Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g92 8/11 blz. 16-19
  • Tarawera — Nieuw-Zeelands vulkaanramp

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Tarawera — Nieuw-Zeelands vulkaanramp
  • Ontwaakt! 1992
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Het leven in een Maori-dorp
  • Voorboden van de ramp
  • Een ontroerend bezoek
  • De nasleep
  • Hoe ik mijn brandende eerzucht overwon
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1986
  • Trap naar de hemel
    Ontwaakt! 2000
  • Wonen in de schaduw van een sluimerende reus
    Ontwaakt! 2007
  • „Uitgestorven” vogel opnieuw ontdekt
    Ontwaakt! 1994
Meer weergeven
Ontwaakt! 1992
g92 8/11 blz. 16-19

Tarawera — Nieuw-Zeelands vulkaanramp

Door Ontwaakt!-correspondent in Nieuw-Zeeland

KUNT u zich voorstellen hoe het zou zijn als u in de vroege ochtenduren werd gewekt door het geluid van een berg die uiteengereten werd? Hoe zou u zich voelen als u uit het raam keek en zo’n dertig kilometer verderop torenhoge vlammen zag oprijzen en een onophoudelijke regen van roodgloeiende stenen door de lucht zag schieten? En vervolgens voelde dat de grond onder uw bed begon te schudden? Angstaanjagend, zegt u? Welnu, dat is wat er op 10 juni 1886 om twee uur ’s morgens in Rotorua, gelegen in de centrale zone van het Noordeiland van Nieuw-Zeeland, gebeurde toen de berg Tarawera uitbarstte. Toen werd het dorpje Te Wairoa Nieuw-Zeelands Pompeji, bedolven door zijn eigen Vesuvius.

Voor de bewoners van het gebied die het overleefden, was het een verschrikkelijke ervaring. Een ooggetuige zei: „We zagen een tafereel dat geen mens die het gezien heeft ooit zal kunnen vergeten. . . . De berg had drie kraters, en vuurvlammen schoten minstens 300 meter omhoog.” Een ander, die naar buiten was gegaan om het schouwspel te zien, zei: „De wind nam toe en we hadden nog maar net het huis bereikt toen het, zo dachten we, hevig begon te regenen. De ramen werden ingeslagen en we bemerkten dat wat we voor regen hadden aangezien, uit vulkanische slakken en steen bestond. . . . Tussen aardbeving en vuur stonden we met de dood voor ogen.”

Door de explosie van de negentien kilometer lange bergketen kwam een reeks van negen diepe kraters tot bestaan. Stoom, vermengd met rondvliegende as, kwam als regen naar beneden. De dorpen rond het meer, met hun Maori-inwoners en anderen die er woonden, mogelijk 155 personen, werden bedolven, veel ervan onder een laag modder van enkele meters dik!

Zo’n 16.000 vierkante kilometer bosgebied en landbouwgrond werd met modder bedekt en het regende zelfs vulkanisch puin op het dek van schepen 160 kilometer uit de kust. Het unieke wereldwonder, de „roze en witte terrassen”, „wonderen van natuurlijke architectuur in glinsterend siliciumdioxide”, werden verwoest en ook de heilige beenderen van Maori-voorouders (Wild New Zealand, uitgegeven door Reader’s Digest). Dit was een catastrofe van gigantische omvang voor het vredige eiland in de Stille Zuidzee.

Het leven in een Maori-dorp

In het vroegere dorp Te Wairoa, veertien kilometer van de berg Tarawera, was het leven vóór de uitbarsting vredig en voorspoedig. Het dorp lag in het bos aan de oever van een koud meer, het Tarawerameer, en was vrij van de thermale activiteit in de dorpen dichter bij Rotorua. Zelfs op koude dagen waren er in het dorp Ohinemutu gebieden met warm grasland. Te Wairoa was voor die tijd echter in andere opzichten uniek. Er waren straten aangelegd en de huizen stonden niet allemaal bij elkaar op gemeenschappelijke grond van de stam, maar waren in plaats daarvan privé-bezit, elk afgeschermd op een stuk grond van 0,2 hectare.

Twee gunstig aan het Tarawerameer gelegen hotels in Te Wairoa boden de vermoeide Europese toeristen van de jaren tachtig van de vorige eeuw welkome verpozing. Zij konden er uitrusten van hun tocht met paard en wagen en van de hobbelige, beschadigde boswegen. De volgende dag ondernamen zij, volgens de gewoonte in hun zondagse kleren, de reis naar de „roze en witte terrassen”. De terrassen hadden tegen die tijd bekendheid gekregen als een wereldwonder en werden beschreven als „grote witte bassins die in de richting van de top geleidelijk groter worden . . . en gevuld zijn met water van het prachtigste blauw, rondom afgezet met glinsterend, schitterend wit . . . en de ’roze terrassen’ alle helder roze met in de grote ondiepe bassins hetzelfde prachtig blauwe water”. Kleine Maori-kinderen poedelden in de langs de treden verspreid liggende warmwaterpoelen en volwassenen gingen er baden om hun vermoeide lichaam te verkwikken.

Onder de terrassen, in het troebele groene water van het Rotomahanameer, waren bubbelende heetwaterbronnen. Sommige spoten als fonteinen uit het wateroppervlak omhoog en waren zo heet dat de inheemse Maori-kok er zijn kumeras (inlandse aardappelen) of koura (zoetwaterkreeft) in kon koken. De toeristen vonden het heerlijk deze delicatessen te proeven tijdens picknicks aan het meer met de Maori-gidsen, zoals Kate en Sophia, die hen in van uitgeholde boomstammen gemaakte boten naar de terrassen vervoerden.

Voorboden van de ramp

De uitbarsting van de drie toppen van de berg Tarawera kwam geheel onverwacht. De Maori-namen Wahanga, Ruawahia en Tarawera deden alle aan vuur denken, maar er waren geen vulkaankraters op de berg en niets wees dus op gevaar. In feite werd de ronde Tarawera-top — later kreeg de hele berg die naam — eeuwenlang als een veilige begraafplaats voor Maori-voorouders beschouwd en was hij taboe, of heilig. Het is dus waarschijnlijk dat de namen zinspeelden op het roodachtige karakter van de grond. Er waren enkele ongewone maar betrekkelijk onbelangrijke voorvallen geweest, zoals toen Sophia tien dagen daarvoor naar het riviertje was gelopen waar de boten waren achtergelaten en zij ontdekte dat ze op de droge rivierbedding aan de grond waren gelopen. Terwijl zij daar stond, werden de boten door een plotselinge waterstroom, een soort golf, opgetild en vervolgens op de rivierbedding teruggekwakt. Achteraf gezien waren de enige echte waarschuwingen de ongewoon vaak voorkomende aardbevingen en de grote thermale activiteit in het Rotomahanameer. Hoewel deze enige ongerustheid wekten, gaven ze geen idee van de verwoesting die zou volgen.

Een ontroerend bezoek

Nu, honderd jaar later, kunnen toeristen die het opgegraven terrein van Te Wairoa bezoeken, dat nu het Bedolven Dorp wordt genoemd, zich aanvankelijk bijna geen voorstelling maken van de verschrikking van die nacht.

Wij konden het evenmin toen wij de slingerpaden volgden tussen de overblijfselen van Maori-„whares” (huisjes) die sinds de jaren ’30 zijn opgegraven.a Waaierstaartvliegenvangers cirkelden om ons hoofd omdat door ons lopen hun lievelingsinsekten werden opgeschrikt. Het was moeilijk te geloven dat er op de mensen die hier eens hadden geleefd zo’n geweld en verschrikking was neergeregend.

Wij stopten bij de ingang van een flauw verlichte „whare” en stapten naar beneden, naar het vroegere grondniveau. Wij dachten aan de met modder bedekte babyschoentjes en het roestige negentiende-eeuwse ledikantje die wij voordien tussen andere tentoongestelde voorwerpen hadden gezien. Waren die van een kind geweest dat in dit huisje had gewoond? Had het op de lemen vloer gespeeld waarop wij nu stonden?

In andere vitrines zagen wij gefascineerd een fles wijn die in 1949 was opgegraven en drie kruiken met ingelegde walnoten die in 1963 waren blootgelegd, alle met nog onbeschadigde sluiting. Wij vroegen ons af hoe honderd jaar oude wijn en walnoten zouden smaken. Het trok ons niet aan! Het stemde ons echter verdrietig toen wij tentoongestelde oude kranteverslagen over overlevenden lazen. Mevrouw Haszard, moeder van vier kinderen, werd door redders levend uitgegraven en ontdekte dat drie van haar kinderen, één aan weerszijden van haar en één nog in haar armen, door de naar beneden gekomen modder en as waren gestikt. Omdat zij zelf door het volle gewicht van modder en dakspanten van het huis tegen de grond werd gedrukt, was zij niet bij machte geweest op hun hulpgeschreeuw te reageren.

De nasleep

Het doet de 50.000 huidige inwoners van Rotorua weinig dat zij in de schaduw van zo’n gevaarlijke berg wonen. En de meer dan 800.000 toeristen per jaar die voor de talrijke unieke activiteiten en plaatsen komen die dit thermale gebied te bieden heeft, zitten er evenmin mee. Van diep onder de grond leiden sommige Nieuwzeelanders via buizen thermale stoom en mineraalwater omhoog om hun binnen- en buitenbaden te verwarmen. Toch weten zij in hun achterhoofd dat het oververhitte water dat zij door spleten in de grond naar boven zien komen en zich in kokende modder zien verzamelen ooit, vele jaren geleden, op verborgen energie duidde die een berg genaamd Tarawera aan stukken blies en het dorp Te Wairoa bedolf.

[Voetnoot]

a „Whare” wordt als „forry” uitgesproken.

[Illustratie op blz. 16, 17]

De berg Tarawera en zijn zes kilometer lange scheur, met in de verte het Tarawerameer

[Illustraties op blz. 18]

Een typische Maori-„whare” of -hut, die onder vulkanische as werd bedolven

Interieur van een opgegraven Maori-„whare” waarin de stookplaats en kookgerei te zien zijn

Overblijfselen van een bakoven die in 1886 werd verwoest

[Verantwoording]

Bovenstaande foto’s: Gepubliceerd met toestemming van The Buried Village

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen