Prediken op de gehele bewoonde aarde
PRECIES twee dagen voor zijn dood sprak Jezus een profetie uit die tijdens zijn tweede tegenwoordigheid, net voorafgaand aan het einde van het samenstel van dingen, in vervulling zou gaan. Hij zei onder andere: „Dit goede nieuws van het koninkrijk zal op de gehele bewoonde aarde worden gepredikt om alle natiën een getuigenis te geven.” — Matth. 24:14, NW.
Sta eens een ogenblik bij deze woorden van Jezus stil. Denk er eens over na wat er voor nodig zou zijn om ze in vervulling te doen gaan, de tijd, de energie, het geld, de arbeidskrachten en de organisatie die erbij betrokken zouden zijn, om nog maar niet te spreken van de bereidwilligheid, vastberadenheid en moed van de predikers! Wat een enorme onderneming Gods koninkrijk tot de miljarden bewoners der aarde te prediken!
Daar Jezus echter zei dat er een dergelijke Koninkrijksprediking zou worden verricht, en daar de ongeëvenaarde gebeurtenissen van deze generatie onze tijd aanduiden als de periode waarin dit zal gebeuren, rijst de vraag: Wat wordt er in dit verband gedaan? Meer dan velen beseffen. Nu u met ons, in het voorgaande artikel, de organisatie die het Koninkrijksgetuigenis op de manier zoals de bijbel aangeeft, verricht, hebt geïdentificeerd, zult u veel voordeel trekken van een kijkje in de wereldomvattende werkzaamheden.
HET TEGENWOORDIGE HOOFDBUREAU
Zoals Jeruzalem de plaats was waar het hoofdbureau van de christengemeente van de eerste eeuw was gevestigd, is thans het hoofdbureau van waaruit het wereldomvattende predikingswerk wordt geleid, strategisch in Brooklyn, New York, gelegen. Indien men Brooklyn over de Manhattan-brug of de Brooklyn-brug binnenkomt, ziet men twee grote, roomkleurige gebouwen met groen schilderwerk die zich van de ene brug tot de andere uitstrekken. Hier, op deze ideale plaats, dichtbij de beste verschepingsfaciliteiten ter wereld, en waar ze iedere dag door duizenden personen kunnen worden gezien, bevinden zich de drukkerijen van het hoofdbureau van Jehovah’s getuigen, waar dagelijks honderdduizenden bijbels, boeken en tijdschriften die Gods koninkrijk bekendmaken, worden gedrukt.
Nog geen tien minuten lopen verder, met uitzicht op de beroemde haven van New York en net tegenover de wolkenkrabbers van Lower Manhattan aan de overkant van de rivier, liggen twee aantrekkelijke rood-stenen gebouwen van twaalf verdiepingen waarop rechthoekige torens staan. Deze vormen het internationale hoofdbureau van het Wachttorengenootschap en het tehuis van het personeel van het hoofdbureau en de studenten die de Wachttoren Bijbelschool Gilead bezoeken. Deze bijbelschool, de kantoren van waaruit het wereldomvattende predikingswerk wordt geleid en het bijkantoor van het Genootschap voor de Verenigde Staten zijn alle in deze gebouwen ondergebracht. Wat wordt hier nu echter precies gedaan in verband met de wereldomvattende Koninkrijksprediking die Jezus heeft voorzegd? Laten wij eens een bezoek brengen aan het hoofdbureau van de Wachttoren en zelf een kijkje nemen.
BEZOEK AAN BETHEL
Wanneer de twee grote gebouwen van het hoofdbureau in de prettige woonwijk Columbia Heights in het gezicht komen, raakt een bezoeker al direct onder de indruk van de omvang. Ze zijn beide ruim 30 meter hoog en beslaan het grootste deel van twee stadsblokken. Daarom verbaast het niemand te horen dat er gemakkelijk 950 personen, in kamers voor twee personen, kunnen worden ondergebracht. Om bij de ingang van het nieuwste van de twee gebouwen te komen, loopt men door een smeedijzeren hek en dan over een voetpad van 38 meter lang door een prachtige tuin waarin een overvloed aan veelkleurige bloemen. Dit huis wordt Bethel genoemd, want die naam betekent „Huis van God”.
