Hebt u ooit een fulguriet gezien?
ONGETWIJFELD hebt u wel eens gehoord dat de bliksem bomen kan splijten en mensen kan doden. Maar hebt u ooit gehoord van door de bliksem gevormde fulgurieten?
De term „fulguriet” komt van het Latijnse fulgur, wat bliksem betekent, en is sinds 1821 in gebruik om de bijzondere minerale formatie te beschrijven die ontstaat wanneer de bliksem een zanderig stuk grond treft. De intense hitte van de elektrische ontlading doet wat van het zand smelten, zodat een lange, smalle en heel breekbare buis van glas gevormd wordt.
De meeste fulgurieten of „bliksembuizen” zijn slechts een paar meter lang. Sommige hebben echter een lengte van wel 20 meter bereikt. Gewoonlijk gaan ze recht de grond in, terwijl ze, wat minder vaak voorkomt, ook parallel met het aardoppervlak kunnen lopen.
De neiging die de bliksem heeft om de weg van de minste weerstand te volgen, is verantwoordelijk voor de onregelmatige vorm van de buizen en voor de vertakkingen of kleine uitlopers die uit de hoofdbuis te voorschijn komen. De lengte van een fulguriet schijnt bepaald te worden door de diepte en de weerstand van het zand, de grondwaterstand daar ter plaatse en de kracht van de ontlading.
Aangezien in een bliksemflits temperaturen van 30.000 graden Celsius kunnen worden bereikt, kan kwartszand worden verhit tot de temperatuur van 1700 graden die nodig is om het te doen smelten, en dat tot op een behoorlijk grote diepte onder het aardoppervlak.
Deze buizen hebben als regel slechts een middellijn van ongeveer één centimeter, maar ze kunnen ook wel een middellijn van verscheidene centimeters bereiken. De buitenkant wordt gekenmerkt door ribbels en flenzen waaraan halfgesmolten en ongesmolten zandkorrels vastzitten. De dwarsdoorsnede van een fulguriet is ruwweg rond van vorm.
Men denkt dat het centrale holle kanaal ontstaat door de snel ontwikkelde uitwaartse druk ten gevolge van het uitzetten van de gassen die worden uitgestoten bij de ogenblikkelijke verhitting van het vochtige zand. In de meeste gevallen is de van binnen gladde wand van kiezelglas slechts ongeveer één millimeter dik. In het algemeen is hij lichtgrijs van kleur, hoewel er ook enkele ondoorzichtig-witte tot donkergrijze exemplaren zijn gevonden.
Fulgurieten worden in hoofdzaak gevonden in gebied met zandheuvels waar zich gemakkelijk elektrische stormen ontwikkelen. Soms heeft men precies kunnen zien waar de bliksem insloeg en heeft men een fulguriet kunnen vinden terwijl de grond eromheen nog warm was. Andere keren zijn fulgurieten-jagers beloond met een vondst als het bovenste laagje van de zanderige grond door erosie was verdwenen en het begin van de buis zichtbaar was.
Zoals u zich wel kunt indenken, is het uitermate moeilijk om een zo dunne glazen buis ongeschonden te voorschijn te brengen, in aanmerking genomen hoe lang en broos ze is. Gewoonlijk breekt de buis in vele stukjes die dan moeizaam weer aaneengepast moeten worden. Er zijn naar verhouding dan ook maar heel weinig fulgurieten bewaard gebleven.
Hoewel zeldzaam, zijn fulgurieten over de hele wereld gevonden. Misschien kunt u reeds door een bezoek aan een museum in uw eigen omgeving een fulguriet te zien krijgen en zelf waarnemen wat er kan gebeuren wanneer een bliksem van miljoenen volts de aarde treft.