Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g76 22/6 blz. 21-24
  • Antibiotica — tweesnijdende zwaarden

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Antibiotica — tweesnijdende zwaarden
  • Ontwaakt! 1976
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Naar de verkeerde kant snijdend
  • Waarom tweesnijdend?
  • Wat kunt u eraan doen?
  • Hoe groot is de dreiging?
    Ontwaakt! 2003
  • Hoe die taaie micro-organismen de kop weer kunnen opsteken
    Ontwaakt! 2003
  • Overwinningen en nederlagen in de strijd tegen ziekte
    Ontwaakt! 2004
  • Wanneer micro-organismen geen schade meer aanrichten
    Ontwaakt! 2003
Meer weergeven
Ontwaakt! 1976
g76 22/6 blz. 21-24

Antibiotica — tweesnijdende zwaarden

PENICILLINE, het eerste en meest gebruikte antibioticum, werd in 1928 ontdekt door de Britse bacterioloog Alexander Fleming. Hij en zijn medewerkers moesten echter nog vele obstakels overwinnen, voor het tijdens de Tweede Wereldoorlog algemeen erkenning vond als waardevol middel bij de bestrijding van infecties.

De resultaten met penicilline waren zo opmerkelijk dat het een „wonder”-geneesmiddel werd genoemd en sindsdien zijn er vele andere antibiotica, zowel van organische als synthetische aard, ontwikkeld. Het is zonder meer waar dat deze antibiotica, zoals penicilline, veel goeds tot stand hebben gebracht; levens zijn ermee gered en het herstel van zieken en gewonden is ermee bespoedigd.

Het gebruik van antibiotica is echter geen onverdeelde zegen gebleken. De oorzaak daarvan is gelegen in hun aard. Hun naam op zich zou wat dat betreft al een waarschuwing moeten zijn; deze is samengesteld uit twee woorden: anti, wat „tegen”, en bio, wat „leven” betekent. Een antibioticum is dus een tegen het leven gerichte stof, een doder van leven. Van welk leven? Van ziektekiemen, bacteriën en microben; om welke reden ze wel „antimicrobiële middelen” worden genoemd, een naam waaraan in de medische literatuur zelfs de voorkeur wordt gegeven. „Antimicrobiële middelen” schijnen naast heilzame kwaliteiten, ook een bepaalde „toxiteit” of giftige werking te bezitten, alsmede andere schadelijke kenmerken.

Zo schrijft Dr. R. C. Zurek in Diseases of Medical Progress (Ziekten van de medische vooruitgang): „Telkens wanneer we een antimicrobiële stof toepassen, hanteren we werkelijk een tweesnijdend zwaard. We nemen automatisch een risico.” Dat wil zeggen, de geneesheer hoopt bepaalde microben te doden, zonder de cellen van het lichaam te schaden.

Maar wordt dit feit wel volledig door alle artsen beseft, om nog maar te zwijgen van het publiek in het algemeen? Kennelijk niet, want zoals Dr. F. D. Adams verklaart in het voorwoord van bovengenoemd studieboek: „Geneesmiddelen worden veelvuldig toegepast . . . klaarblijkelijk zonder voldoende besef van hun verontrustende en soms gevaarlijke potentie. Men hoeft bijvoorbeeld maar te spreken over het wijde gebruik van antibiotica voor onnozele infecties van de ademhalingswegen en soortgelijke kwaaltjes — een praktijk die zich schijnt voort te zetten ondanks de vermaningen van allerlei bekwame autoriteiten dat deze stoffen in zulke gevallen doorgaans onwerkzaam zijn.”

Een commissie van het Amerikaanse ministerie van Onderwijs, Gezondheid en Welzijn, kwam bij een onderzoek onder 1045 patiënten tot de bevinding dat 340 van hen antibiotica ontvingen, maar dat bij slechts 13 percent van hen (of ongeveer 45 personen) deze middelen op hun plaats waren. In een ander rapport schreef een arts dat „bij 90 tot 99 percent van degenen die chlooramfenicol ontvingen, hiervoor geen aanwijsbare reden bestond”. Ja, soms hebben antibiotica „ziektetoestanden veroorzaakt ernstiger dan de ziekten die men ermee poogde te bestrijden”.

Tekenend voor het overmatige gebruik van antibiotica is het feit dat in de Verenigde Staten, in het fiscale jaar van 1971-1972, ruwweg 24.000 ton antibiotica werd geproduceerd en voor distributie vrijgegeven — voldoende om elke man, elke vrouw en elk kind in het land 50 dosissen toe te dienen — terwijl het volgens Dr. H. F. Dowling, een zeer gerespecteerde autoriteit op dit gebied, „twijfelachtig is of de gemiddelde persoon een ziekte heeft die vaker dan eenmaal in de vijf of tien jaar de behandeling met een antibioticum vereist”.

Deze grote consumptie van antibiotica vindt ten dele zijn verklaring in het gebruik dat men er in de ziekenhuizen van maakt. Op een gemiddelde dag krijgt ongeveer 40 percent van de patiënten het een of andere antibioticum. Een vooraanstaande autoriteit op dit gebied achtte het echter „ondenkbaar . . . dat 40 percent van de ziekenhuispatiënten een antimicrobieel geneesmiddel nodig zou hebben. . . . Volgens mij bestaat er geen twijfel over dat deze geneesmiddelen . . . overmatig worden gebruikt”.

En het is duidelijk dat al dit overmatige gebruik een nodeloze verhoging betekent van de onkostenrekening voor de patiënt of wie maar ook die de behandeling moet betalen. In het besef van dit probleem organiseerde één ziekenhuis een antimicrobieel comité om op het gebruik van zulke geneesmiddelen toe te zien. Daardoor bleek het mogelijk om het gebruik ervan met 20 percent te verlagen. Zou deze procedure in alle Amerikaanse ziekenhuizen worden gevolgd, dan zou dit een jaarlijkse besparing van $117.000.000 betekenen. Bij een ander onderzoek bleek dat 93 percent van de patiënten die voor ƒ 30 per recept een antibioticum ontvingen, dit onnodig ontvingen.

Naar de verkeerde kant snijdend

Maar hoe ernstig is nu precies het tweesnijdende aspect van antibiotica? Volgens Dr. Zurek is „de lijst van onaangename effecten enorm lang” terwijl „het erop lijkt dat er een voortdurende toeneming is in het aantal schadelijke reacties op geneesmiddelen”.

Sommigen mogen dergelijke reacties dan al beschouwen als uitzonderingen, de volgende voorbeelden spreken voor zich: Een man van vijfentwintig jaar had last van keelpijn. Zijn dokter gaf hem een antibioticum (chlooramfenicol) voor negen dagen. Binnen twee maanden deden zich ernstige verschijnselen als reactie op het geneesmiddel voor, en binnen zes maanden overleed hij.

Een vrouw van zevenenveertig jaar werd behandeld met penicilline omdat zij last van keelpijn had. Binnen drie dagen traden reeds allerlei complicaties op, zoals rode knobbels over haar hele lichaam, jeuk en bezwaren bij de urinering. Ondanks de aanwending van een kunstnier stierf zij.

Bij een ander geval werd een twaalfjarig meisje behandeld met chlooramfenicol. Het gevolg was een ernstige bloedziekte waaraan zij stierf. Volgens een ander rapport zijn reeds honderden aan het gebruik van chlooramfenicol (handelsnaam: „chloromycetine”) gestorven, en ondanks het feit dat doktoren reeds meer dan vijfentwintig jaar voor dit geneesmiddel gewaarschuwd zijn, wordt het nog steeds onnodig voorgeschreven.

Waarom dit overmatige gebruik van antibiotica? Met de voortschrijding van de antibiotische therapie nam de behandeling van de meeste infectieziekten een nieuw karakter aan. Eindelijk was er iets beschikbaar waarmee de ziektekiemen konden worden bestreden die de ziekte veroorzaakten. En kon er geen oorzaak worden vastgesteld, dan gaven enthousiaste doktoren het op grond van vermoedens, zonder gegronde basis. En wat meer is, de patiënt eiste het vaak. Veel ongerechtvaardigd gebruik van antibiotica is er het gevolg van geweest.

Een andere oorzaak van het overmatig gebruik van antibiotica is ongetwijfeld het verlangen van doktoren om iets te doen, waarbij zij geneigd zijn slechts de heilzame gevolgen van deze geneesmiddelen te overwegen. Nog een andere mogelijkheid, geopperd door S. M. Wolfe, directeur van de Ralph Nader’s Health Resource Group, is dat doktoren zich voor informatie over geneesmiddelen te veel verlaten op de bevooroordeelde aanprijzingen van de vertegenwoordigers van geneesmiddelenfabrikanten.

Waarom tweesnijdend?

Hoe komt het echter dat antibiotica wel veel maar niet alle mensen helpen? Hoe komt het dat ze zo vaak „tweesnijdend” van karakter zijn? De lichamelijke conditie van de patiënt is één factor. Krachtige antibiotica hebben meestal ook een krachtige giftige bijwerking. Giftige stoffen moeten door de lever en de nieren uit het lichaam verwijderd worden. Is de lever echter verziekt of functioneren de nieren niet voldoende, dan zullen ze de giftige restanten van het antibioticum niet de baas kunnen worden, met als gevolg dat de cellen van het lichaam aan deze gifstoffen komen bloot te staan, waardoor de patiënt ziek wordt en misschien zelfs sterft.

Nog vaker komt het echter voor dat een allergie of verhoogde gevoeligheid voor bepaalde stoffen bij het gebruik van antibiotica tot complicaties leidt. Wel elke patiënt kan voor één of meer antibiotica allergisch zijn, met alle schadelijke gevolgen van dien en misschien zelfs de dood. Van meer dan duizend patiënten die een levensgevaarlijke reactie vertoonden op het gebruik van antibiotica, is bijvoorbeeld bekend dat bij de overgrote meerderheid penicilline betrokken was, en dat tien percent van hen stierf.