Alle personen die op Bethel wonen, zijn geordineerde predikers van Jehovah’s getuigen die er, net als hun ruim 900.000 mede-predikers over de gehele wereld, levendig belang in stellen dat de boodschap van Gods koninkrijk op de gehele bewoonde aarde wordt gepredikt. Om die reden beschouwt ieder van hen het als een voorrecht werk op Bethel te mogen verrichten ter bevordering van dat predikingswerk. Dit doen zij vrijwillig zonder enige materiële vergoeding dan voedsel en onderdak en een toelage van $14,– (ƒ 50,–) per maand voor hun persoonlijke behoeften.
Terwijl er twaalf jaar geleden slechts 355 personen nodig waren om het werk op Bethel te behartigen, bestaat de familie thans uit 654 leden, die 33 nationaliteiten vertegenwoordigen. Daarnaast zijn er ieder jaar ruim 100 Gileadstudenten uit tientallen landen die de school bezoeken; ieder jaar begint er een nieuwe klas. Het is dus beslist een internationale familie, en toch heerst er een wonderbaarlijke eenheid en liefde onder hen! U zult zich er een idee van kunnen vormen hoe deze familie en alle getuigen van Jehovah ter wereld zo in vrede en eenheid kunnen wonen wanneer u het begin van een normale werkdag meemaakt.
Om 6.30 uur ’s ochtends gaat er in beide gebouwen een bel om de familie te wekken en enkele minuten voor zeven beginnen zij uit hun kamers te komen en begeven zij zich de trap af naar het souterrain, waar zich twee enorme eetkamers bevinden die plaats bieden aan 950 personen. Degenen die in het nieuwe gebouw wonen, kunnen in de eetkamers komen via een brede gang die onder de straat door loopt.
Om precies zeven uur doet de president, of indien hij afwezig is de vice-president, het verzoek de schriftplaats voor die dag voor te lezen uit het Yearbook of Jehovah’s Witnesses. Dan geeft hij enkelen, die hiervan van tevoren op de hoogte zijn gesteld, het woord en zij beantwoorden vragen die op de bijbeltekst voor die dag betrekking hebben. Zij allen hebben een aanzienlijke hoeveelheid tijd aan de voorbereiding besteed en hun voortreffelijke commentaar hoort men in beide eetkamers door middel van de luidsprekers. Om de paar weken komt ieder lid van de familie aan de beurt om aan de ochtendbespreking deel te nemen. Tot slot voegt de president er zijn eigen opmerkingen aan toe. Dan wordt er een gebed opgezonden voordat het ontbijt wordt opgediend. Door deze dagelijkse, twintig tot dertig minuten durende geestelijke beschouwingen wordt Gods rechtvaardige wet in de geest en het hart gegrift en wordt men aangemoedigd zich de gehele dag door Zijn Woord te laten leiden. Tot een dergelijke beschouwing van Gods Woord moedigen Jehovah’s getuigen de mensen aan bij hun predikingswerk over de gehele aarde. Dit werpt werkelijk voordelen af.
Na vijftien of twintig minuten wordt het ontbijt met gebed besloten en begeven de leden van de familie zich op weg om de hun toegewezen taak in het huis en de drukkerijen te gaan verrichten, terwijl de studenten de straat oversteken naar hun klaslokalen op de tweede verdieping van het nieuwe gebouw. Om acht uur ’s ochtends draaien de drukpersen, ratelen de schrijfmachines en zijn degenen die de huishouding doen druk bezig met het opmaken van de bedden en het schoonmaken van het huis.
BEZOEK AAN DE DRUKKERIJEN
Misschien vraagt u zich af wat de 420 predikers die zich op weg naar de drukkerijen begeven daar doen. Wanneer u de twee gebouwen nadert — het ene telt negen verdiepingen en het andere dertien, terwijl ze twee stadsblokken beslaan — kunt u zich voorstellen dat er minstens zoveel personen nodig zijn. Deze drukkerijen hebben namelijk een vloeroppervlakte van 32.900 m2! Dit is echter noodzakelijk om zorg te kunnen dragen voor de grote hoeveelheid werk die er nodig is om de wereldomvattende Koninkrijksprediking te vergemakkelijken.
