Bloedtransfusie — Een biologische „zonde”
DR. Charles P. Bailey is een van Amerika’s belangrijkste open-hartchirurgen. Hij is verbonden aan het St.-Barnabasziekenhuis in de stad New York. In de zomer van 1971 werd hij door het Amerikaanse Medische Genootschap met een gouden medaille beloond voor zijn operatie aan een hartklep waarvoor hij weefsel gebruikte van de dij van de betrokken patiënt.
In een interview met een lid van de Ontwaakt!-redactie maakte Dr. Bailey de volgende interessante opmerkingen:
„Bloed is een vloeibaar orgaan. In geval het afkomstig is van iemand anders, brengt de toediening ervan dezelfde talrijke biologische afstotingsproblemen met zich als die waardoor op de lange duur hart- en andere transplantaties zijn mislukt.
Aangezien bloedcellen normaal binnen zestig dagen worden afgebroken en de vloeistof-’wisseling’ zelfs nog sneller in zijn werk gaat, is een bloedtransfusie slechts een tijdelijke of kortstondige transplantatie van een vloeibaar orgaan. Dit is trouwens ongetwijfeld ook de reden voor de algemene aanvaarding ervan in een tijd waarin orgaantransplantaties nog worden geacht in een experimenteel stadium te verkeren.
Intussen moeten wij in gedachten blijven houden dat de toediening van een bloedtransfusie tot op zekere hoogte een biologische ’zonde’ blijft. In de gewone praktijk is de kans op hepatitis bij één enkele bloedtransfusie groter dan 5 percent, welk cijfer gestaafd kan worden. Bij meervoudige transfusies is de kans overeenkomstig hoger. Het gevaar van incompatibiliteit en nierbeschadiging ten gevolge van transfusies kan, hoewel dit zeer verminderd is, nooit volledig uitgebannen worden, hoe zorgvuldig er ook ’passend’ bloed wordt uitgezocht. Er zijn nog andere gevaren, onder andere voor de overbrenging van ziekten zoals syfilis, malaria en het doorgeven van bepaalde bloedparasieten, welke risico’s met behulp van onze huidige methoden van onderzoek niet volledig kunnen worden ondervangen.
Om deze en andere redenen die verband houden met onze specifieke problemen, gebruiken wij hier in het St.-Barnabasziekenhuis zo weinig mogelijk bloed als vervangingsmiddel bij de uitvoering van open- en gesloten-hartoperaties. Door aanwending van een zeer verfijnde techniek om bloeding tegen te gaan en het gebruik van plasma-vervangende middelen is het bijna altijd mogelijk een medewerkende patiënt door de operatie te ’halen’ zonder onze toevlucht tot bloed te hoeven nemen.”
Terloops zij opgemerkt dat Dr. Bailey heeft bevonden dat Jehovah’s getuigen als patiënten zeer goed op deze chirurgisch therapeutische maatregelen reageren.