Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • wcg blz. 246-255
  • ‘Wees vol goede moed’

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • ‘Wees vol goede moed’
  • Wees moedig en vertrouw op Jehovah
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Het belang van gebed
  • ‘Houd moed!’
  • ‘Wees moedig en sterk en ga aan de slag’
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk (studie-uitgave) 2017
  • Heb goede moed!
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1993
  • Je kunt moediger worden!
    Wees moedig en vertrouw op Jehovah
  • ’Wees moedig en zeer sterk’
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2012
Meer weergeven
Wees moedig en vertrouw op Jehovah
wcg blz. 246-255

BESLUIT

‘Wees vol goede moed’

Gedrukte editie
Gedrukte editie
Gedrukte editie
Gedrukte editie
Gedrukte editie

1. Wat valt er nog meer over moed te zeggen?

VALT er aan het eind van dit boek nog meer te zeggen over moed? Ja. Ten eerste zegt de Bijbel natuurlijk veel meer over dit onderwerp dan we in één boek kunnen bespreken. En ten tweede is er iets dat we nodig hebben om zo veel mogelijk te kunnen leren van de voorbeelden van moed in de Bijbel.

2. Welke andere trouwe aanbidders van God toonden moed?

2 Ken je nog andere Bijbelse personen die moedig waren en niet in dit boek worden besproken? Misschien denk je aan profeten uit de Hebreeuwse Geschriften, zoals Jesaja, Jeremia, Ezechiël, Jona en Maleachi. Sommigen van hen hebben meegemaakt waar Paulus over schreef in Hebreeën hoofdstuk 11. Daar schreef hij dat sommigen ‘bespotting, geseling en zelfs boeien en gevangenissen te verduren kregen’. Anderen ‘leden gebrek en werden vervolgd en mishandeld’. Sommigen werden zelfs terechtgesteld (Hebr. 11:36, 37). Toch bleven ze Jehovah moedig dienen.

3-4. Wat deden twee vrouwen om koning David te beschermen?

3 De Bijbel noemt niet alle namen van personen die moedig waren. Sta bijvoorbeeld eens stil bij twee vrouwen die leefden in de tijd van koning David. Ze kwamen hem te hulp toen zijn eigen zoon Absalom hem wilde doden. Absalom was een trotse en wrede man en hij wilde koning worden in plaats van zijn vader. Daarom moest David uit Jeruzalem wegvluchten. Hij vroeg of Zadok, een moedige priester, terug wilde gaan naar de stad om erachter te komen wat Absalom van plan was. Toen Zadok dat te weten was gekomen, stuurde hij ‘een dienstmeisje’ om het aan David te vertellen. We weten niet hoe ze heette, maar we weten wel dat ze haar leven riskeerde om Zadoks boodschap aan twee van Davids mannen over te brengen. Toen deze mannen op weg gingen naar David, zag een jonge man hen en vertelde dat aan Absalom. Daarom verstopten de mannen zich in een put. De vrouw van de eigenaar van die put, van wie we de naam ook niet weten, legde snel een kleed over de put en strooide daar graan overheen. Toen Absaloms mannen bij haar huis kwamen en vroegen waar de twee boodschappers waren, stuurde ze hen de verkeerde kant op. Dankzij de hulp van deze twee moedige vrouwen kon Jehovah’s gezalfde koning beschermd worden! (2 Sam. 15:23-37; 17:8-22)

Collage: Twee vrouwen die moedig koning David hielpen beschermen maar van wie de naam niet wordt genoemd. 1. Een dienstmeisje praat met twee van Davids dienaren. 2. De vrouw die Davids dienaren in de put van haar man had verborgen, denkt na. Op de achtergrond lopen twee mannen bij haar huis weg.

Het dienstmeisje en de vrouw die koning David moedig hielpen

4 De Bijbel staat vol voorbeelden van mannen en vrouwen die moedig waren. Van sommigen kennen we de naam, maar van anderen niet. Sommigen waren rijk en anderen arm. En sommigen hadden belangrijke verantwoordelijkheden terwijl anderen minder opvielen. Maar ze toonden allemaal moed in hun dienst voor Jehovah. Hun verhalen kunnen een hulp zijn voor ons in deze tijd.

Het belang van gebed

5-7. Wat hielp Paulus om moedig te zijn ondanks zware tegenstand?

5 Hoe kun je de Bijbelse voorbeelden van moed navolgen? Het is goed om te beseffen dat die mannen en vrouwen niet allemaal van nature moedig waren. Konden ze Jehovah uit eigen kracht dienen? Nee, daar was meer voor nodig. Wat was dat?

6 Denk eens aan de apostel Paulus. Toen hij en Silas in Filippi waren, werden ze aangevallen door een menigte, die hun de kleren van het lijf scheurde en hun stokslagen gaf. Daarna werden ze in een donkere gevangeniscel gegooid, met hun voeten in het blok (Hand. 16:12, 19-24). Was Paulus na hun vrijlating bang om weer te gaan prediken? Dat zou niet vreemd zijn geweest. Maar Paulus wist dat Jehovah wilde dat hij doorging met prediken. En Thessalonika was de volgende stad waar hij naartoe moest. Hoe kwam hij aan de moed en de kracht die hij daarvoor nodig had?

7 Hij schreef later: ‘Zoals jullie bekend is, hebben we daarvóór in Filippi geleden en zijn we vernederd, maar met de hulp van onze God vonden we de vrijmoedigheid om jullie ondanks veel tegenstand het goede nieuws van God te vertellen’ (1 Thess. 2:2). Paulus wist dat hij vrijmoedigheid nodig had om te doen wat Jehovah van hem vroeg. Maar hoe kwam hij daaraan? Was het iets dat hij diep vanbinnen al in zich had? Nee, hij kon vrijmoedig zijn dankzij ‘de hulp van onze God’. Nederig had hij Jehovah om hulp gevraagd om moedig te zijn. En Jehovah had zijn gebed verhoord.

8. Wat kun je net als Paulus doen als je moed nodig hebt?

8 Je kunt het voorbeeld van Paulus volgen. Moed of kracht is niet iets dat al in je moet zitten. Maak je dus geen zorgen. Bid tot Jehovah en vraag hem om de moed en vrijmoedigheid die je nodig hebt (Hand. 4:29).

9. Waarom is het goed om te bidden om meer geloof?

9 Je kunt Jehovah ook vragen om een eigenschap die veel met moed te maken heeft: geloof. Geloof maakt deel uit van de vrucht van Jehovah’s heilige geest (Gal. 5:22, 23). Het is ook een onderdeel van de geestelijke wapenrusting die elke christen nodig heeft (Ef. 6:16). De Bijbel zegt dat geloof zo krachtig is dat we daarmee ‘de overwinning op de wereld’ kunnen behalen (1 Joh. 5:4). Geloof in Jehovah is de beste basis voor moed. Als je echt gelooft dat Jehovah je in moeilijke tijden zal helpen, zul je merken dat je steeds moediger wordt. Daarom is het goed om het voorbeeld van de apostelen te volgen en Jehovah te vragen: ‘Geef ons meer geloof’ (Luk. 17:5).

‘Houd moed!’

10-11. Waarom zei Paulus tegen de christenen in en rond Jeruzalem dat ze moedig moesten zijn?

10 Jezus had voorspeld dat Jeruzalem verwoest zou worden (Luk. 19:41-44; 21:20-24). Een paar jaar voordat dat gebeurde, schreef Paulus een brief aan de Hebreeuwse christenen in en rond Jeruzalem. Hij wilde ze voorbereiden op de extreem moeilijke tijd die eraan zat te komen. Wat zei hij om ze te helpen moedig te zijn? Het zijn dezelfde woorden die je in de inleiding van dit boek vindt. Paulus herinnerde ze aan Jehovah’s belofte: ‘Ik zal je nooit in de steek laten en ik zal je nooit verlaten.’ Wat zouden ze aan die belofte hebben? Paulus zei: ‘We kunnen dus vol goede moed zijn en zeggen: “Jehovah is mijn helper, ik zal niet bang zijn. Wat kan een mens mij doen?”’ (Hebr. 13:5, 6)

11 De Bijbel geeft geen details over de verwoesting van Jeruzalem in het jaar 70. Maar we kunnen er zeker van zijn dat trouwe christenen aangemoedigd waren door Paulus’ woorden. Ze gehoorzaamden moedig Jezus’ instructie en vluchtten precies op het juiste moment ‘naar de bergen’ (Luk. 21:20, 21).

12. (a) Hoe kun je moedig zijn ondanks moeilijkheden? (b) Hoe hebben sommigen in deze tijd bijzonder veel moed getoond, en hoe is hun voorbeeld een aanmoediging voor je? (Zie het kader ‘Volg hun moed na’.)

12 Jehovah kan ook jou helpen als je nu of in de toekomst met moeilijkheden te maken krijgt (Ezech. 38:1, 2, 10-12; Matth. 24:21). Vergeet nooit dat Jehovah heeft beloofd ons te beschermen (Ezech. 38:19-23; 2 Thess. 3:3). Hij zal personen die van hem houden en in hem geloven nooit in de steek laten. Wat Jehovah tegen Jozua zei geldt ook voor jou: je kunt ‘moedig en heel sterk’ zijn! (Joz. 1:7, 9, 18) En vergeet nooit wat Jezus zei: ‘Houd moed!’ Hij heeft beloofd dat hij je Jehovah’s heilige geest zal geven, en je kunt er zeker van zijn dat hij zich aan die belofte zal houden (Joh. 14:26; 15:26, 27; 16:33). Heilige geest zal je de moed geven om Jehovah altijd trouw te blijven. Je kunt echt ‘vol goede moed zijn’!

Collage: Broers en zussen die moedig zijn ondanks moeilijkheden. 1. Een zusje in de tienerleeftijd staat in de klas en heeft een schoolboek en de brochure ‘Is het leven geschapen?’ vast terwijl ze vol zelfvertrouwen glimlacht 2. In een vluchtelingenkamp slaan ouders hun armen om hun dochtertje heen terwijl ze alle drie glimlachen. 3. Een jonge broeder glimlacht terwijl hij door de tralies van zijn gevangeniscel kijkt.

Wat je omstandigheden ook zijn, Jehovah belooft dat hij zijn heilige geest zal gebruiken om je moedig te maken zodat je hem trouw kunt blijven

Volg hun moed na

Martin en Gertrud Pötzinger

Martin en Gertrud Pötzinger.

Martin en Gertrud pionierden samen en waren nog maar drieënhalve maand getrouwd toen ze in 1936 door het naziregime van Adolf Hitler van elkaar gescheiden werden. Martin werd plotseling gearresteerd en naar het concentratiekamp Dachau gebracht. Later werd ook Gertrud gearresteerd. Negen jaar lang zagen ze elkaar niet. En een groot deel van die tijd wisten ze niet eens of de ander nog leefde. Maar ze waren allebei vastbesloten Jehovah trouw te blijven. Martin werd overgeplaatst naar het beruchte concentratiekamp Mauthausen, waar hij extreem wreed behandeld werd. Gertrud werd veroordeeld tot drieënhalf jaar eenzame opsluiting. Daarna zat ze nog vier jaar in het concentratiekamp Ravensbrück. Toen de oorlog voorbij was, kwam ze erachter dat Martin nog leefde. Hij zat nog steeds gevangen in Mauthausen. Ze ging persoonlijk naar een hooggeplaatste militair om Martin vrij te krijgen. Dat leidde uiteindelijk tot de vrijlating van nog zo’n 100 Getuigen die de gruwelijke omstandigheden in Mauthausen hadden overleefd. Eindelijk zagen Martin en Gertrud elkaar weer, en ze brachten nog vele jaren samen in de volletijddienst door. Na verloop van tijd werden ze uitgenodigd om naar Bethel in Brooklyn (New York) te komen. Daar werd Martin aangesteld als lid van het Besturende Lichaam. Hij zei vaak tegen zijn broeders en zusters: ‘Moed is de beste eigenschap die je kunt hebben!’ Zowel Martin als Gertrud hebben Jehovah trouw gediend tot hun dood.

