„Apostolische” leider wordt werkelijk apostolisch
ONDER de Afrikanen van Zuid-Rhodesia telt de Apostolische sekte vele volgelingen. Haar leden dragen lange, witte, wapperende gewaden en haar leiders dragen een lange herdersstaf en beweren in tongen te spreken, te profeteren en te genezen. Toen een reizende vertegenwoordiger van het Wachttorengenootschap vorig jaar mei op het punt stond in een zekere Afrikaanse gemeente zijn zaterdagavondlezing te houden, kwamen, vergezeld van hun leider, meer dan honderd leden van de Apostolische sekte binnen en gingen zitten om de lezing over „Geestelijke gezondmaking” te beluisteren.
Toen de spreker in zijn besluit vroeg of er nog iemand een vraag had, stond een van de leden van de Apostolische sekte op en vroeg: „Heeft de spreker de heilige geest en kan hij zoals wij in tongen spreken?” Voordat de spreker hem echter antwoord kon geven, stond de leider van de groep op en zeide, zich tot zijn volgelingen wendend: „Vrienden, het is niet nodig over dat wat gij gehoord hebt, vragen te stellen, want sinds wij tot het Apostolische geloof zijn overgegaan, hebben wij niet iets als dit gehoord. Wij kunnen beter rustig weggaan en de Schrift onderzoeken om te zien of de spreker gelijk had.”
De volgende morgen verschenen er tien van de groep om aan de predikingsactiviteit deel te nemen. Zij waren getroffen door de manier waarop de getuigen aan de deuren hun bijbel gebruikten.
Dertig leden van de Apostolische sekte volgden de vertegenwoordiger van het Genootschap toen hij naar de volgende gemeente, vijftien kilometer verder, ging. Nadat er met de leider, die eveneens een „profeet” en een „genezer” was, verdere gesprekken waren gevoerd, abonneerde hij zich, tezamen met zijn vrouw, twee broers en zijn moeder op De Wachttoren.
Binnen een maand nadat zij voor het eerst Jehovah’s genezende boodschap hadden gehoord, namen deze vijf er aan deel het aan anderen bekend te maken, en worden zij opgeleid in de werkelijke apostolische manier van het prediken van huis tot huis. Uit de Apostolische kudde, van haar leider en zijn familie beroofd, is de klacht gehoord: „Wanneer je met Jehovah’s getuigen spreekt, beheksen zij zelfs de bijbel, want wanneer wij thuis de Schrift nagaan, ondersteunen alle hoofdstukken welke wij lezen, hun leer.”