Jonge mensen vragen . . .
Sensatiesporten — Moet ik risico’s nemen?
„DIT zal het meest angstaanjagende moment van je leven zijn”, wordt je verteld als je huiverend op het platform staat. Het aftellen begint: „Vijf, vier, drie, twee, een — SPRING!” De val ontneemt je de adem. Je suist een ogenschijnlijk zekere dood tegemoet, maar plotseling voel je de abrupte ruk van een elastieken koord. Er overvalt je een opwindend gevoel van opluchting. Je hebt het overleefd!
Bungee-jumping.a De sport heeft alleen al in de Verenigde Staten naar schatting één tot twee miljoen deelnemers getrokken. Het is slechts een van de vele sporten die de laatste tijd enorm populair zijn geworden; om er slechts enkele te noemen: steile-wandklimmen, paragliding, wildwatervaren en sky-surfing. „De jaren ’90 zijn het decennium van de sensatiesport”, zegt een promotor van het bungee-jumpen.
Riskante activiteiten zijn niet alleen voor de rijken weggelegd. Op sensatie beluste jongeren uit de steden doen mee aan gevaarlijke (en verboden) waaghalzerijen als lift-surfen (boven op bewegende liften mee naar boven en beneden gaan), tunnelen (door het buizenstelsel van grote gebouwen rennen), metro-surfen (op het dak van ondergrondse treinen meerijden) en trapduiken (op ingevette trappen naar beneden glijden).
Wat is er zo aantrekkelijk aan?
„Ik probeer alles wat me bang maakt”, zegt Norbert. „Ik houd van alle sporten — honkbal, basketbal — maar brugspringen vond ik doodeng! Dat is iets totaal unieks.” Douglas is het met hem eens. „Gewone sporten zijn leuk, maar er is niets riskants aan”, zegt hij. „Je bent altijd gebonden. Ik geniet van dat gevoel dat ik val. En de snelheid . . . Dat gevoel heb je bij andere sporten nooit.”
Sensatiesporten gaan verder dan het uittesten van je atletische capaciteiten; ze brengen je oog in oog met de dood! De deelnemers schijnen te genieten van de adrenalinestoot die zij krijgen. Sommige deskundigen beweren dat het bij bepaalde mensen in de genen vastgelegd is dat zij op sensatie beluste persoonlijkheden worden. Maar de meeste jongeren nemen wel op de een of andere manier risico’s; het is hun manier om grenzen af te tasten en zelfvertrouwen te ontwikkelen.
Helaas geven jongeren daarbij niet altijd van oordeel des onderscheids blijk. „De luister der jongelingen is hun kracht”, zegt Spreuken 20:29. Maar sommigen schijnen te denken dat hun kracht onbegrensd is. Dr. David Elkind zegt dat tieners vaak geloven „dat zij bijzonder en uniek zijn — niet onderhevig aan de waarschijnlijkheidswetten die voor anderen gelden. Het is dit geloof bijzonder te zijn, in onkwetsbaarheid gehuld te zijn, dat het meest bijdraagt tot de beslissingen van tieners om risico’s te nemen.” Dr. Robert Butterworth merkt in dezelfde geest op: „Als je zoiets als vrije-val-parachutespringen doet, geeft dat je het gevoel dat je de risico’s tart, dat je je eigen lot in handen neemt.”
Het nemen van risico’s kan echter ook ingegeven worden door somberder motieven. In haar boek Childstress! geeft de schrijfster Mary Susan Miller te kennen dat veel jonge waaghalzen dwaze risico’s nemen omdat zij gewoon alle stress in hun leven niet aankunnen. Sensatiesporten kunnen dan ook zelfdestructieve of zelfs suïcidale neigingen aan het licht brengen. „Zij begeven zich opzettelijk in gevaarlijke situaties,” zegt Miller, „alsof zij het noodlot tarten het karwei voor hen te klaren.”
Werkelijk riskant?
Waar hun aantrekkingskracht ook in mag schuilen, sensatiesporten kunnen gevaarlijk zijn. ’Dat geldt ook voor de straat oversteken’, voeren sommigen aan. Maar iemand die de straat oversteekt, zoekt niet opzettelijk het gevaar of sensatie. En hoewel de veiligheidscijfers voor veel sporten, zoals bungee-jumping, redelijk goed zijn, kan er iets mis gaan. De arts Mark Bracker zei het zo: „Bij veel van deze riskante sporten geldt dat wanneer er iets mis gaat, dat catastrofaal kan zijn. Hoe groter de sensatie, des te groter het risico meestal, of het nu om parachutespringen, deltavliegen of motorrijden gaat.” Een twintigjarige jongere bungee-jumpte uit een heteluchtballon die 58 meter boven de grond hing. Het probleem? Zijn koord was 79 meter lang! Hij sprong een verschrikkelijke dood tegemoet.
Uiteraard kan van sommige activiteiten, zoals motorrijden, op een betrekkelijk veilige en rustige manier genoten worden. Maar een deskundige in de sportgeneeskunde zegt over mensen die op sensatie belust zijn: „Naarmate hun vaardigheden groter worden, kiezen zij voor iets moeilijkers en iets nog moeilijkers, en uiteindelijk lopen zij letsel op.” Een jongere bekende: „Ik ben eraan verslaafd. Het is nu moeilijker dat niveau van angst en de kick te krijgen.”
Iets voor christenen?
Wijst de bijbel alle sport categorisch af? Nee. Dwaze uitersten worden veroordeeld. Zoals in Prediker 7:17 opgetekend staat, vroeg Salomo: „Waarom zoudt gij sterven als het uw tijd niet is?”
’Het leven is kort. Ga er hard tegenaan’, raadt een reclame voor sportschoeisel aan. Maar wij zijn het aan onszelf, aan degenen die van ons houden en aan onze Schepper verschuldigd, ons leven kostbaar te achten. Het leven is een geschenk van God (Psalm 36:9). In bijbelse tijden konden zware straffen opgelegd worden als iemand onopzettelijk van het leven werd beroofd (Exodus 21:29; Numeri 35:22-25). Gods volk werd op die manier aangemoedigd nodeloze risico’s te vermijden. — Vergelijk Deuteronomium 22:8.
Op christenen rust thans eveneens de plicht respect voor het leven te tonen. Zou het gepast zijn aan sportactiviteiten mee te doen waarmee je je aan onnodige risico’s zou blootstellen? Toen Satan de Duivel Jezus probeerde te verleiden, gebruikte hij het argument dat de engelen Jezus zouden opvangen als hij zich van de kantelen van de tempel zou werpen. Jezus antwoordde: „Gij moogt Jehovah, uw God, niet op de proef stellen.” — Mattheüs 4:5-7.
Bovendien ben je, hoe sterk en gezond je je ook voelt, gewoon niet immuun voor letsel. Het is irreëel om te redeneren: ’Dat kan mij niet overkomen.’ De bijbel waarschuwt ons dat ’tijd en onvoorziene gebeurtenissen ons allen treffen’. — Prediker 9:11.
Bezint eer ge begint
Het is zinnig ernstig na te denken over de mogelijke gevolgen als je uit een hijskraan springt, uit een vliegtuig duikt of iets anders doet wat buitensporig riskant lijkt. Ga niet zo maar af op geruchten of op de enthousiaste verhalen van andere jongeren (Spreuken 14:15). Laat je goed informeren.
Wat is bijvoorbeeld precies het ongevallencijfer voor een bepaalde sport? Welke veiligheidsmaatregelen worden er genomen? Een deskundige zegt over het duiken met een aqualong: „[Mensen denken dat] het gevaarlijk is om vanuit het element lucht het water in te gaan . . . Maar het is alleen gevaarlijk als je het doet zonder goed geïnstrueerd te zijn.” Je moet je dus ook afvragen: Wat voor training en uitrusting zijn voor deze sport nodig? Zijn er gewettigde voordelen aan verbonden, zoals lichaamsbeweging? Zijn de eventuele risico’s incidenteel of is het hoofddoel van de sport de dood te tarten?
Als het laatste het geval is, zou je je kunnen afvragen waarom het nemen van risico’s je zo aantrekt. Is het gewoon een reactie op verveling of stress? Waarom zou je dan geen veiliger, heilzamer manier zoeken om zulke gevoelens tegen te gaan?b Het boek Teenage Stress brengt ons onder de aandacht dat risico’s nemen een „gevaarlijke en uiteindelijk ondoelmatige methode is om met de negatieve kant van stress om te gaan”. — Vergelijk Spreuken 21:17.
Na de zaak van alle kanten bekeken te hebben — en het met je ouders te hebben besproken — zou je conclusie heel goed kunnen zijn dat je er beter aan doet extreme sensatiesporten te vermijden. Je ouders zullen er misschien de voorkeur aan geven dat je je met activiteiten bezighoudt die minder levensbedreigend van aard lijken, zoals fietsen, schaatsen, skiën en snorkelen, om er een paar te noemen. Uiteraard kunnen zelfs betrekkelijk veilige activiteiten gevaarlijk zijn als de juiste voorzorgsmaatregelen achterwege blijven.
Dit overkwam een kleine groep christelijke jongeren die besloten een wandeltocht te maken. Zij verlieten het pad en begonnen een smalle richel op een steile rots te beklimmen. Het duurde niet lang of zij zaten als het ware in de val, niet in staat veilig voorwaarts of achterwaarts te gaan. Toen hoorde de jongen die de groep leidde plotseling een geluid. Twee van zijn vrienden waren naar beneden gevallen en waren dood. Wat tragisch!
Wees dus alsjeblieft voorzichtig! ’Verheug je in je jeugd’, genietend van de kracht en energie waarmee je gezegend bent (Prediker 11:9). Maar doe voordat je een uitnodiging aanneemt om iets riskants te ondernemen, wat Brian doet. Hij zegt: „Ik vraag me af: ’Hoe zou Jehovah erover denken? Wat voor licht zou het werpen op mijn houding tegenover de gave van het leven die hij mij geschonken heeft?’” Ja, weeg de risico’s af en ga na wat je motieven zijn. Het leven is te kostbaar om het anders te doen.
[Voetnoten]
a „Bungee-jumping”, ook wel elastiekspringen genoemd, is een sport waarbij springers, bevestigd aan een lang elastieken koord dat men een bungee noemt, van bruggen, uit hijskranen en zelfs uit heteluchtballonnen springen. Op die manier kan een nagenoeg vrije val gemaakt worden voordat het koord strak trekt, waardoor de val gebroken wordt.
b Zou het als je neerslachtig bent of vecht tegen neigingen tot zelfdestructie, niet beter zijn met iemand te praten en om hulp te vragen in plaats van onnodige risico’s te nemen? — Zie „Jonge mensen vragen . . . Is zelfdoding de oplossing?” in onze uitgave van 8 april 1994.
[Illustratie op blz. 10]
Mogen christelijke jongeren zich bezighouden met sensatiesporten zoals bungee-jumping?