‘Moed is de beste eigenschap die je kunt hebben!’ M. Pötzinger

Valentina Garnovskaja

Valentina Garnovskaja.

Valentina woonde in Belarus en was ongeveer 20 toen ze in 1945 in contact kwam met Jehovah’s Getuigen. Een broeder vertelde haar over de Bijbel en over Jehovah, en hij had daarna nog twee keer een gesprek met haar. Ze hield van wat ze leerde, maar ze zag hem daarna niet meer. En omdat het werk van Jehovah’s Getuigen verboden was, was het moeilijk om met hen in contact te komen. Toch praatte ze moedig met anderen over wat ze had geleerd. Het gevolg was dat ze werd gearresteerd en werd veroordeeld tot acht jaar gevangenenkamp. Toen ze in 1953 werd vrijgelaten, ging ze meteen weer met anderen over de Bijbel praten. Daarom werd ze na een tijd opnieuw gearresteerd, en dit keer werd ze veroordeeld tot tien jaar gevangenenkamp. In een van die kampen ontmoette ze een aantal zusters. Die hadden een verboden boek: de Bijbel. Voor Valentina was dit de eerste keer dat ze weer een bijbel zag sinds haar gesprekken met de broeder vele jaren daarvoor. Na haar vrijlating in 1967 werd ze gedoopt als een van Jehovah’s Getuigen. Ze bleef enthousiast prediken tot ze in 1969 opnieuw werd gearresteerd en werd veroordeeld tot nog eens drie jaar gevangenschap. Toch bleef ze anderen over Jehovah vertellen. Ze heeft uiteindelijk 44 mensen geholpen de waarheid uit de Bijbel te leren kennen. Terugkijkend op haar leven zei ze: ‘Ik heb nooit een eigen woning gehad. Al mijn bezittingen zaten in één koffer, maar ik was gelukkig en tevreden omdat ik Jehovah diende.’ Ze is Jehovah trouw gebleven tot haar dood in 2001.

‘Ik heb nooit een eigen woning gehad. Al mijn bezittingen zaten in één koffer, maar ik was gelukkig en tevreden omdat ik Jehovah diende.’ V. Garnovskaja

Alfredo Fernández

Alfredo Fernández.

Alfredo was zo’n 19 jaar toen hij werd opgeroepen om in het Argentijnse leger te dienen. Zijn geweten liet hem niet toe om in de oorlog te vechten, en daarom weigerde hij het leger in te gaan of zelfs maar een militair uniform te dragen. Hij werd gevangengezet als gewetensbezwaarde. In de gevangenis onderging hij allerlei martelingen, waaronder schijnexecuties. Maar hij bleef in zijn bijbel lezen en aantekeningen maken van wat hij leerde. Tijdens zijn proces zei de rechter dat hij zou worden vrijgelaten als hij in een militair uniform naar de rechtszaal zou komen. Dat weigerde hij resoluut. Daarom werd hij teruggestuurd naar de gevangenis. Door alle martelingen werd hij ernstig ziek. De gevangenisarts zei tegen hem dat hij verwachtte hem de volgende keer in een doodskist te zien. Toen Alfredo besefte dat hij niet lang meer te leven had, schreef hij een brief aan zijn familie. Hij begon als volgt: ‘Lieve familie, ik had nooit gedacht dat ik jullie een brief als deze zou schrijven. Maar ik kan helaas niet anders.’ Hij bedankte ze voor al hun steun tijdens zijn gevangenschap. Hij schreef verder: ‘Ik ben Jehovah, onze lieve God, intens dankbaar dat ik jullie als familie heb. (...) Ik besef hoe pijnlijk het voor jullie moet zijn om deze brief te lezen. Ik kan jullie alleen maar vragen om je niet door de pijn te laten verlammen maar die juist te overwinnen door je moed. Laat je troosten door de onuitputtelijke bron van troost, Jehovah’s woorden in de Bijbel. (...) Vergeet niet dat de dood maar tijdelijk is. Ik hoop dat jullie herinnering aan mij jullie zal aanmoedigen om Jehovah trouw te blijven.’ Alfredo was 21 toen hij in 1982 stierf na drie jaar gevangen te hebben gezeten. Hij is Jehovah tot het eind trouw gebleven.

‘Ik kan jullie alleen maar vragen om je niet door de pijn te laten verlammen maar die juist te overwinnen door je moed.’ A. Fernández

Karen Oehm

Karen en Rainer Oehm.

Karen diende Jehovah al vanaf dat ze heel jong was. Ze was een heel blij en opgewekt persoon. Ze genoot echt van de pioniersdienst. Later trouwde ze met Rainer, en ze dienden samen op Bethel in de Verenigde Staten. Maar toen ze halverwege de 50 was, kwam ze erachter dat ze ALS had, een dodelijke spierziekte. Door die ziekte sterven zenuwcellen af die spieren aansturen, wat leidt tot verlamming en uiteindelijk de dood. Karen was vanaf het begin vastbesloten om het beste van haar situatie te maken. Zo lang het nog kon besteedde ze veel tijd aan persoonlijke studie en de prediking. En ze deed wat ze kon om zich aan te passen aan haar omstandigheden. Toen ze haar spraak begon te verliezen, leerde ze een computer te gebruiken waarmee ze met haar oogbewegingen woorden op het scherm kon spellen. Hoewel het haar heel veel moeite kostte, kon ze op die manier antwoorden voor de vergaderingen noteren en getuigenisbrieven schrijven. Een van de zusters die voor haar zorgden, vertelde: ‘Ze vroeg nooit: “Waarom overkomt dit mij?” Twee weken voor haar dood schreef Karen nog een brief aan een vrouw met wie ik weleens over de Bijbel praat. Aan het eind van die brief had ze geschreven: “Als je een schouder nodig hebt om op te huilen, ben ik er voor je.”’ Een van haar andere verzorgsters zei: ‘Ze heeft nooit gehuild om haar ziekte. Ze had veel redenen om de hoop op te geven, maar dankzij haar sterke geloof in de opstanding voelde ze zich nooit down. Ze wist dat Jehovah haar weer wakker zou maken en dat ze dan gezond en volmaakt zou zijn.’ Toen Karen pas te horen had gekregen dat ze ziek was, vroeg haar tweelingzus: ‘Hoe lukt het je om zo sterk te zijn?’ Karens antwoord daarop was: ‘Jehovah geeft je echt de kracht die je nodig hebt.’ En dat is wat Jehovah tot op het laatst deed. Na haar dood heeft haar man nog een aantal brieven bezorgd die ze had geschreven om familie en vrienden te bedanken, te troosten en aan te moedigen.

‘Jehovah geeft je echt de kracht die je nodig hebt.’ K. Oehm

13. Wat zal je helpen moed te blijven tonen?

13 Denk er eens over na hoe het zal zijn als er overal op aarde vrede is en iedereen in Jehovah’s herinnering weer tot leven komt. Stel je voor hoe geweldig het zal zijn om de mannen en vrouwen uit dit boek en nog veel meer moedige personen te ontmoeten! Denk je dat ook maar een van hen spijt zal hebben van de moed die ze hebben getoond om Jehovah in Satans wereld trouw te blijven, zelfs als dat hun dood betekende? Natuurlijk niet! En hoe zul jij je voelen? Je zult met ze kunnen samenwerken om de aarde in een paradijs te veranderen en je zult voor eeuwig gelukkig zijn. Denk je dat je ooit spijt zult krijgen van je keus om Jehovah in deze laatste dagen te dienen? Absoluut niet! Wees daarom vastbesloten om moedig te blijven en op Jehovah te vertrouwen.

Broers, zussen en kinderen genieten van het leven in het paradijs. Sommigen geven giraffen te eten terwijl anderen naar een woestijnlynx kijken, pizza maken, samen praten of muziekmaken.
    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen