Vreugdevolle ervaringen in de pioniersdienst
TYPEREND voor de vreugdevolle ervaringen die men in de pioniersdienst kan opdoen, zijn de volgende belevenissen van een pionierster in Quebec:
„In de maand november accepteerde Mevrouw A——— de aanbieding, die uit brochures bestond. Tijdens het eerste nabezoek werd zij aangemoedigd haar bijbel te lezen. Tijdens het tweede nabezoek had zij een hele bladzijde vol bijbelse vragen die zij graag beantwoord wilde hebben. Bij het derde nabezoek spraken wij af de bijbel systematisch te bestuderen met behulp van ’God zij waarachtig’, dat wij te zamen met het boek Van het verloren naar het herwonnen paradijs bij haar hadden achtergelaten. De dag nadat wij bij haar waren geweest, belde zij op om nog een Paradijs-boek en een bijbel te bestellen voor haar zuster, Mevrouw B———.
Toen wij arriveerden om met haar voor de eerste maal de bijbel te bestuderen, nam zij ons, nog voordat wij onze mantel konden uitdoen, mee naar de piano, waar zij al haar crucifixen, haar rozenkransen, haar gebedenboeken en zelfs haar grote katholieke bijbel die ƒ 126 had gekost, had uitgestald. ’Wat van dit alles zal ik houden? Wat moet ik vernietigen?’ vroeg zij. Wij raadden haar aan haar bijbel te houden en ook de catechismus, om een vergelijking te kunnen trekken.
Ondertussen nam een Getuige in onze gemeente contact op met Mevrouw B——— en er werd een afspraak gemaakt voor een avond waarop haar man thuis zou zijn. De Getuige vroeg mij haar te vergezellen, daar de echtgenoot alleen Engels spreekt. Er werd een studie in de brochure ’Dit goede nieuws van het koninkrijk’ begonnen en wat lectuur achtergelaten.
De volgende week stelde de Heer B——— vele, vele vragen. Toen zei hij: ’Bezoek mij nu twee weken niet. Er is geen twijfel aan of wij zullen Jehovah’s getuigen worden, maar ik heb eerst heel wat te overdenken en te lezen. Dit zal een grote verandering in ons leven betekenen en ik wil er zeker van zijn dat ik het enig juiste doe. Mijn vrouw kan met u blijven studeren, maar ik wil twee weken wachten.’
In de loop van deze twee weken werd in onze Koninkrijkszaal een film van het Genootschap gedraaid en de Heer en Mevrouw B——— en Mevrouw A——— gingen erheen. Zij waren zeer onder de indruk van de film, alhoewel de Heer B——— het Franse commentaar niet kon verstaan. Hij vraagt reeds waar hij Engelse vergaderingen kan bijwonen.
Gedurende deze twee weken moest hij een reis maken voor zijn firma. Hij pakte niet alleen zijn Nieuwe-Wereldvertaling van de bijbel, maar ook ’De waarheid zal u vrijmaken’ en het Paradijs-boek in, die hij beide helemaal uitlas. Toen hij vertrok, wilde zijn dochtertje hem een medaille geven, met de woorden: ’Die zal u geluk brengen, papa’, waarop hij antwoordde: ’Wij hebben die medailles nu niet meer nodig, schat; God is thans bij ons. Gooi ’em maar in de kachel.’ Wij beginnen nu met dit gezin het Engelse ’God zij waarachtig’ te bestuderen.
Mevrouw A——— heeft zich ondertussen een grote klemband aangeschaft en wanneer zij een nieuwe waarheid leert, neemt zij deze in haar klemband op als Waarheidspunt nummer 1, Waarheidspunt nummer 2, enzovoorts. Zij is nu aan nummer 62. Elk waarheidspunt wordt gevolgd door een schriftplaats die het bewijs ervoor levert. Zij spreekt erover met haar buren, en wanneer zij een nieuwe waarheid leert, deelt zij deze met haar zuster.
De Heer B——— zei bij het tweede bezoek, nadat hij de brochure Een leven leiden van hoop op een rechtvaardige nieuwe wereld had gelezen: ’Het hele doel is dus dat wij predikers van dit goede nieuws worden. Hoeveel uur dienen wij per maand aan de bediening te besteden?’
Dit is slechts een van de vele prachtige ervaringen die wij de laatste tijd hebben beleefd. Ik denk ook aan de leraar die naar het dienstcentrum kwam om iemand te zoeken die met hem wilde studeren. Hij had twee tijdschriften genomen en er was niemand teruggekomen om ze hem uit te leggen. Hij had zo veel vragen en wilde onze geloofsovertuiging graag helemaal doorgronden. Wij studeren dus met hem tussen de lessen die hij op school geeft en de cursus die hij aan de universiteit volgt door.
Dan is er nog de zondagsschoolonderwijzeres die de bijbel zo graag wilde begrijpen, dat zij zelfs tegen haar man zei: ’Het ziet ernaar uit dat ik een van die getuigen van Jehovah zal moeten laten komen om mij te onderwijzen. Zij schijnen de enigen te zijn die hun bijbel kennen.’ Toen mijn dochter bij haar aanbelde, zei zij: ’Ik weet zeker dat God u als antwoord op mijn gebed heeft gezonden.’ Zij is een bijzonder enthousiaste leerling.
Wij zijn Jehovah heel dankbaar voor alle vreugdevolle ervaringen die hij ons gegeven heeft. Het is een waar genoegen Hem in deze tijd te dienen en anderen de Koninkrijkshoop te schenken.”