Is tunneltuinbouw iets voor u?
Door Ontwaakt!-correspondent in Zuid-Afrika
„PAK u maar warm in”, raadde onze gids aan. „Buiten is het zes graden onder nul, maar gelukkig is er in deze tijd van het jaar niet veel wind.” Wij stapten naar buiten, met tegenzin afscheid nemend van een weldadig warme, natuurlijke broeikasatmosfeer, waar tonnen rijpende tomaten aan hun ranken hingen te wachten om geplukt te worden.
Door de enorme verandering van temperatuur, gevoegd bij het feit dat wij ons op een hoogte van 1800 meter bevonden, snakten wij even naar adem en doken nog dieper in onze jassen weg terwijl onze gids de grote deuren achter ons sloot.
Wij hadden net het bewijs gezien van de vindingrijkheid waarmee de mens heel nauw met de „natuur” kan samenwerken. In het hartje van de winter en met behulp van speciale kweekmethoden waaraan geen aarde te pas komt, werden hier in enorme bovengrondse tunnels allerlei groenten en fruit gekweekt, waaronder ook de verrukkelijke tomaten die wij zojuist gezien hadden. Om u alvast een idee te geven, elke tunnel is ongeveer 51 m lang, 3 m hoog en 7,5 m breed.
Eenmaal terug in het kantoortje van het tuinbouwbedrijf vertelde onze gids ons:
„Deze methode is in de Republiek van Zuid-Afrika al zo populair geworden dat het niets bijzonders is om langs de buitenwegen, en zelfs in de stad, te rijden en dan in tuinen en bij kleine tuinbouwbedrijven de heldere glinstering van deze plastic tunnels te zien.
Het is niet alleen een populaire hobby voor vele huisvrouwen en zakenmensen die na een drukke dag wat ontspanning nodig hebben, maar het is ook een zeer winstgevende zaak die na aftrek van de afschrijvingskosten nettowinsten van 60 tot 70 percent oplevert.”a
Terwijl wij luisterden, zette onze gids uiteen dat in de afgelopen decennia vele duizenden particulieren op het noordelijke halfrond glazen broeikassen hebben gebouwd en er vreugde in hebben gevonden bloemen, varens, potplanten en wat groente en fruit te kweken. Op het zonnige zuidelijke halfrond scheen er weinig noodzaak te bestaan voor zulke kassen omdat er voldoende zon en onbebouwde grond was. Bovendien bracht de grond met slechts betrekkelijk weinig aandacht alles voort wat de mensen nodig hadden.
„Maar”, zei onze gids, „de grondprijzen schieten gewoon omhoog, het arbeidsloon stijgt, de kosten voor elektriciteit en brandstoffen nemen toe, over de hele wereld vindt een bevolkingsexplosie plaats en de hele situatie is drastisch veranderd.”
Naar de praktijk van een plantenteelt zonder aarde
De theorie en de praktijk van de watercultuur (het kweken van planten in water) zijn al lange tijd bekend. De ontwikkeling ervan was aanzienlijk gevorderd, maar er waren heel wat belemmerende factoren. Om een voorbeeld te geven: er waren waterkanalen nodig die met metselwerk bekleed moesten zijn, en ook de hoge aanvoerkosten van het riviersteen, vermalen gesteente en zand die voor filtratie werden gebruikt, maakten dat de watercultuur voor de gemiddelde loonarbeider een te dure hobby was.
Op dit punt gekomen vroegen wij: „Waardoor breidde deze tuinbouwmethode zich dan zo uit?”
Onze gids antwoordde: „Waarschijnlijk zijn de belangrijkste redenen de toegenomen vraag naar vruchten van goede kwaliteit, en een wereldomvattende verandering in eetgewoonten waardoor men gemiddeld meer verse sla is gaan nuttigen. Bovendien kan, omdat de winsten zo hoog zijn, ook de gemiddelde loontrekker in dit nieuwe idee investeren.”
Vervolgens liet de gids ons de duizenden gezonde tomaten zien, die al netjes ingepakt in dozen gereedstonden voor verzending naar de winkels van de Witwatersrand. Het was een feit dat ze allemaal even groot waren en dezelfde vorm hadden. Een huisvrouw zou niet elke tomaat hoeven te betasten om uit te zoeken welke zij wilde hebben. De gezonde, gelijke vorm en aanblik stonden garant voor de beste resultaten op haar tafel.
Wij vroegen onze gids: „Kan iemand alleen maar tomaten in de plastic tunnels kweken? En hoe is het mogelijk zulke resultaten te boeken als u in het geheel geen gebruik maakt van aarde en de temperatuur buiten onder het vriespunt is?”
Hij merkte op: „In de plastic tunnels kan men niet alleen met goed resultaat tomaten kweken, maar werkelijk alle klimplanten en kruipende planten. In deze tunnels telen wij ook komkommers, groene pepers, bonen, aardbeien en zoete meloenen, en verder nog witte en gele maïs. Het kweken van sommige van deze gewassen is echter niet voordelig omdat ze zo’n grote bladmassa hebben. Tomaten zijn tot op heden waarschijnlijk de meest winstgevende planten, gevolgd door aardbeien, groene pepers en komkommers.”
„Wat betreft het tweede deel van uw vraag”, vervolgde hij, „wij hebben bemerkt dat wij in de winter de deuren van de tunnel zelfs wel open kunnen laten staan, vooropgesteld dat wij voor de ingang een speciaal windnet hangen dat ongeveer 40 tot 50 percent van het licht tegenhoudt. Zowel het binnenstromen van koude lucht als het verlies van de in de tunnel vastgehouden zonne- en plantewarmte blijven hiermee binnen de perken. ’s Middags ligt de temperatuur in de tunnel in de buurt van de 25 °C. Dus als wij de deuren ’s middags omstreeks 4 uur sluiten, zal de ’opgesloten’ warmte ervoor zorgen dat de planten de koude nacht doorkomen zonder stilstand in hun groei.”
„Natuurlijk”, voegde hij eraan toe, „zou het in een kouder klimaat of op grotere hoogte of in gebieden met minder zon nodig kunnen zijn om de tunnel te verwarmen. Wij zijn aan het experimenteren met door de zon verwarmd water dat door ondergrondse buizen onder de volle lengte van elke tunnel door stroomt. Hoewel de investering voor zonnepanelen natuurlijk hoog is, zijn er geen andere uitgaven, zoals kosten van stookolie; ook is er geen rook en luchtvervuiling, zoals dat bij kolen het geval is.”
Boven de grond gekweekte planten
Wat wij in de enorme tunnels hadden gezien, was zeker verhelderend geweest. Elke tunnel bevatte 1200 sterke, goed gedijende tomatenplanten, die in vermiculiet (gepofte mica) stonden gepot en water met daarin opgeloste voedingsstoffen toegediend kregen via zeer dunne buisjes die gevoed werden door een 50 mm plastic hoofdtoevoerleiding.
Elke plant stond afzonderlijk in een plastic zak die voor driekwart gevuld was met vermiculiet. Eén microbuisje per plant laat voldoende water met voedingsstoffen toedruppelen om de wortels voor 24 uur van voedsel te voorzien. Op een volkomen horizontale bodem van zand of aarde ligt, onder de plastic zakken, een uit brede stroken bestaande laag van zwart plastic die hetzelfde effect heeft als een strobedekking en dus het opschieten van onkruid tegengaat en de zakken tegen de kou van de grond eronder isoleert. Op deze manier zijn de wortels bovendien volkomen beschermd tegen de zogenoemde aaltjesziekte.
Buiten iedere tunnel staat op een bakstenen onderlaag een gegalvaniseerde watertank van 500 gallon (1893 liter) die dienst doet als voorraadtank voor de hoofdleiding en de microbuisjes. Eén enkele inhoud van zo’n tank, waarbij de poedervormige voedingsstoffen rechtstreeks in het water zijn opgelost, voorziet elke plant dagelijks van bijna twee liter water dat dan alle noodzakelijke elementen bevat. Ten einde verspilling tegen te gaan wordt dit water via één enkele schuifafsluiter aan de plastic hoofdleiding toegevoerd.
In elke plastic zak zijn gaten gemaakt op een hoogte van één liter. Zodra uit deze gaten vloeistof begint te druppelen, wordt de schuifafsluiter afgesloten. Iedere dag wordt tweemaal water gegeven en dat kost in totaal slechts 10 minuten — op zich beslist al een grote arbeidsbesparing.
Minimale arbeid vereist
Het was allemaal verbluffend eenvoudig geregeld, maar wij moesten meer weten. Daarom stelden wij onze geduldige gids, die tevens de eigenaar van het tuinbouwbedrijf was, de vraag: „Hoeveel mensen zijn er voor het werk in deze tunnels nodig?”
„Om die vraag te beantwoorden”, begon hij, „zouden wij eigenlijk eerst moeten bekijken wat er niet gedaan hoeft te worden. Zo hoeven wij bijvoorbeeld vanwege onze deklaag van zwart plastic geen onkruid te bestrijden. Nog een factor is dat het hele watertoevoersysteem permanent op zijn plaats ligt. Derhalve hoeven wij niet telkens een besproeiingsuitrusting te verplaatsen. Wij draaien eenvoudig de kraan open.
Wel moeten wij dagelijks eerst even een snelle inspectie houden en de planten nazien op krulziekte, roest of beschadiging, waarna wij ongewenste scheuten wegsnoeien om de vruchtzetting en ventilatie te bevorderen. Daarna plukken wij de rijpe vruchten en nemen ze mee naar de pakloods.
Vervolgens worden in iedere voorraadtank de voedingsstoffen in het water opgelost, waarna de planten hun eerste portie water van die dag krijgen. Dan worden zo nodig de deuren opengezet en de netten neergelaten. O, het kan ook nodig zijn dat wij op werkelijk hete zomerdagen de zijkanten moeten ventileren. Dit wordt eenvoudig gedaan door het dak bij de plastic overlappingen te openen, of door bij de nog meer geperfectioneerde modellen het onderste deel van de zijkanten mechanisch omhoog te rollen. Zo kunt u begrijpen hoe één persoon met gemak voor twee grote tunnels kan zorgen zonder dat dat een te zware belasting vormt.”
Onze gids twijfelde geen moment aan het winstgevende karakter van tunneltuinbouw. Hij wees erop dat, hoewel natuurlijk de investeringskosten bij tunneltuinbouw hoog waren, toch de kosten van het kopen van geschikte landbouwgrond, het omheinen ervan en het aanschaffen van werktuigen en insekticiden, te zamen met de uitgaven voor de aanleg van wegen, per ton geproduceerde groente en fruit veel hoger kwamen. In ieder geval zou het grootste gedeelte van de grond vóór het beplanten zwaar bemest en intensief bewerkt moeten worden.
Men kan tunnels opzetten op ieder genivelleerd terrein, ongeacht de grondsoort en structuur. Het enige wat nodig is, is een stevig bodemoppervlak waarop de plastic zakken en het buizenstelsel voor de wateraanvoer geplaatst kunnen worden.
Vanwege het boogvormige ontwerp van de tunnels kan hun buisstalen frame windsnelheden opvangen van wel 120 km/h zonder dat de tunnel of de planten schade oplopen. Wanneer een tunnel zo wordt opgezet dat de deuren op het noorden en zuiden liggen, worden alle zonnestralen vanaf zonsopgang tot zonsondergang door de tunnel opgevangen.
Waardevol als hobby — of als zakelijk object
Aangezien tunneltuinbouw dicht bij de grote bevolkingscentra mogelijk is, liggen de transportkosten en de verliezen ten gevolge van de kwaliteitsvermindering van de vruchten tijdens vervoer natuurlijk lager.
Los van de gelijkmatige kwaliteit en de lage verliesfactoren maakt tunneltuinbouw het mogelijk aandacht te schenken aan methoden om de vruchtopbrengst per plant en ook het gewicht van de afzonderlijke vruchten op te voeren. Onder normale groeiomstandigheden en met gemiddelde aandacht kan de opbrengst per plant variëren van vijf tot acht kg. Door oordeelkundig uitdunnen en door het aantal vruchten tot 10 per tros en het aantal vruchttrossen tot 10 per plant te beperken, kan de opbrengst tot wel 12 kg worden verhoogd! Bovendien verbetert de kwaliteit van de vruchten en neemt de hoeveelheid vruchtvlees toe.
Het beoefenen van tunneltuinbouw geeft huisvrouwen, doktoren, zakenmensen en kinderen een hele nieuwe kijk. Het schenkt vreugde en voldoening dicht bij het planteleven te staan dat in zo’n overvloedige weelde voorkwam in de oorspronkelijke paradijstuin die God voor de mensheid schiep (Gen. 2:8). Het is zoals een dokter opmerkte: „Nadat ik mij de hele dag heb beziggehouden met zieke, sukkelende, verminkte en moedeloze patiënten, kom ik terug bij mijn tunnelplanten en zie ik vreugde en sprankelend leven. Ja, in de planten om mij heen kan ik in werkelijkheid de Schepper ’zien’!”
Wij hadden nog een andere vraag voor onze gids: „Als wij nu ook zo’n tunnel zouden willen opzetten en zelf als gezin de planten verzorgen, hoe hoog liggen dan de uitgaven waarop wij moeten rekenen?”
„Om dat te beantwoorden”, zei hij, „zouden wij de zaken moeten beschouwen met een specifieke soort van groente of fruit in gedachten — neem bijvoorbeeld tomaten. Als bruto-opbrengst mogen wij gemiddeld 35 c [ƒ 0,80] per kg verwachten. Ervan uitgaande dat wij ieder jaar van 1200 planten tweemaal vruchten kunnen oogsten, zes kg per plant, komen wij tot een behoorlijk bedrag aan inkomsten.
Daar staat natuurlijk wel tegenover dat de tunnel een grote uitgave vertegenwoordigt. Met alles erbij, dus inclusief alle buizen, plastic, zakken, voedingsstoffen en vermiculiet, betekent dat een bedrag van R3000 [ƒ 6800]. De afschrijvingskosten van 15 percent per jaar, de vervangingskosten van het plastic, en ook de aanschaf van zaad, bestrijdingsmiddelen, extra voedingsstoffen en vermiculiet, en daarbij nog de waterrekening en de verpakkings- en transportkosten, gaan de kosten nog aanzienlijk verhogen.
Als u als gezin zelf de verzorging van de tunnel op u neemt, kunt u natuurlijk wel of niet arbeidsloon afboeken. Maar als u één man part-time in dienst wilt nemen, zouden hierdoor uw kosten kunnen oplopen tot ongeveer R2000 [ƒ 4600] per jaar. Na aftrek van uw investeringskosten hebt u dan toch nog een aardige winst, wat vooral aantrekkelijk is wanneer u niet afhankelijk wilt zijn van een ’baas’ of van uw huidige baan.”
De praktische en geruststellende antwoorden van onze gids op al onze vragen gaven ons de zekerheid dat tunneltuinbouw niet iets van voorbijgaande aard is. In financieel, lichamelijk en zeker ook in geestelijk opzicht kan tunneltuinbouw voor iedereen zeer lonend zijn.
[Voetnoten]
a Dit schijnt een uitzonderingsgeval te zijn. Eén deskundige acht nettowinsten van 30 tot 40 percent meer waarschijnlijk.