Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g77 8/5 blz. 17-20
  • Toen de zeebodem beefde

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Toen de zeebodem beefde
  • Ontwaakt! 1977
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Wat de seismische golven aanrichtten
  • De nasleep
  • De activiteiten van Jehovah’s Getuigen na de ramp
  • „In de ene plaats na de andere . . . aardbevingen”
  • Kunnen aardbevingen worden voorspeld?
    Ontwaakt! 1974
  • Aardbevingen raken iedereen
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1974
  • Onderscheidt u de betekenis van wat u ziet?
    Ontwaakt! 1981
  • Aardbevingen — Een teken van het einde?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1983
Meer weergeven
Ontwaakt! 1977
g77 8/5 blz. 17-20

Toen de zeebodem beefde

Door Ontwaakt!-correspondent op de Filippijnen

„PLOTSELING voelden we een schok en begon onze huiskamer heen en weer te zwaaien, eerst zachtjes, maar toen met de seconde heviger en heviger, tot we er gek van werden.

Sprakeloos zagen we de kamer voor onze ogen rondtollen. De lichten gingen plotseling uit, gevolgd door het rommelende geluid van instortende muren en het gekraak en gerinkel van brekend glas . . . Kreten van angst klonken op in het duister van de nacht.”

Dat was de beschrijving die een overlevende gaf van de aardbeving van twee minuten die op dinsdag 17 augustus 1976 om 12.13 uur ’s nachts het zuidelijke Filippijnse eiland Mindanao schokte.

De aardbeving, die een sterkte van 7,8 op de schaal van Richter bereikte, was de krachtigste, meest verwoestende en angstwekkende aardbeving in de hele bekende geschiedenis van de Filippijnen. Hij was van tektonische oorsprong, dat wil zeggen dat hij te wijten was aan bewegingen of vervormingen van de aardkorst en niet aan een vulkaanuitbarsting. Volgens seismologische stations van Amerika lag het epicentrum van de aardbeving in de Moro-Golf, een arm van de Zee van Celebes, op meer dan 2100 kilometer ten noordoosten van Jakarta.

Het hevigst getroffen werden Cotabato (een stad met een bevolking van 80.000 personen) en de kustplaatsen van Zamboanga. Een groot percentage van de handelsgebouwen in Cotabato stortte geheel of gedeeltelijk in, en hele gezinnen werden begraven onder het puin van instortende gebouwen. Landbouwgebieden kwamen onder het zeewater te staan. En vissers verloren hun middelen van bestaan toen de vloedgolven hun boten wegspoelden.

Volgens de krant Bulletin Today waren er na deze beving en de daarmee gepaard gaande vloedgolven 3373 doden en 9149 gewonden, 2938 vermisten en meer dan 119.000 daklozen te betreuren. De aanvankelijke schade werd op ƒ 250 tot ƒ 340 miljoen geraamd.

Wat de seismische golven aanrichtten

De „seismische watergolven” of vloedgolven die op de aardbeving volgden, en waarvan sommige een hoogte van 9 meter en een snelheid van wel 720 kilometer per uur bereikten, eisten een afschuwelijke tol. Een visser die het overleefde, vertelt:

„Mijn huis lag aan zee. En omdat ik gewoonlijk ’s avonds ga vissen, was ik net bezig aan een net toen ons huis, het was al na middernacht, hevig begon te trillen en te kraken. Daarna hield de beweging van de aarde op.

Maar plotseling hoorde ik een ander geluid, snel aanrollende donder leek het wel. Ons hele gezin was wakker geworden, en we liepen zo hard we konden naar een nabijgelegen heuvel. We werden door het schuimende water van de sokken geslagen en zwommen zoals we nog nooit gezwommen hadden. We kregen heel wat zeewater naar binnen, maar hebben het er gelukkig allemaal levend afgebracht.”

Vanaf de heuveltop, waarop ze een veilige toevlucht hadden gevonden, zag dit gezin hun huis als een lucifersdoosje naar de open zee gesleurd worden. Niet iedereen was echter zo gelukkig als zij. Velen die in verbijsterde ontzetting de watermuur op zich af zagen komen, werden weggevaagd.

In de buurt van het eiland Sacol, in de omgeving van de stad Zamboanga, zag een visser in zijn boot, op ongeveer 100 meter vanuit de kust, vijftig huizen onder één harde dreun van de reuzengolven ineenstorten. En toen het water terugtrok bemerkte hij dat hijzelf op een kokospalm dreef. Een vrouw in een ander gebied vertelde hoe zij zag dat haar vader naar zee werd weggesleurd, en daarna weer met de volgende golf werd teruggeworpen, nog steeds in leven. Ook iemand anders vertelde hoe hij het kind, van zijn buren naar zee meegetrokken zag worden, terwijl het zich aan een houten riem vastklampte. Ook dit kind werd weer levend naar de kust teruggespoeld.

In sommige gevallen leidde het verlangen om goederen te bergen tot verlies van leven. Zo liet een bewoner zijn kind aan de zorg van een dienstmeisje over om zelf nog een koffer uit zijn huis te halen. Het kind stierf. Een andere man kwam om het leven toen hij terugging om met het oog op plunderaars de deuren van zijn huis af te grendelen. Er kwamen helemaal geen plunderaars opdagen.

Een overlevende van het eiland Olutanga, in de Moro-Golf, herinnert zich: „Toen de aardbeving ophield, ging ik naar de werf en zag dat vier huizen waren ingestort. Maar plotseling werd ik ook iemand gewaar die naar de zee wees en schreeuwde: ’Vloedgolf!’ Zo snel ik kon rende ik naar een heuvel. Huizen die bij de aardbeving waren blijven staan, werden door de kolossale golven aan splinters geslagen. En toen de golven op de kust sloegen, vlogen de kippen huizenhoog de lucht in, was er een gejank van honden, geschreeuw van biggen en het gekrijs en geroep van mensen — die buiten hun zinnen van angst allerlei goden aanriepen. Het was een beklemmend gebeuren, dat je de haren te berge deed rijzen.”

De nasleep

„Toen het eerste daglicht langzaam door de grijze lucht gloorde”, zo vertelde een overlevende, „was de kuststreek één groot terrein van ingestorte huizen en huilende kinderen. Overal lagen doden. Zij die de ramp hadden overleefd, konden hun ogen niet geloven. Het gekerm van degenen die dierbaren hadden verloren, vermengde zich met de doodse stilte die op de ramp was gevolgd. Langzaam stonden ze op en begonnen volkomen wezenloos rond te lopen, op zoek naar iets en niemand.”

Spoedig na de ramp brachten de burgerlijke en militaire autoriteiten een totale reddingsactie op gang, gericht op directe hulpverlening en herstel van de schade. Ook van buiten begon technische en materiële hulp binnen te komen. Eén verslaggever meldde dat in de getroffen gebieden, zij die konden werken „schouder aan schouder aan het graven sloegen om de levenden en de doden uit het puin te bevrijden”.

De activiteiten van Jehovah’s Getuigen na de ramp

Op de Filippijnen wonen meer dan 76.000 Getuigen van Jehovah, die er natuurlijk allemaal erg verlangend naar waren te weten hoe hun medechristenen op Mindanao het maakten. Zo spoedig mogelijk na de aardbeving en de vloedgolven, gingen de ouderlingen van de gemeenten in de getroffen gebieden op pad om al hun mede-Getuigen op te zoeken. Een speciale vertegenwoordiger van het Wachttorengenootschap schrijft:

„Wij dachten vooral aan verscheidene gezinnen van Jehovah’s Getuigen in de buurt van een houtvijver bij de zee. We wachtten niet tot het dag werd, maar gingen zo gauw mogelijk in die richting. Na aankomst konden we onze ogen haast niet geloven. De hele dichtbevolkte woongemeenschap was volledig weggevaagd!” Gelukkig had echter geen van Jehovah’s Getuigen daar de dood gevonden of was ernstig gewond geraakt ook al hadden ze allemaal hun huis en meubilair verloren.

Malangas lag bezaaid met allerlei afval. Een paar huizen waren nog intact, maar de meeste waren weggespoeld. Bepaalde mensen waren met motorbootjes in de weer om hun huis weer naar de kust te trekken. Een ouderling van een gemeente in dat gebied bericht: „Ik slaagde erin mijn huis terug te trekken op het land; alleen onze kleren waren weg. Maar heel wat mensenlevens gingen verloren, ook veel dieren kwamen om. Geen van Jehovah’s Getuigen hier is echter omgekomen, ook al is er onder hen wel veel materiële schade en veel materieel verlies geleden.”

Nadat om vier uur ’s ochtends de avondklok in Cotabato was opgeheven, kon een dienaar in de bediening van Jehovah’s Getuigen over een jeep beschikken, waarmee hij de huizen van mede-Getuigen af ging rijden. Ook in Cotabato hadden alle Getuigen van Jehovah de ramp overleefd en was hun ernstig letsel bespaard gebleven. Aanzienlijke materiële verliezen maakten het voor sommigen echter noodzakelijk om in evacuatiecentrums van de regering een verblijf te zoeken. Anderen zetten tenten of hutten op, niet ver van hun huis af, omdat ze nog meer aardschokken verwachtten.

„In de ene plaats na de andere . . . aardbevingen”

Deze beving maakte deel uit van een serie van drie bevingen die Azië in één week trof. Commissielid G. Andal van de commissie inzake Vulkanologie, verklaarde: „De aardkorst is momenteel erg onstabiel en op elk moment kan er zich ergens ter wereld een aardbeving voordoen.” Een andere groep geleerden meent dat er op dit moment wellicht een seismisch proces gaande is, waarvan men zich nog geen volledig beeld heeft kunnen vormen.

In dit opzicht voorzei Jezus trouwens een interessant onderdeel van een „teken” waardoor het „besluit” van dit samenstel van dingen gekenmerkt zou worden. Behalve oorlogen, vervolging van christenen, toenemende wetteloosheid en andere weeën, voorspelde Jezus ook: „En er zullen in de ene plaats na de andere . . . aardbevingen zijn” (Matth. 24:3-8; Mark. 13:4-8). De bijbelse historicus Lukas voegt hier nog aan toe dat Jezus heeft gezegd: „Er zullen grote aardbevingen zijn.” — Luk. 21:11.

De afgelopen tweeënzestig jaar hebben Jehovah’s Getuigen er hun naasten op gewezen dat alle facetten van het teken dat Jezus gaf, sinds 1914 in vervulling zijn gegaan. Sinds dat jaar hebben alleen aardbevingen als onderdeel van het „teken” al meer dan 900.000 slachtoffers geëist. Rekent men over een periode van 1000 jaar, dan was vóór 1914 het gemiddelde aantal doden per jaar dat aan aardbevingen ten slachtoffer viel, 3000; maar sindsdien is dat gemiddelde omhooggesprongen tot 15.000 per jaar. Jezus’ profetie over aardbevingen gaat nu in vervulling!

Daarom houden Jehovah’s Getuigen op de Filippijnen zich er ook druk mee bezig de overlevenden van deze bijzonder verwoestende aardbeving te bezoeken, en hen te vertroosten met de blijde boodschap dat er een nieuw samenstel van dingen nabij is, waarin mensen nooit meer ten gevolge van een natuurramp de dood zullen vinden. — 2 Petr. 3:13; Openb. 21:3-5.

[Kaart op blz. 17]

(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)

MINDANAO

SULU-ZEE

Olutanga

Cotabato

Zamboanga

Sacol

MORO-GOLF

EPICENTRUM

CELEBES-ZEE

[Illustratie op blz. 18]

’De kuststreek was één groot terrein van ingestorte huizen en huilende kinderen’

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen