In Amerika herleeft het „huisbezoek” van de dokter
En er worden duizenden levens mee gered
TEGEN 1967 was in de Verenigde Staten de term „paramedics” in zwang gekomen als een aanduiding voor niet-medici — gewoonlijk betrof het brandweerlieden — die een opleiding hadden ontvangen om als een soort van gespecialiseerde EHBO-ers buiten het ziekenhuis geavanceerde medische hulp te kunnen verlenen. Sindsdien hebben meer dan 10 miljoen mensen in de VS hun hulp ingeroepen. Paramedics: een verhaal van mensen die mensen helpen.
Voordat er paramedics waren, huldigde men de opvatting dat de eerste medische hulp begon wanneer de patiënt bij het ziekenhuis arriveerde. Ambulances ’scheurden’ met zwaailicht en sirene door de straten opdat die hulp zo spoedig mogelijk een aanvang kon nemen. Vele malen was het niet spoedig genoeg. Jaren geleden konden chauffeurs en helpers op een ambulance nog niet eens de meest elementaire eerste hulp verlenen. Er kwamen in die tijd verschillende rapporten uit die beklemtoonden hoe droevig het in de VS gesteld was met de hulp die in noodgevallen geboden kon worden.
Europa ondernam sneller stappen om verbetering aan te brengen in een ontoereikende eerste-hulpverlening buiten het ziekenhuis. Voor 1960 zond Rusland er al ambulances op uit die bemand waren met een arts, een verpleegster en een speciale helper voor de arts. West-Duitsland en Frankrijk plaatsten tegen 1961 doktoren op ambulances. De vroegste mobiele eerste-hulpeenheden waren speciaal afgestemd op hulp aan hartpatiënten.
De eerste wagen van dit soort in de VS begon zijn dienst in 1966 in de stad New York. Deze speciale ambulance werd bemand door medisch personeel en niet door paramedics. In Miami (Florida) werden brandweerlieden getraind om als „verlengstuk van de arts” te kunnen fungeren — vervangers die zich lieten leiden door de per radio overgebrachte instructies van een arts in een ziekenhuis. Tegen 1967 had men in Miami apparatuur ontwikkeld waarmee het voor de toen in opkomst zijnde paramedics een routine-aangelegenheid werd een ECG (elektrocardiogram) naar een arts in een ziekenhuis over te seinen en dan raad te krijgen over de toe te dienen medicamenten of toe te passen behandeling. De uitrusting was toen nog primitief in vergelijking met wat paramedics tegenwoordig gebruiken.
Gelijke tred houdend met de snelle ontwikkelingen kwam Ohio met een „rijdende eerste-hulpkamer”, de Heartmobile (’hartmobiel’) genoemd. Deze wagen werd in april 1969 in dienst gesteld. In hetzelfde jaar introduceerde Los Angeles een soortgelijke hartambulance.
De activiteiten van de paramedics in Los Angeles werden gedramatiseerd in de televisieserie Emergency (Spoedgeval) die in 1971 begon en zes jaar heeft geduurd. Deze programma’s hebben een immense invloed gehad op miljoenen kijkers voor wie duidelijk werd dat paramedics snel hulp kunnen bieden in levensbedreigende noodsituaties. Miljoenen kinderen vonden de opwindende avonturen prachtig en verklaarden dat zij later, als zij groot waren, ook paramedic wilden worden.
Het programma in Seattle werd om een andere reden heel bekend: naast het gebruik dat daar van paramedics werd gemaakt, zette men in 1971 een programma op dat ten doel had 100.000 burgers te trainen in CPR, de cardiopulmonaire resuscitatietechniek, een combinatie van uitwendige hartmassage en mond-op-mondbeademing. Tegen 1973 was het al zo dat in 20 procent van de gevallen de pogingen om de levensgeesten weer op te wekken door omstanders waren begonnen voordat de paramedics arriveerden en het overnamen. In 1978 had Seattle 200.000 inwoners hierin getraind — 36 procent van haar totale bevolking. Seattle werd wereldberoemd als de „veiligste plaats om een hartaanval te krijgen”.
Gedurende de jaren ’70 breidden de paramedics hun diensten uit totdat zij nu niet alleen hulp kunnen bieden aan slachtoffers van een hartaanval, maar op welhaast iedere levensbedreigende situatie kunnen reageren. Hun uitrusting is zeer geavanceerd, hun training is heel intensief en het vertrouwen dat artsen in hen stellen is enorm toegenomen. Overal in de VS zijn ziekenhuizen die als basis functioneren waar op de eerste-hulpafdelingen artsen aanwezig zijn. Paramedics in het veld praten via draagbare radio’s met deze doktoren, brengen verslag uit over de conditie van zieken of gewonden en kunnen zelfs een ECG overseinen dat de arts in het ziekenhuis dan op een scherm voor zich krijgt. De dokter vertelt vervolgens aan de paramedic welke behandeling hij moet toepassen. De paramedic moet doen wat de dokter zegt. Hij is geen dokter, maar slechts een plaatsvervanger. De dokter neemt de beslissingen ten aanzien van de behandeling.
Dit lijkt weer op de huisbezoeken die de arts zo’n 50 jaar geleden maakte. Alleen doet hij het nu via de radioverbinding die hij heeft met de paramedic in het veld die hem doorlopend rapporteert hoe de conditie van de patiënt is. Wanneer de dokter zegt dat het moment is aangebroken om de patiënt naar het ziekenhuis te brengen, doet de paramedic dat.
Op deze wijze heeft de paramedic in Amerika de langverdwenen huisbezoeken van de arts doen herleven, en hij heeft daarmee duizenden levens gered. In het volgende artikel, waarin een paramedic zijn ervaringen vertelt, kunt u interessante details lezen.