Op de dertiende verdieping van de nieuwe drukkerij bevindt zich een systeem met ruim 1.500.000 adresplaatjes van Wachttoren- en Ontwaakt!-abonnees. Daar ziet u ook zestien stempelmachines staan waarmee de adresplaatjes worden gestempeld. Beneden op de zesde verdieping, waar de twee gebouwen door een brug die de straat overspant zijn verbonden, staan twee vlakdruk- en zestien grote rotatiepersen, waarvan er drie elk bijna 500 tijdschriften per minuut kunnen produceren. De helft van deze persen is de afgelopen zes jaar gekocht om gelijke tred te houden met de enorme vraag van de Koninkrijksverkondigers naar bijbelse lectuur.
In 1961 werden er 115.111.230 exemplaren van De Wachttoren en Ontwaakt!, 5.567.364 bijbels en gebonden boeken, en miljoenen brochures gedrukt. In totaal wordt er in Brooklyn lectuur gedrukt in 128 talen. In andere drukkerijen van de Wachttoren over de gehele wereld, waar lectuur in vierendertig andere talen wordt gedrukt, werden in 1961 69.000.000 exemplaren van De Wachttoren en Ontwaakt! gedrukt. Dit betekent dat er iedere dag van het jaar ruim een half miljoen tijdschriften van de persen komen die door de Koninkrijksverkondigers kunnen worden gebruikt.
Het zal u tijdens uw bezoek aan de drukkerij ook interesseren de tweeëntwintig linotype zetmachines te zien — meer dan men in menige grote nieuwsbladdrukkerij aantreft. Deze worden gebruikt om het metalen zetsel van de tientallen publikaties te vervaardigen. De styperij maakt voor het drukken op de rotatiepersen halfronde platen van het metalen zetsel en de twee grote nikkeltanks brengen een dun laagje nikkel op de platen aan, zodat ze ruim een miljoen tijdschriften kunnen drukken zonder af te slijten. Op uw rondgang door het bedrijf ziet u ook dertien kleinere vlakdrukpersen en degelpersen. Ieder jaar worden hierop talloze miljoenen formulieren van verschillende soorten gedrukt, alsook ongeveer 145 miljoen pamfletten waarop bijbellezingen worden aangekondigd.
De binderij zult u wel niet willen overslaan. Het is fascinerend de boeken door de brocheermachine en ten slotte naar de inhangmachine te zien gaan, waar de band wordt aangebracht. Met de drie machines van dit type die hier worden gebruikt, worden er gemiddeld 30.000 boeken en bijbels per dag gebonden. De binderij heeft reeds meer dan 2.300.000 exemplaren van de New World Translation of the Holy Scriptures verzorgd sedert het eerste in april 1961 klaar was.
Het Wachttorengenootschap maakt bovendien zijn eigen inkt (100 ton per jaar in zo’n 50 kleuren) en verf voor het onderhoud van de gebouwen (in het afgelopen jaar 9500 l); er werd ook 80 ton plaksel en lijm vervaardigd voor de bind- en verzendafdeling.
De prachtige ladenkasten, boekenkasten en bureaus die worden gebruikt om de kamers van het Bethelhuis te meubileren, zijn alle in deze moderne timmermanswerkplaats gemaakt. Verschillende machines die wij op onze rondgang door de drukkerij hebben gezien, zijn ontworpen en gemaakt door degenen die in de machinewerkplaats werken. Deze afdelingen besparen per jaar tienduizenden dollars aan bedrijfsonkosten, en dit geld kan rechtstreeks worden gebruikt om het predikingswerk te verlichten.
Men moet er wel van doordrongen zijn dat dit een organisatie is, die het vervullen van Jezus’ profetie betreffende de prediking op de gehele bewoonde aarde, ernstig opneemt.
UITBREIDING VAN KONINKRIJKSPREDIKING DOOR SCHOLEN
Op de Koninkrijksboerderij, een van de boerderijen van het Genootschap die het voedsel voor de Bethelfamilie verzorgen, bevindt zich een Koninkrijks-Bedieningsschool die in een cursus van een maand de gemeente-opzieners en speciale vertegenwoordigers van Jehovah’s getuigen overal in de Verenigde Staten een gespecialiseerde opleiding en bijbelstudie biedt. Sedert de aanvang in maart 1959, hebben 2281 studenten de cursus doorlopen, terwijl er in vele andere landen overal ter wereld eveneens dergelijke scholen bestaan. Wat is nu echter het verschil tussen deze school en de Gileadschool, die met zijn prachtige klaslokalen en bibliotheek van 10.000 werken op Bethel in Brooklyn is ondergebracht?
Tijdens de tweede wereldoorlog opperde de president van het Wachttorengenootschap het idee een school op te richten voor het opleiden van zendelingen die de Koninkrijksboodschap in afgelegen gebieden zouden kunnen prediken. Dit voorstel werd door de raad van directeuren enthousiast goedgekeurd en in februari 1943 werd een begin gemaakt met de eerste klas van de Gileadschool op de Koninkrijksboerderij. Totdat deze school in 1961 naar het hoofdbureau in Brooklyn werd overgebracht, hadden 3638 studenten uit 95 landen de vijf maanden durende cursus doorlopen en waren zij naar meer dan 100 verschillende landen uitgezonden. Zij zijn in vele van deze gebieden met het predikingswerk begonnen en in de loop der jaren hebben letterlijk duizenden mede-predikers die gehoor gaven aan de boodschap, zich bij hen aangesloten.
De Gileadschool in Brooklyn heeft nu een tien-maanden-cursus, waardoor rijpe predikers worden opgeleid om zorg te dragen voor deze grote organisatie van predikers die in andere landen is opgebouwd. Op deze manier wordt de wereldomvattende organisatie van Jehovah’s getuigen in harmonie met de Schrift en de gedragslijn die men op het hoofdbureau volgt, geleid. Deze mensen krijgen ook praktisch onderwijs en ervaring in alle facetten van het drukken, opdat ook de drukkerijen in andere landen doeltreffend zullen werken.
In 187 landen over de gehele wereld prediken Jehovah’s getuigen één verenigde boodschap betreffende Gods koninkrijk. De groei van dit predikingswerk en de manier waarop het wordt verricht, zullen u beslist interesseren, want hoewel de boodschap dezelfde is, zijn de gewoonten van de mensen en de manier waarop zij op de boodschap reageren vaak zeer verschillend.
EUROPA EN AZIË
Het door de oorlog geteisterde Europa is een vruchtbaar gebied voor de prediking van het goede nieuws van het Koninkrijk geweest, terwijl de vooruitgang in Azië langzamer is verlopen door de slavernij van de volken daar aan diep gewortelde heidense tradities die het moeilijk maken de bijbelse waarheid te aanvaarden. Hoewel er in het oorlogsjaar 1942 slechts 22.796 getuigen van Jehovah in dertien landen van Europa waren, en 406 predikers in zes Aziatische landen, was het totaalaantal tien jaar later tot bijna het zevenvoudige gestegen, tot 161.141 in drieënveertig landen. Sindsdien is het aantal Koninkrijkspredikers in Europa en Azië verdubbeld — het heeft de 349.000 overschreden — en zijn zij aan beide zijden van het IJzeren Gordijn werkzaam.
In tien landen achter het IJzeren Gordijn zijn ruim 120.000 getuigen van Jehovah druk bezig met het prediken van de boodschap van Gods koninkrijk en voor velen heeft dit tot gevangenisstraffen en de dood geleid. Vier van de studenten die de huidige Gilead-cursus doorlopen, hebben in totaal vijfentwintig jaar in communistische gevangenissen doorgebracht; ondanks dat bleven zij studeren en prediken. Onlangs vertelde een van hen hoe zij dit deden: „Gedurende onze wandeling van 15 minuten op het binnenplein van de gevangenis fluisterden wij iedere dag tegen de gevangene die voor ons liep wanneer de bewaker niet keek. Wij wisten dat indien wij ontdekt werden, dit drie weken eenzame opsluiting zou betekenen. De prediking moest echter worden verricht en daarom pasten wij deze methode toe. Onze broeders waren werkelijk een probleem voor de gevangenbewaarders. Dezen wisten dat indien zij ons bij elkaar zouden zetten, wij de hele dag zouden studeren, en dat wij, indien zij ons uit elkaar zouden houden, tot alle mogelijke personen zouden prediken.”
In West-Europa gebeurt het predikingswerk vrij van de beperkingen waaraan het achter het IJzeren Gordijn onderhevig is, en groeit het wonderbaarlijk. Naarmate de bevolking en de autoriteiten beter op de hoogte geraken van wat Jehovah’s getuigen doen, gaan zij meer naar hun boodschap luisteren en zijn zij blij wanneer er vergaderingen in hun steden worden gehouden. In Nederland bijvoorbeeld, waar Jehovah’s getuigen na de oorlog over het algemeen wantrouwend en vijandig werden bekeken, wordt er in de pers nu gunstig over hun werk gesproken en onlangs werden zij door een radiostation uitgenodigd aan een programma mee te werken waarin hun organisatie en overtuiging nader werden toegelicht.
Het grootste deel van de lectuur die overal in Europa wordt gebruikt, wordt in de verschillende Europese landen gedrukt. In Groot-Brittannië, waar een hoogtepunt van ruim 49.000 verkondigers is bereikt, kwamen in de nieuwe drukkerij in 1961 18 1/2 miljoen exemplaren van De Wachttoren en Ontwaakt! van de persen. In West-Duitsland prediken meer dan 70.000 getuigen van Jehovah; zij hebben een groot Bethelhuis en een drukkerij in een prachtige, bosrijke streek bij Wiesbaden. Vorig jaar werden daar bijna 19 miljoen exemplaren van de Duitse Wachttoren en Ontwaakt! gedrukt. Ook in de drukkerijen in Denemarken, Zweden, Finland en Zwitserland komen er jaarlijks miljoenen exemplaren van deze bijbelse tijdschriften in verschillende Europese talen van de persen.
Hoewel het predikingswerk in Azië niet zo wijdverbreid is als in Europa, wordt er op sommige plaatsen goede vooruitgang geboekt. Met deze mensen van de oriënt over Gods koninkrijk spreken is heel iets anders dan er met Europeanen over spreken. Het is interessant predikers uit Japan en Korea bijvoorbeeld het predikingswerk daar te horen beschrijven. De bevolking is zeer beleefd en hoffelijk, zo zeggen zij. Bij veel huizen wordt men binnengenodigd en krijgt men de gelegenheid een bijbeltoespraakje te houden.
De bewoners van Azië houden ervan iets te leren en zijn gewoonlijk gaarne bereid een bepaald onderwerp te bespreken. In de regel zullen zij de bijbelse lectuur die hun wordt aangeboden gretig aanvaarden. De familiebanden die hen aan eeuwenoude religieuze tradities gekluisterd houden, zijn echter zeer krachtig en het is dikwijls moeilijk voor hen ze te verbreken en hun standpunt voor de bijbelse waarheid in te nemen. Wanneer zij dit echter doen, en met steeds meer mensen is dit het geval, brengt de waarheid een verbazingwekkende hervorming in hun leven teweeg en worden zij ijverige predikers van de waarheid. Ongeveer 7 percent van de getuigen van Jehovah in Korea zijn volle-tijd-predikers die ten minste honderd uur per maand aan de prediking besteden, en meer dan 1000 van de 4200 Getuigen hebben al eens een aandeel aan deze volle-tijd-prediking gehad.
Ofschoon er in India maar zeer langzaam op het predikingswerk is gereageerd en er minder dan 2000 Getuigen zijn, hebben enkele pas-geïnteresseerden een uitzonderlijke ijver aan de dag gelegd. In een brief die onlangs uit India werd ontvangen, wordt verteld over verschillende grote gezinnen die de waarheid hebben aanvaard. „Zij hebben hun eigen Koninkrijkszaal gebouwd en zijn ijverig en één van zin in de waarheid. Zelfs de kleine kinderen van tien jaar zijn in staat vrijmoedig en doeltreffend het hele toespraakje zelfstandig te houden. Hun gebruik van de bijbel is prijzenswaardig. . . .”
In enkele van de gebieden vormen de afstanden en het reizen een probleem. Toch zijn de Getuigen in Azië vastbesloten een aandeel te hebben aan het prediken van het goede nieuws.
AFRIKA
Het predikingswerk van Jehovah’s getuigen heeft waarschijnlijk in geen ander continent een zo enorme invloed uitgeoefend als in Afrika. Degenen die Jehovah’s getuigen zijn geworden, hebben afgedaan met heidense bijgelovigheden, geloofsovertuigingen en gewoonten en zich naar de hoge morele maatstaven van de bijbel, waartoe ook het vereiste trouw te zijn aan slechts één huwelijkspartner behoort, gericht. De waardering voor de bijbelse waarheid heeft deze Afrikanen ertoe aangezet doeltreffende predikers te worden, met als gevolg dat het aantal Koninkrijkspredikers in Afrika in tien jaar tijd zevenmaal zo groot is geworden en is gestegen van 10.070 in 1942 tot 72.228 in 1952. Sindsdien heeft dit aantal zich bijna verdubbeld, tot ruim 134.000 predikers van het goede nieuws.
De regeringsautoriteiten en werkgevers staan eenvoudig versteld over de ommekeer in de Afrikanen die Jehovah’s getuigen worden. Zij ontwikkelen zich tot de meest betrouwbare arbeiders en de meesten van hen leren lezen dank zij de lees- en schrijflessen die er in de Koninkrijkszalen worden gegeven. Hun reusachtige vergaderingen zijn echter nog het meest opmerkenswaardig, want daar zijn soms meer dan 30.000 getuigen van Jehovah uit vele verschillende stammen vreedzaam als broeders bijeen. De regeringsautoriteiten die er aanwezig waren om zelf eens te zien hoe men dit bereikte, keken hun ogen uit.
Hier en daar zijn gehele dorpen getuigen van Jehovah geworden, waardoor het nodig is dat zij om te prediken naar andere plaatsen reizen. Door een dergelijke opmerkenswaardige expansie van het predikingswerk kon het gebeuren dat er in Noord-Rhodesia op iedere 81 personen een Koninkrijksverkondiger is; in Nyasaland op iedere 194 personen één en in Zuid-Rhodesia één op de 245 inwoners. Drie jaar geleden werd er in Johannesburg, Zuid-Afrika, een groot Bethelhuis met een drukkerij geopend, waar per jaar meer dan twee miljoen exemplaren van De Wachttoren en Ontwaakt! in negen Afrikaanse talen worden gedrukt. Afrika kan, in geestelijk opzicht, niet langer het donkere werelddeel worden genoemd.
EILANDEN IN DE WERELDZEEËN
De Koninkrijksboodschap is zelfs tot de afgelegen eilanden van de Atlantische en Stille Oceaan en de Caraïbische en Middellandse Zee doorgedrongen. Op vele van deze eilanden, waaronder de Filippijnen, Australië en Nieuw-Zeeland, is het goede nieuws van het Koninkrijk een warm onthaal bereid. Hoewel er in 1942 nog maar 5570 Koninkrijkspredikers op negen eilanden waren, was het aantal tien jaar later tot 44.111 op 27 eilanden gestegen. Nu is het aantal predikers echter verdubbeld en tot ruim 89.000 gestegen, die het goede nieuws op meer dan 60 eilanden en eilandengroepen in de wereldzeeën uitdragen.
Een brief die wij onlangs van de Salomonseilanden ontvingen, geeft ons een idee van de opmerkelijke ontvangst die de Koninkrijksboodschap soms wordt geboden. Enkele dorpelingen waren ontevreden geworden over de religie die de zendelingen van de christenheid hun brachten en hadden hun eigen geloof gesticht. Daar zij zich voor religie interesseerden, stuurden zij, toen zij over het werk van Jehovah’s getuigen hoorden, enkele vertegenwoordigers naar de hoofdstad Honiara om een onderzoek in te stellen. Dezen brachten een gunstig verslag uit. In feite was een van hen zelfs zo zeer onder de indruk dat hij een Koninkrijkszaal bouwde in afwachting van de tijd dat de Getuigen zouden komen.
Toen er dan ook vier Koninkrijksverkondigers arriveerden, kwamen er meer dan 450 inboorlingen bijeen om naar de openbare lezing te luisteren. Daarna werden er regelingen getroffen om de volgende week een onderwijzend programma te geven. De lessen werden door ongeveer 150 personen bijgewoond. Ze begonnen om 6.30 uur ’s ochtends en duurden voort tot na middernacht. Het resultaat? „Na vele bewijzen aangevoerd te hebben en na veel redeneren — zoveel dat het niet in een brief te beschrijven is — nam letterlijk iedere leraar en iedere predikant zijn standpunt voor de waarheid in. De ongeveer twintig kerken werden nu Koninkrijkszalen genoemd en in alle achtentwintig dorpen worden de negen publikaties die wij bij hen hebben achtergelaten, bestudeerd. Zij waren allen werkelijk enthousiast en gaven mij twintig pond (ƒ 162,–) mee om schoolborden en krijt te kopen. De vroegere onderwijzers en predikanten verkondigen en onderwijzen anderen nu door middel van de publikaties. Zij hebben al hun ceremoniën laten varen en proberen zo nauwgezet mogelijk onze handelwijze na te volgen.” Op die manier bereikt de Koninkrijksboodschap zelfs de afgelegen eilanden in de wereldzeeën.