Bovendien is er het probleem van micro-organismen die een geneesmiddelen-resistentie ontwikkelen, een bestendigheid tegen het dodelijke effect van het antibioticum. Dit is bijvoorbeeld onlangs aan het licht getreden bij de behandeling van gonorroea. Jarenlang was de gonokok die deze ziekte veroorzaakte, buitengewoon gevoelig voor penicilline, zodat herstel van de ziekte bijna zeker was wanneer men dit medicijn kreeg toegediend. De laatste tijd zijn er echter stammen van de gonokok tot ontwikkeling gekomen die bestand zijn tegen penicilline, zodat men nu zijn toevlucht tot andere, minder doeltreffende geneesmiddelen moet nemen.

Nog een oorzaak waardoor een antibioticum als een tweesnijdend zwaard kan werken, is dat het wel bepaalde, maar niet alle stammen van een micro-organisme doodt, waarna deze laatste zich vermenigvuldigen en geheel nieuwe of gecompliceerde ziekten kunnen veroorzaken. Zulke „superinfecties” worden veroorzaakt door de microben die niet gevoelig zijn voor het antibioticum, maar tot dan binnen de perken waren gehouden door de andere microben, in een soort van „natuurlijk” evenwicht.

Aangaande dit aspect schreef The Sunday News van Detroit op 28 juli 1974 dat doktoren waarschuwden voor de ontwikkeling van een nieuwe resistente vorm van hersenontsteking bij kinderen ten gevolge van een overmatig gebruik van het meest toegediende antibioticum, namelijk ampicilline, een synthetische vorm van penicilline. Volgens Dr. S. Ross van het Kinderziekenhuis in Washington, D.C., „is ampicilline onwerkzaam geworden: wegens het onoordeelkundige gebruik dat geneesheren zowel binnen als buiten het ziekenhuis ervan hebben gemaakt”. Het was „het geliefkoosde geneesmiddel voor . . . een bepaalde ernstige ingewandsziekte. In 1967 was 5 percent van de gevallen er resistent voor. Thans is 95 percent resistent. . . . De toenemende resistentie maakt ons bang”.

Een ander voorbeeld zijn de gevaarlijke gevolgen die bepaalde antibiotica opleveren voor de darmflora, de nuttige bacteriebevolking van de darmen die belangrijk is voor een goede en maximale opname en vertering van het voedsel. Volgens vele geneesheren kan aanhoudend gebruik van antibiotica niet alleen schadelijke bacteriën doden, maar ook veel van de darmflora. Vandaar dat bepaalde artsen tot het gebruik van yoghurt of soortgelijke melkprodukten aanmoedigen wanneer iemand antibiotica toepast.

Wat kunt u eraan doen?

Sommigen zullen na lezing van het voorgaande misschien tot de conclusie zijn gekomen dat dit alles tot de zorg van een geneesheer en niet van een patiënt behoort. Maar is dat zo? Wanneer zoveel doktoren volgens hun eigen woordvoerders niet voldoende voorzichtig zijn, moet dan misschien de „leek” meer bezorgdheid tonen? Ja, aldus Science Digest, een wetenschappelijk tijdschrift, dat in januari 1975 hierover schreef: „Alle antimicrobiële middelen worden over het geheel genomen zo overmatig en onjuist door doktoren toegepast dat het publiek zal moeten leren zichzelf te beschermen door van de gevaren op de hoogte te zijn, omdat de artsen als groep zich duidelijk te buiten gaan.”

Uit het voorgaande zal u wel duidelijk zijn geworden dat grote zorgvuldigheid bij het gebruik van antibiotica erg gewenst is. Dring er nooit bij uw dokter op aan om antibiotica voor te schrijven. Gebruik nooit de antibiotica die aan anderen zijn voorgeschreven; ga nooit zelf experimenteren. Licht uw arts erover in of u al eerder antibiotica hebt gebruikt, met gunstige of ongunstige gevolgen; vertel hem ook welke andere medicijnen u eventueel gebruikt. Schrijft hij antibiotica voor, informeer dan naar de mogelijkheid van een andere behandeling. Lijkt het gebruik ervan onvermijdelijk, volg dan nauwkeurig zijn instructies.

Als samenvatting kunnen we niet beter doen dan uit Dr. Zureks boek de „Slotopmerkingen” aanhalen zoals die staan in het hoofdstuk „Door antibiotica veroorzaakte ziekten”: „Men mag als hoop uitspreken dat ongewenste reacties op antimicrobiële stoffen een gepast respect voor deze geneesmiddelen zal wekken. Hun gebruik heeft tragedies en wonderen gebracht. Geen ervan is volledig zonder gevaar. . . . Een succesvolle antibioticum-therapie is slechts te verkrijgen met kennis van hun mogelijkheden en een zich constant bewust zijn van hun gevaren.”

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen