Openbare lezingen voorbereiden
DE MEESTE gemeenten van Jehovah’s Getuigen hebben wekelijks een openbare lezing over een schriftuurlijk onderwerp op het programma staan. Geef je als je ouderling of dienaar in de bediening bent, er blijk van een doeltreffend openbaar spreker, een onderwijzer, te zijn? Dan zou je uitgenodigd kunnen worden om een openbare lezing te houden. De theocratische bedieningsschool heeft tienduizenden broeders geholpen voor dit dienstvoorrecht in aanmerking te komen. Waar moet je aanvangen als je een openbare lezing moet houden?
Bestudeer het schema
Voordat je ook maar iets aan nazoekwerk doet, moet je het schema lezen en mediteren over de bedoeling ervan. Grif het thema in je geest: de titel van de lezing. Wat moet je je toehoorders onderwijzen? Wat is je doel?
Maak je vertrouwd met de hoofdpunten, de vetgedrukte regels in hoofdletters. Analyseer die hoofdgedachten. Hoe staat elk ervan in verband met het thema? Onder elk hoofdpunt staan een aantal secundaire punten. Ter ondersteuning daarvan staan er, ingesprongen, verdere gedachten onder. Bekijk hoe elk deel van het schema voortbouwt op het vorige, de aanzet is tot het volgende en ertoe bijdraagt het doel van de lezing te verwezenlijken. Begrijp je het thema, het doel van de lezing en de manier waarop de hoofdpunten dat doel tot stand brengen, dan kun je aan de slag met het uitwerken van het materiaal.
Aanvankelijk vind je het misschien nuttig om je lezing te zien als vier of vijf korte lezingen, elk met een hoofdpunt. Werk die een voor een uit.
Het verschafte schema is een hulpmiddel bij je voorbereiding. De tekst ervan moet je niet zien als de notities waarvan je je lezing houdt. Het is als een geraamte. Aan jou om er als het ware vlees op aan te brengen, er een hart in te leggen en er leven in te blazen.
Gebruik van schriftplaatsen
Jezus Christus en zijn discipelen onderbouwden hun onderwijs met de Schrift (Luk. 4:16-21; 24:27; Hand. 17:2, 3). Dat kun jij ook doen. De Schrift moet de basis van je lezing zijn. Doe meer dan louter de uitspraken in het verschafte schema uitleggen en toepassen — onderscheid hoe die uitspraken door de Schrift worden ondersteund, en onderwijs dan aan de hand van de Schrift.
Bij de voorbereiding van je lezing moet je elk in het schema genoemde bijbelvers bekijken. Beschouw de context. Sommige teksten zullen slechts wat nuttige achtergrondinformatie geven. Ze hoeven niet allemaal tijdens je lezing gelezen of becommentarieerd te worden. Selecteer wat voor jouw toehoorders de beste teksten zijn. Als je je concentreert op de teksten in het gedrukte schema, hoef je er waarschijnlijk geen extra teksten bij te halen.
Het succes van je lezing hangt niet van het aantal gebruikte teksten af maar van de kwaliteit van het onderwijs. Als je schriftplaatsen introduceert, laat dan zien waarom ze gebruikt worden. Neem de tijd om de toepassing te tonen. Houd na het lezen je bijbel open terwijl je de tekst bespreekt. Je gehoor zal dat dan waarschijnlijk ook doen. Hoe kun je de belangstelling van je gehoor wekken en hen helpen vollediger voordeel te trekken van Gods Woord? (Neh. 8:8, 12) Je kunt dat doen door verklaring, illustratie en toepassing.
Verklaring. Bij je voorbereiding op het verklaren van een sleuteltekst moet je je afvragen: Wat betekent deze tekst? Waarom gebruik ik hem in mijn lezing? Wat zouden mijn toehoorders zich ten aanzien van dit vers kunnen afvragen? Misschien moet je de context analyseren, de achtergrond, de setting, de kracht van de woorden, de bedoeling van de geïnspireerde schrijver. Dat vergt nazoekwerk. Je zult een overvloed aan waardevolle informatie vinden in de publicaties die door „de getrouwe en beleidvolle slaaf” zijn verschaft (Matth. 24:45-47). Probeer niet alles betreffende het vers uit te leggen, maar leg uit waarom je in verband met het punt van bespreking je gehoor dit vers hebt laten lezen.
Illustratie. Het doel van illustraties is je toehoorders op een dieper niveau van begrip te brengen of hen te helpen een punt of beginsel dat je hebt besproken beter te onthouden. Illustraties helpen mensen om wat je hun hebt verteld op te pikken en in verband te brengen met iets wat ze al weten. Dat is wat Jezus deed toen hij zijn beroemde Bergrede hield. „Vogels des hemels”, „leliën des velds”, een „nauwe poort”, een „huis op de rots” en veel van dat soort uitdrukkingen maakten zijn onderwijs krachtig, duidelijk en onvergetelijk. — Matth. hfst. 5–7.
Toepassing. Met verklaren en illustreren van een schriftplaats wordt kennis overgedragen, maar de resultaten komen als die kennis wordt toegepast. Het is waar dat het de verantwoordelijkheid van je toehoorders is om naar de bijbelse boodschap te handelen, maar jij kunt hen helpen onderscheiden wat er gedaan moet worden. Als je mag aannemen dat je gehoor het betreffende bijbelvers begrijpt en ziet wat het te maken heeft met het punt dat besproken wordt, neem dan de tijd om te laten zien wat het vers betekent voor ons geloof en gedrag. Laat uitkomen welk voordeel het heeft onjuiste ideeën te laten varen of te stoppen met gedrag dat niet in overeenstemming is met de waarheid die besproken wordt.
Houd als je het toepassen van schriftplaatsen overdenkt in gedachte dat je gehoor bestaat uit mensen met verschillende achtergronden die in uiteenlopende omstandigheden verkeren. Misschien zijn er pasgeïnteresseerden, jongeren, ouderen en mensen die met allerlei persoonlijke problemen te kampen hebben. Maak je lezing praktisch en realistisch. Vermijd het raad te geven die de indruk wekt dat je slechts enkelen in gedachten hebt.
Beslissingen die de spreker neemt
Sommige beslissingen betreffende je lezing zijn al voor je genomen. De hoofdpunten zijn duidelijk aangegeven, en hoeveel tijd je aan elk daarvan moet besteden, is ook vastgelegd. Andere beslissingen zijn aan jou. Je kunt verkiezen meer tijd aan bepaalde secundaire punten te besteden en minder aan andere. Ga er niet van uit dat elk secundair punt evenveel aandacht moet krijgen. Dat zou er misschien toe leiden dat je je door het materiaal heen haast en je toehoorders ermee overstelpt. Hoe kun je bepalen wat je uitvoeriger moet uitwerken en wat je slechts kort of zijdelings zal vermelden? Vraag je af: Welke punten zullen me helpen de centrale gedachte van de lezing over te brengen? Aan welke zou mijn gehoor het meeste hebben? Zal het weglaten van een bepaalde vermelde tekst met het punt dat daarbij hoort, de opbouw van het betoog verzwakken?
Vermijd met zorg speculaties of een persoonlijke mening in je lezing. Zelfs Gods Zoon, Jezus Christus, vermeed het ’uit zichzelf’ te spreken (Joh. 14:10). Besef dat mensen naar de vergaderingen van Jehovah’s Getuigen komen om er de bijbel te horen bespreken. Als men je als een voortreffelijk spreker is gaan beschouwen, is dat waarschijnlijk omdat je er een gewoonte van maakt de aandacht op Gods Woord te vestigen en niet op jezelf. Om die reden bestaat er waardering voor je lezingen. — Fil. 1:10, 11.
Nu je een eenvoudig schema in een stevige bijbelse uiteenzetting hebt omgezet, zul je je lezing moeten oefenen. Het is nuttig dat hardop te doen. Belangrijk is dat je ervoor zorgt alle punten goed in je geest te hebben. Je moet je hart in je voordracht kunnen leggen, het materiaal leven kunnen inblazen en een enthousiaste presentatie van de waarheid kunnen geven. Voordat je je lezing gaat houden, moet je je afvragen: Wat hoop ik te bereiken? Komen de hoofdpunten duidelijk uit? Heb ik werkelijk de Schrift tot de basis van mijn lezing gemaakt? Leidt elk hoofdpunt als vanzelf naar het volgende? Bouwt de lezing waardering voor Jehovah en zijn voorzieningen op? Hangt het besluit rechtstreeks met het thema samen, krijgen de toehoorders erdoor te zien wat ze moeten doen en worden ze daartoe gemotiveerd? Als je die vragen met ja kunt beantwoorden, ben je in staat ’goed te doen met kennis’, tot welzijn van de gemeente en tot lof van Jehovah! — Spr. 15:2.