Deel 2
De Elektronische Kerk komt in de ether
DE PREDIKANT draagt geen zwarte toga. In plaats daarvan flonkert hij in een driedelig kostuum van wit polyester. Hij staat niet op een kansel boven een avondmaalstafel, maar loopt heen en weer over het uit verschillende niveaus opgebouwde toneel van zijn televisie-„kathedraal” dat daar baadt in het felle licht van de studiolampen. Glimmend als een spiegel, met schijnwerpers waardoor iedere beweging zich haarscherp aftekent, en talloze achterschermen die voor een voortdurende wisseling van decor zorgen, lijkt het toneel zelf wel de ster van de hele show.
Het is het moment voor gebed, maar dit is geen gewoon gebed. De dominee staat stil voor een tafel die vol ligt met brieven van zijn „gebedssleutel-familie” en laat zich op één knie zakken, zijn handen in een vroom gebaar samengevouwen. Zijn proper, fris gewassen koortje neemt zijn plaats in en staat in een halve cirkel achter hem. Terwijl de dominee bidt, neuriet het koor zachtjes mee, waarbij hun lippen in een nachtclub-stijltje heel licht de microfoon beroeren.
Aan het einde van het gebed vloeit het beeld over in een videotape-filmpje dat reclame maakt voor dominees „gebedssleutel-familie”. Het is knap gedaan. Een al wat oudere dame, duidelijk erg godvruchtig en ook eenzaam, is gefilmd terwijl zij de predikant een brief zit te schrijven. Tegelijkertijd hoort men haar vertellen hoe haar eenzaamheid en de meeste van haar andere problemen zijn verdwenen sinds zij bij de „gebedssleutel-familie” hoort.
Nu krijgen wij de predikant weer op het scherm, net op tijd voor zijn preek. Er wordt niet met de bijbel gezwaaid. De preek is „cool”, zoals dat in tv-jargon heet: de predikant spreekt tot u alsof hij bij u in de kamer is. Keer op keer laat hij dezelfde gedachte uitkomen. Als u wilt dat uw gebeden verhoord worden, moet u zich bij zijn „gebedssleutel-familie” aansluiten. Wat de sleutel te betekenen heeft? „Gebed is de sleutel”, beklemtoont hij ernstig, „die de hemelbank ontsluit.”
Dit is een staaltje van het zeer opmerkelijke fenomeen dat zich een plaats heeft verworven in het Amerikaanse religieuze leven — de „Electric Church”, de „Elektronische Kerk”. Haar pasverworven wereldwijsheid en populariteit zenden religieuze en politieke schokgolven door de Verenigde Staten. Haar grootste sterren strijken meer geld op dan de meeste grote godsdienstige richtingen in Amerika. Wie zijn zij? Waar zijn zij vandaan gekomen? Wat staan zij voor?
De Elektronische Kerk bestaat uit televisie-predikanten die hun eigen zendtijd kopen en die dan gebruiken om bijdragen te verkrijgen waarmee zij weer nieuwe tijd kunnen kopen, enzovoort. Natuurlijk zijn de meeste televisiestations niet bijster toeschietelijk als het erom gaat tijd te verkopen aan een predikant die hun kijkers alleen maar om geld blijft vragen, en daarom hebben de predikanten allerlei ingewikkelde manieren om te vermijden dat men hen in de uitzending om geld hoort vragen.
Wat zijn enkele van deze manieren? Zij moedigen hun kijkers aan om te schrijven om een gratis speldje of „gebedssleutel”. Hiermee komt hun naam op de adressenlijst van de computer en begint de harde verkooptechniek. Of zij bieden zich tijdens de uitzending als raadgever aan, en degenen die daarop bellen, worden later per brief benaderd. Met behulp van de computer verstuurde post heeft van de Elektronische Kerk een zeer winstgevende zaak gemaakt. Hoe winstgevend? Hier zijn enkele typerende getallen:
Oral Roberts, voormalig gebedsgenezer van de Pinkstergemeente, nu ietwat stemmiger als methodist, $60.000.000 per jaar.
Jerry Falwell, uit Lynchburg (Virginia), een baptist met een sterk politieke boodschap, meer dan $50.000.000 per jaar.
Pat Robertson begon het eerste populaire religieuze programma waarin hij gasten interviewde, en heeft nu zijn eigen netwerk. Hij zendt uit vanuit zijn nieuwe hoofdkwartier dat $20.000.000 heeft gekost. Zijn Christian Broadcasting Network ontving vorig jaar $70.000.000 aan inkomsten.
