Zou u werkelijk graag een verandering zien?
MILJOENEN mensen die het leven onder de thans bestaande toestanden meemaken, zouden graag een verandering zien.
Als mensen wordt gevraagd wat zij het liefst in de koppen van het nieuws bekendgemaakt zouden zien, zeggen sommigen wereldvrede, sommigen het verdwijnen van misdaad of milieuverontreiniging, of een geneesmiddel voor kanker. Anderen zeggen bepaalde politieke veranderingen te wensen. Ook de belastingen en het wereldvoedseltekort zijn onderwerpen die ter sprake komen.
Een wereld van vrede en overvloed, met reine lucht, zuiver water en gezond voedsel voor iedereen, een evenwichtige ecologie en het einde van onderdrukking, is inderdaad wenselijk.
Deze wereld zou een groot aantal veranderingen moeten ondergaan willen al deze wenselijke toestanden gelijktijdig bestaan. Hoe verstrekkend zouden de veranderingen zijn? Zouden er persoonlijke veranderingen in uw dagelijkse leven voor nodig zijn? Als dit zo is, zou u hier dan toe bereid zijn — zelfs als deze veranderingen u nu in ernstige ongelegenheid zouden brengen?
De verantwoordelijkheid voor de betreurenswaardige toestand van de wereld rust niet geheel en al op de regeerders. Als de mensen de wetten zouden gehoorzamen, zou er geen misdaadprobleem zijn. Als iedereen consideratie voor zijn buren, zijn collega’s, zijn werkgever en zijn werknemer had en eerlijk en vriendelijk met anderen omging, zouden er weinig vooroordeel en haat en geen werkonderbrekingen wegens stakingen zijn. Als iedereen bereid was te werken en zijn werk werkelijk met belangstelling en zorg deed, zou de economie veel stabieler zijn en zouden de belastingen sterk worden verlaagd.
Is dit alles thans echter het geval? Hoe denkt de gemiddelde arbeider bijvoorbeeld over de materialen, voorraden en gereedschappen van zijn werkgever? Redeneert hij: ’De kleine dingen die ik wegneem, zullen nooit worden gemist, en de firma kan het bovendien betalen’? Of denkt hij: ’De firma verdient bergen geld en zij betalen mij eigenlijk toch niet genoeg’? Gaan mensen over het algemeen niet zorgeloos met de eigendommen van anderen om? Wat doen zij met openbare faciliteiten zoals parken, toiletten, straten en openbare gebouwen? Hoe staat u hier tegenover? Het is niet gemakkelijk onze opvattingen en gewoonten ten aanzien van deze dingen te veranderen. Deze slechte gewoonten vormen echter enkele van de grondoorzaken van de moeilijkheden in de huidige maatschappij en zouden volkomen misplaatst zijn in een rechtvaardige maatschappij.
Als iedereen liefde voor zijn medemens had, zouden er ook geen oorlogen meer zijn. En als iedereen meer dan passief was in het uiten van zijn liefde, als men zich zou inspannen door zich moeite te geven anderen te helpen en zich evenveel om het welzijn van anderen als om zijn eigen welzijn zou bekommeren, zouden er werkelijk vrede en ontspanning komen. Toont u altijd die diepe achting voor uw medemens?
Het is duidelijk dat iedereen die in een begeerlijke wereld wil leven, stappen in die richting moet ondernemen, ja, grote veranderingen in zijn leven moet aanbrengen. Wie deze veranderingen niet zou aanbrengen en zijn leven in deze opzichten niet in orde zou brengen, zou moeilijkheden voor anderen veroorzaken. Hij zou een volkomen mislukkeling zijn. Hij zou de vrede en rust van die wereld niet verdienen.
De rechtvaardige nieuwe ordening die God belooft, is nu precies zulk een voortreffelijke, begeerlijke regeling, met als extra beloning eeuwig leven in volmaakte gezondheid. De bijbel beschrijft de goede toestanden die wij hebben besproken als een realiteit op aarde onder Gods Messiaanse Koninkrijksregering. Hoe lijkt dit alles u?
BENT U ZOWEL EEN DADER ALS EEN HOORDER?
Bijna iedereen zou zich graag in de materiële menselijke zegeningen verheugen die de bijbel belooft, doch niet allen willen hun levenswijze veranderen, van het materialisme afstappen en geestelijk gezind worden. Zij zijn te vergelijken met de joden in Babylon tot wie Gods profeet Ezechiël sprak. God zei tot Ezechiël:
„Zij zullen bij u binnenkomen, zoals de komst van volk, en voor u gaan zitten als mijn volk, en zij zullen stellig uw woorden horen, maar die zullen zij niet doen, want met hun mond uiten zij wellustige begeerten en naar hun onrechtvaardige winst gaat hun hart uit. En zie! gij zijt voor hen als een lied van zinnen strelende liefdes, als iemand die schoon van stem is en goed een snaarinstrument bespeelt. En zij zullen stellig uw woorden horen, maar er zijn er geen die ze doen.” — Ezech. 33:31, 32.
Als u werkelijk, in uw hart, graag de toestanden zou willen zien veranderen in de voortreffelijke toestanden van Gods nieuwe ordening, zult u als degenen zijn tot wie de apostel Petrus zei: „Wordt gered uit dit kromme geslacht.” Zij vroegen met de grootste ernst: „Broeders, wat zullen wij doen?” (Hand. 2:37, 40) U zult dezelfde houding aan de dag leggen als de belastinginner Zachéüs, die, toen hij naar Jezus’ onderwijs had geluisterd, onmiddellijk en met grote kosten voor zichzelf stappen ondernam om het onrecht dat hij had gedaan goed te maken en zijn leven te beteren (Luk. 19:2, 8, 9). U zult als Lydia uit de stad Thyatíra zijn, die geen uitvluchten had of innerlijke bedenkingen maakte, met het gevolg dat „Jehovah . . . haar hart wijd [opende], zodat zij aandacht schonk aan de dingen die door [de apostel] Paulus werden gezegd”. — Hand. 16:14, 15.
EEN INGRIJPENDE DOCH ZEGENRIJKE VERANDERING
De enige die de verandering kan teweegbrengen waardoor alle genoemde begeerlijke dingen zullen worden ingevoerd, is de Schepper: „Gij opent uw hand en verzadigt de begeerte van al wat leeft” (Ps. 145:16). Deze verandering zal van invloed zijn op al wat leeft, want de symbolische „grondvesten” der aarde zijn uit balans. Jehovah sprak over de onrechtvaardigheden van de heersers en rechters van zijn verbondsvolk Israël en zei met betrekking tot de toestand waarin zijn volk verkeerde: „Zij hebben niets geweten, en zij begrijpen niets; in duisternis blijven zij rondwandelen; alle grondvesten der aarde worden aan het wankelen gebracht” (Ps. 82:5). Bij monde van zijn profeet Jesaja, zei God: „Het land is gaan treuren, is vervallen. Het produktieve land is verwelkt, is vervallen. De hogen van het volk des lands zijn verwelkt. En het land zelf is bezoedeld onder zijn bewoners, want zij hebben de wetten overtreden, het voorschrift veranderd, het voor onbepaalde tijd durende verbond verbroken.” — Jes. 24:4, 5.
Deze woorden zijn op grotere schaal en op een meer wijdverbreide wijze van toepassing op de christenheid, die beweert in een verbond met God te staan. De psalmist schildert de stand van zaken echter af zoals deze dient te zijn en in Gods nieuwe ordening zal zijn. In een geïnspireerd lied wordt aan alle soorten van mensen, mannen en vrouwen, jong en oud, het gebod gegeven Jehovah te loven, en met hen „gij wilde dieren en al gij huisdieren, gij kruipende dieren en gevleugelde vogels” (Ps. 148:10-13). De hele schepping zal dus weer in harmonie gebracht worden, met geluk en onbeperkte zegeningen voor allen.
Er valt dus niet aan te ontkomen dat er in het leven van elk mens, dat wil zeggen in het leven van een ieder die onder de omstandigheden wil leven waarvoor God de mens oorspronkelijk heeft geschapen, een ingrijpende, veelomvattende verandering moet plaatsvinden. De verandering is echter beslist de moeite waard en is de enige manier om werkelijk gelukkig te worden. Hoe kan deze verandering tot stand worden gebracht? Deze vraag wordt behandeld in het volgende artikel: „Wat wilt u doen?”