Jonge mensen vragen . . .
Hoe moet ik omgaan met iemand die kwaad is?
„Hij was echt rázend. Volgens mij zag hij dat ik klein was en wilde hij me daarom in elkaar slaan. Terwijl ik een paar stappen achteruit deed, zei ik: ’Hé! Wacht nou even! Wacht even! Waarom wil je me in elkaar slaan? Ik heb je niks gedaan. Ik weet niet eens waarom je kwaad bent. Kunnen we er niet over praten?’” — David, zestien jaar.
BEN je ooit het doelwit geweest van de woede van een vechtersbaas? De bijbel voorspelde dat de mensen in deze tijd „heftig, zonder liefde voor het goede” zouden zijn (2 Timotheüs 3:3). En hoewel je er misschien alles aan hebt gedaan om ’omgang met iemand die snel toornig is en die woede-uitbarstingen heeft’ te vermijden, kun je driftige mensen soms gewoon niet ontlopen (Spreuken 22:24). Hoe moet je reageren wanneer je in zo’n situatie terechtkomt?
Hoe te reageren op woede-uitbarstingen
Tegenwoordig reageren veel jongeren misschien door zelf in woede uit te barsten. Maar dit veroorzaakt alleen maar meer ellende. Bovendien zou het verliezen van je zelfbeheersing je omlaaghalen naar het niveau van de persoon die tekeergaat. Spreuken 26:4 zegt: „Antwoord een verstandeloze niet naar zijn dwaasheid, opdat gij ook zelf hem niet gelijk wordt.” Een jongen die Jeremy heet, kwam er door bittere ervaring achter hoe waar deze woorden zijn. Hij weet nog dat hij tussen de middag op school aan een tafel zat: „Er was een groep jongens die elkaar en anderen altijd belachelijk zaten te maken. Heel vaak hadden ze het over mij. Meestal negeerde ik hun geklets. Maar toen een van hen over m’n moeder begon, verloor ik m’n zelfbeheersing en vloog ik hem in een vlaag van woede naar z’n keel.” Het gevolg? „Hij sloeg me behoorlijk in elkaar”, zegt Jeremy.
De bijbel geeft de volgende wijze raad: „Een zacht antwoord keert woede af, maar een woord dat smart veroorzaakt, doet toorn opkomen” (Spreuken 15:1). Ja, wanneer je op woede reageert met een woord dat pijn veroorzaakt, maakt dat de situatie alleen maar erger. Een zacht antwoord kan dingen vaak tot bedaren brengen en een gespannen situatie sussen.
David, die aan het begin werd genoemd, kreeg de vechtersbaas zover dat deze uitlegde waarom hij nijdig was. Het bleek dat iemand zijn lunch had gestolen en dat hij zijn frustratie gewoon uitleefde op de eerste de beste die hij tegenkwam. „Door mij in elkaar te slaan, krijg je geen nieuwe lunch”, voerde David aan. Vervolgens stelde hij voor om samen naar de kantine te gaan. „Omdat ik de vrouw kende die bij het buffet werkte,” zegt David, „kon ik een nieuwe lunch voor hem regelen. Hij gaf me een hand en vanaf die tijd was hij aardig tegen me.” Zie je wat een krachtige uitwerking vriendelijke woorden kunnen hebben? Volgens een spreuk ’kan een zachte tong het gebeente breken’. — Spreuken 25:15.
Zachtaardigheid — Een teken van zwakte of van kracht?
Nu klinkt het idee van het hebben van „een zachte tong” misschien niet zo aanlokkelijk. Het lijkt misschien flinker en meer macho om woede met woede te bestrijden. Je bent misschien zelfs bang dat wanneer je zachtaardig bent, anderen zullen denken dat je eigenlijk een watje bent. Maar wat betekent het precies zachtaardig te zijn? Volgens één naslagwerk betekent het dat je ’zacht’ bent. Deze bron voegt er echter aan toe: „Achter de zachtheid schuilt de kracht van staal.” Zachtaardigheid is dus helemaal geen teken van zwakte, maar kan een teken van kracht zijn. Hoezo?
Om te beginnen beheerst een zachtaardig persoon de situatie en is hij niet snel uit zijn evenwicht gebracht. Aan de andere kant lijkt iemand die niet zachtaardig is, onzeker, gefrustreerd of zelfs wanhopig. Het ontbreekt hem ook aan zelfbeheersing. Omdat hij niet in staat is zijn emoties te beheersen, zal hij waarschijnlijk telkens weer betrokken raken bij onenigheid met anderen. Ja, „als een opengebroken stad, zonder muur, is de man die zijn geest niet in bedwang heeft” (Spreuken 25:28). Het is dus de zachtaardige persoon die sterk is!
Bijbelse voorbeelden van zachtaardigheid
Denk eens aan Jezus Christus. Hij beschreef zichzelf als zachtaardig en nederig, „ootmoedig van hart” (Mattheüs 11:29). Nooit werd hij nors of onredelijk, of zette hij anderen dingen betaald. Een persoonlijke vriend van Jezus, de apostel Petrus, berichtte zelfs: ’Wanneer Jezus werd beschimpt, ging hij niet terugschimpen. Wanneer hij leed, ging hij niet dreigen, maar hij bleef zich toevertrouwen aan degene die rechtvaardig oordeelt’ (1 Petrus 2:23). Maar bedenk dat dezelfde Jezus ’de tempel binnenging en allen die in de tempel verkochten en kochten, eruit wierp’ (Mattheüs 21:12). En als hij ooit goddelijke steun nodig had gehad, had Jezus een beroep kunnen doen op „meer dan twaalf legioenen engelen”! (Mattheüs 26:53) Nee, hij was beslist geen zwakkeling.
