De termiet — Vriend of vijand?
DOOR ONTWAAKT!-CORRESPONDENT IN KENIA
„KUMBE! Mchwa!” Dat riep een christelijke bedienaar van het evangelie uit toen hij met een groep anderen een verplaatsbaar houten zwembad optilde. Zij hadden gehoopt het als doopbassin te kunnen gebruiken op een kringvergadering van Jehovah’s Getuigen in Kenia. Tot hun ontzetting ontdekten zij echter dat een groot deel van het hout was weggevreten. Vandaar zijn uiting van frustratie. Vertaald betekent die: „O! Termieten!”
Misschien wordt geen ander insekt zo vaak geassocieerd met schade aan eigendommen als de nietige termiet. Maar is dit insekt echt een vijand van de mens? Laten wij om die vraag te beantwoorden de termiet eens van nabij bekijken.
Het termietenfort
In Kenia ziet men vaak zeer hoge termietenwoningen. Het zijn schoorsteenachtige bouwsels die wel vijf tot zes meter boven de grond uitsteken. De op een betonnen citadel lijkende heuvels zijn met zo veel precisie gebouwd dat termieten wel als meesterarchitecten betiteld zijn. Het is bijna niet voor te stellen dat nietige insekten zulke indrukwekkende forten kunnen bouwen, terwijl ze zich toch heel traag voortbewegen — en blind zijn!
In de termietenheuvel bevindt zich een ingewikkeld netwerk van kamers en tunnels. Deze bruisende metropool heeft ook een doelmatig afwateringssysteem, ventilatie en zelfs airconditioning. Via uitlaatopeningen ontsnapt de warme lucht boven uit de heuvel. Koele lucht komt via de bodem binnen. Verdere koeling gebeurt via een simpel verdampingssysteem: De termieten besproeien hun wanden met water door ertegen te spugen. Door de verdamping van het water koelt de lucht af en wordt de circulatie bevorderd. In de termietenwoning wordt zo 24 uur per dag een aangename temperatuur van 30 °C gehandhaafd!
De termietenstaat
Nog verbazingwekkender is de termietenstaat. Sommige termietenheuvels herbergen doelmatige communes of kolonies die wel vijf miljoen ingezetenen tellen. Het gaat er zeker niet chaotisch toe; een kolonie is juist een voorbeeld van efficiëntie. De termietenfamilie bestaat uit drie kasten, namelijk arbeiders, soldaten en geslachtsdieren. Het zijn de arbeiders die de heuvels bouwen, waarbij ze hun speeksel als mortel gebruiken.
De soldaten zijn de agressievere leden van de familie. Gewapend met krachtige kaken en scherpe tanden verdedigen ze het fort tegen invallers, zoals trekmieren. Ze fungeren ook als lijfwachten ter bescherming van de arbeiders wanneer die zich buiten de heuvel wagen om voedsel te zoeken. Zo nodig nemen de soldaten hun toevlucht tot chemische oorlogvoering; een speciale klier fungeert als een spuit waarmee een dodelijke vloeistof wordt afgeschoten.
Hoe worden de soldaten voor hun diensten beloond? Blijkbaar zijn hun kaken zo groot dat ze geen voedsel kunnen kauwen om zichzelf te voeden. Wanneer een soldaat honger heeft, wrijft hij daarom eenvoudig met zijn sprieten tegen de kop van een arbeider. Dat betekent: „Geef me te eten!” De arbeider reageert daarop door uitgebraakt voedsel in de mond van de soldaat te deponeren.
In het koninklijk vertrek, gehuld in totale duisternis, leven de geslachtsdieren — de koning en de koningin. De koningin is een reuzin vergeleken bij haar nietige partner. Haar achterlijf, opgezwollen van de eitjes, getuigt van haar gigantische voortplantingsvermogens. Naar schatting kan ze 4000 tot 10.000 eitjes per dag leggen. Geen wonder dat sommigen de koningin „een automatische eierlegmachine” hebben genoemd.
Het koninklijk paar heeft echter niet veel privacy, daar ze door een team van arbeiders worden verzorgd. Die omringen de koningin, voorzien in haar onmiddellijke behoeften en zorgen voor haar voedsel. Als de eitjes worden gelegd, dragen de arbeiders ze tussen hun kaken weg naar de nestkamer.
Vrienden of vijanden?
Hoewel weinig mensen zullen willen ontkennen dat deze insekten fascinerend zijn, bezien de meesten ze wel als een plaag — vijanden! Dr. Richard Bagine, hoofd van de Afdeling Ongewervelde Dieren van het National Museum van Kenia, vertelde Ontwaakt!: „Het is waar dat termieten door mensen als een van de verwoestendste soorten insekten worden beschouwd. Maar wetenschappers zien termieten anders. In het wild zijn termieten nuttige leden van de planten- en dierenwereld.
In de eerste plaats breken ze dood plantaardig materiaal af tot simpele verbindingen. Op die manier recyclen termieten voedingsstoffen die planten nodig hebben. In de tweede plaats zijn ze een belangrijke voedselbron. Ze worden door bijna elke vogelsoort en door veel zoogdieren, reptielen, amfibieën en andere insekten gegeten. Veel mensen in het westen en noorden van Kenia houden ook van de zoete, volle smaak; ze zijn zeer rijk aan vetten en eiwitten. In de derde plaats helpen ze grond maken. Termieten vermengen ondergrond en bovengrond wanneer ze hun nesten bouwen en herstellen. Ze breken grote stukken dood plantaardig materiaal in kleinere stukken en vormen zo humus. Op hun tocht door de grond maken ze gangen voor de lucht en het water waaraan plantewortels behoefte hebben. Zo verbeteren termieten de samenstelling, structuur en vruchtbaarheid van de grond.”
Waarom dringen termieten echter de woningen van mensen binnen? Dr. Bagine zegt daarover: „In feite hebben mensen zich in het woongebied van de termieten gevestigd en de meeste plantaardige hulpbronnen verwijderd die termieten gebruiken. Termieten moeten eten om te leven en ze voeden zich meestal met dode planten. Wanneer die hun ontnomen worden, doen termieten zich te goed aan bouwsels van menselijke makelij, zoals huizen en graanschuren.”
Hoewel de termiet soms dus een plaag lijkt, is hij beslist niet onze vijand. Hij is juist een treffend voorbeeld van Jehovah’s scheppend vernuft (Psalm 148:10, 13; Romeinen 1:20). En als de mens in Gods komende nieuwe wereld in harmonie met de dierenwereld leert leven, zal hij ongetwijfeld de nietige termiet als een vriend en niet als een vijand gaan zien. — Jesaja 65:25.
[Illustraties op blz. 17]
Een karakteristiek termietenfort
Inzet: Termietenarbeiders
[Illustratie op blz. 18]
De termietensoldaat met zijn grote kop en zijn klieren die dodelijke verbindingen produceren, is toegerust om de termietenkolonie te verdedigen
[Illustratie op blz. 18]
De koningin, haar achterlijf opgezwollen van de eitjes
[Illustratie op blz. 18]
De koningin met haar ploeg verzorgers