Perzië’s unieke geknoopte tapijten
Door Ontwaakt!-correspondent in het Midden-Oosten
AMIRA’S vaardige vingers legden rusteloos knoop na knoop — achtenzeventig gelijke penseelachtige gareneindjes op één vierkante centimeter. Dit vijftien bij eenentwintig meter grote tapijt zal haar 2500 werkuren kosten. Inspannend? Stellig. Maar het lonende resultaat is dan ook een excellent produkt.
Perzische tapijten bezitten rijkgeornamenteerde patronen, met een overvloed aan bloemen, bladeren, wijnranken, vogels en andere dieren. Amira, gezeten op een houten bank, legt haar knopen vlug en met een nauwgezetheid die verbazing wekt. Haar vingers lijken het patroon te kennen, de helft van de tijd kijkt ze slechts naar haar werk. Ongeoefende ogen trachten tevergeefs de wringeling van haar vingers te volgen.
Een familieaangelegenheid
Amira groeide op rond het gezinsweefgetouw. Zes jaar oud mocht ze reeds garen rollen en dit aan haar oudere zusters geven die het echte knoopwerk deden. Daarna leerde ze de knopenrij neer te slaan wanneer de scheringdraden waren „ingeschoten”. Zelf knopen mocht ze voor het eerst de brede effen, centrale vlakken. Na verloop van tijd leerde ze ingewikkelder patronen vervaardigen. Hoek- en randpatronen zijn het moeilijkst en vormden de laatste proeve op haar bekwaamheid.
Toen zij met haar zestiende jaar trouwde, was Amira reeds een volleerd tapijtknoopster. En zoals zoveel Iraanse meisjes had zij haar eigen weefgetouw. Nu onderwijst zij haar kinderen in deze Perzische kunst. Hetgeen niet wil zeggen dat alleen maar meisjes tapijten knopen. Er zijn ook tal van jongemannen die meesters zijn in deze kunst.
Amira’s echtgenoot gaat over de zakelijke kant van de tapijtmakerij. Klanten voorzien hem van materiaal en krijgen daarvoor een kant-en-klaar tapijt terug, althans, na enige maanden. Maar kunnen zij het geduld opbrengen zo lang te wachten, dan worden ze ook beloond met een voortreffelijk geknoopt tapijt, van uitgebalanceerde kleur en tekening. Bovendien bezit de koper dan een uniek exemplaar, daar zulke met de hand vervaardigde produkten nooit volkomen identiek zijn.
In Iran, door velen nog Perzië genoemd, is het tapijtknopen grotendeels een familieaangelegenheid gebleven, een kunst die van moeder op dochter, of, zo u wilt, van vader op zoon, overgaat.
Het weefgetouw en het weefsel
Het weefgetouw bestaat uit twee evenwijdige balken, zwaar of licht, al naargelang het materiaal waarvan ze gemaakt zijn, en twee kruisbalken. De katoenen scheringdraden lopen van de boven- naar de benedenkruisbalk. Hoe dichter de scheringdraden, hoe fijner het tapijt. Aan de bovenste scheringbalk hangen de met veelkleurige garens omwonden spoelen. In de volle lengte en breedte kan de wever zijn tapijt derhalve knoop na handgelegde knoop zijn voltooiing zien naderen.
Voor de kwaliteitstapijten kent men twee soorten van knopen: de Perzische knoop of Sennehknoop, die een dicht, zacht, viltachtig aanvoelend oppervlak levert, en de Turkse of Giordesknoop.
Wanneer één rij knopen klaar is, worden de inslagdraden over de breedte van het tapijt ingeschoten en met een kam naar beneden geslagen — waardoor het weefsel stevigheid en sterkte verkrijgt — waarna de polen op tapijthoogte worden afgesneden.
Geschiedenis
Weinig is bekend over het begin van de oude Perzische tapijtweefkunst. Omstreeks de vijftiende en zestiende eeuw bereikte ze haar artistiek hoogtepunt. De weinige meesterwerken die uit die twee eeuwen nog bewaard zijn gebleven, kunnen thans in museums worden aangetroffen. Enkele jaren geleden verscheen in de pers een berichtje over de verkoop van een zestiende-eeuws Perzisch zijden jachttapijt dat voor „ongeveer $600.000” aan een Amerikaans museum was verkocht.
Na de zestiende eeuw ging het bergafwaarts met de Perzische tapijtvervaardiging. De tapijtweefkunst stond op uitsterven, een ontwikkeling die nog werd versneld toen gedurende de laatste helft van de negentiende en begin twintigste eeuw de tapijtindustrie op commerciële leest werd geschoeid. Recentelijk zijn er echter stappen ondernomen deze tendens tegen te gaan.
In 1936 organiseerde de regering van Perzië een maatschappij ter bescherming van de kwaliteitsstandaard der Perzische tapijten en de bevordering van hun export. In het kader van dit doel werden in alle delen van het land weefgetouwen opgezet — 15.000 in totaal — met 20.000 meesterwevers om ze te bedienen, terwijl er buitendien scholen werden geopend waar men les kan krijgen in de ornamenteer-, verf- en knoopkunst. Dit heeft geleid tot tapijten van betere kwaliteit.
Een investering
Een goede kwaliteits-„pers” is naar veler mening een uitstekende investering — een antieke „pers” welteverstaan. Antieke „persen” nemen razendsnel in waarde toe. In de Teheraanse Engelse krant Kayhan van 4 juni 1973 stond: „De beperkte voorraad oude exporttapijten heeft de prijzen met wel 60 percent doen stijgen en het eind van die tendens is nog niet in zicht.”
Ook nieuwe tapijten hebben wel degelijk een niet te onderschatten waarde. Heeft een tapijtmaker geld nodig en wil hij bij de bank een lening sluiten, dan neemt hij een pas-klaargekomen tapijt mee. De lening die hem wordt verstrekt, zal afhangen van de kwaliteit van het tapijt, dat door de bank als onderpand wordt gehouden.
Tot veler verbazing wellicht worden deze mooie, zachte kleden soms met (ogenschijnlijk) grote zorgeloosheid behandeld. Men legt ze in straten en steegjes, waar ze worden overlopen resp. overreden door voetgangers, fietsen, karren, ja zelfs auto’s! Maar dit deert de eigenaar in het geheel niet. Deze „ruïnering” van zijn tapijt doet het ouder lijken en verhoogt de „waarde”! Exporteurs in Teheran zenden vertegenwoordigers naar de dorpen om te zoeken naar „oude” tapijten.
In tegenstelling tot de meeste moderne tapijten, maakt de pool van een oosterse pers een hoek van 45 graden met het grondweefsel, zodat constant gebruik slechts de kleur en duurzaamheid verhoogt. Blootstelling aan licht en lucht maken de kleuren warmer. Waarlijk een uniek tapijt.
Tapijten uit de steden Isfahan, Kasjan, Mesjhed en Tebriz zijn volgens velen de beste. Maar zelfs de „gelijkplaatsig” geweven soorten variëren vaak sterk in kwaliteit, schoonheid en waarde. Men doet er daarom altijd goed aan elk tapijt dat men denkt te kopen, aan een nauwkeurig onderzoek te onderwerpen.
Hieronder volgen een paar waardevolle tips: een goed, nieuw tapijt is altijd stijf. Bij opvouwen moeten de uiteinden elkaar evenwijdig raken. De kleuren mogen niet uitlopen — het is vooral goed de witte rand op eventueel doorlopen van kleuren te controleren. Tapijt van goede kwaliteit onder scheidt zich ook aan de achterkant. Door het tegen het licht te houden, is te zien of het grondweefsel sterk is. Eveneens belangrijk is het aantal knopen per vierkante decimeter en de dikte van de pool.
Ontegenzeglijk verwerft men zich bij de aankoop van een handgeknoopt Perzisch kwaliteitstapijt een voorwerp van blijvende waarde en schoonheid.