Neem ook eens het voorbeeld van rechter Gideon, over wie in de bijbel, in Rechters 8:1-3, wordt bericht. Na een grootse militaire overwinning waren enkele soldaten van de stam Efraïm beledigd omdat ze vonden dat ze niet de kans hadden gekregen om te delen in de eer van de strijd. „Wat is dat nu voor iets dat gij ons hebt aangedaan, om ons niet te roepen toen gij tegen Midian zijt gaan strijden?”, vroegen ze uitdagend. „En zij trachtten hevig ruzie met hem te zoeken.” Nu was Gideon een „dappere, sterke man” (Rechters 6:12). Hij had gemakkelijk met geweld op hun uitdaging kunnen reageren. In plaats daarvan gaf hij een zachtaardig antwoord waardoor die heethoofden totaal werden ontwapend. „Wat heb ik nu gedaan in vergelijking met u?”, vroeg Gideon. Wat was het resultaat van zijn bescheiden antwoord? ’Hun geest bedaarde tegenover hem.’
Denk ten slotte eens aan het bijbelse verslag van een vrouw die Abigaïl heette. David was voortvluchtig en verborg zich voor zijn vijand, Saul, de koning van Israël. Hoewel Davids mannen zich in ballingschap bevonden, bewaakten en beschermden ze vaak hun mede-Israëlieten. Eén man die ze hielpen was Nabal, de man van Abigaïl, en hij was heel rijk. Nabal was echter „hardvochtig en zijn praktijken waren slecht”. Toen Davids mannen proviand nodig hadden, vroegen ze Nabal om wat voedsel. In plaats van dankbaar te zijn voor de kosteloze bescherming die hem door Davids manschappen werd geboden, ’voer hij uit’ tegen Davids boodschappers en zond hij hen met lege handen weg. — 1 Samuël 25:2-11, 14.
Toen David dat hoorde, werd hij kwaad en gaf hij zijn mannen de volgende opdracht: „Gordt ieder uw zwaard aan!” David en zijn mannen waren op weg naar Nabal om hem en alle onschuldige mannelijke leden van zijn huisgezin te doden toen Abigaïl in actie kwam. Ze ging David tegemoet met een royaal cadeau van voedsel en drank. Ze verontschuldigde zich voor het onvergeeflijke gedrag van haar man en smeekte David om het leven van onschuldige mensen te sparen. — 1 Samuël 25:13, 18-31.
Door de nederige verzoeken van Abigaïl nam Davids woede af. Beseffend hoe gevaarlijk zijn woede was geworden, zei David zelfs: „Gezegend zij Jehovah, de God van Israël, die u deze dag gezonden heeft om mij te ontmoeten! En gezegend zij uw verstandigheid, en gezegend zijt gij, die mij deze dag ervan afgehouden hebt in bloedschuld te geraken en mijn eigen hand tot mijn redding te laten komen” (1 Samuël 25:32-35). Ja, in veel gevallen kan „een zacht antwoord” de boosheid van anderen tot bedaren brengen. Maar stel nu dat jouw zachte antwoord niet dat effect heeft?
’Verwijder je’
Je kunt voorkomen olie op het vuur te gooien door gewoon weg te lopen. De bijbel zegt dat ’waar geen hout is, het vuur uitgaat’ en geeft ook de raad ’je te verwijderen vóórdat de ruzie is uitgebroken’ (Spreuken 17:14; 26:20). „Een populaire jongen op school kwam naar me toe en wilde met me praten”, zegt de zeventienjarige Merissa. „Hij vertelde me dat hij me knap vond. Voordat ik het wist kwam zijn vriendin op me af en die was echt ziedend. Ze beschuldigde me ervan dat ik met haar vriendje flirtte en ze wilde met me vechten! Ik probeerde uit te leggen wat er was gebeurd maar ze wilde niet luisteren. Na schooltijd kwam ze terug met een paar andere meisjes om me in elkaar te slaan! Ik haalde snel de beveiligingsbeambte en legde aan het woedende meisje uit dat ik niet vecht en dat haar vriendje naar míj toe was gekomen. Daarna liep ik weg.” Merissa gaf niet toe aan haar emoties. Ze ontliep niet alleen een gevecht maar ondernam ook stappen om zichzelf te beschermen. Zoals Spreuken 17:27 zegt, is „al wie zijn woorden inhoudt, . . . in het bezit van kennis, en een man van onderscheidingsvermogen is kalm van geest”.
Maar stel nu dat het eigenlijk wel jouw schuld is dat iemand woedend is geworden — misschien zonder dat jij het wist? Bied je excuses aan, en doe het snel! Misschien is dat al voldoende om de woede van de ander tot bedaren te brengen. In deze tijd staan we constant onder druk en veel mensen zijn gauw aangebrand. Maar als je in de omgang met anderen bijbelse beginselen toepast, kun je waarschijnlijk voorkomen dat je het slachtoffer wordt van iemands woede.
[Illustraties op blz. 24]
„Een zacht antwoord keert woede af”
[Illustratie op blz. 25]
Soms moet je gewoon weglopen