ZUID-AMERIKA
Na een eeuwenlange rooms-katholieke overheersing, is het analfabetisme over het algemeen de regel onder de bevolking van dit continent, de onwettige kinderen zijn vele en het is een normaal verschijnsel dat men in een huwelijk op grond van wederzijdse overeenkomst leeft. In een dergelijke atmosfeer kwam de Koninkrijksprediking langzaam op gang, met in 1942 slechts 807 predikers; tegen 1952 was dit aantal gestegen tot 11.795, maar nu zijn reeds ruim 45.000 personen in alle landen van Zuid-Amerika met de prediking bezig. In de afgelopen jaren heeft het werk van Jehovah’s getuigen in alle landen van Zuid-Amerika in grote mate in de openbare belangstelling gestaan.
In de stad São Paulo en haar voorsteden, in het zuiden van Brazilië, bevinden zich bijvoorbeeld ruim 70 gemeenten van Jehovah’s getuigen en meer dan 5500 Koninkrijkspredikers. Iedere week wordt de aandacht van de bevolking van dit gebied door middel van een televisieprogramma, waarvan men het aantal kijkers op 1.500.000 schat, op de Koninkrijksboodschap gevestigd.
Toen Jehovah’s getuigen in januari 1961 een nationale vergadering in São Paulo belegden, heetten de autoriteiten hen welkom en hielpen zij hen verschillende problemen in verband met de vergadering op te lossen. Door middel van de radio, TV en in totaal 9900 cm krantenkolom, werd de vergadering goed aangekondigd. Hoe reageerde het publiek? Geweldig! Hoewel er in geheel Brazilië nog geen 30.000 Koninkrijksverkondigers zijn, waren er 48.000 personen aanwezig om te luisteren naar de openbare toespraak „Wanneer alle natiën zich onder Gods koninkrijk verenigen”!
NOORD-AMERIKA
In Noord-Amerika, waar zich het hoofdbureau van waaruit dit wereldomvattende predikingswerk wordt geleid, bevindt, is er gestadig vooruitgang geboekt, niet alleen in de Verenigde Staten, maar ook in Canada, Mexico en Midden-Amerika. Het aantal predikers is van 75.589 in 1945 tot 168.752 in 1952 en tot ruim 345.000 thans toegenomen, allen personen die de boodschap van Gods koninkrijk aan de bevolking van Alaska tot en met Panama uitdragen.
Over de gehele wereld heeft het aantal Koninkrijkspredikers de 950.000 ruimschoots overschreden. Iedere week worden er tientallen miljoenen mensen bezocht, en met velen van hen worden bij hen thuis bijbelstudiën gehouden. „Op de gehele bewoonde aarde” wordt dit goede nieuws van het Koninkrijk, in navolging van het voorbeeld dat Jezus Christus heeft gegeven en in vervulling van zijn profetie betreffende onze tijd, gepredikt. Dit wordt niet oppervlakkig gedaan, maar als een dringende zaak beschouwd omdat, zoals Jezus zei, de prediking van het goede nieuws van het Koninkrijk door het einde van dit goddeloze samenstel van dingen in Gods oorlog van Armageddon zal worden gevolgd. — Matth. 24:14; Openb. 16:16, NW.
Honderdduizenden opgedragen mannen, vrouwen en jongeren, die zich door liefde voor God en liefde voor hun naaste laten leiden, nemen ijverig aan dit gebiedend noodzakelijke werk deel, ongeacht de belemmeringen waarmee zij worden geconfronteerd. Ieder jaar sluiten tienduizenden zich in dit werk bij hen aan. Het is nu ook voor u de tijd om van de gelegenheid gebruik te maken uw standpunt voor Jehovah God en zijn koninkrijk in te nemen en aldus in aanmerking te komen voor de eeuwige zegeningen van zijn rechtvaardige nieuwe wereld!
[Illustratie op blz. 26]
Internationaal hoofdbureau van Jehovah’s getuigen
[Illustratie op blz. 27]
Wachttorendrukkerijen in Brooklyn, New York