Pas op voor het ’naäap-effect’!
Televisie kan een educatief instrument zijn. Ze kan ons laten zien wat er gebeurt op afstanden die ver buiten het normale gezichtsveld liggen en soms kan ze gezonde ontspanning bieden. Toch speelt volgens Eric Moonman, auteur van The Violent Society, de televisie ook een rol bij de hedendaagse ineenstorting van wet en orde. In de Londense Independent schrijft Moonman over het verband tussen tv en geweld: „Als er één invloed is die krachtiger is dan alle andere, dan is dat, zo blijkt uit onderzoek, het naäap-effect.” Wat bedoelt hij daarmee?
„De rellen die zich in 1981 [in de Engelse binnensteden] afspeelden, werden live op de televisie gebracht”, legt hij uit. „Het patroon ervan werd dag in dag uit herhaald. Ik bezocht een aantal van de probleemhaarden, waar mij, tijdens interviews met tieners, de draagwijdte van de naäapmisdaad duidelijk werd. De tv gaf je de indruk dat het heel eenvoudig was, zij wisten wat zij moesten doen.” Moonman merkte op dat er na de rellen „een duidelijke weerspiegeling van de op de televisie gadegeslagen scènes” te zien was in de uitbarstingen van straatgeweld die zich in andere delen van het land voordeden. — Wij cursiveren.
Nu men in de eigen zitkamer ooggetuige is van de internationale conflicten in de wereld, stijgt de spanning bij het gadeslaan van deze gebeurtenissen. Het is waar dat „de televisie nog niet kan bepalen wie een oorlog wint,” verklaart Moonman, „maar ze kan al wel bepalen wie er naar wij denken wint.”
Hoe kunt u uw gezin beschermen tegen de mogelijke slechte uitwerking van televisie? Stel eerst duidelijk vast welk beleid er ten aanzien van het kijken gevolgd zal worden. Geef dan aan welke beperkingen er gelden voor de inhoud van de programma’s waarnaar gekeken wordt en voor de tijd die aan tv-kijken wordt besteed. En als er actuele beelden worden getoond van geweld, houd dan in gedachte dat de wetteloosheid van de wereld geen navolging verdient. Sla acht op de raad: „Weest kleine kinderen ten opzichte van het slechte; wordt daarentegen volwassen in verstandelijke vermogens.” — 1 Korinthiërs 14:20.