„Censuur: 500 Jaar strijd”
TIJDENS de zomer en herfst van vorig jaar had de Openbare Bibliotheek van New York een educatieve tentoonstelling ingericht over bovenstaand thema, „Censuur: 500 Jaar strijd”. Op vastgestelde tijden kon men een rondleiding krijgen van een gids die er een interessante uitleg bij gaf. In de maand juli bezocht ik deze wereldberoemde Newyorkse bibliotheek, gelegen aan de 5th Avenue en 42nd Street, en sloot mij bij een van deze rondleidingen aan.
De rondleiding begon in een groot, statig vertrek. Onder de in renaissancestijl gebeeldhouwde eiken plafonds van de expositieruimte lagen zeldzame boeken en drukwerken die dateerden uit de periode van de 15de eeuw tot op heden. Alle publikaties hadden één ding gemeen — de smaad dat ze ooit door de censuur zijn verboden.
Aan het begin van de rondleiding zei de gids: ’Stelt u zich voor dat u gerieflijk en in alle rust in uw huiskamer een boek zit te lezen waar u bijzonder op gesteld bent, als plotseling de politie uw huis binnenstormt, het boek uit uw handen rukt en het aan flarden scheurt. De reden? Eenvoudig dat de heersende machten van oordeel zijn dat het boek ongeschikt is voor het publieke welzijn. Nu, zojuist hebt u de terreur van censuur ervaren.’
Censuur bestond echter al lang voordat de tentoongestelde boeken ooit waren uitgegeven. De titelpagina van een van de boeken die wij zagen, illustreerde dit feit. Het was het boek Alle Propheten Teutsch (Alle profeten in Duitsland) dat in 1534 door Maarten Luther in het Duits was vertaald. De titelpagina is verdeeld in negen vakken, elk ervan geïllustreerd met een bijbels tafereel. Eén ervan toont ons de boekverbranding door de Israëlitische koning Jojakim, zo’n 2500 jaar geleden. Jojakim was woedend over de uit Jeremia’s mond opgetekende oordeelsprofetie en probeerde daarom de boodschap te censureren door deze in het vuur te werpen. — Jeremia 36:9-27.
Die afbeelding van een boekverbranding zorgde ervoor dat Alle Propheten Teutsch op de lijst van verboden boeken van de Katholieke Kerk kwam te staan. Waarom? Wel, protestantse hervormers illustreerden regelmatig schriftplaatsen die de ondergang van trotse en rijke heersers beschreven. En, zo merkte onze gids op, ’protestantse kunstenaars zagen in zulke bijbelpassages een waarschuwing voor het pausschap’.
De nederlaag van de censuur
Op het eind van de 15de en in de daaropvolgende 16de eeuw werd de Katholieke Kerk aangevallen door hervormers. En de drukpers, rond 1440 geïntroduceerd door Johannes Gutenberg, werd een geweldig wapen in handen van de hervormers. De tentoonstelling richtte voornamelijk de aandacht op de strijd voor drukpersvrijheid in beeld en geschrifte vanaf de tijd dat men met losse letters begon te drukken.
Onze gids legde uit: ’Maarten Luthers succes kwam in belangrijke mate door de schitterende wijze waarop hij gebruik wist te maken van de drukpers om zijn boodschap snel te verbreiden, terwijl hervormers zoals John Wycliffe en Johannes Hus, die vóór de tijd van de drukpers leefden, door de Katholieke Kerk werden verslagen.’
Gedrukte plakkaten, gericht tegen de religieuze dogma’s van de kerk, verspreidden zich binnen een paar maanden na Luthers breuk met de kerk door heel Europa. Toen wij Luthers Gnade unde Frede in Christo (Genade en vrede in Christus), 1523, zagen, konden wij gemakkelijk begrijpen waarom zo’n publikatie de gramschap van de kerk opwekte. Luther spoorde de mensen aan te leven volgens christelijke morele maatstaven zoals die in de bijbel zijn onthuld, in plaats van te trachten zich te richten naar de gedragsregels die door de kerk waren vastgelegd. ’Het was voor de censors niet eenvoudig het circuleren van zulke plakkaten tegen te houden’, merkte onze gids op.
Vervolgens viel ons oog op Tyndale’s Engelstalige New Testament. Dit werk van Luthers ijverige tijdgenoot werd rond 1525 door de kerk veroordeeld en moest in Duitsland worden gedrukt en Engeland worden binnengesmokkeld. Waarom werd het veroordeeld? Eén reden was dat Tyndale’s vertaling van Kolossenzen 1:24 afweek van de katholieke leer. Hij vertaalde het Griekse woord ekklesia dat in dat vers wordt aangetroffen, terecht met „gemeente” in plaats van met „kerk”. Op deze wijze vermeed Tyndale het om het geheel van christelijke gelovigen gelijk te stellen aan de Katholieke Kerk. Het gevolg? Censuur!
Andere tentoongestelde stukken lieten zien dat niet slechts de katholieke hiërarchie zich aan censuur schuldig maakte. Toen de protestanten aan de macht kwamen, gebruikten ook zij de autoriteit van hun regeringsapparaat om de publikaties van katholieken en van andere protestanten te verbieden.
Eén hedendaags voorbeeld van censuur dat vooral voor bijbelstudenten interessant zou zijn geweest, was weggelaten — het verbod dat in 1918 in de Verenigde Staten en Canada gold op het religieuze boek The Finished Mystery, gepubliceerd door de International Bible Students. Het boek stelde de valse leer van de voornaamste religies aan de kaak. De boodschap stak de geestelijkheid, en zij namen wraak. Terwijl de Eerste Wereldoorlog in volle gang was, zette de geestelijkheid onder de dekmantel van nationalisme de respectieve regeringen onder druk om het boek wettelijk te verbieden. Zij slaagden hierin, maar slechts tijdelijk. Het verbod werd in 1920 opgeheven.
Hoe de mens ook geprobeerd heeft ideeën van andere personen te onderdrukken, hij is er nooit in geslaagd de waarheid, in het bijzonder de bijbelse waarheid, met succes te censureren. Toen religieuze leiders Jezus’ discipelen het zwijgen trachtten op te leggen, zei hij: „Indien dezen bleven zwijgen, zouden de stenen het uitroepen” (Lukas 19:40). — Ingezonden.
[Illustratie op blz. 10]
De drukpers, geïntroduceerd door Johannes Gutenberg, bleek een geweldig wapen in handen van de hervormers te zijn
[Illustratie op blz. 11]
De wurging en verbranding van Tyndale, wiens geschriften door de kerk waren gecensureerd