De daklozen — Hoe ernstig is het probleem?
OVER de hele wereld wonen miljoenen mensen in behuizingen die naar algemene maatstaven ongeschikt zijn voor bewoning. In een VN-publikatie getiteld Bouwen voor de daklozen wordt vermeld dat in ontwikkelingslanden „wel 50 procent — in sommige steden bijna 80 procent — van de stedelijke bevolking in sloppen en bidonvilles woont”, zonder voldoende leidingwater, verlichting, sanitaire voorzieningen en vuilafvoer. Hoe ziet het leven er op zulke plaatsen uit? Ontwaakt!-correspondenten geven uit de eerste hand de volgende verslagen.
Bombay, India — De drukkende zomerhitte in het centrum van Bombay is intens. Onder een wijdvertakte waringin liggen een man, een vrouw en een baby op het trottoir te slapen. Wat schamel beddegoed, enig kookgerei en de resten van een klein vuur wijzen erop dat zij de plek als hun tijdelijke tehuis hebben gekozen. Zij kunnen nergens anders heen. Winkelende mensen en zakenlieden lopen langs, schijnbaar onbewust van de aanwezigheid van het gezinnetje. Er zijn in de stad immers tienduizenden zoals zij? In een land waar het woningentekort wordt geschat op 24,7 miljoen wooneenheden, vormen mensen zonder huis een heel gewone aanblik.
Niet ver daarvandaan, op braakliggende terreinen en langs autowegen en spoorbanen, zijn primitieve tenten opgeschoten. Oude jutezakken en lompen worden over en aan elkaar gelegd en vormen onderkomens voor de tallozen die er illegaal zijn neergestreken. Als deze eerste optrekjes niet door de autoriteiten worden verwijderd, verschijnen er benauwde, raamloze hutten, gemaakt van bij elkaar gescharrelde materialen. Zij die hier wonen, zijn dagelijks op zoek naar water. Spoorbanen en vuilstortplaatsen veranderen in open toiletten. Bijna benijdenswaard in vergelijking hiermee zijn de min of meer permanente bouwsels in de gevestigde krottenwijken, waar op zijn minst enkele waterkranen en latrines zijn.
Johannesburg, Zuid-Afrika — Voor de blanke Zuidafrikaan is het vinden van een woning geen groot probleem, mits hij de gestaag stijgende kosten kan betalen. Maar volgens het officiële, door de regering uitgegeven jaarboek South Africa 1986 „bestaat er in Zuid-Afrika momenteel een enorme achterstand in de woningbouw voor zwarten, vooral in de stedelijke gebieden”. Daar er duizenden mensen op de wachtlijst staan voor een woning, moeten drie gezinnen soms een vierkamerwoning delen of moet een gezin van drie of vier personen in één kamer wonen. Wanneer een zoon trouwt, komt hij op de wachtlijst, in de hoop dat er over twee of drie jaar iets beschikbaar komt. In die tussentijd moeten de jonggehuwden òf de kamer met de ouders delen òf een hut van golfplaat bouwen in de achtertuin — als die er is.
In sommige woonwijken bouwen de eigenaars zulke hutten en vragen er buitensporig hoge huren voor. Stadsautoriteiten laten het toe omdat zij de vraag naar huizen niet aankunnen. Hierdoor ontstaan krottenwijken en broeinesten van misdaad en ziekte. De radio berichtte dat 136 op de 1000 baby’s sterven omdat ze onder zulke onhygiënische omstandigheden geboren zijn — geen stromend water en misschien één toilet op vier of vijf gezinnen. Ook oudere kinderen hebben eronder te lijden. Zij leren op jonge leeftijd stelen en drugs gebruiken. Alcoholmisbruik komt onder jongeren algemeen voor.
Sjanghai, China — Het voorzien in voldoende woningen voor de meer dan 12 miljoen inwoners van deze volkrijkste stad in het volkrijkste land ter wereld, is een enorme uitdaging. Hoewel de regering doet wat ze kan om nieuwe woningen te bouwen, leeft het merendeel van de bevolking nog altijd in kleine huizen die gebouwd zijn in de jaren ’30 en ’40 en eruitzien als poppenhuizen. Ze staan dicht opeengepakt in grote stadsblokken en zijn slechts toegankelijk via wat de inwoners van Sjanghai steegjes noemen. In veel van deze huizen ontbreekt stromend water, er is binnen geen keuken of toilet en ze zijn onverwarmd, hoewel de temperatuur ’s winters tot onder het vriespunt kan dalen. Grotere panden in voormalige Franse en Britse woonwijken zijn gewoonlijk opgedeeld, met één gezin per kamer en een gemeenschappelijke keuken en badkamer. Vaak wonen in zo’n kamer drie generaties.
Betere huisvesting voor de bevolking staat hoog op de prioriteitenlijst van het stadsbestuur. Men schat dat momenteel iedereen slechts tussen de 4 en 5,4 vierkante meter woonruimte heeft. Dit ligt onder het landelijke doel van 6 vierkante meter per persoon. Uit rapporten blijkt dat er in 1985 in Sjanghai 6000 nieuwe appartementen zijn gebouwd en er in 1986 niet minder dan $135 miljoen aan woningbouw is uitgegeven. Er staan echter nog steeds meer dan 100.000 mensen op de officiële wachtlijst voor een nieuwe woning en geen mens weet hoeveel anderen op zoek zijn naar een plek die zij hun thuis kunnen noemen.
São Paulo, Brazilië — Overal in deze stad zijn krottenwijken opgeschoten. Gedreven door wanhoop strijken de daklozen op particuliere terreinen en braakliggende gronden neer en zetten wankele, van stukken blik gemaakte hutten en aanbouwsels op, soms vlak naast statige huizen en moderne flatgebouwen. Veel traditionele familiehuizen zijn verbouwd tot provisorische eenkamerappartementen, vaak met slechts één badkamer voor meer dan 50 mensen.
Vorig jaar april nam de zaak een grimmige wending toen de militaire politie werd gemobiliseerd om de illegale bewoners van een voorstad van São Paulo te verdrijven. Volgens de krant O Estado de S. Paulo werden bejaarde mensen geslagen, vrouwen aan de haren naar buiten gesleurd en kinderen tegen de grond geslagen. Velen kregen ademhalingsproblemen door de traangasgranaten die in hun hutten werden geworpen.
Iemand die niet uit eigen ervaring de ellende, ontbering en wanhoop kent van het leven in de sloppen, de bidonvilles en de krottenwijken (of hoe men ze ook noemen wil), kan zich er moeilijk een voorstelling van maken. Niettemin is dat voor honderden miljoenen mensen de realiteit van alledag.