Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w59 15/9 blz. 569-572
  • Zullen vele thans levende mensen nimmer sterven?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Zullen vele thans levende mensen nimmer sterven?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1959
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • WAAROM MENSEN THANS DE DOOD ERVAREN
  • DE DOOR ADAM VERLOREN VRIJHEID VAN DOOD TERUGWINNEN
  • WAAROM VELE THANS LEVENDE MENSEN NIMMER ZULLEN STERVEN
  • Waarvoor verschafte Christus het rantsoen?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1958
  • Een dood leidde tot leven
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1964
  • Christus’ losprijs — Gods weg tot redding
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1999
  • Hoe lang kan de mens leven?
    Ontwaakt! 1975
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1959
w59 15/9 blz. 569-572

Zullen vele thans levende mensen nimmer sterven?

Waarom sterft de mens? Welke basis is er voor de hoop op eeuwig leven?

IN 1912 deed Alexis Carrel een stukje levend weefsel van het hart van een kuiken in een speciale oplossing. Vierendertig jaar later was het nog levend, gezond en jong. Ten slotte liet men het weefsel sterven omdat het experiment aan zijn doel had beantwoord. In het Pasteur-instituut te Parijs werd een soortgelijk experiment met het gehele hart van een rat gedaan. Het hart werd uit de rat verwijderd en meer dan twee jaar in het leven gehouden. De weefsels ervan toonden geen tekenen van degeneratie.

In zijn boek Science and the Purpose of Life, verklaarde B. Sokoloff betreffende deze experimenten: „Men is het er over het algemeen over eens dat in beginsel alle, of bijna alle, soorten van normale cellen, indien ze in het juiste medium worden gecultiveerd, onbeperkt zouden kunnen leven. . . . Cellen van het organisme van zoogdieren hebben het vermogen van onsterfelijkheid . . . Deze alsmede vele andere experimenten tonen aan dat de organen van hogere organismen, indien ze de juiste voedingsstoffen ontvangen, onbepaalde tijd in het leven kunnen blijven.”

Deze bevindingen tonen aan dat eeuwig leven voor een vleselijk organisme geen onmogelijkheid is. Dit blijkt verder nog uit het vermogen van het menselijke lichaam om zijn cellen te hernieuwen of te vervangen. In de uitgave van juni 1958 van de Reader’s Digest werd verklaard: „Men schat dat de helft van de lichaamseiwitten — voornamelijk de spierweefsels — elke 80 dagen worden vervangen. De levensduur van de huidcel is vier tot vijf dagen. De nieuwe huid wordt geleidelijk aan vanuit de onderste laag gevormd, groeit naar het oppervlak waar ze sterft en wordt weggewassen.”

Men zou zich met het oog op deze bevindingen kunnen afvragen, Waarom sterft het menselijke lichaam? Waarom blijft het niet onbepaalde tijd leven? Dat zijn vragen waarover vele geleerden zich het hoofd breken.

WAAROM MENSEN THANS DE DOOD ERVAREN

Toen de mens werd geschapen, stelde God niet zoals bij de dieren een limiet aan zijn levensduur. De mens had het vooruitzicht om eeuwig te leven. Zijn lichaam was zo ontworpen dat het voortdurend onbepaalde tijd zou kunnen blijven functioneren. Wegens ongehoorzaamheid verloor de mens dit vooruitzicht. Nu werd er een limiet aan zijn levensduur gesteld die hij, hoewel zijn lichaam het vermogen had om voor eeuwig te blijven leven, niet kon overschrijden. Deze limiet was een symbolische dag van duizend jaar. Toen God de mens het gebod gaf niet van een bepaalde boom te eten, zei hij: „Ten dage, dat gij daarvan eet, zult gij voorzeker sterven” (Gen. 2:17). Op de leeftijd van 930 jaar stierf Adam binnen die duizendjarige dag.

Wat Adam niet langer meer bezat, kon hij ook niet aan zijn nakomelingen doorgeven. Hij kon hun geen eindeloze levensduur schenken. Al zijn nakomelingen hebben zijn zonde en haar metgezel, de dood, geërfd, evenals zekere ziekten van de ouders op de kinderen overgaan. „Daarom, gelijk door één mens de zonde de wereld is binnengekomen en door de zonde de dood, zo is ook de dood tot alle mensen doorgegaan, omdat allen gezondigd hebben.” — Rom. 5:12.

Wegens dit feit is er nooit een nakomeling van Adam volmaakt geboren. „Komt ooit een reine uit een onreine — niet één” (Job 14:4). Evenmin als het eerste menselijke paar volmaakte, zondeloze kinderen, kon voortbrengen, kon een van hun nakomelingen dit doen. Er was absoluut geen manier waarop de mens zich van de gevolgen van Adams zonde zou kunnen bevrijden en nimmer zou behoeven te sterven. „Niemand kan ooit een broeder loskopen, noch Gode zijn losprijs betalen.” — Ps. 49:7.

DE DOOR ADAM VERLOREN VRIJHEID VAN DOOD TERUGWINNEN

Voor bevrijding van de Adamitische zonde en dood kan de mens alleen naar God opzien. Hij alleen kan voor de mens de weg naar volmaaktheid en het door Adam verloren vooruitzicht tot eindeloos leven openen. God deed dit door in zijn enig-verwekte Zoon in een rantsoenoffer te voorzien. Opdat hij als een mens zou worden geboren, werd de levenskracht van het eerste door Jehovah geschapen geestelijke schepsel naar de schoot van een vrouw overgebracht. „Toen de volheid des tijds gekomen was, heeft God zijn Zoon uitgezonden, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet.” — Gal. 4:4.

Daar hij als een mens werd geboren wiens levenskracht niet van Adam afkomstig was, was hij volmaakt. Hij had Adams zonde of de vloek van de dood niet geërfd. Hij had het recht om eeuwig als mens te leven. Om gehoorzame mensen van de Adamitische zonde en dood te bevrijden, offerde hij dit recht echter als een rantsoenprijs op. „Gelijk de Zoon des mensen niet gekomen is om Zich te laten dienen, maar om te dienen en zijn leven te geven als losprijs voor velen” (Matth. 20:28). Daar hij het verloren recht op menselijk leven door zijn offer heeft teruggekocht, moeten allen die van de dood bevrijd willen worden, die vrijheid door bemiddeling van hem krijgen. „Een ieder, die in Hem gelooft, [ontvangt] vergeving van zonden . . . door zijn naam.” — Hand. 10:43.

WAAROM VELE THANS LEVENDE MENSEN NIMMER ZULLEN STERVEN

Daar Jezus voor de mens de weg tot eindeloos leven, het vooruitzicht van de eerste mens, opende, is het voor vele thans levende mensen mogelijk om nimmer te sterven. Dit is zo omdat wij in een tijd leven waarin een grote verandering op de aarde zal plaatsvinden. Wij leven in de laatste dagen van deze wereld, of dit samenstel van dingen. Jehovah God heeft het ter vernietiging bestemd en zal het door een nieuw en rechtvaardig samenstel van dingen vervangen. „Want zie, de HERE zal komen als vuur en zijn wagens zullen zijn als een storm, om zijn toorn te openbaren in gloed en zijn dreiging in vuurvlammen. Te vuur en te zwaard zal de HERE gericht oefenen over al wat leeft, en de door den HERE verslagenen zullen talrijk zijn.” — Jes. 66:15, 16.

De tegenwoordige generatie is sinds 1914 van lang geleden voorzegde wereldgebeurtenissen die het einde van deze wereld of dit goddeloze samenstel van dingen zouden kenmerken, getuige geweest. Wij naderen snel „den oorlog op den grote dag van den almachtige God”, welke Armageddon wordt genoemd (Openb. 16:14, 16). Dan zal hij zijn ongunstige oordeel aan de wereld voltrekken. Het zal betekenen dat de aarde grondig van goddeloosheid wordt gereinigd.

Zij die tot Armageddon in leven blijven en Gods goedkeuring ontvangen, zullen, evenals Noach en zijn gezin de vloed overleefden, gedurende die tijd van Gods toorn worden gespaard. „Want de oprechten zullen het land bewonen en de vromen zullen daarin overblijven, maar de goddelozen zullen uit het land worden uitgeroeid en de trouwelozen zullen er uit worden weggerukt.” — Spr. 2:21, 22.

