Giftige afvalstoffen en georganiseerde misdaad
Gedurende een groot deel van 1980 zagen inwoners van Pittston, een stad in Pennsylvania (VS), regelmatig vrachtwagens stoppen achter een tankstation aan rijksweg 81. Na een kort oponthoud reden de wagens dan weer verder.
Ongeveer in dezelfde periode trad er in de Susquehanna rivier voor de eerste maal een sterke concentratie op van „carcinogenen, mutagenen en teratogenen” (dat wil zeggen chemische stoffen die kanker verwekken, die mutaties veroorzaken, die bij inwerking tijdens zwangerschap aangeboren misvormingen kunnen teweegbrengen). Volgens Star-News, een krant uit Californië, was deze dodelijke vervuiling de visgronden in de Chesapeake Bay al tot op 40 kilometer genaderd voordat men de vervuiling met grote moeite tot staan kon brengen.
Waar kwamen deze vergiften vandaan? Men kon het spoor terugvolgen naar een stroompje in de buurt van een verlaten mijn. In deze mijn bevond zich een pijpleiding die achter het garagebedrijf waar al de vrachtwagens stopten, boven de grond kwam. Naar het schijnt heeft het vrachtwagenbedrijf gevaarlijke chemicaliën opgehaald bij goed bekendstaande bedrijven. Deze bedrijven moesten soms wel $1000 (ong. ƒ 2800) per lading betalen om hun afval op goedgekeurde gifstortplaatsen te mogen dumpen, waarna het dodelijke gif echter illegaal de pijpleiding inging. Via de pijpleiding liep het giftige afval naar de mijn, vandaar in het stroompje, vervolgens in de Susquehanna en bijna naar de visgronden van de Chesapeake Bay.
Wie zou tot zo iets in staat zijn? In berichten heeft men de operatie in verband gebracht met de georganiseerde misdaad. Volgens rapporten die men aan subcommissies van de Senaat heeft voorgelegd, is dit slechts één van de „tientallen gevallen waarin misdadigers tussenbeide zijn gekomen om grote sommen geld op te strijken door het illegaal dumpen van industriële afvalstoffen”, aldus de Star-News.