rijmen met het ware christendom. Toen begon ik waardering te krijgen voor de neutrale handelwijze van Jehovah’s Getuigen.’ Na de oorlog nam deze man er de tijd voor om de bijbelse waarheid te leren kennen en thans neemt hij een krachtig standpunt voor bijbelse beginselen in.

Zoals in alle landen het geval is, draagt een goede hartetoestand jegens God ertoe bij dat alle hinderpalen worden overwonnen en mensen, ongeacht hun leeftijd, beroep of vroegere levenswijze, Zijn gunst ontvangen. De boodschap die in Gods Woord is vervat, bezit kracht en sterkt iemand zowel in geestelijk als in moreel opzicht (Hebr. 4:12; Fil. 4:13). Over de gehele wereld zeggen elk jaar honderdduizenden tot degenen die het goede nieuws van Gods koninkrijk prediken: „Wij willen met ulieden gaan, want wij hebben gehoord dat God met ulieden is” (Zach. 8:23). Zij veranderen hun leven en hervormen hun persoonlijkheid, met eeuwig leven in het vooruitzicht (Rom. 12:2; Ef. 4:23, 24). Ja, in deze ernstige tijd luidt Gods hartverwarmende uitnodiging tot iedereen: „Een ieder die dorst heeft, kome; een ieder die wil, neme het water des levens om niet.” — Openb. 22:17.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen