Zie Londen vanuit een dubbeldekker
Door Ontwaakt!-correspondent op de Britse eilanden
„LONDEN moet men zien van boven uit een bus, heren”. Dat was het advies van William Ewart Gladstone, eerste minister van Engeland, aan enkele Amerikaanse bezoekers in de negentiende eeuw. Thans horen we niet meer het geklik-klak van paardehoeven die bussen door Londen trekken. Nu wachten hun rode, diesel-„kleinkinderen” ons op. Zullen we naar boven gaan en ons bij de miljoenen voegen die reeds bewust of onbewust Gladstone’s advies hebben opgevolgd? Kom! Dan gaan we Londen bekijken van boven uit een dubbeldeksbus!
De „London Transport”-maatschappij voorziet in een dagelijkse dienst om ons hierbij te helpen. Met geregelde tussenpozen (vanaf 10 uur ’s ochtends) kunt u bij Marble Arch, Victoria Station of Piccadilly een kaartje kopen en aan een twee uur durende toeristische rondrit door Londen beginnen.
Van Marble Arch naar Lambeth Bridge
Omdat we bij Marble Arch beginnen, is deze drievoudige boog met zijn smeedijzeren hekken, onze eerste bezienswaardigheid. Gemodelleerd naar de Boog van Constantijn in Rome, staat hij nu in de buurt van Tyburn, de openbare executieplaats tot het eind van de 18e eeuw.
Ah, daar gaan we! Langs Bayswater Road rijden we nu, in het spoor van de eerste openbare tram in Londen, daar aangelegd door de ondernemende Amerikaan George Train. De 146 hectaren groen van Hyde Park verschaffen de Londenaren frisse lucht en water, al vanaf de 11e eeuw, toen koning Eduard de Belijder de grond en zijn bronnen aan de Westminster Abbey schonk. Behalve dat men er de bekende Speakers’ Corner aantreft, waar iedereen in het openbaar zijn mening aan het publiek kan verkondigen, zijn er in het verleden ook tentoonstellingen geweest, militaire parades en zelfs een nabootsing van de Slag bij Trafalgar op het Serpentine Lake.
Gaande door Kensington, komen we bij de Royal Albert Hall, elliptisch van vorm en in de stijl van een Romeins circus, een van Londens beroemdste gehoorzalen. Nog wordt er gesproken over een openbare lezing die hier in 1920 werd gehouden door de tweede president van het Wachttorengenootschap, J. F. Rutherford. De titel? „Miljoenen nu levende mensen zullen nimmer sterven”. Zes jaar later richtte deze spreker in dezelfde zaal de aandacht van de wereld op het feit dat de Volkenbond niet Gods gunst genoot. Hoe heeft de geschiedenis deze op de bijbel gebaseerde woorden bevestigd!
Net voorbij de Royal Albert Hall, aan de rechterkant, loopt de Exhibition Road, aan het eind waarvan vier populaire museums liggen, gericht op wetenschap, geologie, natuurlijke historie en kunstnijverheid. Hier kan men een welbestede dag doorbrengen. Maar onze bus gaat verder, Knightsbridge door, langs een aantal Londense „Squares” — parken die tot nabijgelegen voorname villa’s behoren en een aangename kleurrijke toets verlenen aan de stad.
Voor ons liggen de tuinen van Buckingham Palace, het woonverblijf van het Britse vorstenhuis. We gaan verder, langs het Chelsea Royal Hospital, een rusthuis voor gepensioneerde soldaten, dat door koning Karel II werd opgericht — op voorstel, naar men zegt, van de actrice Nell Gwynne. Hoe het ook zij, de bewoners van dit rusthuis, met hun rode kledij en glinsterende medailles van vroegere veldtochten, vormen een levendig onderdeel van het Londense stadsbeeld.
Maar wat ligt daar voor ons, glinsterend in de zon? „Old Father Thames”! We volgen nu deze rivier, langs de verrukkelijke door bomen omzoomde Chelsea Embankment. Daar, aan onze linkerkant, ligt de Tate Gallery, een van Londens prachtigste kunstmuseums.
Van Lambeth Bridge naar de St. Paul
We steken nu de Theems over, rijdend over de Lambeth Bridge; voor ons ligt het Lambeth Paleis, de officiële Londense verblijfplaats van de aartsbisschop van Canterbury. Aandacht verdient zeker de Lollards’ Tower ervan, die zijn naam te danken heeft aan de Lollarden, volgelingen van de 14e-eeuwse bijbelvertaler John Wycliffe. Uitgerust met handgeschreven Engelse vertalingen van gedeelten van de bijbel, verspreidden zij zich over het land en predikten tot allen die maar horen wilden. Heftig tegengestaan door de Staatskerk, werden ze vaak gearresteerd en opgesloten — volgens sommigen hier in deze toren.
Uitkijkend over de Theems, zien we het in statige Gothische stijl gebouwde Paleis van Westminster, beter bekend als de Houses of Parliament. Net iets meer dan 120 jaar oud is het; maar de Westminster Abbey daarachter dateert al vanuit de 11e eeuw.
Na de Westminster Bridge en de County Hall, de algemene kantoren van de Greater London Council (de bestuursraad van Londen en omgeving) te zijn gepasseerd, gaan we de Waterloo Bridge over, na eerst nog langs de Royal Festival Hall en andere concertzalen aan de zuidoever van de Theems te zijn gescheerd. Na opnieuw de Theems te zijn overgestoken, komen we in Aldwych, een straat waarvan de Angelsaksische naam „oud dorp” betekent en ons dus herinnert aan het nederige begin van deze grote metropolis.
Zag u in het midden van de sierlijke bocht die deze straat maakt, Kingsway? Daaraan stond vroeger het oude Londense Opera House, opgericht door Oscar Hammerstein aan het begin van deze eeuw, en waar, tussen twee haakjes, in oktober 1914 het Photo-Drama van de Schepping werd vertoond. Die film- en dia-produktie die vier avonden achtereen duurde, maakte gebruik van filmbeelden gesynchroniseerd met grammofoonplaatonamen. Dit Photo-Drama, geproduceerd door Jehovah’s Getuigen, behandelde de geschiedenis van de bijbel vanaf de schepping tot aan het rechtzetten van de aangelegenheden op aarde door Gods koninkrijk. Denkt u zich eens in! De eerste succesvolle sprekende film, in 1914, minstens 10 jaar vóór de eerste commerciële produkties van dien aard.
Na Aldwych zien we de „Oranges and Lemons”-kerk („sinaasappelen en citroenen”-kerk). Het verhaal gaat dat in dit gebied tol werd geheven op het fruit dat hier vlakbij vanuit binnenvaartschepen werd uitgeladen. De ontvangsten werden dan onder de beheerders van het district verdeeld.
De tradities maken plaats voor de harde wettelijke realiteit wanneer het Koninklijke Hof van Justitie in zicht komt. Meer dan vijf kilometer gang verbindt de 25 gerechtszalen en bijbehorende vertrekken met elkaar. Nu trekt Fleet Street onze aandacht, een straat van woorden, die zijn weerga niet heeft! Waar 200 jaar geleden de Fleet River stroomde, vloeit nu de drukkersinkt. In deze wijk zijn de redactiekantoren en drukkerijen van de Londense kranten gevestigd. Weggescholen in Gough Square kunt u het goed bewaarde huis van Dr. Samuel Johnson zien, de beroemde Engelse woordenboekschrijver.
Nu beklimmen we een van de schaarse stadsheuvels, Ludgate Hill. Eeuwen geleden zou een rond poortgebouw, „Ludgate” geheten, ons de verdere doorgang hebben versperd. Ludgate was een van de zeven hoofdpoorten die toegang gaven tot de oude stad. Maar we gaan de heuvel verder op, en komen dan te staan tegenover het architectonische meesterwerk van Sir Christopher Wren, de St. Paul’s Cathedral. Welke vroegere bouwwerken deze heuvel hebben getooid, is in nevelen gehuld, ofschoon wel bekend is dat de Grote Brand van Londen in 1666 de vorige kathedraal, die in verval en uit de gratie was geraakt, vernietigde. Een paar dagen voordat de brand uitbrak, had Wren het gebouw geïnspecteerd met het oog op een restauratie. Ironischerwijs werd het geld voor de bouw van Wren’s 111 meter hoge kunstwerk voornamelijk opgebracht door de belasting geheven op de kolen die via de Theems werden aangevoerd.
Van de St. Paul naar de Tower Bridge
Voortgaande langs New Change zien we achter de koepel van de St. Paul de kleinere koepel van de Central Criminal Courts, beter bekend als de Old Bailey, waar de ernstigste strafzaken van Londen worden behartigd. Het gebouw is getooid met een gouden afbeelding van de godin Justitia. Dit was de plaats waar Newgate stond, nog een van de bekende poorten van het vroegere ommuurde Londen. Als we bij Aldgate komen, de plaats waar de derde toegangspoort tot de oude stad lag, krijgen we te horen dat het te voet mogelijk is de goed uitgegraven Romeinse muur te volgen die het oude Londinium omgaf.
Langs Moorgate, de plaats van nog weer een andere toegangspoort, bereiken we het financiële centrum, vol met bankgebouwen, verzekerings- en investeringsmaatschappijen. Aan onze linkerhand verheft zich de Bank of England, in 1694 gesticht door William Patterson. De Bank is tweemaal herbouwd en heeft hier vanaf 1734 gefunctioneerd. Net voorbij de Bank zien we de acht Korinthische zuilen van de Koninklijke Beurs, op de plaats waar in 1567 Thomas Gresham een gebouw oprichtte dat door de Londense kooplieden voor het zakendoen werd gebruikt. De Londense Effectenbeurs (Stock Exchange) ligt slechts één blok daarachter.
De colonnade aan de rechterkant vormt de voorzijde van het Mansion House, sinds 1753 de officiële ambtswoning van de Lord Mayor (de burgemeester) van Londen en nu meer bekend vanwege de grootse banketten die er gehouden worden. Onze volgende bezienswaardigheid is het gedenkteken van de Grote Brand, tweeënzestig meter hoog en gekroond met een glanzende gouden urn met gebeeldhouwde vlammen. Het monument is een herinnering aan de verwoestende brand die Londen 300 jaar geleden teisterde. 13.200 huizen, 89 kerken en 400 straten werden volledig in de as gelegd. Toch zouden slechts drie mensen bij deze brand zijn omgekomen.
Nu gaan we de London Bridge over, de zoveelste „nakomeling” van de brug die hier naar verluidt al in het 43ste jaar van onze tijdrekening lag. Tot 1738 was de London Bridge de enige Londense brug. In dat jaar stemde het parlement echter in met de bouw van een tweede brug, bij Westminster.
Wanneer we Tooley Street indraaien, passeren we een wijk vol warenhuizen en komen uit bij de Tower Bridge, de bekendste Londense brug, die in 1894 werd geopend en een werkelijk spectaculaire aanblik biedt. Dit 800 meter lange bouwwerk is een dubbele basculebrug, waarvan de twee scharnierende delen tussen de torens elk 1000 ton wegen. In anderhalve minuut kunnen ze worden opengedraaid om schepen door te laten. Bij het overgaan van de brug zien we aan onze linkerkant een van de oudste en beroemdste forten van Groot-Brittannië, de Tower of London. Tijdens de zeker 900 jaar dat dit kasteel nu bestaat, is de Witte Toren, gemarkeerd door vier kleinere torens op de hoeken, afwisselend een paleis geweest, een gevangenis, de Koninklijke Munt, en zelfs een dierentuin. Als die toren eens kon praten! Thans herbergt de Tower of London de kroonjuwelen, welke door het publiek bezichtigd kunnen worden.
Bij het inrijden van Eastcheap worden we herinnerd aan het Angelsaksische woord ceap (wat kopen of het bedrijven van ruilhandel betekent); dit was de plaats van de vroegere vlees- en levensmiddelenmarkten. Verdergaand komen we in Cannon Street. „Kanonstraat”? Nee, deze straat heeft niets te maken met middeleeuws wapentuig. Integendeel, een document van 1311 heeft het over ’Kandelwickstrate’, vanwege de kaarsen (candles) en kaarsepitten (wicks) die hier werden gemaakt. Maar de gewoonte van de Londenaren om woorden in te korten, leidde al spoedig tot de naam „Cannon Street”.
De Queen Victoria Street leidt ons opnieuw naar de Theems. Aan uw rechterkant hebt u de Temple Gardens — grond die eens aan de tempeliers toebehoorde, een militair-religieuze orde uit de 12e eeuw, die als oorspronkelijke doel had de wegen te beveiligen en de pelgrims die naar de „heilige plaatsen” in Jeruzalem togen, te beschermen. De orde werd in 1312 ontbonden en het bezit ging over in de handen van een lichaam van juristen. Op deze grond werden rechtskundige academies gebouwd: de Inner Temple, Lincoln’s Inn en andere. Advocaten en juristen hebben hier nog altijd hun kantoren.
Ondertussen zullen de schepen die hier aan de andere kant gemeerd liggen, uw aandacht hebben getrokken. Vooral dat achterste schip, die driemast-walvisvaarder, die als bark is opgetuigd en nu als drijvend museum dienst doet, is bijzonder schilderachtig. Dat is de beroemde „Discovery” die onder bevel stond van kapitein Robert Falcon Scott op zijn expeditie in 1901 naar de Zuidpool.
We passeren de Waterloo Bridge. En let nu op, want nu krijgt u de Cleopatranaald te zien, een slanke, granieten obelisk, die, iets meer dan 100 jaar geleden, als een noot in een metalen dop drijvend vanuit Egypte werd overgebracht. Al in 1450 vóór onze tijdrekening stond deze pilaar buiten bij de Zonnetempel te Heliopolis; het verband met Cleopatra is dan ook erg gering.
Wat is dat? Die volle galm van een slaande klok deed u zeker opkijken! Wel, kijk maar 96 meter omhoog. Ja, dat is de Big Ben. Die reuzenklok werd vernoemd naar Benjamin Hall, de regeringsgevolmachtigde voor de bouw van de parlementspaleizen, waartoe de Big Ben behoort.
Van Big Ben naar Hyde Park
Na een rondje om het Parliament Square rijden we Parliament Street binnen en zien dan de Cenotaph, dat plechtige gedenkteken ter herinnering aan de tragedie van twee wereldoorlogen. Zoals al uit de Griekse naam ervan is op te maken, ligt hier niemand begraven, want kenos betekent „leeg” en taphos betekent „graf”. Wanneer we ons hoofd nog snel naar links wenden, zien we Downing Street nummer 10, de Londense woning van de eerste ministers sinds Robert Walpole het in 1735 betrok.
Nu komen de Horse Guards in ons gezichtsveld. Hier kan men een aantal bereden regimenten zien, de lijfwacht van het koninklijk huis, gezeten op prachtige zwarte paarden. Elke ochtend vindt hier om 11 uur met grote precisie van beweging een ceremonie plaats — het wisselen van de wacht.
Verder rijdend door Whitehall, schakelen we over van het leger naar de marine, want daar voor ons doemt het 56 meter hoge monument op dat ons herinnert aan de gewonnen zeeslag bij Trafalgar onder leiding van Lord Nelson. Daarachter ziet u tevens nog een prachtige kunstgalerij, de imposante National Gallery.
Van Trafalgar Square maken we een bocht naar Piccadilly Circus, het centrum van het Londense West End. Hier zien we het veelvuldig gefotografeerde standbeeld van Eros. Dit 3 meter hoge aluminium standbeeld stelt echter niet de god van de erotische liefde voor, maar is, integendeel, de ’liefdadigheid die zo snel als een pijl uit de boog te hulp schiet’ — een symbool ter herdenking van het werk van Lord Shaftesbury om de armen te helpen. Nu terug naar beneden door Haymarket en dan draaien we Pall Mall in. Wat een vreemde naam trouwens voor een straat! Zo’n 300 jaar geleden werd hier een Frans balspel gespeeld — pallemaille — en daarop is de oorsprong van de naam terug te voeren. De roodstenen klokketoren die vervolgens onze aandacht trekt, is alles wat er is overgebleven van het oorspronkelijke St. James Palace, dat op bevel van koning Hendrik VIII werd gebouwd.
We rijden nu langs Green Park door Piccadilly. Het woordenboek van Webster uit 1858 vertelt ons dat een piccadilly „een hoge boord of een soort plooikraag” was. Wat is het verband met deze straat in het huidige Londen? Wel, volgens een 17e-eeuws naslagwerk zou hier een gepensioneerde kleermaker hebben gewoond die zulke boorden verkocht, in een huis dat als Piccadilla Hall bekendstond.
Maar kijk daar, voor ons! Ja, dat is Hyde Park opnieuw. Onze tocht door Londen is ten einde. Hier boven in de bus hebben we op de eerste rang 19 eeuwen geschiedenis aan ons voorbij zien trekken. Ja, Gladstone had gelijk. Londen moet men zien van boven uit een dubbeldekker!
[Kaart op blz. 21]
(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)
MARBLE ARCH
HYDE PARK
ROYAL ALBERT HALL
CHELSEA ROYAL HOSPITAL
PICCADILLY
PICCADILLY CIRCUS
LAW COURTS
St. PAUL’S CATHEDRAL
TRAFALGAR SQUARE
„DISCOVERY”
WATERLOO BRIDGE
ROYAL FESTIVAL HALL
HORSE GUARDS
BUCKINGHAM PALACE
WESTMINSTER BRIDGE
LONDON BRIDGE
BANK of ENGLAND
MONUMENT
TOWER of LONDON
WESTMINSTER ABBEY
HOUSES of PARLIAMENT
TOWER BRIDGE
LAMBETH PALACE
TATE GALLERY
LAMBETH BRIDGE
THEEMS
[Illustratie op blz. 21]
Royal Albert Hall
[Illustratie op blz. 22]
St. Paul’s Cathedral
[Illustratie op blz. 23]
Tower Bridge
[Illustratie op blz. 23]
Tower of London