Opgebrand — Wie loopt het risico en waarom?
STEL u eens voor dat u een kantoorbaan en een gezin hebt — trouwens, misschien hebt u die wel. Het werk ligt stapels hoog op uw bureau. Onophoudelijk komen er telefoontjes binnen van klanten die bijna onmogelijke eisen stellen. Uw chef is boos omdat er niet genoeg werk uit uw handen komt. Uw zoon heeft zich op school misdragen. De onderwijzer wil u onmiddellijk spreken. Op uw dringende verzoeken om hulp bij uw echtgenote wordt onverschillig gereageerd. Als de situatie uit de hand gelopen schijnt te zijn, wordt de stress zo groot dat u opgebrand dreigt te raken.
Raakt iemand opgebrand door overwerk? Ann McGee-Cooper, een deskundige op het gebied van hersenonderzoek, zei dat burnout „het gevolg is van onevenwichtig leven, in een ’alleen-werken/geen-ontspanning’-spiraal vooral”. Overwerk is echter niet de enige factor; onder dezelfde druk en omstandigheden zullen sommigen wel en anderen niet opgebrand raken.
Wie lopen het grootste risico?
Net zoals er mensen zijn die een grotere kans op besmetting met een bepaalde ziekte lopen, zijn er typen mensen die meer kans lopen op te branden. „Om opgebrand te raken,” zegt Elliot Aronson, hoogleraar sociale psychologie aan de University of California, „moet u eerst in vuur en vlam staan.” Degenen dus die de kans lopen opgebrand te raken, streven vurig hoge doelen en idealen na. Men zegt wel dat mensen die opgebrand raken, vaak de beste mensen in een bedrijf zijn.
In een opsomming van de kenmerkende eigenschappen van mensen die het grootste risico lopen opgebrand te raken, schreef professor Fumiaki Inaoka van de Opleiding voor Verpleegkundigen van het Japanse Rode Kruis in het boek Moetsukishokogun (Burnout-syndroom): „Mensen die de kans lopen op te branden, zijn sterk geneigd meevoelend, humaan, fijngevoelig, toegewijd en idealistisch te zijn. Zij zijn bij wijze van spreken niet machinegericht maar ’mensgericht’.”
Toen een specialist werd gevraagd een test te ontwerpen om degenen die een grote kans lopen opgebrand te raken weg te selecteren, zei hij dat de test juist gebruikt moest worden als maatstaf om mensen aan te nemen. „Wat bedrijven moeten doen,” zei hij, „is de mensen vinden die zo toegewijd zijn dat zij opgebrand raken . . . en dan programma’s ontwikkelen om burnout tegen te gaan.”
Bijzonder kwetsbaar zijn mensen die betrokken zijn bij mensgerichte diensten, bijvoorbeeld maatschappelijk werkers, artsen, verpleegkundigen en leraren. Zij proberen vurig mensen te helpen, cijferen zichzelf weg om het leven van anderen te verbeteren en kunnen opgebrand raken wanneer zij beseffen dat zij niet de soms onbereikbare doelen bereiken die zij zich gesteld hebben. Toegewijde moeders kunnen om dezelfde reden opgebrand raken.
Waarom mensen opgebrand raken
Uit een onder verpleegkundigen gehouden enquête bleek dat drie factoren ertoe leiden dat iemand opgebrand raakt. De eerste die opgemerkt werd, was het aantal dagelijkse moeilijkheden dat frustratie veroorzaakte. Zo moesten de meeste verpleegkundigen zware verantwoordelijkheden dragen, problemen in de omgang met patiënten oplossen, wennen aan nieuwe apparatuur, stijgende kosten opvangen en een ongeregeld leven voor lief nemen. „Deze dagelijkse toestanden dragen het meeste bij tot hun burnout”, zegt het boek Moetsukishokogun. Als problemen onopgelost blijven, hoopt de frustratie zich eenvoudig op en leidt tot burnout.
De tweede factor die opgemerkt werd, was het ontbreken van steun, het gemis van iemand om in vertrouwen te nemen. Zo zal een moeder die zich afzondert van andere moeders, meer kans lopen opgebrand te raken. Uit de bovengenoemde enquête bleek dat ongehuwde verpleegkundigen meer kans op burnout lopen dan gehuwde. Dat neemt niet weg dat door het gehuwd zijn het aantal dagelijkse conflicten juist kan toenemen als er geen open communicatie tussen man en vrouw is. Zelfs als iedereen thuis is, kan iemand zich alleen voelen omdat de familie opgaat in tv-kijken.
De derde factor werd gevormd door gevoelens van machteloosheid. Zo is de kans dat verpleegkundigen zich machteloos voelen groter dan die voor artsen, omdat verpleegkundigen vaak de autoriteit missen om veranderingen door te voeren. Personen in het middenkader kunnen opgebrand raken wanneer zij het gevoel hebben dat hun grootste inspanningen tot niets leiden. Zoals een personeelsmanager zei, raakt iemand opgebrand door zijn „frustratie als hij probeert een belangrijke bijdrage te leveren maar er niet naar hem geluisterd wordt”.
Gevoelens van machteloosheid bij mensen ontkiemen in een bodem van niet-erkenning, met burnout als vrucht. Vrouwen raken opgebrand wanneer hun man niet erkent hoeveel werk er in het huishouden en de verzorging van de kinderen gaat zitten. Het middenkader raakt opgebrand als een chef een goed gedaan karwei negeert en vit bij kleine fouten. „Waar het op neerkomt is, dat wij er allemaal behoefte aan hebben dat onze inspanningen gewaardeerd en erkend worden,” zegt het blad Parents, „en als wij ergens werken waar onze inspanningen niet worden beloond — of dat nu thuis of op kantoor is — dan is de kans groter dat wij opgebrand raken.”
Interessant is dat terwijl onder verpleegkundigen het burnout-percentage hoog is, verloskundigen daar veel minder last van hebben. Over het algemeen komt het werk van een verloskundige erop neer, te helpen bij het ter wereld brengen van nieuwe levens. Vaders en moeders bedanken hen voor hun werk. Mensen die gewaardeerd worden, voelen zich nuttig en zijn gemotiveerd.
Zodra iemand weet wie er kans loopt opgebrand te raken en hoe dat komt, wordt het gemakkelijker het probleem te verhelpen. Het volgende artikel kan mensen die opgebrand zijn helpen, het leven evenwichtig te benaderen.
[Inzet op blz. 6]
Burnout is een gevolg van een „alleen-werken/geen-ontspanning”-spiraal