Een eigen bedrijf — in Filippijnse stijl
Door Ontwaakt!-correspondent op de Filippijnen
WERKT u het liefst een vast aantal uren op een goed ingericht kantoor onder een redelijke baas? Veel mensen geven hier de voorkeur aan. Met zulk werk loopt men natuurlijk veel minder risico dan met het beginnen van een geheel nieuw en eigen bedrijf.
Op de Filippijnen zijn er echter velen die aan laatstgenoemd risico de voorkeur geven. Zij willen niet méér werken dan voor het onderhoud van henzelf en hun gezin nodig is. Natuurlijk liggen er voor hen geen promoties, geen loonsverhogingen of een gouden horloge bij de pensionering in het vooruitzicht. Maar daar maken deze personen zich nauwelijks druk over. Zij vinden voldoening in het aanwenden van hun eigen bekwaamheid en gezonde zakelijke inzicht. Voor hen kan niets in de schaduw staan van het geluk om de hele dag met vrouw en kinderen te kunnen werken en bij het vallen van de avond samen de zegeningen van de dag te tellen.
Filippino’s beginnen vaak gewoon thuis met een kleine zaak. De mogelijkheden zijn legio.
Wat voor soort van zaak?
Hebt u een hobby waar u een dagtaak van zou kunnen maken? Misschien maakt u speelgoed voor uw kinderen? In de Filippijnse stad Cebu is het vervaardigen van speelgoedgitaren geen hobby maar een winstgevende onderneming. De vakmensen werken thuis en produceren daar speelgoedgitaren, ukeleles, bandurias en zelfs zeer professionele gitaren die op luchthavens en in muziekwinkels worden verkocht. Vaak zijn de heuvels gevuld met muziek van duizenden snaarinstrumenten wanneer gezinsgroepjes bij elkaar zitten om muziek te maken.
De ijverige Bikol-sprekende Filippino’s op zuidoostelijk Luzon vervaardigen handtassen, slippers en tal van damesaccessoires uit abaca-vezel. En bezige handen in de provincies Bulacan en Quezon weven buntal-hoeden uit de bladstengelvezels van de buri-palmboom. Hier, probeert u deze eens. Koel en waardig, niet? Hier is nog een andere. Die maakt u tien jaar jonger!
Onder het stille, blauwe wateroppervlak van Zamboanga treft men de spits toelopende „takken” van het zwarte koraal. Ambachtslieden in de steden Quezon en Manila maken van dit koraal dasspelden, manchetknopen, ringen, oorhangers, armbanden en halskettingen. In de zandige zeebeddingen voor de kusten van Surigao, Samar, Leyte en Panay, kan men plekken vinden met een rijkdom aan schelpen — met tijgerkaurie, lupo en kapis. Vaardige handen verwerken deze tot gordijnen, lampestandaarden en kandelaars, die in westerse woningen zeker niet zouden misstaan.
Het maken van schoenen mag dan een wat onwaarschijnlijke onderneming lijken, maar in 1884 is dat toch begonnen, toen de jonge Kapitan Moy een stevig paar Britse stappers kocht. Hij raakte geïnteresseerd in de manier waarop deze schoenen waren gemaakt, haalde ze daarom uit elkaar en zette ze weer in elkaar. Niet lang daarna begon hij een schoenmakerswerkplaats en gaf zijn buren les in de nieuwe vaardigheid. Nu, bijna een eeuw later, is de stad Marikina snel bezig een vooraanstaande plaats in de schoenenwereld te veroveren. In tal van huizen in deze stad kan men grootvaders, grootmoeders, pappa’s en mamma’s — en na schooltijd zelfs kinderen als bezige bijen in de weer zien met het maken van schoenen die velen van ons wellicht in de toekomst zullen dragen. „Momenteel”, zo vertelt de commissaris van de Marikina Schoenhandel, „exporteren wij schoenen naar vele landen, met inbegrip van het land waar de eerste schoenen van Kapitan Moy vandaan kwamen.”
De groei van de schoenenhandel van Marikina heeft ook meer nijverheid in andere steden gebracht. Meicauajan, vlak bij Manila, levert bijvoorbeeld veel schoenleer aan Marikina. En Marinduque, Masbate, Mindoro, Palawan, Romblon en andere eilanden voorzien op hun beurt Meicauajan weer van huiden van karbouwen en ander vee. Tevens leveren ze krokodille-, geite-, varkens- en slangehuiden voor schoenen, handtassen en riemen.
Veel Filippino’s openen kleine winkeltjes of beginnen een stalletje op de openbare markten. Om beurten zorgen alle gezinsleden voor de kraam. De Divisoria Market in Manila zou de grootste markt van zijn soort op de Filippijnen zijn — geen supermarkt geleid door één enkele firma, maar een markt bestaande uit duizenden kleine familiewinkeltjes onder één dak. Het loven en bieden is hier een kunst die tot in de perfectie is opgevoerd.
De regering biedt een helpende hand
Zich bewust van de mogelijkheden van deze „huisindustrie”, verleent de Filippijnse regering bepaalde hulp aan ondernemende Filippino’s. Er zijn gratis cursussen in diverse ambachten — zelfs in het kweken van paddestoelen.
De regering verleent ook hulp aan mensen die de kwaliteit van hun produkten willen verbeteren. In de provincie Albay zijn bijvoorbeeld velen van het vervaardigen van kleipotten overgestapt op de studie van keramiek. In de noordelijke provincie Ilocos Norte leren mensen stenen en tegels bakken.
De Filippijnse Daily Express van 17 augustus 1974 berichtte in een redactioneel artikel dat het Bureau voor Nationale Wetenschapsontwikkeling voedingsdeskundigen naar 39 Filippijnse provincies heeft gezonden „om diverse methoden van voedselverwerking te propageren, zodat produkten als kokosnootsap, overtollige groenten, seizoenfruit en kleine vis commercieel gemaakt kunnen worden”. Dit heeft de oprichting van „18 coöperatieve huisondernemingen” tot gevolg gehad.
Coöperaties? Jazeker. Ze bestaan uit diverse kleine zaken die voor wederzijdse bescherming en voordeel zijn gaan samenwerken. Ze dienen overeenkomstig de regels geregistreerd te staan bij het juiste regeringsbureau. De regering moedigt de vorming van coöperaties aan door ze vrijstelling van belasting en diverse vormen van bescherming te verlenen. Deze coöperaties stellen de groep in staat hun produkten tegen fabrieksprijs aan te schaffen en ze tegen lagere prijzen te verkopen dan ze afzonderlijk zouden kunnen; de winst wordt onderling gedeeld.
Voor mensen die liever een geheel zelfstandige zaak drijven, is er hulp beschikbaar via de Nationale Ontwikkelingsautoriteit voor de Huisindustrie (NACIDA). Dit bureau geeft waardevolle adviezen inzake het vervaardigen van Filippijnse produkten. De regering verleent ook vijf jaar vrijstelling van belasting aan al degenen die staan ingeschreven als zijnde in het bezit van een eigen „huisindustrie”, hetgeen velen in staat stelt hun opgezette bedrijf voort te zetten en tot grotere bloei te brengen.
Het bedrijf financieren
Maar waar krijgen de mensen het geld vandaan om een bedrijf te beginnen? Vaak is daar maar heel weinig voor nodig. Een jongeman verkocht bijvoorbeeld een ring. Met de opbrengst daarvan begon hij een kleine juwelierswinkel. Momenteel kan hij niet alleen zijn juwelen maar zelfs het stof uit zijn winkel voor goed geld verkopen. Want in elk hoekje en gaatje ’stuift het van het goud’!
Iemand anders besprak zijn plannen met zijn schoonfamilie. Deze hadden wel oren naar hetgeen hij wilde en voorzagen hem elk van 200 peso’s (ongeveer 60 gulden). Thans levert zijn koraalbedrijf hem een aanzienlijk inkomen, en allen delen in de winst.
Bepaalde banken hebben op openbare markten kredietkantoren gevestigd om kraameigenaars financiële hulp te bieden. Verstandige Filippino’s gaan echter niet in zee met gewetenloze geldschieters die ongehoorde rentes vragen, welke niet alleen de winst maar zelfs het hele bedrijfskapitaal kunnen opslokken.
Iets voor u?
Een eigen bedrijf beginnen, een winkel of een werkplaats, heeft bepaalde voordelen. Werktijden en vrije tijd zijn meestal gemakkelijker te regelen. Men is aan geen enkele baas verantwoording verschuldigd en er blijft wellicht meer tijd over voor het eigen gezin. Bovendien kan men werk zoeken dat men graag doet en hoeft men geen onplezierige arbeid te verrichten enkel ter wille van de boterham. Bovendien kan de uitdaging die een eigen bedrijf aan de persoonlijke vindingrijkheid stelt, een aangename bijkomstigheid zijn.
Maar er zijn natuurlijk ook risico’s. Iemand kan zijn kapitaal verliezen door slecht beheer of onvoorziene omstandigheden. Concurrentie of inflatie bedreigen wellicht de winst. En dan is er natuurlijk de angst, vooral wanneer men begint, of de zaak wel zal lopen, want een eigen zaak ontbeert nu eenmaal de zekerheid van een vaste betrekking bij iemand anders. Het kan ook zijn dat het bedrijfje meer tijd opslokt dan men aanvankelijk had gedacht.
En hoe staat het met u? Misschien dat het in uw omgeving of land wat moeilijker is een eigen bedrijf te beginnen, dat er hogere eisen worden gesteld aan vakbekwaamheid of eigen kapitaal, maar zou u het niet leuk vinden, zo’n eigen bedrijfje in Filippijnse stijl?