„Operatie van aangeboren hartafwijkingen bij kinderen van Jehovah’s Getuigen”
Onder bovenstaande titel heeft The Journal of Thoracic and Cardiovascular Surgery, jaargang 89, 1985, de resultaten gepubliceerd van operaties die zijn verricht bij 110 kinderen van Jehovah’s Getuigen. Er werd verklaard: „Geen van de patiënten heeft tijdens het verblijf in het ziekenhuis bloed of bloedprodukten ontvangen.” De patiënten varieerden in leeftijd van zes maanden tot twaalf jaar. Hoewel zich bij tien patiënten complicaties voordeden, „konden deze in geen enkel geval toegeschreven worden aan het achterwege blijven van transfusie”.
Waarom aarzelen sommige chirurgen dan om kinderen te opereren zonder bloed te gebruiken? Het artikel verklaart: „Eén zorg die men bij kinderen heeft, is dat de voor het extra-corporale [buiten het lichaam gelegen] circuit benodigde hoeveelheid vloeistof [voor het op gang brengen van de hartlongmachine] tot zo’n hemodilutie [verdunning van het bloed] zou leiden dat er geen toereikend zuurstoftransport meer mogelijk zou zijn. Een andere zorg is dat bloedverlies ten gevolge van de operatie, en coagulopathieën [bloedstollingsproblemen] die verband houden met aangeboren hartafwijkingen, niet met succes bestreden zouden kunnen worden zonder bloedbestanddelen.”
Hoe werd echter in deze gevallen van kinderen van Getuigen de hartlongmachine op gang gebracht zonder bloed? Het circuit werd gevuld en op gang gebracht met een kristalloïdenoplossing, aanvankelijk glucose in water en vervolgens bij latere operaties glucose in Ringers lactaat. Bloed was niet nodig.
Wat waren de bevindingen bij deze operaties op kinderen van Getuigen? „De resultaten tonen aan dat zeer sterke verdunning van het bloed en postoperatieve bloedingen geen grote problemen opleveren, zelfs niet bij kleine patiënten, en dat het achterwege laten van transfusie zelden een rol speelt bij ziekte of sterfte ten gevolge van een operatie.” — Wij cursiveren.
Natuurlijk hebben kleine kinderen om te beginnen al een geringer bloedvolume, hetgeen een grotere mate van verdunning betekent wanneer de met behulp van een kristalloïdenoplossing op gang gebrachte hartlongmachine wordt gebruikt. Niettegenstaande dat was het zo dat tijdens de operatie en de eerste 24 uur daarna „de kleinere patiënten . . . geen groter percentage van hun totale hemoglobine verloren dan de grotere patiënten”.
Waren de chirurgen tevreden met de algehele afloop van deze operaties? „De resultaten zijn niet vergeleken met die bij kinderen die volop transfusie hebben ontvangen, om daarin een bevestiging te vinden voor onze indruk dat de kinderen van Jehovah’s Getuigen het gewoonlijk even goed of beter doen. Niettemin geven de lage ziekte- en sterftecijfers die wij hebben geconstateerd, aanleiding tot de vraag of soortgelijke technieken van hemodilutie en bloedconservatie op grotere schaal toegepast zouden kunnen worden bij kinderen die hartoperaties ondergaan.”
Tot welke conclusie kwam het chirurgenteam in Houston (Texas)? „Onze resultaten tonen aan dat hartoperaties en hartlongmachines bij kinderen veilig kunnen worden toegepast zonder bloedtransfusie.”
Er kleven inherente gevaren aan bloedtransfusie, zoals het risico dat er hepatitis, syfilis of AIDS wordt overgedragen. De duizenden gevallen van Jehovah’s Getuigen die gedurende de afgelopen decennia in de gehele wereld behandeld zijn, vormen het bewijs dat er een deugdelijke basis is voor een alternatieve therapie zonder bloed, waardoor dergelijke complicaties worden vermeden.