Swahili — De internationale taal van Afrika
Door Ontwaakt!-correspondent in Zaïre
KENT u een beetje Swahili? Ongetwijfeld wel. Wist u bijvoorbeeld dat het woord „safari” het Swahili-woord voor „reizen” is?
Voor veel Afrikanen is Swahili een aantrekkelijke taal omdat het geen stamtaal is. Er bestaat geen Swahili-stam. Het is dus een taal met een neutraal karakter, en derhalve een taal waarvan in het door stamvetes verdeelde Afrika een verenigende kracht uitgaat.
Swahili is een taal die dan ook door veel Afrikanen naast hun gewone stamtaal wordt beheerst. Bovendien zijn er veel Europeanen, Aziaten en anderen die haar wegens haar algemene gebruik zijn gaan leren. Aan enkele Amerikaanse en Europese universiteiten kan men er zelfs les in krijgen. Ze wordt in geheel Centraal- en Oost-Afrika gesproken — een gebied dat door zo’n 50 miljoen mensen wordt bewoond.
U kunt in Zuidwest-Zaïre, tegen de grens van Angola, beginnen en in het Swahili tot leden van de Lunda-stam spreken. Gaat u daarna naar het oosten, dan zult u ook de Baluba, een andere grote Afrikaanse stam, in het Swahili te woord kunnen staan. Nog verder oostwaarts, zult u tot de ontdekking komen dat kennis van het Swahili u in de gelegenheid stelt om van gedachten te wisselen met leden van de Watusie-stam in Ruanda, de Masai-stam in Tanzania en van andere stammen in Kenya, Uganda en Burundi. Zelfs helemaal in het noorden, in Somalia, en meer dan vijftienhonderd kilometer naar het zuiden, in Zambia, Malawi en Moçambique, komt men Swahili-sprekende mensen tegen.
In Tanzania en Kenya wordt kennis van deze taal als onontbeerlijk beschouwd voor ambtenaren, immigranten, zendelingen en zakenlieden. Swahili is in Tanzania zelfs de voertaal, en zal ook in Kenya wellicht snel die status verkrijgen.
In het zuiden van Zaïre hebben Afrikanen van allerlei stammen werk in de mijnbouw gevonden, en zij leven daar samen in grote steden als Lubumbashi. Kennis van het Swahili heeft hun een gemeenschappelijke taal geschonken en tot de onderlinge eenheid bijgedragen. Nu leren de meeste kinderen Swahili als hun moedertaal.
Vooral in de handel heeft het Swahili een belangrijke rol gespeeld en allerlei mensen in de gelegenheid gesteld met elkaar zaken te doen. Griekse en Aziatische kooplieden bijvoorbeeld, die niet de officiële taal spreken — Engels in gedeelten van Oost-Afrika en Frans in het grootste deel van Centraal-Afrika — verlaten zich bij hun werk op het Swahili.
Het Swahili is ontstaan onder de afstammelingen van Arabieren die zich langs de oostkust van Afrika vestigden. Hun oudst bekende nederzetting dateert naar men gelooft uit het jaar 689 van onze jaartelling. Deze Arabieren huwden met Afrikaanse vrouwen, vooral leden van de Bantoe-stam. De basis van het Swahili ligt dus in de Bantoe-talen, terwijl het een sterke invloed van de taal der Arabieren en Indiërs heeft ondergaan. De naam Swahili is afgeleid van het Arabische woord „swahil”, dat kusten betekent — een aanduiding van de plaats van oorsprong van deze taal.
Door het gebruik in de handel is de woordenschat van deze taal bovendien nog van tal van andere kanten verrijkt. De Engelsen zullen zich thuisvoelen wanneer zij woorden tegenkomen als „bulangeti” voor „blanket” (deken), „kabati” voor „cupboard” (ofte wel: kast) en „bulosho” voor „brush” (borstel). De Portugees zal het woord „mesa” (tafel) en „manteka” (boter) herkennen. Ook Franse en Duitse woorden komen voor.
Het Swahili heeft een logisch ontwikkelde grammatica en een woordenschat van meer dan 5000 woorden. Daaronder zijn heel wat woorden waarmee schakeringen in betekenis kunnen worden uitgedrukt. Zo kent men bijvoorbeeld woorden die overeenkomen met begrippen als „geduld”, „verdraagzaamheid”, „volharding”, enzovoort. Afzonderlijke woorden kunnen bovendien veel betekenen. „Hajaiwapa” bijvoorbeeld, betekent zoveel als: „Hij heeft het hun nog niet gegeven.”
Toch is het Swahili geen moeilijke taal om te leren. De woorden zijn gemakkelijk uit te spreken en te spellen. Er komen nuttige vereenvoudigingen in voor, „vogelschip” onder andere voor „vliegtuig”. Een vocabulaire van 200 woorden is voor de meeste gewone gesprekken voldoende.
Vanwege het grote gebied waarin het wordt gesproken en de vele mensen die het gebruiken, is het Swahili bij lange na nog geen uniforme taal. Maar er zijn reeds pogingen ondernomen om tot meer eenvormigheid te komen.
Goede literatuur, met name de bijbel, is in het Swahili verkrijgbaar. Ook een aantal publikaties van Jehovah’s getuigen zijn in het Swahili gedrukt, met inbegrip van het bijbelstudiehulpmiddel De waarheid die tot eeuwig leven leidt. Van het Swahili wordt dus thans een druk gebruik gemaakt om het goede nieuws van Gods koninkrijk onder de vele stammen van Afrika te prediken.