Jim Bakker, vroeger met Robertson gelieerd, is nu een eigen gastenshow begonnen, en zijn netwerk haalt in totaal $53.000.000 per jaar binnen.
Rex Humbard, met zijn „kathedraal van morgen” en het spectaculaire toneel dat daarbij hoort, vangt ongeveer $25.000.000 per jaar.
De lijst bevat nog veel meer namen. Alles bij elkaar kunnen de topsterren van de Elektronische Kerk honderden miljoenen dollars per jaar besteden om zendtijd te kopen. Waar krijgen zij hun geld vandaan?
De meeste mensen die naar de Elektronische Kerk kijken, zijn niet rijk. Benjamin L. Armstrong, van wie de term „Elektronische Kerk” afkomstig is, legt uit: „Het is een onderdeel van het hele ’Elektronische Kerk’-idee dat de luisteraar wordt geconditioneerd om te geven.” Het merendeel van die miljoenen dollars komt in bedragen van $25 en $50 per keer bij de televisie-dominees binnen. Jerry Falwell bijvoorbeeld krijgt per dag een 10.000 brieven, waarvan meer dan de helft bijdragen bevat.
Een gevangene in Pontiac (Michigan) ontving tot zijn verrassing een door een computer geschreven verzoek om $35. Waarom? Hij vertelt: „Het uit een computer afkomstige briefje legde uit dat een vriend van mij, die anoniem wenste te blijven, had . . . verzocht dat er in de uitzending een speciaal gebed ten behoeve van mij uitgesproken zou worden . . . Het gebed was uitgesproken, maar mijn vriend had niet gereageerd op de daarop verstuurde ’schenkingskaart’. Of ik zo goed wilde zijn een cheque te sturen?”
Soms gaat het vragen om geld subtieler. „Ik zag gisteren een televisieshow die exact te zien gaf waarvoor ik nu altijd bang ben in verband met betaalde religieuze uitzendingen”, zei een kijker. „De predikant toonde tijdens het programma twee telefoonnummers op het scherm. Het ene was een gratis nummer voor die kijkers die bijdragen wilden geven, en het nummer voor degenen die raad wilden inwinnen, was niet gratis.”
Waarom wordt er voortdurend om geld gevraagd?
Eén reden is dat de Elektronische Kerk mogelijk gemaakt is door een flinke hoeveelheid heel dure technologie. De meeste religieuze uitzendingen zouden nooit kunnen concurreren met de gewone programma’s voor het algemene Amerikaanse publiek. Wanneer er een religieus programma op hun scherm komt, zullen de meeste mensen, botweg gezegd, de knop omdraaien. Het probleem voor de Elektronische Kerk is: Hoe kunnen zij de toegewijde minderheid van kijkers bereiken die naar religieuze programma’s willen kijken?
Het antwoord? „Revolutionaire ontwikkelingen met satellieten, grote vooruitgang in computertoepassingen, en de komst van kabeltelevisie en nieuwe stations veranderen de VS in een groot dorp en maken het financieel mogelijk om af te stemmen op een kleine groep van eigenlijk maar een handvol supporters”, zoals het tijdschrift Forbes opmerkt. „Dus wat doet het ertoe als niet iedereen naar een religieus programma wil kijken? . . . Televisie kan nu net als tijdschriften zich richten op een speciaal publiek.”
Het resultaat is een heel andere financiering voor de Elektronische Kerk. De kijkers ondersteunen deze programma’s niet indirect door zeepvlokken te kopen waarvoor in de show reclame is gemaakt. In plaats daarvan moeten zij de programma’s rechtstreeks ondersteunen met hun bijdragen. Vragen om deze bijdragen en ervoor zorgen dat ze blijven binnenkomen, is voor de meeste sterren van de Elektronische Kerk een indrukwekkende onderneming geworden waaraan computers te pas moeten komen. De computer is voor de Elektronische Kerk even onmisbaar als de beeldbuis.
De voortdurende noodzaak om geld bijeen te brengen, houdt de predikanten van de Elektronische Kerk gevangen in een cirkel van blijven groeien of stuklopen. Grote projecten zoals „kathedralen” of universiteiten of ziekenhuizen worden gestart, waarna wanhopige smeekbeden tot de gelovigen volgen om meer geld om „Gods werk te voltooien”. Een plaatselijke bankier zei over een superster van de Elektronische Kerk: „Er zit maar één probleem aan een bediening zoals die van Jerry. Hij moet doorgaan met geld loskrijgen, anders stort alles ineen.”