Door de wereldomvattende prediking van het goede nieuws van Gods koninkrijk wordt de gelegenheid om tot de overlevenden van Armageddon te behoren nu tot de bewoners der aarde uitgebreid. Door deze prediking wordt de regering van Gods koninkrijk en de komende vernietiging van dit tegenwoordige goddeloze samenstel van dingen bekendgemaakt. De wijze waarop de mensen op dit nieuws reageren, vormt de basis voor hun scheiding. Dit scheidingswerk werd door Jezus voorzegd toen hij zei: „Wanneer dan de Zoon des mensen komt in zijn heerlijkheid en al de engelen met Hem, dan zal Hij plaats nemen op den troon zijner heerlijkheid. En al de volken zullen vóór Hem verzameld worden, en Hij zal ze van elkander scheiden, zoals de herder de schapen scheidt van de bokken, en Hij zal de schapen zetten aan zijn rechterhand en de bokken aan zijn linkerhand.” — Matth. 25:31-33.

Zij die gunstig op het goede nieuws van het Koninkrijk reageren, worden met schapen vergeleken. Zij zijn zachtmoedig, willen zich laten onderwijzen en leggen een bereidheid aan de dag om de Goede Herder, Christus Jezus, te volgen. Deze op schapen gelijkende personen vormen een Nieuwe-Wereldmaatschappij. Dit is een actieve groepering van mensen die ijverig bekendmaken dat Gods koninkrijk thans in de hemelen is opgericht en spoedig een nieuwe wereld van rechtvaardigheid zal inluiden.

Door hun rechtschapenheid jegens Jehovah God te handhaven, zullen de leden van deze Nieuwe-Wereldmaatschappij in leven mogen blijven wanneer dit oude samenstel van dingen van Godswege wordt vernietigd. Daar de aarde dan onder de regering van Gods koninkrijk zal staan, zullen de bewoners ervan door de verdienste van Christus’ rantsoenoffer een verjonging ondergaan waardoor zij uiteindelijk tot volmaaktheid zullen worden opgeheven.

De wonderbaarlijke genezingen die Jezus op aarde verrichtte, kunnen als een voorbeeld van wat hij op wereldomvattende schaal ten aanzien van de overlevenden van Armageddon zal doen, worden beschouwd. Evenals zij thans een geestelijke genezing ervaren, zullen zij in Gods nieuwe wereld van hun lichamelijke ziekten en kwalen worden genezen. „En geen inwoner zal zeggen: Ik ben ziek; het volk dat daar woont, zal vergeving van ongerechtigheid hebben” (Jes. 33:24). Zij zullen niet meer wegens de overgeërfde zonde van Adam te lijden hebben.

Hun levensduur zal tot de volle duur van een symbolische dag van duizend jaar worden verlengd. Daar Adam in die dag zijn volmaaktheid verloor en stierf, zullen zij binnen zo’n dag volmaaktheid verkrijgen en van de overgeërfde zonde worden verlost. Dit zal in Christus’ duizendjarige regering geschieden. „Want Hij moet als koning heersen, totdat Hij al zijn vijanden onder zijn voeten gelegd heeft. De laatste vijand, die onttroond wordt, is de dood.” — 1 Kor. 15:25, 26.

Aan het einde van de duizend jaar zullen zij aan een beproeving op hun rechtschapenheid worden onderworpen. Zij die deze doorstaan, zullen de gift van eeuwig leven ontvangen. Zij zullen op een paradijsachtige aarde blijven leven, en zich in een vrede en een gevoel van veiligheid verheugen die alleen Gods koninkrijk maar kan schenken. Daar er thans tallozen zijn die nog zullen leven wanneer de gift van eeuwig leven aan gehoorzame mensen wordt geschonken, zullen dezen nimmer de dood ervaren.

Hoe kan men echter tot deze klasse behoren? Men moet aandacht schenken aan het goede nieuws van Gods koninkrijk. „Indien iemand oren heeft om te horen, die hore” (Mark. 4:23). Wanneer men aandacht schenkt aan wat God ons door middel van zijn geschreven Woord en zijn getrouwe dienstknechten vertelt, betekent dit leven. Verbind u met de velen die voor Jehovah’s nieuwe wereld leven en die thans een Nieuwe-Wereldmaatschappij vormen. Dien tezamen met deze toegewijde getuigen van de Allerhoogste, Jehovah, zijn Koning en het Koninkrijk. Verbind u met hen in hun schriftuurlijke hoop en behoor tot de vele thans levende mensen die nimmer zullen sterven.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen