Van invalide tot actief lofprijzer van God
TWEE getuigen van Jehovah op Porto Rico spraken tijdens hun van-huis-tot-huisprediking in februari 1984 met een vrouw in het dorp Corcovada (Añasco). Zij hoorden een geluid in het huis en vroegen de vrouw of er iemand ziek was.
„Ja,” antwoordde zij, „mijn man. Hij is al 14 jaar ziek en komt alleen de kamer uit om zich te wassen en om te eten.”
De twee Getuigen vroegen of zij met de man mochten praten. Zijn vrouw zei dat hij niet graag met iemand sprak, maar als de Getuigen naar binnen wilden gaan, was dat goed.
„Wij gingen de kamer binnen”, vertelde een van de Getuigen, „en troffen de man in bed aan. Toen wij zagen hoe hij eraan toe was, hadden wij medelijden met hem. Hij was zo zwak dat hij beefde. Wij vertelden hem over Gods koninkrijk en de hoop op leven in een wereld zonder ziekte of zelfs de dood. De tranen rolden hem over de wangen. Ik vroeg hem of hij in die nieuwe wereld waar niemand ziek zou zijn, zou willen leven.” — Openbaring 21:3, 4.
„Ja”, antwoordde hij. „Wij boden aan terug te komen om de bijbel met hem te bestuderen. Hij vond het goed dat wij terugkwamen en de studie werd gehouden terwijl hij in bed lag.
Na een paar bezoeken stelde ik hem voor rechtop te gaan zitten in bed, waardoor het studeren hem gemakkelijker zou vallen. Dat probeerde hij, hoewel hij in het begin maar eventjes rechtop kon blijven zitten omdat hij duizelig werd. Hij werd wat sterker, en na nog enkele studies stelde ik voor de studie in de zitkamer te houden. Hij stemde daarin toe en elke week hielpen wij hem daarheen te lopen.
De man maakte goede vorderingen met zijn studie, ondanks het feit dat hij nauwelijks kon zien en zijn handen zo beefden dat het hem moeilijk viel een vergrootglas vast te houden. Hij vertelde ons dat hij in de 14 jaar dat hij ziek was, nooit naar een dokter was geweest omdat hij niet in staat was het huis te verlaten. Dus troffen wij regelingen hem naar een dokter te brengen.
Hij onderging een geslaagde operatie aan zijn ogen en al gauw las hij de bijbel zonder vergrootglas. Zelfs zijn handen beefden niet meer. Hij begon geregeld door het huis te lopen en uiteindelijk ging hij alleen nog ’s avonds naar bed om te slapen. Kort daarna begon hij onze christelijke bijeenkomsten in de Koninkrijkszaal bij te wonen.
Na verloop van tijd drong de liefde voor Jehovah God en Zijn beloften deze voormalige invalide ertoe met anderen over de dingen die hij had geleerd te praten. Het duurde niet lang of hij ging met ons deelnemen aan de van-huis-tot-huisbediening, tot grote verbazing van zijn buren en vrienden. Zijn gezondheid ging dermate vooruit dat hij zelfs op zijn boerderij begon te werken.”
In november 1988 werd deze ervaring verteld op een kringvergadering van Jehovah’s Getuigen en de man, Pedro Martínez, verscheen op het podium. Ten slotte symboliseerde hij in november 1989 zijn opdracht aan Jehovah door de waterdoop.