Inflatie — Wat is de oorzaak?
U GAAT naar uw favoriete café en bestelt daar een kop koffie voor een door inflatie al knap hoge prijs. Wanneer u wilt afrekenen, krijgt u te horen dat de prijs in de tijd dat u uw consumptie gebruikte, al weer bijna verdubbeld is. Onmogelijk? Neen, want in Duitsland heeft men dit in de jaren ’20 beleefd — een ontmoedigend voorbeeld van de snelheid van het inflatieproces.
Misschien wordt u niet met een zo radicale inflatie geconfronteerd. Niettemin heeft Argentinië een inflatie van 500 procent gehad en zo zijn er nog meer landen die te lijden hebben van een rampzalige, snelle inflatie. Bijbelstudenten staan overigens niet verbaasd over deze ontwikkeling, aangezien Openbaring 6:6 spreekt van een tijd dat men met een dagloon slechts een liter tarwe zou kunnen kopen.
Zoals de meesten onder ons hebt u waarschijnlijk geen duidelijk beeld wie of wat verantwoordelijk is voor inflatie. Laten wij het dus aan de „experts” gaan vragen! Stel u een rechtszaal voor gevuld met zakenmensen, politici en economen. Aan u het voorrecht als voorzitter op te treden bij de behandeling van de zaak.
U laat de hamer neerkomen en zegt op gebiedende toon: „Stilte! De wereldeconomie is de dood nabij en een van u draagt daarvan de schuld! Wie wil eerst tot zijn verdediging spreken?”
„Met goedvinden van de rechtbank”, zegt een econoom, „zou ik wat licht willen werpen op wat er is gebeurd. Inflatie”, zegt hij, „is een eenvoudig gevolg van de wet van vraag en aanbod. Wanneer de banken een heleboel krediet ter beschikking stellen, groeit de geldvoorraad. Hoe meer geld de mensen hebben, des te meer goederen zij kunnen vragen. Hoe meer vraag er bestaat naar goederen, des te meer kosten ze. Het is in werkelijkheid heel eenvoudig.”
„Nu moet u niet de schuld op ons bankiers schuiven”, reageert een man in een driedelig grijs maatkostuum. „Als wij geen krediet beschikbaar stelden, zou de hele economie in een recessie terugvallen. Zonder krediet kunnen mensen geen huizen kopen, geen auto’s en zelfs geen grotere huishoudelijke artikelen. Het zakenleven en de industrie zouden er de schade van ondervinden. De effectenmarkt zakt in als de investeerders hun geld terugtrekken. Goed, ik geef toe dat we ons bij tijden een beetje hebben laten gaan en te veel krediet hebben gegeven. Maar het was de OPEC die ons al dat geld gaf. En zij zijn degenen die de prijzen zo verschrikkelijk omhooggedreven hebben met hun embargo. (Er wordt instemmend gemompeld.) Maar de werkelijke schuldigen zijn de politici.” Voordat een vertoornd staatsman een woord kan uitbrengen, gaat de bankier verder: „Ja, jullie geven al dat geld uit aan jullie prachtige regeringsprogramma’s. Omdat jullie zo veel uitgeven, is er een grotere vraag naar goederen. Het is logisch dat de prijzen omhooggaan!”
„Zo is het wel genoeg”, zegt een politicus. „In de eerste plaats zijn het de militairen die altijd meer geld willen voor hun ’speelgoed’, ook al zijn er al genoeg bommen om de hele wereld ettelijke malen op te blazen! En mag ik u eraan herinneren dat het de bankiers zijn die misbaar maken wanneer de rente wordt verhoogd om de inflatie onder controle te krijgen?”
„Maar dat heeft niets anders tot stand gebracht dan dat de wereld in een recessie is gestort”, zegt de econoom. „Bovendien gaan prijzen bijna nooit omlaag als ze eenmaal zijn gestegen. Ettelijke malen zijn de grondstoffenprijzen gedaald. En wat deden sommige industriëlen? In plaats van de besparingen aan de consument door te geven, investeerden zij hun geld in meer reclame om te proberen de consumptie van hun goederen te laten toenemen!”
Met een rood hoofd van boosheid staat een industrieel op: „Wacht even, hoe kunnen wij prijzen verlagen als de arbeiders steeds hogere lonen eisen? Soms hebben de vakbonden bij voorbaat al een loonsverhoging geëist — voordat de inflatie zich deed gelden. Dan rest ons toch geen andere mogelijkheid dan de prijzen te verhogen? Bovendien houden wij mensen aan het werk. Dus wat doet het ertoe als onze groei tot inflatie leidt?”
Met deze opmerking ontstaat een algemene chaos in de zaal, die alleen door de slag van uw hamer weer bedwongen wordt. „Ik heb genoeg excuses gehoord”, zegt u. „Ik mag dan geen econoom zijn, maar het is duidelijk dat u geen van allen vrij te pleiten bent. U hebt allemaal bijgedragen tot deze verschrikkelijke situatie. Ik veroordeel u daarom . . .”
Maar voordat uw hamer neerkomt, bevriest uw beweging omdat u zich plotseling iets realiseert. U denkt aan al die credit cards in uw zak en aan uw rekening die rood staat. U denkt aan de dingen die u hebt aangeschaft, niet omdat u ze nodig had maar uit overmatige begeerte en uit vrees dat de prijs nog verder zou stijgen. Uw vertrouwen als rechter ebt weg en met gebogen hoofd voegt u zich bij de schuldigen.
[Kader op blz. 8]
Enkele oorzaken van inflatie
● Buitensporige kredietverleningen
● Overheidsuitgaven
● Militaire uitgaven
● Looneisen
● Olie-embargo van de OPEC
● Hoge rentevoet
● Zwevende wisselkoersen op internationale geldmarkt
● Ongekend hoge vraag naar consumptiegoederen