Dit aspect van de Elektronische Kerk kan bij nadenkende christenen de gedachte doen opkomen aan Jezus’ woorden in de Bergrede. Nadrukkelijk zei hij: „Niemand kan twee meesters als slaaf dienen, want hij zal óf de een haten en de ander liefhebben, óf zich aan de een hechten en de ander verachten. Gij kunt niet God en de Rijkdom als slaaf dienen.” — Matth. 6:24.
De predikanten van de Elektronische Kerk zijn voortdurend op hun kijkers aangewezen voor enorme financiële bijdragen. Gezien dat feit is het nauwelijks te verwachten dat zij het zullen riskeren diezelfde kijkers aanstoot te geven. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de theologie van de Elektronische Kerk simplistisch is en zich richt op het behagen van de eigen gevoelens. „Vraag niet wat u voor uw religie kunt doen, maar vraag liever wat uw religie voor u kan doen”, zoals het tijdschrift Forbes het formuleert.
Zelfs sommigen die de Elektronische Kerk goed gezind zijn, geven toe dat ze weinig inhoud heeft. De evangelische theoloog Carl F. Henry merkt op: „Veel televisie-religie is te zeer gericht op het persoonlijke ervaren, en heeft te weinig leerstellige inhoud, om een toereikend alternatief te bieden voor de moderne religieuze en morele verwarring.” Met andere woorden gezegd, tv-religie kan u niet werkelijk helpen de problemen van het leven op te lossen.
In plaats daarvan, zoals Harvey Cox, hoogleraar in de theologie aan de Harvard universiteit, opmerkt, zijn de dominees van de Elektronische Kerk ’alleen maar bezig de waarden van een materialistische consumptiemaatschappij in stand te houden en te verdiepen. Zij helpen mensen enkele zeer oppervlakkige waarden te aanvaarden, terwijl zij een gemakkelijke redding beloven in een wel zeer commerciële setting’.
Hoe komt die boodschap overeen met Jezus’ waarschuwing dat de weg ten leven niet gemakkelijk is, maar moeilijk — „nauw is de poort en smal de weg die naar het leven voert, en weinigen zijn er die hem vinden”? (Matth. 7:14) Klinkt dat alsof eeuwig leven uw deel wordt door eenvoudig Kanaal 21 aan te zetten?
Beschouw deze verdere vermaning van Jezus Christus: „Indien iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf en neme dagelijks zijn kruis [martelpaal, Nieuwe-Wereldvertaling] op en volge Mij” (Luk. 9:23, Nieuwe Vertaling van het Nederlands Bijbelgenootschap). Verloochent iemand zichzelf en neemt hij dagelijks zijn „kruis” op wanneer hij in zijn leunstoel voor de tv zit? Zou Jezus Christus werkelijk een religie goedkeuren die mensen een gemakkelijke redding belooft — geen martelpaal, geen zelfverloochening — gewoon in ruil voor een maandelijkse cheque aan iemands „wereldomvattende tv-bediening”?
In plaats daarvan lijkt het erop alsof de Elektronische Kerk een 20ste-eeuws voorbeeld is van hetgeen waarvoor de apostel Paulus Timótheüs waarschuwde: „Want er zal een tijdsperiode komen dat zij de gezonde leer niet zullen verdragen, maar zich overeenkomstig hun eigen begeerten tal van leraren zullen bijeenbrengen om hun oren te laten kittelen, en zij zullen hun oren van de waarheid afwenden en daarentegen tot onware verhalen worden gekeerd.” — 2 Tim. 4:3, 4.
Waarom zijn mensen bereid miljoenen dollars te geven ter ondersteuning van de Elektronische Kerk? Omdat hun wordt verteld wat zij graag horen willen. Zij krijgen de verzekering dat God hun gebeden zal verhoren. Zij hoeven zichzelf niet te verloochenen of ’een kruis te dragen’ of het werk te doen dat Christus deed, maar zij zijn „gered” en God heeft hen lief — zo lang zij er maar voor blijven zorgen dat die cheques binnenkomen.
Maar al is de theologie van de Elektronische Kerk dan misschien vaag en onnauwkeurig, haar politieke doelstellingen zijn duidelijk en specifiek. Hierover gaat het volgende artikel.
[Inzet op blz. 5]
De theologie van de elektronische kerk is simplistisch en richt zich op het behagen van de eigen gevoelens
[Inzet op blz. 6]
Zelfs sommigen die de elektronische kerk goed gezind zijn, geven toe laat ze weinig inhoud heeft
[Inzet op blz. 7]
„Zij helpen mensen enkele zeer oppervlakkige waarden te aanvaarden, terwijl zij een gemakkelijke redding beloven in een wel zeer commerciële setting”