Kunt u meer liefderijke goedheid ten toon spreiden?
EEN verpleegster van tweeëntwintig jaar viel in het water van het Michiganmeer. Met alle macht probeerde ze boven water te blijven. Een oudere man trachtte haar te grijpen, maar kon haar niet bereiken. Hij vroeg een andere man hem te helpen, maar die liep door en weigerde alle hulp. De verpleegster verdronk.
Een groep theologiestudenten kreeg de opdracht korte preken over diverse onderwerpen op de band te zetten. Onderweg naar de opneemzaal passeerden ze een man die kreunend en steunend in een deuropening lag. Zonder dat de studenten dit wisten, maakte de man deel uit van een experiment. Het resultaat? Zestig percent van de studenten snelde zonder op of om te zien langs hem heen om hun voordracht op te nemen. In sommige gevallen ging die over Jezus’ gelijkenis van „de goede Samaritaan”. — Luk. 10:29-36
Hebt u zelf ooit ernstig in moeilijkheden verkeerd, terwijl voorbijgangers u negeerden? Dat is een ervaring die in deze tijd steeds meer voorkomt. Volgens psychiater D. X. Freedman weerspiegelt zulk gedrag „het gebrek aan communicatie in onze maatschappij, het gebrek aan zekerheid en vertrouwen, en de onbekendheid met hoe men zich dient te gedragen”.
Hoe verfrissend zou het zijn in een wereld te leven waar de mensen het welzijn van hun medemens boven hun eigen welzijn zouden stellen! Maar is dat mogelijk? Ja, zeer zeker. Maar eerst zullen mensen moeten leren ’hoe ze zich dienen te gedragen’, om de woorden van Dr. Freedman aan te halen. In dit verband belicht de bijbel, die de belangrijkste raad op het gebied van menselijke omgang bevat, een belangrijke eigenschap. Welke?
In Spreuken 19:22 lezen we: „Het begeerlijke in de aardse mens is zijn liefderijke goedheid.” De eigenschap liefderijke goedheid is onontbeerlijk om Gods goedkeuring te verwerven. — Spr. 3:3, 4.
Wat bedoelt de Schrift met liefderijke goedheid? Is dit in een wereld vol vijandigheid een praktische eigenschap?
Het Hebreeuwse woord dat met liefderijke goedheid is vertaald, is chesed, dat meer inhoudt dan eenvoudig goedheid die voortspruit uit liefde of genegenheid. Het is een vorm van goedheid waarbij men zich in beslag laat nemen door mensen en die tot uiting komt in voortdurend vriendelijke daden. De joodse geleerde S. R. Hirsch maakte in zijn commentaar op Genesis de opmerking: „Wat liefde is in gevoelens, is chesed in daden, het is liefde vertaald in actie.” De Theological Dictionary of the New Testament wijst erop dat dit woord uitgaat van een reeds bestaande verhouding tussen personen. Het vermeldt over chesed:
„Het is de instelling die men in deze verhouding van elkaar verwacht en waartoe men zich door het aangaan van die verhouding verplicht heeft. Zo doet de verhouding van wederzijdse chesed zich voor tussen familieleden en vrienden, gastheer en gasten, meesters en onderhorigen, of tussen anderen die in een bepaalde verbondsverhouding tot elkaar staan. Chesed is niet in de eerste plaats een gezindheid maar een behulpzame daad die beantwoordt aan een wederzijdse vertrouwensrelatie.”
Een daad van liefderijke goedheid is dus een blijk van trouw aan een reeds bestaande verhouding. Een andere vertaling van dit Hebreeuwse woord is dan ook: „loyale liefde.” Zou u zich graag in de tentoonspreiding van die eigenschap willen verbeteren? Laten we dan eens kort enkele terreinen beschouwen waarop verbeteringen kunnen worden aangebracht.
Hebt u persoonlijke gewoonten waarvan u weet dat uw gezinsleden of andere personen met wie u geregeld contact hebt, ze niet prettig vinden? Wat dan te doen? Gaat u uit van de zienswijze: „Ik doe wat ik zelf wil. Het kan me niet schelen wat anderen denken”?
Liefderijke goedheid vraagt om een heel andere instelling. Neem het volgende voorbeeld: Hoewel Paulus aangaf dat alle soorten van dranken en alle soorten van vlees, mits met mate gebruikt, voor christenen aanvaardbaar zijn, schreef hij toch: „Het is goed geen vlees te eten noch wijn te drinken noch iets te doen waarover uw broeder struikelt” (Rom. 14:21). Natuurlijk betekent dit niet dat men in alles rekening moet houden met personen die constant bezig zijn spijkers op laag water te zoeken. Maar wanneer u bemerkt dat sommige van uw persoonlijke gewoonten het geweten van anderen kwellen, zou het dan geen daad van liefderijke goedheid zijn daarin veranderingen aan te brengen?
Aan de andere kant is misschien het probleem dat ú overmatig gevoelig bent en gemakkelijk aanstoot neemt. Hebt u, wanneer iemand u gekwetst heeft, de neiging hem of haar met gelijke munt terug te betalen, of zeer koel te gaan doen en een aanzienlijke tijd niet meer met die persoon te spreken? Zo ja, dan zal het nodig zijn op bijzondere wijze liefderijke goedheid toe te passen. Als een hulp in dit opzicht, stelt de bijbel ons het volmaakte voorbeeld van God zelf voor ogen, met de woorden: „Gij zijt een God van daden van vergeving, goedgunstig en barmhartig, langzaam tot toorn en overvloedig in liefderijke goedheid” (Neh. 9:17). Wanneer God, die nooit iemand iets heeft aangedaan, vrijelijk de beledigende daden van anderen vergeeft, hoeveel te meer dienen onvolmaakte mensen dat dan te doen!
Een van de dingen die u zullen helpen vergevensgezind te zijn, is te beseffen hoe vaak uzelf aanstoot hebt gegeven. De wijze raad van Gods Woord is: „Geef ook uw hart niet aan alle woorden die de mensen zoal spreken, opdat gij uw knecht geen kwaad over u hoort afsmeken. Want uw eigen hart weet maar al te goed de vele malen zelfs dat gij, ja gij, kwaad over anderen hebt afgesmeekt.” — Pred. 7:21, 22.
Liefderijke goedheid omvat ook positieve aspecten. Hoe reageert u bijvoorbeeld wanneer iemand in nood verkeert? Bent u dan als de priester en de leviet in Jezus’ gelijkenis van de vriendelijke Samaritaan, die beiden doorliepen zonder zich te bekommeren over het lot van een medejood die door rovers aangevallen en neergeslagen was en langs de kant van de weg lag? Het was een man van een volk dat door de joden werd veracht, een Samaritaan, die het ongelukkige slachtoffer hielp. Ongeacht de vijandschap tussen de twee bevolkingsgroepen, voelde deze Samaritaan met die in nood verkerende jood duidelijk een verhouding als medemens. De Samaritaan gaf hier uiting aan door daden van liefderijke goedheid (Luk. 10:29-37). Hoe reageert u, wanneer u ziet dat iemand in nood verkeert?
Maar kunt u er zeker van zijn dat een dergelijke liefderijke goedheid van uw zijde niet door anderen zal worden uitgebuit? Neen, helaas kan het soms gebeuren dat mensen uw goedheid misbruiken. Maar toch is dat normaal niet de manier waarop mensen op vriendelijke daden reageren. Jezus gaf bijvoorbeeld de verzekering: „Beoefent het geven, en u zal gegeven worden. Een ruime, aangestampte, geschudde en overlopende maat zal men in uw schoot storten. Want met de maat waarmee gij meet, zal men ook u meten” (Luk. 6:38). Het klopt dus dat „een man van liefderijke goedheid . . . zijn eigen ziel op een belonende wijze” bejegent (Spr. 11:17). Miljoenen bijbellezers kunnen van de waarheid van deze woorden Getuigen.
Hoe kunt u zelf meer liefderijke goedheid betonen? De eerste stap is dat u uw kennis van de schriftuurlijke leer vergroot. Op die manier zult u te weten komen welke daden God als een ware uiting van liefderijke goedheid beziet. Geregelde omgang met mensen die bijbelse beginselen in hun leven toepassen, is ook belangrijk. Deze goddelijke eigenschap ontwikkelen, is de moeite bijzonder waard, want liefderijke goedheid zal uw leven met blijvend geluk en blijvende zegeningen verrijken.