Hoe het oog oogt
Hoe het oog bij dieren oogt, is ronduit fantastisch. Toch is het diereoog niet slechts ontworpen om mooi te zijn — om fraai te ogen — maar om mee te zien. Elk dier heeft zijn specifieke behoeften en elk is daarvoor schitterend toegerust. Neem bijvoorbeeld de afgebeelde ogen. Weet u van welke dieren ze zijn?
Als u zegt dat het bovenste oog dat van een kat is, hebt u volkomen gelijk. De karakteristieke pupil verraadt het. Het vermogen van de pupil om zich te vernauwen en te verwijden, afhankelijk van de lichtsterkte, is door de Chinezen gebruikt als een hulpmiddel om te kunnen zeggen hoe laat het is. Maar niet alleen de wijd geopende pupil helpt de kat om in schemerdonker te kunnen zien. Is het u ooit opgevallen dat katteogen in het donker oplichten? Een laag cellen achter het netvlies werkt als een spiegel waardoor sporen licht worden teruggekaatst in het oog en de zenuwen ze een tweede maal kunnen waarnemen. Het katteoog wordt ook zeer benijd vanwege zijn schitterend zachte kleuren — blauw, lichtbruin, bruin, groen, oranje. Sommige katten hebben zelfs verschillend gekleurde ogen.
Wat het tweede plaatje betreft, als u denkt de ogen van een of ander buitenaards schepsel te zien, dan zoekt u het in de verkeerde richting. In werkelijkheid zijn de twee stelen die boven uit de kop schijnen te groeien, de ogen van een krab. Door middel van duizenden lichtgevoelige facetten op elke oogsteel kan de krab alles om zich heen waarnemen — ze heeft een blikveld van 360 graden. Ze kan de stand en de geringste beweging van de zon en de maan waarnemen, alsook veranderingen in lichtsterkte van slechts 2 procent. Sommige krabben hebben zo’n scherp gezichtsvermogen dat ze een mens van één meter tachtig op achttien meter afstand kunnen zien staan en een veilig heenkomen zullen zoeken. Als de krab zich in het zand verstopt, kan ze een oogsteel als een periscoop omhoogsteken.
Hoe staat het met het felle oog van het derde plaatje? Dat is er een dat spreekwoordelijk is geworden — het haviksoog. Waarom kijkt de havik en ook de arend altijd zo fel, zo koen? In werkelijkheid is de koene arendsblik die wij als een teken van vastberadenheid interpreteren, te wijten aan een benig uitsteeksel boven de oogholte dat dient tot bescherming van het oog. Het heeft niets te maken met zijn instelling, en de arend kan zijn gezichtsuitdrukking niet veranderen, zelfs al zou hij het willen.
Als u er moeite mee hebt het vierde oog te identificeren, wees dan niet ontmoedigd. Het is een van de vreemdste ogen, dat van de Anableps, de vieroog, een vis uit Midden- en Zuid-Amerika. Hij heeft in elk oog twee pupillen. Wanneer de vis aan de oppervlakte van het water zwemt om op voedsel te jagen, houdt hij zijn ogen half boven water, en zo kan hij de ene pupil gebruiken om de wereld boven het oppervlak af te speuren en de andere om onder water te zien — een verdubbeling van de kansen op een lekker maaltje of een tijdige vlucht. De vieroog kan twee dingen tegelijk zien. Probeert u dat maar eens met uw dubbel-focusbril te overtreffen.
Het diereoog is veel uitgekiender dan alles wat een mens zou kunnen bedenken. Elk oog, zowel in zijn bouw als in de manier waarop het oogt, prijst zijn Maker, „Degene die grote, ondoorgrondelijke dingen doet, wonderbare dingen zonder tal”. — Job 5:9.